dyn004_original_392_498_jpeg_20344_c998c704e5b649e6ce4649059922e10f

Geklemd tussen twee zelfportretten.
Het eerste nog als jonge vrouw, het tweede getekend 1944, twee jaar voor haar dood.

Met een niets ontziende eerlijkheid heeft ze haar leven lang zichzelf geportretteerd.

Tot de dood zichtbaar werd.

dyn004_original_412_500_jpeg_20344_0445b168f8a463ab9aa96c25173b9223

Geboren in 1862 in Helsinki, Finland, van ‘nederige’ komaf, zoals men dat zegt, brak ze op haar vierde haar heup bij een val van de trap, een kwetsuur die ervoor zorgde dat ze niet als ieder kind naar school kon en op zichzelf was aangewezen.

Ze was een erg begaafd kind zodat ze op haar elfde gratis les mocht volgen aan de Finse Kunstacademie.

Op haar dertiende sterft haar vader aan tuberculose, en komt het gezin helemaal in de armoede terecht.
Maar de financiële hulp van een leraar uit de academie stelt haar in staat om zich verder te bekwamen aan een private Kunstschool waar de Franse oliefverftechnieken worden onderwezen.

Ze wordt al vlug opgemerkt, krijgt in 1879 een derde prijs van de Finse Kunstacademie en na een andere vermelding krijgt ze een beurs om naar Parijs te trekken waar ze gedurende jaren tachtig zal verblijven, afgewisseld met reizen door Europa.

schjerfbeck05Met dit beeld uit de Krimoorlog en vooral met het doek dat ik je vorige week stuurde, ‘de herstellende’ waarvoor ze in 1889 op de Exposition Universelle een bronzen medaille krijgt in Parijs, wordt ze bekend.

Ze is dan zeventwintig.

Je begint haar eigen identiteit te zien: het eigenzinnige kleurenpallet, haar oog voor details en compositie, haar bewondering voor het impressionisme, ze komen samen in dat prachtige doek waarin de relatie tussen natuur en het herstellende kind haar eigen manier van dramatiseren zichtbaar maakt.

Dan al is er sprake van een zeer eigen artistieke identiteit, een meer internationaal georiënteerde dan iemand als Akseli Gallen-Kallela die zich concentreerde op de afbeelding van typisch Finse scènes. Gekweld door gezondheidsproblemen ziet Schjerfbeck zich op 28-jarige leeftijd genoodzaakt definitief terug te keren naar Finland, waar ze bij haar moeder in Hyvinkää, een geïsoleerd gelegen district, intrekt. Huiselijke scènes, waarin lezende of bordurende vrouwen of kinderen de hoofdrol spelen, staan in deze periode centraal. Door meer en meer details weg te laten, bereikt ze een steeds grotere diepte in het schilderen en nadert ze een abstractie waarmee ze haar tijd ver vooruit is. Na tijdelijk in de luwte gewerkt te hebben, beleeft Schjerfbeck haar tweede doorbraak in 1917 met haar eerste solotentoonstelling bij de kunsthandelaar Gösta Stenman in Helsinki.’

Uit de catalogus van de overzichtstentoonstelling in Den Haag 2003

dyn004_original_530_409_jpeg_20344_54412cf806d2a1d9236e12ce96ba9ed9

Fijngevoelige landschappen, stillevens en indringende (zelf-)portretten getuigen van een uniek en voortreffelijk modern kunstenaarschap.

Te zien is dat Schjerfbeck een hoogst individuele ontwikkeling doormaakt: van melancholisch, laat 19e-eeuws academisch realisme tot een zeer persoonlijk stijl, waarin de wortels van het expressionisme en de abstractie te herkennen zijn.

Dat is allemaal heel erg waar en nuttig, maar je kunt je dan afvragen waarom zo’n voortreffelijke kunstenares in West-Europa zo onbekend is geworden waar ze in Finland als een nationale heldin wordt vereeerd.

Schoonheid en marketting laten zich blijkbaar niet altijd met elkaar vervlechten, en zonder de eindeloze dwaaltochten via het internet, zou je op een toevallige prent of boek moeten wachten om haar te ontdekken.

Anders dan haar Scandinavische collegae beperkte ze zich niet tot eigen taferelen uit het Noorden waar het zuinige licht voor erg intieme schakeringen kan zorgen, maar ze nam haar eigen wezen tot onderwerp en bekeek vanuit dat wezen de anderen, het landschap, de bloemen.

De schoonheid van haar werk kun je dus niet determineren door haar met andere kunstenaars te vergelijken of na te gaan welke invloeden ze onderging.
Je moet via haar ogen naar haar werk kijken en de verstilling en diepte vanuit haar belevingen en waarnemingen proberen te ervaren.

Of het haar zelfportretten of interieurs zijn, haar landschappen of mensen, je zult je nooit met haar sterfdatum kunnen verzoenen want haar ogen staan nog steeds heel ver open.

En daarmee te mogen kijken is een genade.