Teruggevonden liedjes

Foto door Brett Sayles

Een liedje zou ik heel graag zingen
zonder gods lof of 's konings macht te verkondigen.

Zelfs liefdeszucht of onvervuld verlangen
hoort niet thuis in mijn zingend oud hart.

Ik zing een liedje
zoals kinderen hun vliegers oplaten.

Uit liefde voor de lucht.

Foto door Pixabay

We zouden ons bekeren,
de liefde demonstreren, woestijnen irrigeren,
of voor het vaderland
brood en beleg ontberen.

We zouden u adviseren,
uw goedheid te cultiveren, uw driften te couperen,
of voor het latere leven
goed uw les te leren.

We zouden zeker sterk ageren,
tegen onrecht protesteren, de massa’ s alarmeren,
of wie onwetend is
dringend alfabetiseren.

We zouden ons analyseren,
onze fouten annuleren, op wilskracht appeleren,
en voor de nieuwe mens
heel krachtig applaudisseren.

We zouden ons verweren,
onszelf bekritiseren, problemen bestuderen,
en dag na dag
het kwaad in ons bezweren.

Wij zouden nooit capituleren,
elke storm trotseren, onze ikzucht camoufleren,
of voor de zieke mensen
geld en goederen collecteren.

We zouden tirannen contesteren,
een vredeslied componeren, onze roddels controleren,
en voor elke goede zaak
ons honderd procent engageren.

Maar...

Maar het regende, en om goed te functioneren,
succes te garanderen, onszelf te humaniseren
waren wij te moe
en lagen wij de godganse dag in bed te fantaseren.

Luister naar het opkomend onweer en herinner je.

‘Tellen!’
Een kreet na het hevige bliksemlicht. Tot wanneer het gedonder begon.
‘Nog 12 kilometer!’.
Het bleef stil tot de kamer opnieuw een onderdeel van een seconde overbelicht was.
‘Negen!’
‘Niemand nog een schaar of een mes aanraken!’
‘Vier!’
Met de ‘vier’ rolde een dondertrein de kamer binnen.
‘Rustig!’
Wij zaten al onder de tafel.
‘Denk je dat er een vuurbol binnen kan langs de schoorsteen?’
Vuurbollen waren ‘het’ onderwerp bij naderend onweer.
‘Jaja, bij Van Peregem was het prijs vorig jaar. Een reusachtige vuurbol rolde rond de tafel en gelukkig dat Jos de deur kon open stampen of de vuurbol had het huis in de fik gezet.’
Kreeg moe-moe Theresia dit verhaal te horen dan zuchtte ze diep, schudde haar wijze hoofd:
‘De tijd van paternosters en palmtakjes met wijwater is voorbij! Onweer is weer als een ander. Ge moet dat durven bekijken!’
Logeerden wij er tijdens de augustusmaand, dan was een onweer een publieke vertoning.
Ze schoof met een fikse beweging de grote overgordijnen opzij, riep dat iedereen een stoel moest meebrengen en daar zaten we op één rij en riepen we luidop wat we zagen.
‘Als dat niet mooi is, wat dan wel?’
‘Dat is tekenen met heel veel licht op de wolken, moe-moe.’
‘Mooi gezegd, kleine, maar morgen gaan we naar de bibliotheek en dan zoeken we een boek waarin we alles over onweer te weten komen.’
De kreet ‘naar de bibliotheek’ klonk telkens luidop als we serieus van mening verschilden en tenslotte ruzie gingen maken door onze onwetendheid.
Als het nu onweert hoor ik haar lachen zoals ze lachte als we toch nog onder de tafel wilden wegkruipen.
En hoe goed we het na ‘de bibliotheek’ ook begrepen, het bleef een indrukwekkend schouwspel. Ik heb haar handen ook wel eens zien beven bij een alles verdovende ratelslag. Maar zag ze dan mij in de deuropening staan dan klonk zonder aarzeling het bevel: Open met die gordijnen, we gaan samen gezellig bliksem kijken!’

Foto door Frank Cone






Een bloem, een oud wiegeliedje

'Waarom kunnen bloemen niet vliegen, papa?' '
'De lucht is voor vogels, de aarde voor bloemen. 
Slaap, mijn kind.'

'In mijn land groeien er vogels op steeltjes
en vliegen bloemen op vleugels in de avondlucht.
Kom je mee, papa?'

'Eén bloem vliegt met het donker naar de hemel
en wordt er avondster.
Als eerste bloeit ze open en dooft als de morgen
 zijn vingers door de horizon steekt.
Slaap, mijn kind.'

'Domme papa,
alle bloemen verkleden zich 's nachts als sterren.
De vogels pikken ze los
en laten ze 's morgens weer op aarde vallen.
Kom je mee, papa?'

'Slaap, mijn kind.
Jij bent mijn bloem.
De donkere hemel wacht op jou.'

(voor ons kind dat dit jaar vijftig wordt)

Foto door Sindre Fs

Als je het hebt over donder, onweer, storm en regen, ben je bij dit nummer dus aan het verkeerde adres. Rustige muziek die eerder klinkt als stilte voor de storm. Het moment dat je voelt de bui zo kan losbarsten, de donder in de lucht hangt, het moment dat je hoort dat het harder gaat waaien, de eerste regendruppels tegen het raam aantikken en de lucht langzaam donker wordt. Op dat moment stel ik mij deze band voor, die langzamerhand de stilte opvult.  En als dan de klanken wegsterven, begint het te regenen en te waaien. Hoor ik daar de eerste onweersslag?  (Marcel Klein  in Ondergewaardeerde liedjes)

Ga naar: https://ondergewaardeerdeliedjes.nl/2019/09/23/de-onweer-battle/

Foto door Etha