102903RGM

We zijn in 1911 als Gide in eigen beheer een zeer beperkte oplage uitgeeft van Corydon, een onvolledige uitgave nog, zoals de titel C.R.D.N. aanduidt.

Natuurlijk roept de naam Corydon onmiddellijk het Corydon ardebat Alexim op van Vergilius en zou het al dadelijk het onderwerp van het werk duiden.

Wat er zeker toe bijgedragen heeft het boek te publiceren is het proces Renard in 1909.
Was deze Pierre Renard de moordenaar van de financier Auguste Remi bij wie hij als butler in dienst was en met wie hij een homoseksuele relatie had?

Voor deze vermeende misdaad werd hij tot levenslange dwangarbeid veroordeeld.
Le Matin van 7 augustus 1909:

‘…parce que qu’ il a été prouvé que Renard, même en admettant qu’ il n’ eût pas tué, était un monstre odieux et répugnant.
Parce qu’ il y avait dans la foule cette impression que Renard, même innocent du meurtre de M. Remi, ne déparait pas la collection d’ individus que la société rejette de son sein pour les envoyer croupir en Gyane.”

Gide schrijft aan zijn vriend Jean Schlumberger: “Le procès Renard me rend malade!’

Corydon moet aan al die vooroordelen een einde maken, een verdediging zijn van ces mœurs dites innommables.

De tekst kreeg de vorm van een platonische dialoog tussen twee oud leerlingen.
Corydon, dokter geworden en zijn vriend die hem niet meer opzocht wegens zijn “déplorable réputation”, maar die toch wil weten wat er nu in feite aan de hand was, dus wil ‘voorgelicht’ worden.

In juli 1910 schrijft Gide aan Ghéon:
‘Je me dois à Corydon {…} J’ ai repris depuis le premier mot mon terrible livre. Et je me sens de plus en plus décidé à le faire paraître’.

Zo worden er in Brugge in 1911 twaalf exemplaren gedrukt op de Presses Sainte-Cathérine.
Deze C.R.D.N. bevat slechts de twee eerste dialogen en het begin van de derde.

dyn006_original_419_420_jpeg_20344_045288776a979fccae23a211004045a0

Op 22 mei 1911, Gide is dan in Brugge om toezicht te houden bij het drukken, is het werk klaar, zonder vermelding van uitgeverij of auteur.

Monique Nemer noemt deze beperkte oplage een zeer beredeneerde strategie.

Het ging er hem niet om zijn reputatie te beschermen, ‘il s’ agit au contraire de fixer le statut public du texte, et d’ en empêcher d’ éventuelles manipulations posthumes.

Met zijn uitgever Verbeke, man die ervan hield zich voortdurend met de drukproeven te bemoeien, houdt Gide ook daarna kontakt.
Hij mag er niet aan denken dat het manuscript in verkeerde handen zou vallen (des mains inamicales!) want hij is ervan overtuigd dat hij hiervoor zou veroordeeld worden, ja zelfs de gevangenis zou indraaien.

Zo laat hij het manuscript niet per post opsturen maar aan la petite dame (Maria Van Rijselberghe) overhandingen, en de proeven worden onder stevig gesloten omslagen aangetekend bezorgd.

Nog maar pas heeft hij de eerste exemplaren van deze onvoltooide Corydon in handen, of hij schiet aan het werk.

‘Corydon me donne beaucoup de mal; le problème est terriblement broussailleux; j’ avance dans la forêt-vierge, mais pas-a-pas”

Hij is een beetje radeloos, wil niet dat die vertragingen als tekort aan durf worden uitgelegd, al lees ik later (augustus 1922) in zijn Journal (vertaling van Mirjam de Veth):

‘Wat men soms misschien heeft aangezien voor een zekere halfhartigheid in mijn denken was dikwijls niets anders dan de vrees iemand die me lief is verdriet te doen.
Wie zal zeggen voor hoeveel stilstand, vertraging en aarzeling genegenheid verantwoordelijk is?’

dyn006_original_390_511_jpeg_20344_ae0f704f2b7faf2fdcf9b6cc5306dc6b

Ik heb geen spijt van die traagheid, want ik ben van mening dat de kunstenaars uit onze tijd zich dikwijls schuldig maken aan een groot gebrek aan geduld.’

En Alibert schrijft hem dat hij slechts met één persoon ter wereld moet rekening houden, en dan bedoelt hij Gides vrouw Madeleine.

Zijn bewonderaar en vriend Roger Martin du Gard:

‘Le sentiment de sa mission est plus fort que son amour.’

Madeleine zal nog enkele hoofdstukken apart verdienen, maar er is zeker ook de vertaling van de gedichten van Walt Whitman, deze raadselachtige figuur in de homoseksuele wereld van toen.

Corydon heeft een portret van Whitman op zijn bureau , en in het boek hebben de twee vrienden het over de vertaling van Whitmans’ verzen, een gebeurtenis die ook echt heeft plaats gevonden want Gide was verontwaardigd over de vertaling van Leon Bazalgette in 1914, een vertaling die alle homoseksuele allusies uitwiste.

Schlumberger vond het de moeite waard dat Gide een nieuwe vertaling zou maken, en schrijft in 1916 aan zijn vriend:

‘Pour Whitman, il me semble que ce qui me chocque dans cette publication, c ‘est l’ idee qu’ en de tels temps nous pourrions prendre attitude de manifestants en faveur d’ une cause qui nous semble vitale à nous personellement mais qui ne peut être en ce moment-ci qu’ une raison de désarroi pour le pays.’

dyn006_original_462_346_jpeg_20344_b3ffec000f191054d7acc15017920e87

En daar had Gide oren naar, de oorlog maaide die mooie jongens weg op de slagvelden en al vaak heb ik zelf geschreven dat de oudere garde met deze oorlog langs beide kanten zijn jongens de dood heeft ingejaagd uit een soort vaderlandsliefde die elk ware menselijke liefde, zeker onder mannen, ontkende, ja ze zelfs misprees.

Mannen dienden om dood te gaan voor het vaderland.