Omtrent verwondering (3). “Moonassi” (°1980)

Moonassi “Light we prepared” (2024), meok and acrylic on hanji, 93 x 119 centimeters

Moonassi (Kim Daehyun) is een illustrator uit Seoul, Korea. Hij maakt zwart-wit tekeningen die emotie, innerlijke dialoog en de menselijke psyche verkennen. Identiteit is een terugkerend thema; over illustratie, schilderkunst, beeldhouwkunst en nieuwe media; elk stuk vertegenwoordigt een emotie of een woord dat Moonassi kiest om zich door middel van eenvoudige personages uit te drukken, de kijker aan te moedigen om te pauzeren en het gewicht te overwegen dat een enkele gedachte kan dragen. (hugoandmarie.com)

“Light we found” (2024), meok and acrylic on hanji, 142 x 102 centimeters. All images © Moonassi,
In black-and-white ink and acrylic, the Seoul-based artist Kim Daehyun (Moonassi) cross-hatches figurative scenes onto Korean hanji paper, portraying deep contrasts, dualities, and tensions. Rich, black shadows reveal glowing hands and faces, exploring relationships between light and dark, awareness and the unconscious, presence and absence, and the known and unknown. (Colossal 23 febr 2026)

De tekeningen in zwarte inkt van Kim Daehyun (Moonassi) tonen twee personages met strakke silhouetten en precieze trekken. In een choreografie van vertrouwde maar raadselachtige gebaren bewegen ze zich door een leeg, maanachtig landschap, het stille decor van de persoonlijke mythologie van de kunstenaar/schepper.

Door de herhaling van de tekeningen en de terugkerende personages kan Kim Daehyun op een speelse en katharsische manier zijn diepste gedachten en emoties uitdrukken en tegelijkertijd een breed publiek aanspreken. Want net als de weergave van leegte in de oosterse schilderkunst (de oorspronkelijke opleiding van Kim Daehyun) biedt het ontbreken van referentiepunten in de tekeningen van moonassi de toeschouwers een ruimte die openstaat voor oneindig veel interpretaties. (cahier de seoul)

Remains When We Were Anybody
"In 2006 publiceerde ik een klein essay dat ik verkocht in een café dat ik op dat moment bezocht. De eigenaar van het café noemde me ‘Moonassi’. Sindsdien is het mijn bijnaam geworden. Oorspronkelijk komt ‘moona’ van het boeddhistische woord moo-a (wat betekent dat ik de ‘ik’ vergeet), maar het kan ook ‘amouna’ betekenen (wat ‘iedereen’ betekent in het Koreaans”). Mijn eerste tekenboek heette ook ‘amoudo’ (wat “persoon” betekent)."
(Seoul Notebook)
나의 탄생 / Birth of me
45.5 x 53, 종이에 잉크와 아크릴 ink and acrylic on p2021

bezoek website van de kunstenaar

https://www.moonassi.com

나는 너를 본다, I see you in the sea of you
June 2013
Lente

Daarentegen
legde het licht zijn zachtste vingers
over de voorbije winter;
zingt als een kind
nog met verdroogde lippen,
opgeborgen in zijn eenzaamheid,
-het roze in zijn stem schildert bloesems-
verdund verlangen, aquarel doorzichtig:
het land heet Felix en Wolfgang in één ademtocht.

Zelfs mijn ogen luisteren.

Gmt
불구 / Crippled
Op. 0041P – 42 x 29.7 cm, 종이에 펜, 마커 / Pigment liner and marker on paper, 2010
Spring

In contrast,
the light laid its softest fingers
over the past winter;
singing like a child
still with parched lips,
tucked away in its solitude,
-the pink in its voice paints blossoms-
diluted intensity, watercolour transparent:
the land is called Felix and Wolfgang in one breath.

Even my eyes are listening
자연스러움 / Natural, 2009
Op. 0022P – 42 x 29.7 cm, 종이에 펜, 마커 / Pigment liner and marker on paper, 2009

Moonassi gebruikt meok, een soort traditionele Koreaanse inktstaaf die met water tegen een steen wordt gewreven om een vloeibaar medium te verkrijgen. Het meditatieve proces van het bereiden van de inkt helpt de kunstenaar zich te concentreren op de taak die hij moet uitvoeren en zich op elke stap te focussen.

Moonassi omschrijft zijn werk als ‘mind illustration’ en richt zich in zijn werken op paren of tweelingen in vreemde situaties, zoals het verzorgen van een vlam in een van hun hoofden, staren in een leegte of hun armen aan elkaar binden met touw. Zijn onderwerpen vertegenwoordigen psychologische en spirituele dichotomieën die zowel binnen individuen als in relaties bestaan, waardoor een droomachtige wereld ontstaat die tot talloze interpretaties uitnodigt. (Colossal 23 fbr 2026)

(Een dichotomie is een strikte tweedeling of splitsing van een begrip, groep of structuur in twee uitsluitende, niet-overlappende delen (bijv. goed/fout, ja/nee, man/vrouw). Het komt van het Griekse dichotomia (halvering) en wordt gebruikt in filosofie, wetenschap en statistiek om complexe zaken te versimpelen tot twee tegengestelde polen.). Wikipedia

시간의 직면 / Face the whole (Martini)

Lees ook:

A stammerer. (Een Stotteraar) Pigment liner, market, and ink on paper, 2012

Omtrent verwondering (2)

close up shot of splashing sea waves
silhouette of person with flare on dark horizon
Photo by Bl∡ke on Pexels.com
Verwondering

Vergeet het wonder niet.
Verwonderen scheurt traagzaam
de duisternis.
De ziel zucht naar wat uit
het eindelijke zichtbaar wordt.

Uiteindelijk
is het laatste woord
net voor de dageraad
close up shot of splashing sea waves
Photo by Mariam Antadze on Pexels.com

‘Uiteindelijk’ heeft een aantal mooie synoniemen:

ultiem (bn) :
uiteindelijk, uiterst, laatste
ten slotte (bw) :
uiteindelijk, eindelijk, tot besluit, tot slot, ter afsluiting, ten langen leste
al met al (bw) :
uiteindelijk, alles bijeengenomen, alles overziend, alles bij elkaar genomen
tenslotte (bw) :
uiteindelijk, immers, welbeschouwd, op de keper beschouwd
eindelijk (bw) :
uiteindelijk, ten slotte, ten langen leste
finaal (bw) :
uiteindelijk, definitief, laatste, ultiem

Je zou kunnen aankomen bij: (dat is) helemaal het einde. Wat zich na dat ‘aangenomen’ einde zou bevinden kan zich van het ‘niets’ tot het wonderlijke (onbekende) alles uitstrekken.

silhouette of tree near body of water during golden hour
Photo by Pixabay on Pexels.com
ZWERVER

Dien avond kwam ik later dan gewoonlijk
naar boven. In de huiskamer was licht
zag ik door de gesloten deur. Een schicht
van vreugde maakte terstond persoonlijk,
al wat zich uit mij had ontsticht
in stad en menigte. Ik stond koninklijk
in het vernieuwde donker van den nacht,
binnen mijzelve opgericht.
‘Ik heb op je gewacht’, zei je aandoenlijk,
en kuste mij de dood van het gezicht.

Gerrit Achterberg (1905-1962)
windows of apartments in evening
Photo by cami on Pexels.com

"Verwondering is het staren in een wereld die tot voor kort een andere wereld was en nu de eigen wereld blijkt te zijn of omgekeerd. Zij ontstaat, zoals men gewoonlijk zegt, uit de tegenstelling tussen het gewone en het ongewone. Zij kan ons overkomen wanneer het ongewone gewoon blijkt te zijn, verklaarbaar en begrijpelijk, maar evenzeer wanneer het gewone zich als iets ongewoons openbaart of zich van een ongewone kant laat zien. Deze schommeling wordt niet alleen veroorzaakt door het ambivalente karakter van de verwondering, maar ook door de twijfelachtige waarde van de noties ‘gewoon’ en ‘ongewoon’."

Hij citeert ook Augustinus:

De verwondering treft het hart zonder het te kwetsen; "Percurit cor meum sine laesione." Het hart hunkert naar het nieuwe dat in de verwondering openbaar wordt.

Dr. Cornelis Verhoeven, Inleiding tot de Verwondering. (1967)


https://www.dbnl.org/tekst/verh039inle01_01/verh039inle01_01_0002.php#:~:text=Verwondering%20is%20het%20staren%20in%20een%20wereld,tegenstelling%20tussen%20het%20gewone%20en%20het%20ongewone.

silhouette of a kid playing with a kite
Photo by Quang Nguyen Vinh on Pexels.com

Lees ook:

Omtrent verwondering (1)

water droplets on spider web
Photo by Pixabay on Pexels.com

Filosoof Helen De Cruz schreef in 2024 Wonderstruck: een boek over de manier waarop verwondering en ontzag onze manier van denken vormgeven. Ze omschrijft hedendaagse wetenschappelijke feiten accuraat en mooi. Over de infraroodbeelden van de Webb-telescoop uit 2022, waarop sterrenstelsels te zien zijn van dertien miljard jaar geleden, zegt ze bijvoorbeeld dat deze beelden een deel van ons gezichtsveld beslaan dat correspondeert met een zandkorrel op armlengte. Andere voorbeelden van verwondering zijn een insect onder een microscoop, een ongewoon fossiel of een vreemdvormig kristal.
(Sylvia Wenmackers Eos Wetenschap. 23 juni 2025)

Het Kwintet van Stephan, een groep sterrenstelsels in het sterrenbeeld Pegasus. (c) JWST [grote versie | diverse formaten] Astronomie. nl (afstand ongeveer 30-39 miljoen lichtjaar)


Spinoza

Ik, Benedictus de Spinoza,
wil op geometrische wijze
de natuur of God bewijzen
en licht in duister laten blozen.

Eens openbaart de naamloze
Substantie zich mystieksgewijze
in het bewustzijn van de wijze
en bloeit, de roos van alle rozen.

Behoedzaam, daar iets wonderbaars
al zo onbegrijpbaar is als schaars,
omschrijf ik u godzalig gloren.

dat in het licht der eeuwigheid
mijn liefde tot de waarheid leidt,
o enige roos zonder doorn.

Paul Claes, Ziel van mijn ziel, Elegieën
De Bezige Bij 2015

Het wonderbare noemt de dichter ongrijpbaar en schaars. Als twee nevenstaande eigenschappen te lezen: en ongrijpbaar en schaars. Met de liefde als weg tot de waarheid.

Zowel de nabijheid van het microscopische (Leibniz en Newton spraken over ‘infinitesmaal’) als de onbereikbaarheid van beschreven sterrenstelsels, intussen zichtbaar gemaakt, vergroten de bewondering.

Als je één deelt door duizend dan krijg je een duizendste. De uitgang -ste geeft in het Nederlands aan dat je de stambreuk neemt. In het middeleeuwse Latijn gebruik je daarvoor de uitgang -esimalis. Ons woord ‘decimaal’ komt bijvoorbeeld van het Latijnse woord voor ‘tiende’ (decimalis). Leibniz plakte deze uitgang aan het Latijnse woord voor oneindig (infinitus) en verkreeg zo: infinitesimalis. In diverse talen werd dit woord overgenomen, met een lichtjes aangepaste uitgang. In het Nederlands werd het infinitesimaal. Een infinitesimaal is dus letterlijk ‘een oneindigste’. (Eos wetenschap. Sylvia Wenmackers 22 augustus 2019)

Hanneke De Munck. ‘De gegeven tijd’ lindenhout, perehout, bladgoud, kistje
ABK thema expositie in Sijpesteijn (Moderne Altaarstukken)
2007
Zij neemt de maat niet, 
de verwondering, zij komt op meisjesvoeten dichterbij;
boven je hoofd, onder je voeten
vergroot en verkleint zij wat 'gegeven' is
en verlicht het verborgene,
speelt met het onverwachte,
ontbladert camouflage,
verliest niet vlug het onbelangrijke,
weerloos als zij is bij opengevallen monden
en dicht geklapte 'ja-maar's.'
hoor je 'de wonde' in haar hart dat bloedt
wanneer zij vergeten wordt,
(of voor 30 zilverlingen verkocht, kus inbegrepen).
de verwondering.

-psalm in voorbereiding-

7th-century representation of consciousness by Robert Fludd, an English Paracelsian physician

Robert Fludd, Utriusque cosmi maioris scilicet et minoris […] historia, tomus II (1619), tractatus I, sectio I, liber X, De triplici animae in corpore visione.

(vervolgt)

Beluisteren op een stil moment:

De sprookjesschrijver, een kortverhaal

low angel photo of tall trees
landscape photography of forest
Photo by Johannes Plenio on Pexels.com

De sprookjesschrijver, een kortverhaal

Stel dat je een sprookje wil schrijven als je ontdekt dat het vrijdag is. En niet alleen dat, maar ook nog de dertiende in de gemutileerde februari-maand van het jaar 2026, en die 26 inderdaad ook nog eens de optelling van tweemaal dertien mag zijn. Dan is een lichtelijk kreunen begrijpelijk, ook al is er na drie dagen overleg plotseling een Brusselse regering uit de Belgische lucht gevallen, samen met een meer dan gewone volume neerslag.

Gelukkig zouden we alvast ‘de Internationale Dag van Vrouwen en Meisjes in de Wetenschap’ kunnen vieren en waren er op 4 februari de Nationale Voorleesdagen aan de orde, en wie het nodig heeft, carnaval in alle maten en vaten. Aldus?
De sprookjesschrijver zuchtte.
‘Wie wil weten wat er was?’
Dat klonk ongenadig mooi. maar versleten.
‘Luister naar wat er morgen zou zijn…’
‘Reclame.’

Op het scherm begon AI een sprookje over ‘Vlam’ te vertellen. (AI-Google)
‘Vlam, een draakje, kon, in tegenstelling met zijn grote broers geen vuur spuwen. Alleen een wolkje kleurrijke glitters kwam uit zijn neus.’
De sprookjesschrijver zag steden in vuur en as. De tijd waarin hij geboren was.
‘Glitters zijn niet zo natuurvriendelijk’ typte hij onderaan.
‘Je hebt helemaal gelijk! Traditionele glitters zijn eigenlijk microplastics (meestal van PET) die schadelijk zijn voor dieren en ecosystemen. Sinds 2023 is de verkoop van losse, niet-afbreekbare glitters zelfs verboden in de Europese Unie.’
En dan volgde er een opsomming van soorten glitters: cellulose-glitter, mineralen(Mica), eetbare glitters: voor een draakje dat ze uit zijn neus snuit, zijn glitters van suiker of rijstmeel met natuurlijke kleurstoffen een perfect, onschadelijk alternatief.
Afgesloten werd met ‘Gekleurd zand: voor knutselprojecten in het bos kan gekleurd zand een natuurlijke ‘sparkle’ geven.
Hier was AI nog niet op de hoogte van de net ontstane ‘zand-paniek’ ( asbest!’)
De laatste zin:
Vlam snuit dus eigenlijk biologisch afbreekbare confetti van plantenvezels in het rond.’
Met de vraag:
‘Wil je dat ik het verhaal herschrijf zodat de nadruk ligt op zijn milieuvriendelijke superkracht, of zullen we een ander karakter ontdekken dat de natuur juist helpt?’

Neen, dat wilde hij niet! Tenslotte was dat gedoe, die ‘ge-automatiseerde’ sprookjesschrijver met gestolen materiaal gevoed. Dat ‘draakje’, eerst uitgelachen door de grote draken, kon met zijn niezen blijkbaar de dikke grijze mist verdrijven:

‘Het woud was gered, en de bomen glansden mooier dan ooit tevoren. De grote draken bogen hun koppen van schaamte. Vanaf die dag was Vlam de officiële Lichtbewaarder van het bos. Want soms heb je geen vuur nodig om de duisternis te verslaan, maar alleen een beetje schittering.’ (AI)

Tja. ‘Bwah’, zei de sprookjesschrijver. ‘Niet mis. Wel een beetje prekerig, maar…’
Het was een ‘maar’ die als een witte vlag werkte. Of als een wit vlaggetje. Want als hij aan ‘Roodkapje’ of ‘Sneeuwwitje’ dacht, kwam hij tot dezelfde slotsom: een sprookje, samengesteld uit talrijke versies, opgetekend en vaak met erg persoonlijke aanpassingen tot persoonlijke eigendom gemaakt.
Hij zuchtte als een betrapte dief. Tenslotte wie is er eigenaar van de zin: ‘Er was eens…?’
Zal ik eens een nieuwe versie maken van ‘Vlam’? Om u tegen te zeggen?’
‘Begin al maar met ‘jou’ , tenslotte kennen we elkaar’, wilde hij AI antwoorden.

Enkele maanden later verscheen er rond 13 februari 2027 een mooie, heel persoonlijke (De Standaard) menselijke(NRC) sociaal-geëngaarde(De Morgen) bundel: De geschiedenis van een vlammetje, hedendaagse sprookjes’.

Dat zou zo geweest zijn, mocht er een brand in zijn schrijfkamer het definitieve manuscript inclusief harde schijf niet vernietigd hebben. Oorzaak van de ramp bleef een raadsel. Navraag bij AI leverde niets op. ‘Wie met vuur speelt…Wilt u nog andere uitdrukkingen met ‘vuur’ of ‘vlam?”

We zullen het dus bij Peter Verhelst en zijn bundel ‘Wij, totale vlam’ moeten houden of ‘Vlam’ van Hendrik Marsman moeten citeren. Maar die zijn voor ‘grotere’ kinderen geschreven. Sprookjesschrijvers weten dat toveren niet zo vanzelf sprekend is als meestal wordt aangenomen.

stacked of stones outdoors
Photo by Pixabay on Pexels.com

Lees ook een vroegere bijdrage:

De nieuwe kleren, een sprookje?

Dit sprookje (AT 1620, ‘The King’s New Clothes’) dankt zijn bekendheid aan de sprookjesbundel Eventyr fortalde for Børn (1835) van Hans Christian Andersen (1805-1875). Andersen gebruikte als voorbeeld het verhaal uit het veertiende-eeuwse kluchtboek El libro de los exemplos de conde Lucanor et de Patronio van de Spanjaard Juan Manuel. Het motief van het bedrog met de niet bestaande kleding is echter al veel ouder en komt al in een Indiaas verhaal in de Avadânas (Boedda’s wedergeboorten) uit de eerste eeuwen na Christus voor. Hier weeft iemand zo’n fijne draad dat niemand hem kan zien.

Behalve met niet bestaande kleding kan het bedrog ook plaatsvinden met een niet bestaand schilderij. Een verhaal met dit motief komt voor het eerst voor in de veertiende-eeuwse Der Pfaffe Amîs van Der Stricker. Alleen wettig geboren kinderen zouden een schilderij kunnen zien. Het verhaal duikt later op in de Uilenspiegel-cyclus en bij Hans Sachs. Als mondeling verhaal is de ‘Nieuwe kleren van de keizer‘ weinig opgetekend: slechts hier en daar in Europa, Azië en Zuid-Afrika. Wat Nederland betreft is het alleen enkele keren in Friesland door Ype Poortinga in de jaren zeventig opgetekend.

Het verhaal van Andersen is in 1893 gedramatiseerd door Ludwig Fulda in diens Der Talisman.

Pim Marijn Sanders in de Efteling ‘De naakte keizer’

Rembrandt’s tulbanden, Élisabeth Vigée Le brun’s sjaals, Rosa Bonheur’s lange broeken, Balzac’s kamerjas door Rodin, Andy Warhol’s pruik, Niki de Saint Phalle’s slangenjurk… Maken kleren de kunstenaar? Of de ziel van de geportretteerde?

The Artist, the Model and her Lawyer, 1992

In 1992 maakt Marlene Dumas een schilderij getiteld The Artist, the Model and her Lawyer. Midden op het doek staat het naakte model met haar handen afwachtend op haar rug. Aan weerszijden van haar staat een geklede man. Zij zijn druk met elkaar in gesprek. De titel, die boven de hoofden van de drie figuren geschreven staat, geeft aan dat het hier om de kunstenaar en de advocaat van het model gaat. De kunstenaar en het model zijn blijkbaar in een ongelijke strijd verwikkeld, anders had het model geen nood aan een advocaat. Het model is trouwens naakt, terwijl de lichamen van de twee heren verhuld blijven door de kleding die zij dragen. Zo beschouwd is Dumas’ schilderij een uitwerking van Manets Déjeuner sur l’herbe. Ook daar zien we een naakte vrouw temidden van twee zorgvuldig geklede heren. Wordt de ongelijkheid in Dumas’ werk nog enigszins gelegitimeerd door de professionele motieven van de kunstenaar en de context van het atelier, dan neemt ze ronduit groteske vormen aan in Manets Déjeuner. Het groene gazon levert nauwelijks een narratief alibi voor de naakte aanwezigheid van de vrouw. (Ernst van Alphen)

Lees verder:

With regret for the fact that ‘sexy’ also implies something stupid and the fine arts avoid that in favour of the ‘erotic’. I’ve always felt related to those places where the pin-up feels at home. And I thank all those nameless artists who’ve given us the real pin-ups.

Marlene Dumas, in: Sweet Nothings

Manet, Edouard – Le Déjeuner sur l’Herbe (The Picnic)

Er is ook een erg wrede versie van ‘de nieuwe kleren van de keizer’ Auteur, Yeh Shengtao (1894-1988) was leraar, daarnaast schrijver van kinderliteratuur en korte verhalen. Terugkerende onderwerpen daarin zijn het lot van kinderen in het autoritaire onderwijssysteem en de machteloosheid van hervormingsgezinde intellectuelen. Gedurende de jaren twintig en dertig was hij in Shanghai actief als criticus en tijdschriftredacteur. Na de oprichting van de Volksrepubliek China in 1949 was hij een tijd lang vice-minister van onderwijs. Annemie Bonneux maakte een vertaling . (De Tweede Ronde Jrg 27 2006)

Lees:

https://www.dbnl.org/tekst/_twe007200601_01/_twe007200601_01_0074.php

Het verhaal in ‘De Efteling’

Ook Roald Dahl maakte er een moderne berijmde versie van die je terugvindt in zijn verzameling ‘Rijmsoep’ In dit boek figureren heel wat bekende figuren, die hun strepen al lang verdiend hebben in andere verhalen, sprookjes of vertellingen. Wie kent er niet het verhaal van ‘De nieuwe kleren van de keizer’ of ‘Ali Baba en de veertig rovers’? Roald Dahl zou Roald Dahl echter niet zijn als hij niet aan elk verhaal een bijzondere wending gaf. De basiselementen blijven behouden, maar vaak lopen ze net iets anders af of krijg je een heel andere invalshoek voorgeschoteld. In ‘De nieuwe kleren van de keizer’ gaat de keizer in zijn nieuwe pak skiën. Hij is, net zoals in het sprookje, uiteraard helemaal naakt. Al vlug is hij helemaal bevroren en jubelt het hele land blij: “Nu zijn we eindelijk vorstvrij!” Vertaling van Huberte Vriesendorp.

's Keizers kleermaker, mijnheer Grijs,
had zijn zaak naast het paleis.
Zo kon de keizer wel twaalf keer
elke dag naar hem heen en weer.
Want hij was verzot op kleren:
pakken, mantels, hoeden, veren,
gestikte vesten van rode zij,
paarlen knoopjes op een rij...

Het paleis was vol goud en pilaren,
en lakeien en kamerdienaren,
die de hele dag niets anders deden
dan persen, strijken en de keizer kleden.
Maar kleren kunnen gevaarlijk zijn
voor 'n keizer met 'n minibrein…
Bij hem kwamen op de eerste plaats
zijn kleren, en de mensen 't laatst.
Neem nou de lakei die per ongeluk
iets morste op een kledingstuk.
Hij werd dadelijk in het openbaar
opgehangen aan zijn haar.
Een andere lakei, die jammer genoeg
bij het borstelen 'n pluisje oversloeg,
werd levend gekookt, net als een kreeft,
iets wat men maar zelden overleeft.
De dienaar die wat snuif had gemorst
op de gouden mouwrand van de vorst
werd vermalen in een machine
tot eersteklas dieetmargarine.

Verder te lezen via

Een heel andere toonaard in ‘The Emperor’s New Clothes van Sinead O’Connor

You asked for the truth and I told you
Through their own words
They will be exposed
They've got a severe case of
The emperor's new clothes
The emperor's new clothes
The emperor's new clothes
The emperor's new clothes
Keld Moseholm (1936-2023) The Emperors new Clothes

“On learning to dissect fetal pigs”, a poem

‘On learning to dissect fetal pigs, een gedicht van Nicole Maclin Good

Nicole Maclin Good was een alumnus van de Old Dominion University, in Norfolk, Virginia. Zij volgde een cursus creatief schrijven aan de universiteit en studeerde in 2020 af. Good was een productieve dichter en had verschillende bekroonde publicaties op haar naam staan.
In 2020 schreef ze een gedicht met de titel “On Learning to Dissect Fetal Pigs” dat de Academy of American Poets Prize van dat jaar won. Het gedicht is openbaar te lezen op de website van poets.org – de officiële website van de Academy of American Poets.
Het gedicht worstelt met de spanning tussen geloof, verwondering en wetenschappelijke kennis. Met name won het gedicht ook de 2020 ODU undergraduate poëzieprijs. De voorzitter van de wedstrijd vermeldde dat in het gedicht,“…het oog van de dichter beweegt in en buiten het geheugen door associaties die verbindingen maken, laag na laag, of meer toepasselijk, streng na streng.”

Mummified Fetal Pig

“On learning to Dissect Fetal Pigs” by Renée Nicole Macklin Good

i want back my rocking chairs,

solipsist sunsets,

& coastal jungle sounds that are tercets from cicadas and pentameter from the hairy legs of cockroaches.

i’ve donated bibles to thrift stores

(mashed them in plastic trash bags with an acidic himalayan salt lamp—

the post-baptism bibles, the ones plucked from street corners from the meaty hands of zealots, the dumbed-down, easy-to-read, parasitic kind):

remember more the slick rubber smell of high gloss biology textbook pictures; they burned the hairs inside my nostrils,

& salt & ink that rubbed off on my palms.

under clippings of the moon at two forty five AM I study&repeat

               ribosome

               endoplasmic—

               lactic acid

               stamen

at the IHOP on the corner of powers and stetson hills—

i repeated & scribbled until it picked its way & stagnated somewhere i can’t point to anymore, maybe my gut—

maybe there in-between my pancreas & large intestine is the piddly brook of my soul.

it’s the ruler by which i reduce all things now; hard-edged & splintering from knowledge that used to sit, a cloth against fevered forehead.

can i let them both be? this fickle faith and this college science that heckles from the back of the classroom

               now i can’t believe—

               that the bible and qur’an and bhagavad gita are sliding long hairs behind my ear like mom used to & exhaling from their mouths “make room for wonder”

all my understanding dribbles down the chin onto the chest & is summarized as:

life is merely

to ovum and sperm

and where those two meet

and how often and how well

and what dies there.

Over het leren ontleden van foetale varkens
door Renée Nicole Macklin GOOD

Ik wil mijn schommelstoelen terug,

solipsistische zonsondergangen,


& de geluiden van de kustjungle die bestaan uit terzinen van krekels en pentameters van de harige poten van kakkerlakken.

ik heb bijbels gedoneerd aan kringloopwinkels

(ze verpulverd in plastic vuilniszakken met een verzuurde Himalaya-zoutlamp –


de bijbels van na de doop, die van straathoeken geplukt uit de vlezige handen van fanatiekelingen, het versimpelde, gemakkelijk te lezen, parasitaire soort):

herinner me meer de gladde rubbergeur van hoogglanzende biologieboek-foto’s; ze verbrandden de haartjes in mijn neusgaten,
& zout & inkt die het op mijn handpalmen hadden gemunt.
onder knipsels van de maan om twee uur vijfenveertig ’s nachts bestudeer ik & herhaal ik

ribosoom

endoplasmatisch—

melkzuur

meeldraad

bij de IHOP op de hoek van Powers en Stetson Hills—

herhaalde en krabbelde ik totdat het zijn weg vond en ergens vastliep waar ik er niet meer naar kan wijzen, misschien mijn onderbuik –


misschien zit daar tussen mijn alvleesklier en dikke darm het miezerige beekje van mijn ziel.

het is de maatstaf waarmee ik nu alle dingen reduceer; hard en versplinterd door kennis die vroeger rustte, een doek tegen een koortsig voorhoofd.


kan ik ze allebei laten zijn? dit wispelturige geloof en deze universiteitswetenschap die vanuit de achterste bank van het klaslokaal wordt uitgejouwd?


nu kan ik niet geloven-


dat de bijbel en de koran en de bhagavad gita lange haren achter mijn oor schuiven zoals mama dat vroeger deed & via hun monden uitademen “maak plaats voor verwondering


al mijn begrip druppelt langs mijn kin op mijn borst en kan worden samengevat als:


het leven is slechts
eicel en sperma
en waar die twee elkaar ontmoeten
en hoe vaak en hoe goed
en wat daar sterft.

https://poets.org/2020-on-learning-to-dissect-fetal-pigs


The woman shot dead by a federal immigration agent in the US city of Minneapolis has been identified as Renee Nicole Good, a 37-year-old mother of three who had just moved to the city.
She was a prize-winning poet and a hobby guitarist, who city leaders have said was there as a legal observer of Immigration and Customs Enforcement (ICE) activities.
But the Trump administration has called her a "domestic terrorist".
Good's death has sparked protests across the country, with many people holding signs that read "Justice for Renee".
Her mother, Donna Ganger, told the Minnesota Star Tribune that her daughter was "probably terrified" during the confrontation with officers that saw her fatally shot and that she was "one of the kindest people I've ever known".
"She was extremely compassionate," Ganger told the daily newspaper. "She's taken care of people all her life. She was loving, forgiving and affectionate. She was an amazing human being."
Her father, Tim Ganger, told the Washington Post that "she had a good life, but a hard life".
Good studied creative writing at Old Dominion University in Norfolk, Virginia, and in 2020 she won an undergraduate prize from the Academy of American Poets for her piece entitled On Learning to Dissect Fetal Pigs.

(BBC)

Renee Nicole Good

Lees deze bijdrage in Reader of via blog. Wij zoeken naar de oorzaak van een foute email-vorm. Onze excuses.

-een solipsist is iemand die de filosofische overtuiging (solipsisme) aanhangt dat alleen het eigen bewustzijn zeker bestaat. Alles buiten de eigen geest – de buitenwereld en andere mensen – wordt beschouwd als een constructie van de eigen waarneming of is onbewijsbaar. Het is een radicale vorm van scepticisme waarbij de realiteit wordt gereduceerd tot het 'ik'. 
Kernaspecten van het solipsisme:
Definitie: Afgeleid van het Latijnse solus (alleen) en ipse (zelf).