Tussen moment en levensloop

‘Portrait de jeune garçon’ Thérèse Debains, huile sur panneau

De kostbare momenten waarin tijdens het bestaan alles op zijn plaats valt, ook al begrijpen we niet het waar en waarom, en de terugkijk op een levensloop waarin gebeurtenissen een naam krijgen, maar… voorbij zijn. Een gedicht van de Amerikaanse dichter Ted Kooser als voorbeeld.

Raft, a poem by Ted Kooser
At the said-to-be bottomless pond
at the sand pit, the raft we discovered
was a heavy barn door, maybe ten feet
by twelve, halfway in, halfway out
of the water where others had left it,
probably older boys, always the first
to find something good, use it a while,
then leave it for us, Billy and Larry,
Danny and me, floating it out onto
the water, wading in after it, holding
onto its edge as we slid down the slope
up to our shoulders, then one by one
helped each other climb on, soaked
and shivering, standing to balance,
arms spread, each to a corner, facing
each other, frightened but laughing,
not a forethought among us for a pole
to push out with, nor a plank for an oar,
as we trusted that door as it floated
not on but just under the surface,
one corner sinking, then slowly lifting
as another went down, ankle deep
over the cold, bottomless darkness.
Seventy years later, I still feel that door
sinking under my weight, can still see
the white faces of Larry and Billy
and Danny looking across into mine
as we held our arms wide, as if to keep
some wild, free, invisible creature
there at the center from running away,
and at eighty I know what it was.
Foto door Hikmaturridho Yusuf op Pexels.com

Vlot.
een gedicht van Ted Kooser

Bij de naar verluidt bodemloze vijver
bij de zandafgraving, ontdekten we een vlot
was een zware schuurdeur, misschien tien voet
bij twaalf, half erin, half eruit
uit het water waar anderen ze hadden achtergelaten,
waarschijnlijk oudere jongens, altijd de eersten
om iets goeds te vinden, het een tijdje te gebruiken,
en het dan achter te laten voor ons, Billy en Larry,
Danny en ik, visten het uit het water,
er achteraan wadend, ons vasthoudend
aan de rand terwijl we de helling afgleden
tot aan onze schouders, dan één voor één
elkaar hielpen om erop te klimmen, doorweekt
en rillend, staand om in evenwicht te blijven,
armen gespreid, elk naar een hoek, tegenover
elkaar, bang maar lachend,
zonder een gedachte bij ons aan een stok
om er mee te duwen, noch aan een plank als roeispaan,
terwijl we op die deur vertrouwden terwijl hij dreef
niet op maar net onder het oppervlak,
een hoek zinkend, dan langzaam omhoog
terwijl een andere naar beneden ging, enkeldiep
over de koude, bodemloze duisternis.
Zeventig jaar later voel ik nog steeds die deur
zinken onder mijn gewicht, zie ik nog steeds
de witte gezichten van Larry en Billy
en Danny naar het mijne kijken
terwijl we onze armen wijd hielden, alsof we
een wild, vrij, onzichtbaar wezen daar in het midden
wilden verhinderen weg te rennen,
en nu ik tachtig ben, weet ik wat het was.

About Ted
Ted Kooser is a poet and essayist, a Presidential Professor of English at The University of Nebraska-Lincoln. He served as the U. S. Poet Laureate from 2004-2006, and his book Delights & Shadows won the 2005 Pulitzer Prize for poetry. His writing is known for its clarity, precision and accessibility. He worked for many years in the life insurance business, retiring in 1999 as a vice president. He and his wife, Kathleen Rutledge, the retired editor of The Lincoln Journal Star, live on an acreage near the village of Garland, Nebraska. He has a son, Jeff, and two granddaughters, Margaret and Penelope.

https://www.tedkooser.net/

Foto door Mohamed Almari op Pexels.com

De Italiaanse kardinaal, schrijver en humanist Pietro Bembo (1470-1547) -er is zelfs een lettertype naar hem vernoemd- zei dat de schilder Rafael, wiens grafrede hij schreef, ‘realistischer’ mensen schilderde dan zij in feite waren. We kennen hem via een portret door Titiaan geschilderd, maar graag toonde ik uit de verzameling van het Prado-museum een portret van een tot nu onbekende kardinaal uit die tijd, portret dat best de uitspraak van monseigneur Bembo staaft.

El Cardenal. Rafael. 1510. 79 x 61 cm

De deskundigen van het Prado:

Wat het meest opvalt aan dit portret, ongeacht de kwaliteit van zijn uitvoering, is Rafaëls buitengewone icastische scherpzinnigheid, waarmee hij het definitieve en universele beeld van een kardinaal uit de Renaissance kon vastleggen en toch de uniciteit van deze persoon kon weergeven. De effectieve weergave van de kwaliteiten van de stoffen, zoals de glans van de rode zijden muceta, getuigt van een directe kennis van de Venetiaanse schilderkunst. Het is niet voor niets gedocumenteerd dat Lorenzo Lotto in 1509 in het Vaticaanse paleis werkte en zijn mogelijke invloed op Rafaël is meer dan eens gesuggereerd.

Het werk wordt gedateerd rond 1510, een jaar voor Alidosi’s dood, vanwege de gelijkenis met het portret van Leo X (National Gallery), en de driehoekige compositie is duidelijk afgeleid van Leonardo’s motieven en in het bijzonder van de Mona Lisa.

icastisch adj. [van Gr. εἰκαστικός 'representatief', d. van εἰκάζω 'weergeven'] (pl. m. -ci). - Beschrijven, afbeelden of uitbeelden in zijn essentiële kenmerken, en dus effectief en vaak droog, scherp: stijl i.; uitdrukkingen i.; een icastische beschrijving. ◆ icastisch, realistisch; met directheid, met representatieve effectiviteit: icastisch beschrijven. 

Dit is een van de mooiste schilderijen van de kunstenaar, waarin de neutrale achtergrond (schijnbaar een donkergroen gordijn of ophanging) de aandacht vestigt op het iets groter dan levensgrote model, wiens figuur een driehoek vormt dicht bij het beeldvlak. Het kleurengamma is niet breed maar wel heel levendig, en het is toegepast met buitengewone helderheid en vaardigheid. Het resultaat is dat het moiré-effect van de rode zijden mucete (waarin de lichten in roze zijn geschilderd) contrasteert met het zuivere wit van de mouw en een bijna tastbare indruk van de werkelijkheid geeft.

Bekijk op je scherm de details bij Museo del Prado:

https://www.museodelprado.es/coleccion/obra-de-arte/el-cardenal/4c01eae6-feed-4135-88d9-6736140212fb

De kern van beide kunstwerken, een gedicht (Het vlot) van Ted Kooser en het portret geschilderd door Rafael zou je kunnen gaan zoeken bij hun uitstekende vormgeving: de levendige beschrijving van de vier jonge kinderen op hun geïmproviseerd vlot en de technische knappe uitbeelding van een belangrijk personage uit de Renaissance. Beiden onder de noemer: ‘Net echt’. Emotioneel aanwezig.


In zijn boek ‘Het gelijk van Spinoza, vreugde, verdriet en het voelende brein’ toont neuroloog, hoogleraar ern schrijver Antonio Damasio, aan hoe gevoelens van vreugde, verdriet, jaloezie en angst essentieel zijn voor rationeel gedrag en het leveren van culturele prestaties. De auteur werpt een nieuw licht op de filosofie van Spinoza, die lichaam en geest zag als een samenhangende eenheid, en rationaliteit, emoties en gevoelens intuïtief beschouwde op een wijze die pas door de moderne neurologie kon worden aangetoond.

In Damasio’s verklaring staat een thema centraal waar ook Spinoza veel aandacht aan besteedde: het voelen. Pijn en genot zijn de essentiële bestanddelen van alle gevoelens. De gangbare opvatting is dat we eerst gevoelens hebben en daar vervolgens uiting aan geven, door gedrag of gelaatsuitdrukking. Damasio draait het om: de uiterlijk waarneembare emoties komen eerst en daarna de innerlijke gevoelens.
Het onderscheid tussen emotie en gevoel valt volgens Damasio samen met dat tussen lichaam en geest. Emoties zijn geheel lichamelijk, pas bij de verinnerlijking ervan belanden we in het domein van de geest. Gevoelens zijn ‘mentale gebeurtenissen’, altijd verbonden met het lichaam.
De emoties gaan aan gevoelens vooraf.

Zelfportret van Rafael ongeveer 23 jaar

Het gaat dus duidelijk over kunde en ver-innerlijking. Voorbij de eerste emoties, wegen naar ‘mentale gebeurtenissen’ .
De kunde het ritme van het spel, de evolutie ervan en de uiteindelijke betovering in één gedicht samen te brengen met de laatste regel als open vraag aan de lezer.
‘De kardinaal’ kijkt je aan. Niet rechtstreeks maar vanuit zijn Mona Lisa-houding. De kunde om belichting en stofstructuren te verbinden met de menselijke aanwezigheid verbindt ons ondanks de tussenruimte van meer dan vijfhonderd jaar.

Natuurlijk wist Shakespeare het al. Aan het einde van Richard II, als de
 troon verloren is en de gevangenis dreigt, vertelt Richard zonder het te 
weten iets aan Bolingbroke over een mogelijk onderscheid tussen emoties 
en gevoelens. Hij vraagt om een spiegel, ziet zijn gezicht en wordt geconfronteerd met een schouwspel van ravage. Vervolgens merkt hij op dat
‘de uiterlijke jammerklachten’, die op zijn gezicht tot uitdrukking komen,
‘slechts schaduwen zijn van ongezien verdriet’, een verdriet dat ‘in stilte
 groeit in de gekwelde ziel’.  Zijn verdriet bevindt zich, zoals hij zegt, ‘geheel 
van binnen’. In slechts vier versregels geeft Shakespeare aan dat het gebundelde en ogenschijnlijk enkelvoudige proces van gemoedsaandoeningen,
dat we vaak nonchalant en onverschillig aanduiden als emotie of gevoel, in 
onderdelen kan worden geanalyseerd.
 (Antonio Damasio Het gelijk van Spinoza p.31)

Give me that glass, and therein will I read.
(He takes the mirror.)
No deeper wrinkles yet? Hath sorrow struck
So many blows upon this face of mine
And made no deeper wounds? O flatt’ring glass,
Like to my followers in prosperity,
Thou dost beguile me. Was this face the face
That every day under his household roof
Did keep ten thousand men? Was this the face
That like the sun did make beholders wink?
Is this the face which faced so many follies,
That was at last outfaced by Bolingbroke?
A brittle glory shineth in this face.
As brittle as the glory is the face,
-He breaks the mirror.-
For there it is, cracked in an hundred shivers.
Mark, silent king, the moral of this sport:
How soon my sorrow hath destroyed my face.

Uit Richard II. Act 4, scene 1

Richard II of England
Hier ligt de beroemde Rafael. De Natuur, Moeder van alles, was tijdens zijn leven bang dat hij haar zou overvleugelen; maar toen hij stierf, ging ook Zij bijna dood.  (Kardinaal Bembo bij de begrafenis van Rafael)