Bij de herdenking van de aanslagen tien jaar geleden, met de moeilijke tijden wereldwijd dezer dagen, het gedicht ‘Vita Nova’ en andere gedichten van de Amerikaanse dichteres, Nobelprijs-winnares(2020) Louise Glück (1943-2023) met verwijzingen naar haar leven en werk.

Vita Nova
Louise Glück
Je hebt me gered, je zou me moeten herinneren.
Het voorjaar; jonge mannen die kaartjes kopen voor de veerboten.
Gelach, omdat de lucht vol appelbloesem hangt.
Toen ik wakker werd, besefte ik dat ik hetzelfde gevoel kon ervaren.
Ik herinner me zulke geluiden uit mijn kindertijd,
gelach zonder reden, simpelweg omdat de wereld mooi is,
zoiets.
Lugano. Tafels onder de appelbomen.
Matrozen die de gekleurde vlaggen hijsen en strijken.
En aan de oever van het meer gooit een jonge man zijn hoed in het water;
misschien heeft zijn geliefde hem aanvaard.
Cruciale
geluiden of gebaren als
een raamwerk dat is neergelegd vóór de grotere thema’s
en vervolgens ongebruikt, begraven.
Eilanden in de verte. Mijn moeder
die een schaal met kleine cakejes voorhoudt—
voor zover ik me herinner, onveranderd
tot in het kleinste detail, het moment
levendig, intact, nooit
aan het licht blootgesteld, zodat ik opgetogen wakker werd, op mijn leeftijd
hongerig naar het leven, volkomen zelfverzekerd—
Bij de tafels, plekken nieuw gras, het lichtgroen
dat zich in de donkere bestaande grond nestelt.
Lente is zeker naar mij teruggekeerd, deze keer
niet als een minnaar maar als een boodschapper van de dood,
toch is het nog steeds lente, is het nog steeds teder bedoeld.
(Vita Nova Ecco Press 1999)

Louise Glück, born on April 22, 1943, in New York City, is the author of numerous books of poetry, including Faithful and Virtuous Night (Farrar, Straus, and Giroux, 2014), which won the 2014 National Book Award in Poetry. Glück served as a Chancellor for the Academy of American Poets from 1999 to 2004. She was the recipient of the 2020 Nobel Prize in Literature, and was the Library of Congress’s twelfth poet laureate consultant in poetry. Glück died on October 13, 2023, in Cambridge, Massachusetts.

Vita Nova
Louise Glück
You saved me, you should remember me.
The spring of the year; young men buying tickets for the ferryboats.
Laughter, because the air is full of apple blossoms.
When I woke up, I realized I was capable of the same feeling.
I remember sounds like that from my childhood,
laughter for no cause, simply because the world is beautiful,
something like that.
Lugano. Tables under the apple trees.
Deckhands raising and lowering the colored flags.
And by the lake’s edge, a young man throws his hat into the water;
perhaps his sweetheart has accepted him.
Crucial
sounds or gestures like
a rack laid down before the larger themes
and then unused, buried.
Islands in the distance. My mother
holding out a plate of little cakes—
as far as I remember, changed
in no detail, the moment
vivid, intact, having never been
exposed to light, so that I woke elated, at my age
hungry for life, utterly confident—
By the tables, patches of new grass, the pale green
pieced into the dark existing ground.
Surely spring has been returned to me, this time
not as a lover but a messenger of death,
yet it is still spring, it is still meant tenderly.

Lees over leven en werk van Louise Glück:
Afnemende wind
Toen ik jullie maakte, hield ik van jullie.
Nu heb ik medelijden met jullie.
Ik gaf jullie alles wat jullie nodig hadden:
bed van aarde, dek van blauwe lucht -
naarmate ik verder van jullie vandaan raak
zie ik jullie steeds duidelijker.
Jullie zielen hadden al lang immens moeten zijn,
niet wat ze bleven,
kleine kletsende dingen -
ik gaf jullie ieder geschenk,
blauw van de lenteochtend,
tijd waarvan jullie het gebruik niet begrepen -
jullie wilden meer, dat ene geschenk
bestemd voor een andere schepping.
Wat jullie ook hoopten,
jullie gaan jezelf niet vinden in de tuin,
tussen de groeiende planten.
Jullie levens zijn geen kringloop als die van hen:
jullie levens zijn een vogelvlucht
die begint en eindigt in stilte -
die begint en eindigt, een echo in vorm
van deze boog tussen de witte berk
en de appelboom.
(vertaling Erik Menkveld)

De beste typering van Glücks poëzie die ik hoorde, was dat ‘alles wat ze aanraakt, verandert in muziek en legende’. Inderdaad, Glück hoort bij die club van dichters van wie het werk uit zichzelf zingt, waar de nadrukken liggen waar zij ze heeft bedacht (haar afbrekingen! let maar op), en een verhaal te vertellen heeft: een verhaal van compassie, van verwondering, van afkeer, soms, ook – en van lyrische woede: haar trefzekere, vrij recente gedichten over Persephone, gevangen gehouden door Hades, kunnen worden gelezen als een directe aanval op het patriarchaat: ‘She does know the earth/ is run by mothers; this much/ is certain. She also knows/ she is not what is called/ a girl any longer. Regarding/ incarceration, she believes// she has been a prisoner since she has been a daughter.’
Philip Huff De Groene Amsterdammer 14 oktober 2020
Avondrood
Mijn grootste vreugde
is het geluid van jouw stem
als die me roept zelfs in wanhoop; mijn verdriet
dat ik je niet kan antwoorden
in een spraak die je als de mijne aanvaardt.
Je hebt geen vertrouwen in je eigen taal.
Dus hecht je
gezag aan tekens
die je niet nauwkeurig kunt lezen.
En toch bereikt je stem me altijd.
En ik antwoord aanhoudend,
terwijl mijn woede luwt
naarmate de winter vergaat. Mijn tederheid
zou je duidelijk moeten zijn
in de koelte van de zomeravond
en in de woorden die uitgroeien
tot je eigen antwoord.
(vertaling Erik Menkveld)

Ochtendgebed
Niet alleen de zon maar de aarde
zelf schijnt, wit vuur
danst van de opzichtige bergen
en de vlakke weg
schittert in de vroege ochtend: is dit
alleen voor ons, om een reactie
uit te lokken, of ben jij
ook ontroerd, niet in staat
je te bedwingen
in bijzijn van de aarde - ik schaam me
voor wat ik dacht dat je was,
ver weg van ons, dat je ons zag
als een experiment: het is bitter
om het wegwerpdier te zijn,
bitter. Lieve vriend,
lieve, huiverende bondgenoot, wat
verrast jou het meest in wat je voelt,
het stralen van de aarde of je eigen gevoel van verrukking?
Zelf blijf ik me verbazen
over die verrukking.
vertaling: Liesbeth Goedbloed







































































































