ultiem (bn) : uiteindelijk, uiterst, laatste ten slotte (bw) : uiteindelijk, eindelijk, tot besluit, tot slot, ter afsluiting, ten langen leste al met al (bw) : uiteindelijk, alles bijeengenomen, alles overziend, alles bij elkaar genomen tenslotte (bw) : uiteindelijk, immers, welbeschouwd, op de keper beschouwd eindelijk (bw) : uiteindelijk, ten slotte, ten langen leste finaal (bw) : uiteindelijk, definitief, laatste, ultiem
Je zou kunnen aankomen bij: (dat is) helemaal het einde. Wat zich na dat ‘aangenomen’ einde zou bevinden kan zich van het ‘niets’ tot het wonderlijke (onbekende) alles uitstrekken.
Dien avond kwam ik later dan gewoonlijk naar boven. In de huiskamer was licht zag ik door de gesloten deur. Een schicht van vreugde maakte terstond persoonlijk, al wat zich uit mij had ontsticht in stad en menigte. Ik stond koninklijk in het vernieuwde donker van den nacht, binnen mijzelve opgericht. ‘Ik heb op je gewacht’, zei je aandoenlijk, en kuste mij de dood van het gezicht.
"Verwondering is het staren in een wereld die tot voor kort een andere wereld was en nu de eigen wereld blijkt te zijn of omgekeerd. Zij ontstaat, zoals men gewoonlijk zegt, uit de tegenstelling tussen het gewone en het ongewone. Zij kan ons overkomen wanneer het ongewone gewoon blijkt te zijn, verklaarbaar en begrijpelijk, maar evenzeer wanneer het gewone zich als iets ongewoons openbaart of zich van een ongewone kant laat zien. Deze schommeling wordt niet alleen veroorzaakt door het ambivalente karakter van de verwondering, maar ook door de twijfelachtige waarde van de noties ‘gewoon’ en ‘ongewoon’."
Hij citeert ook Augustinus:
De verwondering treft het hart zonder het te kwetsen; "Percurit cor meum sine laesione." Het hart hunkert naar het nieuwe dat in de verwondering openbaar wordt.
Dr. Cornelis Verhoeven, Inleiding tot de Verwondering. (1967)
Toen de nazi's Frankrijk bezetten, moest Chagall vluchten. Met hulp van Alfred Barr van het Museum of Modern Art slaagde hij erin naar de Verenigde Staten te ontsnappen. Vele jaren na de oorlog besloot hij een reeks ramen te maken voor een kerk in Mainz, Duitsland, om de verzoening tussen Joden en Duitsers te bevorderen. Hij begon in 1978 en voltooide zijn schitterende werk kort voor zijn dood op 97-jarige leeftijd.
Marc Chagall, stained glass window, 1978-1986, St Stephen church, Mainz, Germany Detail
De herkomst van de eerste mens is hier duidelijk. Een engel -met naast hem een stevige regenboog- als teken van het verbond tussen God en de mens- heeft losjes ‘de mens’ vast. (de kleuren van engel en regenboog, rood en geel, vind je ook bij de gedragen mens terug.)
"Voor mij vertegenwoordigt glas in lood de transparante scheiding tussen mijn hart en het hart van de wereld. Glas in lood is opwindend, het heeft zwaartekracht nodig, passie. Het moet leven door het licht dat het ziet."
"Mensen zijn als glas-in-loodramen. Ze glinsteren en stralen wanneer de zon schijnt, maar wanneer de duisternis intreedt, wordt hun ware schoonheid alleen onthuld als er een licht van binnenuit is."
Een hedendaagse lichtkunstenaar
Dat licht van binnenuit vind je zeker terug in het werk van de hedendaagse Engelse kunstenaar Brian Clarke geboren in 1953 en overleden op 1 juli dit jaar, 2025.
Installation view, Brian Clarke: A Great Light (2023), Newport Street Gallery, London. Photographed by Prudence Cuming Associates Ltd.Installation view, Brian Clarke: A Great Light (2023), Newport Street Gallery, London. Photographed by Prudence Cuming Associates Ltd.Brian Clarke Manhattan, 2018. Gazelli Art House
Ontdek Concordia (2025), een monumentaal kunstwerk van ’s werelds meest vooraanstaande glas in loodkunstenaar, Sir Brian Clarke, op de internationale luchthaven van Bahrein. Met een breedte van 34 meter en een hoogte van 17 meter is het een van de grootste glas – installaties ter wereld.
Ontdek hoe, van concept tot voltooiing, verfijnd vakmanschap, gedurfd design en eeuwenoude technieken samenkomen in een unieke openbare kunstinstallatie. Concordia markeert het hoogtepunt van Clarkes decennialange praktijk en bevat in het ontwerp enkele van de meest gevierde motieven van de kunstenaar, waaronder klaprozen, narcissen en eikenbladeren, terwijl het ook verwijst naar zijn langdurige interesse in islamitische ornamentiek: ‘Alles wat ik ooit heb geleerd over glas-in-lood komt op de een of andere manier hierin tot uiting.
Concordia integreert meerdere culturele invloeden in het ontwerp en creëert zo een harmonieuze fusie van stijlen die de rol van Bahrein als ontmoetingsplaats tussen Oost en West weerspiegelen. Het werk combineert de wiskundige precisie van traditionele islamitische geometrische patronen, geïnspireerd door Clarkes bezoeken aan Marokko, met natuurlijke elementen die symbolisch zijn voor het landschap van Bahrein, zoals jasmijnbloemen, libellen en haviken. Daarnaast put het werk uit westerse artistieke tradities, met verwijzingen naar middeleeuwse Europese wandtapijten en verluchte manuscripten uit het Getijdenboek. (Heni Talks)
Bekijk op groot scherm!
While in primary school, Brian went on a day trip to York Minster, a medieval cathedral, where he encountered the stained-glass window, which was completed in the 15th century, at the church’s east end. He had some sort of epiphany.
On the HENI website, he recalled that a choir was rehearsing: “I ceased to be aware of my friends. I even ceased to be aware of location because something beyond location replaced it. And that was the feeling of being immersed entirely in art.”
And, he said, light “transilluminated through the window.”
Feeling overwhelmed, he passed out.
(NY Times July 11, 2025 Richard Sandomir)
“Almost everything I do has got some link to death and to our, you know, our impermanence, our mortality.”
Kerk
De kerken ochtend bouwt ramen tegen het licht. In gouden medeplicht opent de kamer zich. De droom wordt rond en oud. Je houdt je oogen dicht tot op een nauwe spleet en weet wat je vergeet voor wat je weer aanschouwt.
Gerrit Achterberg (1945)
Early in the 21st century, Mr. Clarke began what could be called his skull period. The apotheosis of his skull motif is the stained-glass “Stroud Ossuary,” a commission from the artist and gallery owner Damien Hirst.Credit…Guy Bell/Alamy NY Times
M. Vasalis. Op een muur: Sint Janskerkhof 8, 's-Hertogenbosch, Nederland
Foto door Sue Rickhuss
Als kind herinner ik mij een zomermorgen, zittend op een schommel, wachtend op een stevige duw in de rug toen ‘het gele vlindertje’ voorbij kwam gedanst. “Pa, een flikketeer!’ Nog luid genoeg om het als iets oudere aardbewoner levendig te herinneren. Daarna de hand en de bijna zesjarige beseft wat vliegen is, los van de zwaartekracht. ‘Hoger, papa!’
Een vroege ervaring van ‘vlinderzucht’. Kijk hoe de streek zijn naamgeving heeft bepaald.
Uit het woordenboek van de Vlaamse dialecten. Universiteit Gent.
Eens op een dag droomde ik, Zhuang Zi, dat ik een vlinder was, een vlinder die fladderend rondvloog, tevreden met zichzelf, en zich niet bewust dat hij mij was. Plotseling werd ik wakker en begon me er rekenschap van te geven dat ik nog altijd Zhuang Zi was. Nu is de vraag of ik Zhuang Zi ben die droomde dat hij een vlinder was, ofwel een vlinder die droomde dat hij mij was.
Zhuang Zi
Foto Sazzad Shihab
Beeldend kunstenaar Carlos Amorales (Mexico-Stad, 1970) worstelt met de grote vragen van deze tijd. Zoals: hoe verhoudt zich het private tot het publieke domein? Wat is de betekenis van ‘identiteit’, zowel persoonlijk als collectief? Wat zijn de gevolgen van de kolonisatie van internet en de media door de grote technische bedrijven? Hoe oefent kunstmatige intelligentie controle uit over de schijnbaar chaotische wereld van internet en wat is de invloed van de poppenspelers die hier aan de touwtjes trekken – waarbij de algoritmen de touwtjes zijn? (NRC Janneke Wesseling. 11/12 2019)
Hij voorzag gangen en kamers van de Fondazione Adolfo Pini in Milaan van een opvallend kunstwerk met 15.000 papieren vlinders, onderdeel van de solo tentoonstelling L’ Ora Dannata ( het beschadigde uur)
De installatie met de zwarte vlinders van papier draagt de naam Black Cloud. Wie de vlinders volgt door het gebouw van de Fondazione Adolfo Pini komt vanzelf bij de andere werken van Amorales uit. Centraal hierbij staat het werk Life in the folds. Deze bestaat uit een tafel met daarop uitgeknipte mensfiguren en bomen. Het werk is een aanklacht tegen het geweld dat mensen elkaar aandoen.
De Mexicaanse kunstenaar, Carlos Amorales, zal zijn Black Cloud in zijn thuisland zeker in het echt hebben gezien: in het najaar trekt de Monarch- vlinder met miljoenen tegelijk van Noord-Amerika naar Mexico om daar te overwinteren, en in de lente trekken ze in massale vlinderwolken weer terug.
Deze installatie is een goede illustratie van zijn kunst: nooit beperkt hij zijn werk tot een individueel stuk, de herhaling, de massaliteit is zijn kracht. Je kijkt niet naar één paneel van 1×2 m, maar naar wanden vol, niet één ocarina maar honderden, het geheel, het totaal vormt het kunstwerk.(Kunst op de klapstoel 24 dececmber 2019)
Het idee voor de installatie kreeg de kunstenaar in een droom. Hij droomde over een kamer vol motten en vond dat een dusdanig sterk beeld dat hij de droom zelf uit liet komen. Hij knipte duizenden zwarte nachtvlinders uit papier en behing er zijn atelier mee. Ze volgen hem inmiddels overal waar hij komt en ‘vlogen’ zo al diverse musea over de hele wereld binnen. (digitale kunstkrant nl)
Het Stedelijk Museum in Amsterdam bestelde bij de Mexicaanse kunstenaar Carlos Amorales een ‘special edition’-mondkapje. Hij leverde, naar zijn beroemde installatie Black cloud, het motief van een zwarte vlinder. De opbrengst gaat naar Amorales’ eigen solidariteitsfonds. (De Standaard 2020)
Symbool van de ziel? De transformatie van rups naar vlinder is vaak een metafoor voor de reis van de ziel, van leven naar dood en wedergeboorte.
Sneeuwwitte vlinder van den dood, sinds ik u heb zien dansen is elke bloei te groot en elk ontwaken hinder; dat ik zooveel verminder' aan wil en zwaart', om nog het woord te vinden - o wankelende kansen - dat vederlicht en onvervaard uw vluchten evenaart.
Te warm om buiten de vlinders in levende lijve te ontdekken? Maak het je gemakkelijk, luie zetel en dan dit mooie concerto van Gang Chen, Zhanhao: The Butterfly Lovers (1959).
Het licht begint te wandelen door het huis en raakt de dingen aan. Wij eten ons vroege brood gedoopt in zon. Je hebt het witte kleed gespreid en grassen in een glas gezet. Dit is de dag waarop de arbeid rust. De handpalm is geopend naar het licht.
Ida Gerhardt (1905-1997)
Eigen foto Gmt
DE WARE NACHT
Dieven, dichters en drinkebroers logeren in de nacht, geliefden Trekken kroonkurken van de donkerte, baden zich met huurlingen In een overschot aan trekkebekken en woordenpraal, kliefden zij Jouw uitgegroeide stilte in gemakkelijke poëtische hebbedingen.
Dansers, dromers en dijenkletsers likken de hielen van de nacht, Verknoeien toegangswegen tot het niemandsland met verzinnen Van amoureus hartenzeer voor weinig kopergeld gratis thuisgebracht, Op zilverschermen uitgesmeerd en eindeloos te herbeginnen.
Geen allegorie maar een alleenverkoop is de ware nacht, duisternis Met een afschuwelijk gehalte aan gemis, jouw dood als nom de guerre. Wat in de donkere kamer nog zichtbaar wordt, jouw opalen beeltenis Verbrandt het heimwee niet. Bloemetje uit het verdoemde vers van Baudelaire.
Gmt (naar onderstaand vers)
Un soir fait de rose et de bleu mystique, Nous échangerons un éclair unique, Comme un long sanglot, tout chargé d'adieux ;
Et plus tard un Ange, entr'ouvrant les portes, Viendra ranimer, fidèle et joyeux, Les miroirs ternis et les flammes mortes.
Uit: La morts des amants, Charles Baudelaire)
Weerspiegeling en Tuin in de beginnende herfst. Eigen foto Gmt
De ervaring van licht heeft dus alles met de donkerte te maken. Het licht immers is onzichtbaar. Het maakt zichtbaar maar blijft zelf onopgemerkt. Het is fraai om verschillende technieken te onderzoeken waarmee kunstenaars die zichtbaarheid realiseren: doorvallend licht, tegenlicht, strijklicht, glimlicht, verschillende schaduwsoorten, spiegeling, enz. Zo kan een schilder met bruine en groene omber beter schaduwen weergeven. Met licht en donker kun je ‘diepte’ weergeven.
Eigen foto Gmt
"Zelfs het witste wit is donkerder dan het licht.” Het is een uitspraak van kunstenaar Jan Andriesse, besproken door Joost Zwagerman in zijn laatste boek, De Stilte van het Licht. Andriesse probeerde het vormloze licht van de regenboog te schilderen, maar kwam tot de onvermijdelijke conclusie dat hij niet anders kon dan de regenboog donkerder te maken dan dat hij is. Want verf is nu eenmaal altijd donkerder dan licht, “zelfs het witste wit”.
Een van de bekendste “meesters van het licht” is misschien wel de 17e-eeuwse Italiaanse kunstschilder Caravaggio. Door extreem versterkte donker-lichtcontrasten die typisch zijn voor de chiaroscuro of clair-obscur, bereikt hij een groot dramatisch effect. Volgens Kieft is de duisternis op de achtergrond van Caravaggio's voorstellingen daarbij minstens zo belangrijk als het licht op de voorgrond.
Erwin Maas ‘Het onmogelijke licht in de kunst’
Caravaggio. Gevangenneming van Christus. 1602
Judas heeft Christus geïdentificeerd met een kus, terwijl de tempelwachters hem grijpen. De vluchtende discipel links is Johannes de Evangelist. Alleen de maan verlicht het tafereel. Hoewel de man uiterst rechts een lantaarn vasthoudt, is het in werkelijkheid een ondoeltreffende bron van verlichting. In de gelaatstrekken van die man portretteerde Caravaggio zichzelf, 31 jaar oud, als een waarnemer van de gebeurtenissen, een middel dat hij vaak gebruikte in zijn schilderijen. (ibidem)
“What if I could ride a beam of light across the universe ?”
Albert Einstein
In het Museum für Licht-Kunst in het Duitse Unna is een museum gewijd aan licht-kunst. Van Eliasson is er een waterval-installatie van zijn hand te zien, met stroboscopisch licht, waardoor de vallende waterdruppels in flitsen stil in de ruimte lijken te hangen. Een hallucinante ervaring. Op YouTube hierboven is deze video te zien van de installatie “Notion Motion” van Elafur Eliasson. (Thijs van de Ven)
GERRIT ACHTERBERG (1905-1962)
November
De nederige dagen van november zijn weer gekomen, grijze als een emmer;
tevreden met het licht dat minderde op de gezichten van de kinderen.
De wereld heeft derde dimensie over. Stakerig staan de bomen zonder lover.
Door iedereen van ver te onderkennen, moeten wij aan het nieuwe platvlak wennen
en lopen groot voorbij de kale heg. De fietsen rijden hoog over de weg.
Verwintering gaat zienderogen door. De eerste kouwe handen komen voor.
Geslachte varkens hangen te besterven; ontnuchteren de paarse boerenerven.
De protestantse dagen van november dragen geen heiligen op de kalender.
Een rij weesjongens met gelijke trekken. In ’t lege land opengebleven hekken.
Weduwen, terend op een schraal pensioen. Gemeentewoningen die weinig doen;
Toon van november knalt het jagersschot. Verder en verder valt een deur in ’t slot.
Komt in en uit het boek gevaren, baren letters, letters baren: gekromd of regelrecht om te bedaren. De horizon? Wie zal mij sparen?
Emile Claus 1894 Aren lezen
In memoriam Gerrit Achterberg I
Afvaart. Eiland der Ziel. Dead end. Osmose. Huis. Thebe. Existentie. Energie. Euridyce. Morendo. Sintels. Meisje. Sphinx. Radar. Cryptogrammen. Stof. Limiet. Titels als pijlen: nu 'k ze opschrijf, voel 'k ze nog zinderend natrillen in mijn hart. Nadien heb ik je weinig meer gelezen: 't was niet mijn land, voorbij die laatste stad. Maar je bleef wel altijd in mij aanwezig, zo ongeveer als de tb-bacillen die in mijn rechterlong zijn ingekaasd. En nu kruipt ook bij mij soms plots een beest van vrees door aderen en ingewanden. Word ik dan toch nog naar je teruggekaatst?
(C. Buddingh', De eerste zestig, bz. 12)
bron: Pexels
Geschreven werd en wordt er, geschilderd en gedicht, kortom pakhuizen gevuld met creaties. Eens de velden gemaaid zijn door de sikkels van de tijd, blijven er allerlei resten en fragmenten liggen. Anderen werden glanzend tot letteren- of beeldenvoedsel verwerkt maar daarna door de muizen van de vergetelheid weg geknabbeld. Ook in de schuren en de serres van het internet zijn er talrijke overblijfsels van vroegere oogsten weinig of nooit meer bezocht. En het 'voorbije' is steeds sneller voorbij.
Aren lezen zal tussen de duizenden teksten en reproducties dwalen en schoonheid verzamelen die lang in het duister of de schemer van de tijd is achtergebleven en best weer het licht in de ogen kan verdragen.
Foto door Suzy Hazelwood
Het zonnespel
Zacht daalde een zondagsrust, ik lei mij dromend In ’t geurig bloemgoud, dat de wei bemint, En voor mij rees, het groene veld omzomend, Een berg van beuken, wuivend op de wind.
Ik zag hun toppen, beurtlings licht en donker, In vlammen opgaand en weer uitgeblust, Zich tot dit spel van schaduw en geflonker Alle gewillig lenen, onbewust.
Doch ik, de blik gericht, het hoofd geheven, Zocht naar de speler, die deez’ scherts begon, En vond hem, waar de zomerwolken dreven In stille stoeten langs dat schild: de zon.
Toen, turend, werd ook ik gelijk die bomen Een door het hemels licht beschenen kind, En voelde vreugde en weemoed me overkomen, In beide zwelgend, en voor beide blind.
Aart van der Leeuw (1876-1931)
Foto door Dominik Gawlik
e. du Perron (1899-1940) Leven is goed
LEVEN is goed, - en zijn wij tachtig jaar, wij doen geen afstand van ons duur verleden. Koel is de schaduw van het leed geleden, en zacht de glimlach om het oud misbaar.
Dàn eerst zij onze hemel glad en klaar: achterom kijkend, niet vooruit, als heden; ruggelings reizend, met onwilge schreden, naar welke Zuidpool of welke Evenaar?
Wij gaan, wij gaan - maar met de minste spoed. Profetendromen, stelsels en gebeden waaiend om ons als wind om zuilen doet.
Strijdend voor 't Leven, listig en verwoed, als onze vaadren met de draken streden, zullen wij gaan. Maar langzaam. Voet voor voet.
Zeg dit vers zachtjes luidop eens het licht is uitgeknipt:
Zachtjes uit de haven, bij slapend water glijden zoals de droom glimlacht met de zwaartekracht en hemelen helen vroom de schoonheid van de sterrennacht.
Het wordt nooit later. Later.
Foto door Burak The Weekender
'Stel, wij werden voor het eerst geconfronteerd met De dingen, die onverwachts op ons netvlies vielen: Wie had zich zoiets wonderbaarlijks kunnen dromen, Wie iets dergelijks ooit voor mogelijk gehouden?'
Lucretius, Over de natuur II, 1033-1036 geciteerd Michel de Montaigne 'De essays', p.225
Een vrolijke boodschap deze morgen in de mailbus. Bij de bovenstaande foto: ‘Doornroosje weer te zien na groot onderhoud.’
Voor het eerst sinds de opening in 1952 kun je helemaal rondom het kasteel van de Schone Slaapster wandelen.
En gaat het hier in het bekende sprookjespark ‘De Efteling’ natuurlijk over- wij citeren-
‘Voor de stimulering van de biodiversiteit in het bos zijn een aantal bomen weggehaald. Hiervoor in de plaats zijn verschillende andere bomen geplant. Ook is de vijver een stuk vergroot en zijn er watervallen toegevoegd.’
Toch zagen wij in onze perfide ideeën dat groot onderhoud wel degelijk aan de sprookjesfiguren, incluis de inhoud van het bekende verhaal.
‘Flaming June’. Frederic, Lord Leighton. 1895
Frederic, Lord Leighton schilderde zijn meesterlijke Flaming June rond 1895. Het is een beeld van een onschuldige, slapende vrouw in een oranje, doorschijnende jurk waaronder haar vrouwelijke vormen voorzichtig worden bloot gegeven. De bank waarop ze ligt is bekleed met kussens en rode doeken, op de achtergrond de glinstering van de zon in de zee. Met de weelderige lijnen en warme zonnige kleuren is dit schilderij een voorbeeld van Leightons voorliefde voor klassieke schoonheid en harmonie.
(Tekst: Kunstmuseum Den Haag, schilderij nu Museo de Artre de Ponce)
Edward Coley Burne Jones. The Sleeping Beauty
Charles Perrault beschreef de schone slaapster als ‘la belle au bois dormant‘, waarbij je je kon afvragen hoe zo’n bois dormant eruit zag terwijl de gebroeders Grimm het over ‘Dornröschen’ hebben, een meisje dat zich in slaap zou prikken.
En…de jaren kwamen, de jaren gingen, de rozen groeiden en groeiden. Honderd jaar slapen. Marja Pruis schrijft in de Groene Amsterdammer van 18 juli 2012 :
'Een vrouwenlichaam kan een man verleiden om een duivelse wereld binnen te treden. Dat heb ik niet verzonnen, maar dit schreef de Japanse schrijver Yasunari Kawabata in zijn roman Nemureru bijo (1961), in 1968 vertaald door C. Ouwehand als De schone slaapsters, laatstelijk bij Meulenhoff uitgegeven als ‘moderne classic’ (1987). In het nawoord schrijft de vertaler overigens dat de romantitel in een letterlijke vertaling De slapende schonen had moeten luiden. In overleg met de auteur had hij besloten tot De schone slaapsters, immers ‘voor de westerse lezer een bekend motief.’
Op de achterflap van het boek ‘De Schone Slaapsters’ van Yasunari Kawabati
Kawabata is een van de meest geprezen en geliefde Japanse auteurs van de twintigste eeuw en winnaar van de Nobelprijs voor de Literatuur
In een ingetogen, poëtische stijl onderzoekt Yasunari Kawabata in De schone slaapsters de grens tussen fantasie en realiteit in de gedachten van de oude heer Eguchi.
Met een belofte om de regels van het huis te volgen begint Eguchi zijn leven als lid van een geheime club van oudere mannen. In een herberg in de buurt van Tokyo geven ze toe aan een laatste pleziertje: de nacht doorbrengen naast een prachtig, jong, slapend meisje. Eguchi raakt verslaafd aan deze bezoekjes en fantaseert erover de regels te verbreken. Naarmate het verhaal vordert blijkt steeds duidelijker dat de erotische spanning, die zorgvuldig wordt opgebouwd, in het teken staat van de naderende dood. Uitgegeven door Meulenhoff Boekerij B.V.
Slaap en dood, ouderdom en eenzaamheid zijn de belangrijkste thema’s van deze indrukwekkende roman.
De verwantschap van erotiek, slaap en dood wordt door Kawabata met enkele verrassende ontwikkelingen aan het licht gebracht. Voor oude mannen is die verwantschap niet bijzonder, zij beseffen immers dat in alles wat zij zijn de dood nabij is. Kawabata laat dat Eguchi even kort als krachtig verwoorden: ‘Oude mannen zijn buren van de dood.’(Hans van der Heijde)
Doornroosje
Houthakkers, die zich in het bosch verklikken. Slooten, die op hun bodem staan te roesten. Je eigen in de hoogte hooren hoesten. Een edelhert met plotselinge schrikken.
Spechten, als zachte mitrailleuren, tikken tegen de honderd jaar in eikenknoesten. Dat wij elkander tegenkomen moesten was te voorzien met langgeworden blikken.
Hier is het uur. Op deze ronde plek heeft het tusschen ons plaats, een vuur, dat niet verglaast. De groene diepte drinkt.
Terwijl de stilte verder openspringt, met boomen van verbazing opgewekt, omklemmen wij het eeuwig avontuur.
Je kent me niet. Ik ben een prins – de prins – die jou wakker zal kussen. Ik kom naar je toe. Je slaapt negenennegentig jaar. Je moet, volgens het sprookje waarin je slaapt, nog één jaar slapen. (Maar je sprookje kan het heel goed mis hebben.) Ik weet niet waar je woont en ik weet helemaal niet waarom ik je wil wakker kussen. Als je wakker bent zal ik, volgens de wetten van sprookjes en legendes, met je moeten trouwen, en wil ik dat wel, wil jij dat wel? Ik vermoed dat ik je wakker móét kussen. Mijn wil staat daarbuiten. (Ik weet trouwens van niets zo weinig als van mijn wil.) Je slaapt, dus je kunt deze brief niet lezen. Ik schrijf alsof je hem wel kunt lezen.
Toon Tellegen uit ‘ Brieven aan Doornroosje’
In 365 brieven schildert de prins het openhartige zelfportret van een tobber, maar een tobber met een rijke verbeelding en een goed gevoel voor de absurditeiten van het sprookjesleven. Deze eigenschappen voorkomen dat de brieven gaan vervelen, al is het waarschijnlijk geen goed idee om ze allemaal achter elkaar te lezen. De prins schreef zijn Brieven aan Doornroosje beetje bij beetje, en het resultaat laat zich ook het prettigst beetje bij beetje lezen. Wie vanaf vandaag één brief per dag leest, heeft over een jaar de bladzijde bereikt waarop de prins eindelijk zelf eens post krijgt. (Literair Nederland)
Meestal is slapen in je kindertijd een opdracht die volbracht moet worden om mooie dagen en gebeurtenissen te bereiken: nog drieëndertig keer slapen. Slapen als kind is een uitzonderlijke genade. Een slaapje als tijdseenheid (in de auto) tussen het huis van opa en oma en je eigen thuis. Het overbruggen van afstanden.Slapen moet altijd te vroeg, net zoals opstaan als je ouder wordt. Een mooie versie van Doornroosje uit Sesamstraat wil ik je niet onthouden.
Doornroosje is een sprookje van dood, slaap en opwekking uit de slaap. De roos is steeds een geheimzinnig beeld, enerzijds de liefde, anderzijds het dodende van de dorens. Over de betekenis van het sprookje is in de loop der tijd veel geschreven. Het sprookje wordt geduid als het verhaal van de levenscyclus: het jaarritme en de zonnecyclus. Opvallend hierbij is dat vooral wordt uitgegaan van de Grimm versie en deze min of meer als oerversie wordt beschouwd, terwijl zowel Grimm als Perrault in hun tijd een stevige literaire en inhoudelijke redactie aanbrachten. Vooral het seksuele motief uit oudere versies is door beiden geheel weggelaten.
Meer psychologische interpretaties zien in het sprookje het rijpingsproces van een jong meisje uitgebeeld. Tijdens de puberteit (de honderdjarige slaap) schermt ze zich af tegen het mannelijk geslacht (de doornhaag) en ontwikkelt ze zich tot vrouw. Men kan er ook meer in het algemeen het rijpingsproces van de menselijke ziel in zien, waarin tegenslagen zowel kunnen leiden tot desoriëntatie en inactiviteit als tot grotere kracht. In een aantal sprookjes/mythologieën komt het spinnewiel voor als symbool van het rad van Fortuin. (Volksverhalen Almanak )
Dichtbij het grote slapen ontdekken dat ontwaken in letters en het smaken van verten de ware ogen wekken.
[The Prince arrives at the castle]. Walter Crane, RWS (1845-1915). Engraved and printed in colour by Edmund Evans. The Sleeping Beauty, pp. 4-5. 1898 ed., but the tale with these illustrations was originally published separately by Routledge in 1876.
De reacties hieronder zijn door hun bleekheid moeilijk leesbaar. Wil zo goed zijn er even met je cursor over te gaan zodat ze leesbaarder worden. We zoeken een betere oplossing!