549_e298317c31755c19db74c5516cf15662

‘t Was natuurlijk niet de “dominicaan”, de bijnaam van Zampieri, maar wel “het Dominiekje”, want waarschijnlijk hoorde hij bij “short people”.

Zijn vader was een arme schoenlapper en deed de jongen in de leer bij Denys Calvaert in Bologna.
Zoals zijn naam het al laat vermoeden, deze schilder was een rasechte Antwerpenaar die om een of andere reden naar Bologna was gereisd en daar als Dionisio Fiammingo zijn hele leven zou verblijven.
Hij was voor de schuchtere en trage jongen veel te streng zodat hij weldra naar de academie van de Caracci’ s verhuisde.

Er waren geen twee, maar 3 Caracci’ s. Je had ook nog Agostino, zijn eerste leermeester in de Caracci academie.
Omdat hij zo traag en verlegen was, noemden zijn studiemakkers hem “de os” (bue).
Ik weet niet of Albani en Guido Reni daar ook bij waren, maar beide later beroemde heren volgden ook de Caracci-academie.

In die academie, een erg nieuw verschijnsel, leerde men vooral naar levend model schilderen.
Veel aandacht dus voor het ambacht.
Annibale Caracci zag de bijzondere talenten van Zampieri en hij moedigde hem aan om zich verder te bekwamen, om Corregio te bestuderen in Parma en Modena.
Zo kwam onze trage jongen in Rome terecht waar hij in dienst kwam van kardinaal Agucchi, een bekende uit Bologna overigens.
Leuk detail: deze kardinaal die in Sint Petrus banden begraven is, was enkele jaren (1592-1595) speciale Vaticaanse gezant in de Zuid Nederlandse gewesten.
Zampieri assisteerde Anibale bij de fresco’ s in het kardinaal Farnese paleis.
Deze Farnese werd zo’n bewonderaar van Dominichino dat hij hem opdrachten gaf om de Basilian abdij van Grotta Ferrara te decoreren.
Daarna werkte hij met Guido Reni voor kardinaal Borghese, en voor kardinaal Aldobrandini en Bandini.

In 1614 schildert hij zijn “Communie van de heilige Hieronymus” in San Girolamo della Carita.
Hij inspireerde zich op het werk van zijn leermeester Agostino Carraci, en natuurlijk kreeg hij van vele jaloerse zielen het verwijt dat hij dit werk zou gekopieerd hebben.
Hij keert even terug naar Bologna, maar als paus gregorius XV aan de macht komt, wordt hij terug geroepen en tot pauselijk architect en schilder van de camera Apostolica aangesteld.

Als hij in 1630 in Napels zijn eigen school opent, breekt de roddel en tegenstand weer los.
Sommigen beweren dat hij vergiftigd zou zijn, een soort palliatieve hulp die toentertijd erg in was.

Ik stuur je vandaag een van zijn prachtige landschappen op, in feite de verbeelding van een spreekwoord dat hij aan de lijve ondervonden heeft: wie de rivier is overgestoken, weet hoe diep het water is.