Het voorbije verkwanselen, verzilveren, of… Een bespiegeling.

Schedelreliekhouder Johannes de Doper in Gent Sint-Baafskathedraal

Sommige heilige lieden waren zo heilig dat elk onderdeel van hun verder gewone lichamen na hun dood in kostbare schrijnen als relikwieën bewaard werd. Zelfs wat ze hadden aangeraakt of gedragen bleek, na aanraking of na vroom gebed, wonderbare genezingen te bevorderen.

Foot-Reliquary of St.-Anselm

Ook de meest nuchtere mens begrijpt dat een haarlok van een geliefde of welbeminde ook na haar/zijn dood tedere herinneringen en weemoedige gedachten kan opwekken; of de foto van een glimlachend oudje —en alleen de fotograaf weet dat deze glimlach verkregen werd na de belofte dadelijk na het poseren een ruime Elixir d’ Anvers te consumeren- een foto die vrede kan brengen eens de wat stugge groottante het tijdelijke met het eeuwige heeft verwisseld en een deel van haar opgespaarde bankproducten niet alleen voor de bouw van een hospitaal in Usumbura maar ook naar de achtergeblevenen hier ten lande zal overgedragen worden.

eigen collectie antieke foto’s


Wonderbare genezingen of boter bij de vis, een herinnering kan op allerlei manieren een stevige onderbouw verdragen.

Hangertje met haarlok

Dat ook vadertje-moedertje Staat na een burgerlijk verdwijnen nog een fameuze brok achtergelaten waarde tot tweemaal toe kan opeisen is noch met heiligheid noch met kosten op het sterfhuis te verklaren. In beschaafde landen zijn dergelijke belastingen afgeschaft en kunnen de overlevenden net door die post-mortale hulp beter op eigen benen staan en zelf hun schulden dankbaar vereffenen. Zo zou je dus beter van succesrechten dan van successierechten kunnen spreken en zal de overledene een heuse mooie herinnering blijven al dan niet met foto en ingekaderde lok op de schoorsteen.

Zo zou je ook niet dadelijk moeten vervallen in het kussen van nagelaten halsdoeken, haarlokken of dagboeken, maar kon je met een beetje inventiviteit belangrijke daden uit het leven van de afgestorvene aan de nog levende man/vrouw doorgeven.
Kan wielrenner Wout Van Aert een voorbije overwinning slijten aan iedereen die het digitale eigendomsrecht ervan aankoopt tegen een fikse som, zo zullen er weldra mogelijkheden zijn om de knappe overwinningen van prijsduif Armando nog eens over te doen met de digitale verkoop van zijn intussen lang vervlogen topprestaties.
Het wordt dus grondig het leven uitspitten van je heen gegane familieleden om bijzondere -pas op, ik zeg bijzondere, dus ik vel geen moreel oordeel- om dus bijzondere daden als NFT (non fungible token) op de markt te brengen. Zo’n token is dus een unieke digitale code waaraan een bijzondere daad is gekoppeld en kan op die manier verhandeld worden. Foto en beschrijving + code volstaan om de eeuwigheid in te gaan.

Eigen foto Antieke collectie

Kijk maar naar deze familiefoto die rond 1890 is gemaakt en waarop het kleinste jongetje Harold, (leunt tegen vaders schouder,) ondanks de familieziekte (lichte vorm van Ataxie van Friedreich waarbij de te zwakke nekspieren het hoofd voortdurend naar voren doen vallen) zou uitgroeien tot een uitstekend kaartlezer, eens de Amerikanen in 1917 aan de eerste wereldoorlog deelnamen en hij ondanks de slechte Franse kaarten zijn Amerikaanse makkers van de derde divisie feilloos naar de juiste stellingen kon leiden. Om maar te zwijgen van de jongen rechts achteraan, John, die met de ene verborgen hand de nek van zijn moeder ondersteunt en met de andere goed gecamoufleerde hand zijn zusjes hoofd rechtop houdt. John dus zou later ‘de winkelwagen’ uitvinden, en al zie ik de lezer glimlachen, stel je maar eens voor dat je je boodschappen in een handtas door de winkel zou moeten meesleuren bij de maandelijkse inkopen! Twee merkwaardige voorouders.
Met deze foto kunnen dus de nazaten van de familie Holden (schuilnaam) twee NFT’s verwerven en daar aardig wat geld voor vragen ook al zijn de betrokkenen al enige tijd overleden. Je kunt dus ook nu nog eigenaar worden van lang voorbije militaire triomfen en in elke supermarkt ‘it’s al mine’ mummelen eens je deze uitvinding als NFT hebt aangeschaft.

Eigen foto Antieke collectie

Kijk maar eens naar deze aandoenlijke familiefoto. Centrale figuur is het jolige kleine meisje dat niet toevallig door alle anderen -met uitzondering van de jongen- wordt vastgehouden. Marion was dan ook een echt haantje -of zeg ik hennetje- de (het) voorste. Het is niet alleen uit tederheid dat ze wordt aangeklampt maar inderdaad uit pure noodzaak. Zonder deze techniek zou deze foto nooit gelukt zijn. Vermoeiend dat wel. Maar ook in het hoofdje spookten heel wat ideeën. In 1946 vond Marion D. De waterdichte luier uit die ze in elkaar had geflanst met plastiek dat in gordijnen wordt gebruikt. Daarmee was de eerste wegwerpluier een feit. En zeg nu zelf. We zijn wel begonnen met bladeren en dierenhuiden, later gebruikten we doeken en katoenen luiers maar dank zij dit overactieve kind verloste zij talrijke ouderparen van dagelijkse handwasjes om van de volle drooglijnen nog te zwijgen. Nu nog een dapper jochie dat enkele ecologische alternatieven kan verzinnen en een vaak vervelende familiefoto wordt een bron van inkomsten . Jij bent dan de eigenaar van deze uitvinding, waarvan wij wel vermoeden dat je rijkelijk te laat bent gekomen.

Je kunt ook bijzondere eenmalige prestaties proberen te verzilveren mocht de maatschappij je links (of rechts) hebben laten liggen. Dat David Attenborough als ‘longest career as a TV presenter’ wordt opgenomen is geen geheim maar dat Marawa Ibrahim simultaan het hoogste aantal hula hoops ringen kon laten bewegen opent al een perspectief, net zoals de langste vingernagels ooit aan de vrouwelijke hand van ene Lee Redmond. Ook het meest noordelijk klimaat-protest van Mya-Rose Craig en de lengte van Robert Wadlow, (2, 72m ) blijven opzien baren en worden natuurlijk door het Guiness-boek geclaimd, maar een tocht door de eigen familiegeschiedenissen levert wellicht interessante ontdekkingen op die niet alleen door boze droevige auteurs worden geclaimd maar als FNT een nieuwe (financiële)betekenis kunnen krijgen.

Vaders avontuurtjes, moeders uitstapjes, de gulzigheid van oom X. En de wellust van groottante Agatha, het hoeft niet alleen maar kommer en kwel te zijn, maar kan mits foto en digitaal nummer een eigen koers gaan varen, mits de juiste zakelijke aanpak. Verzilver de familie-geheimen.

Er zijn er natuurlijk die het houden bij grootmoeders verhalen en opa’s fotoboek net zoals de relieken waarmee we dit verhaal begonnen volgens sommigen voor miraculeus spektakel zouden kunnen zorgen. Maar wie wil er niet een onvervangbare token bezitten waarmee de eigenaar(es) de gelukkige resultaten van anderen kan beheren. Zoals kinderen het voor Nijntje hebben, K3 en de Minions zalig vinden, zo kunnen wij onze voorouders opnieuw tot leven wekken, er televisieseries van maken, ze als merknaam voor gezonde voeding uitlenen, opa als een soort Bob de Bouwer, groottante Lea bezoekt met Thomas de trein My little pony, nonkel Jos heeft het voor super Mario, en even later worden ze zelf op alle mogelijke hapjes en lapjes afgedrukt en spreekt niemand nog van Kai Lan of Spiderman maar is uncle Harry -bij leven en werken een slome huisjesmelker- een springlevend Chugginton-treinkarakter, neen niet Old Puffer Pete maar Harrison die ‘I rule the rails’ toetert.

Eigen geschiedenis of amusement, de markt ligt open. Nu families zonder enige schroom de camera als broer of zus beschouwen, kunnen de verhalen van de voltooid verleden tijd uit de klagende romans geschud worden en als levende personages in allerlei programma’s aan bod komen. Verkoop dus op tijd de tijd van toen, blijf eigenaar van opa’s dromen en daden, grootmoeders ontsnappingsplannen en oom Bert’s Parijse jaren en koop -indien nog betaalbaar- op tijd een overwinning van bekende sportidolen als uniek verjaardagsgeschenk bij de 100.000ste aflevering van FC De Pioenen een feuilleton op de beurs genoteerd, intussen onbetaalbaar voor wie er eigenaar van wil worden. (Van het vorige feuilleton zijn er nog slechts relikwieën te koop.)

Een kast met kleine reliekhouders in het klooster Sint-Gabriël in Hekendorp (Wikipedia)

De toekomst voorstellen, een denk-probleem?

Hoe komt het dat we ons zo moeilijk de toekomst kunnen voorstellen? Waarom zijn we zo gehecht aan het hier en nu? Eerst dus de vraag: ‘Hoe denken we?’ En om dat wetenschappelijk te duiden is ‘Harvard University’ een goede graadmeter, er wordt daar aan denken met hoofdletters gedaan.

In 2017 ondernam Elinor Amit, verbonden aan het departement Psychologie aldaar een onderzoek naar die vraag.

Human thought generally can be divided into two modes, the visual and the verbal. When you think about your next vacation and imagine sitting under a palm tree and sipping a cold drink, you’re probably thinking visually. If you’re thinking what you’ll say when you make a presentation at work, you’re likely thinking in words and sentences, creating inner speech.

De klaarheid van het Harvardiaanse klontje kun je toch nog belegeren met de vraag of die twee, het visuele en het verbale, altijd los van elkaar staan? Kun je het ene gebruiken zonder dat het andere opduikt? Dat was alvast een vraag die proefondervindelijk kon benaderd worden. Elinor Armit, departement Psychologie en Evelina Fedorenko, Harvard Medical school ontdekten in die studie dat zelfs wanneer mensen gevraagd werd om verbaal te denken, ze toch visuele beelden creëerden om hun ‘inner speech’ te begeleiden. Dat zou betekenen dat visueel denken diepgeworteld is in de hersenen. De studie is beschreven in het tijdschrift NeuroImage.

“The question we wanted to answer was: Can you engage in one without the other modality popping up?” Amit said. “Can you use one without invoking the other unintentionally?”

Er werden dus een reeks experimenten ontworpen door Amit en collega’s die in het lab begonnen en later overgingen naar de MRI-scanners.

In het eerste experiment werd vrijwilligers gevraagd om ofwel beelden ofwel zinnen te creëren op basis van woordparen. Het eerste woord was altijd een beroep, zoals ballerina, politieagent of leraar. In de helft van de gevallen was het tweede woord een voorwerp, in de andere helft een plaats.

Na het maken van een beeld of zin met de woorden, werden de deelnemers een van de vier vragen gesteld: Hoe duidelijk waren de beelden of zinnen die ze moesten maken, of hoe duidelijk waren de beelden of zinnen die ze onbedoeld hadden gemaakt?

“So in one trial you might be asked to create an image, and we would ask you how clear that image was,” Amit explained. “In the next trial, we might ask you to create an image again, but then ask you how clear was the sentence you unintentionally created.”

Zoals goede wetenschappers werd het experiment twee maal herhaald, een keer met lab-vrijwilligers, een andere keer met vrijwilligers gerecruteerd uit ’the internet labor market Amazon Mechanical Turk‘. In beide gevallen, zei Amid, waren de resultaten dezelfde.

“What we found was there was no difference in the vividness of images,” Amit said. “The subjects didn’t care if we asked them to create an image or not; it was vivid regardless of what we asked them to do.” However, the clarity of the sentence was affected by instructions." 
The inner speech produced by the subjects was clearer when the participants intended to create sentences than when they did not.

Dat waren al significante resultaten maar ze bleven beperkt tot zelfrapportage van de deelnemers over de levendigheid van beelden of innerlijke spraak. Daarom werd daarna om die beperking te kunnen ondervangen gebruik gemaakt van resonantie-beeldvorming, of fMRI waarmee de hersenactiviteit van de proefpersonen kon worden gevolgd.

Voor de fMRI-test trainden de onderzoekers de deelnemers eerst met behulp van een reeks boeiende zinnen en beelden, die elk konden worden opgeroepen met behulp van een “cue”. Terwijl ze de zinnen of beelden opriepen, gebruikten Amit en collega’s fMRI om het taalnetwerk van de hersenen te monitoren, evenals hersengebieden waarvan bekend is dat ze betrokken zijn bij het herkennen van gezichten en lichamen.

“We found that people generated more robust verbal representations during deliberate inner speech … but they generated visual images regardless of whether their intent was to visualize something or to think verbally.” “This raises an interesting question,” Amit said. “It suggests that even though we visualize things all the time, it may be that they are relatively impoverished and not like a movie that runs in our heads.” 

Amit zei dat de studie intrigerende vragen oproept over de vraag of mensen gebonden moeten zijn aan het hier en nu. In eerder onderzoek ontdekten Amit en collega’s dat mensen de neiging hebben om visueel na te denken over dingen die dicht bij hen staan (in de tijd, sociaal of geografisch), maar gebruik maken van innerlijke spraak wanneer ze over verre dingen nadenken.

“So if you think about Harvard Square versus San Francisco, you’re probably visualizing the former, but thinking verbally about the latter,” Amit said. “The same goes for whether you think about yourself or someone else, or in-group versus outgroup, or tomorrow versus 10 years from now.”
Foto door Magda Ehlers

Haar nieuwe studie toont echter aan dat zelfs wanneer mensen bewust verbaal proberen te denken, het visuele denken bijna altijd binnendringt, wat suggereert dat mensen in het heden geaard zijn, zelfs wanneer ze proberen een denkmanier te gebruiken die typisch is om het over de toekomst te hebben.

“This suggests that we can’t really go beyond the here and now and think in abstract ways about other people, places, or times,” Amit said. “This is the way our brains are wired, and there may be an evolutionary reason for this [because] we haven’t always been verbalizers. For a long time, we understood our world visually, so maybe language is an add-on.

That has important implications because if we are truly grounded in the here and now, what does that mean about how we develop public policy?. Do we need to help people overcome their bias to focusing on the here and now? This is something we may need to be aware of.”

Een boeiende vraag die ons alvast met de vraag confronteert waarom wij ons zo moeilijk de toekomstige problemen kunnen voorstellen die op dit ogenblik in de klimaatconferentie in Glasgow aan bod komen. Of we mensen kunnen helpen hun vooringenomenheid te overwinnen door zich vooral op het hier en nu te richten en daardoor problemen hebben zich de toekomst voor te stellen..

De manier waarop we het beeld van de toekomst dichterbij kunnen brengen, haar met dezelfde intensiteit van het hier en nu te ervaren zal onderwerp zijn van nieuw onderzoek. Misschien dat beelden van die toekomst meer overtuigen dan alleen studies en documenten? Niet een of-of, maar een en-en verhaal. Gebruiken we dus de kracht van het visuele ook om de toekomstige wereld voortijdig bekend te maken. Het hier-en-nu kan immers vlug van geruststellende gedaan te veranderen.

Artikel: The power of picturing thoughts
'Hoe komt het dat we ons zo moeilijk de toekomst kunnen voorstellen? Waarom zijn we zo gehecht aan het hier en nu?

Uit: A new study led by Elinor Amit, an affiliate of the Psychology Department, shows that people create visual images to accompany their inner speech even when they are prompted to use verbal thinking, suggesting that visual thinking is deeply ingrained in the human brain while speech is a relatively recent evolutionary development. (Redactie Peter Ruell Harvard Gazette)

Thinking Man Rhodes Rumsey