Macht en onmacht verbeeld en beletterd (3): De mantel van barmhartigheid

Simone Martini. circa 1310. Pinotheca Siena 154 x 84cm
De Madonna van Barmhartigheid is een christelijke iconografie waarin de Maagd Maria de gelovigen - en symbolisch de hele mensheid - beschermt onder haar open mantel. Dit picturale schema heeft middeleeuwse wortels en verspreidde zich voornamelijk onder de Broederschappen van Barmhartigheid.
De Madonna wordt meestal staand afgebeeld, met haar mantel geopend door engelen of door haar armen, om de gelovigen die eronder knielen te verwelkomen, die bijna altijd op een kleinere schaal worden afgebeeld. De periode van maximale populariteit was de 15e eeuw, maar er zijn nog enkele voorbeelden te vinden tot in de barok.

[de liefde] bedekt alle dingen,
zij gelooft alle dingen,
zij hoopt alle dingen,
zij verdraagt alle dingen.

1 Kortinthe 13:7
Domenico di Michelino, Madonna degli innocenti, 1440, Ospedale degli Innocenti, Firenze

The scene takes place before the portico of the hospital, a well-known architectural monument designed by Filippo Brunelleschi and completed in 1426. The arcade of rounded arches draws on the heritage of classical antiquity to confer a gravitas to the institution and its work. The roundels shown in the painting as empty were filled in 1487 with terracotta figures of swaddled infants made by Andrea della Robbia. The Ospedale was founded by the Prato merchant, Francesco Datini, with his legacy of one thousand florins in 1419. In his will he wrote: “…in order to increase the alms and devotions of citizens, rural dwellers, and others who have compassion for the boys and girls called ’throwaways’ and so that these little children shall be well fed, educated and disciplined.” (Gavitt, 1990, p. 52)

De scène speelt zich af voor de portiek van het ziekenhuis, een bekend architectonisch monument ontworpen door Filippo Brunelleschi en voltooid in 1426. De arcade van ronde bogen put uit het erfgoed van de klassieke oudheid om een status te verlenen aan de instelling en haar werk. De ronde bogen die op het schilderij leeg lijken, werden in 1487 opgevuld met terracotta figuren van gewikkelde baby’s gemaakt door Andrea della Robbia. Het Ospedale werd gesticht door de koopman van Prato, Francesco Datini, met zijn erfenis van duizend florijnen in 1419. In zijn testament schreef hij: “…om de aalmoezen en devoties te vermeerderen van burgers, plattelandsbewoners en anderen die medelijden hebben met de jongens en meisjes die ‘weggeworpenen’ worden genoemd en zodat deze kleine kinderen goed gevoed, opgevoed en gedisciplineerd zullen worden.” (Gavitt, 1990, p. 52)

Andrea della Robbia. Ospedale degli Innocenti. terracota reliëf

In de linkerhoek van de zuilengang zie je nog de oude vondelingentrommel, la ruota dei gettatelli zoals de Florentijnen zeggen. (‘de trommel van de verworpelingen’). Tussen 1419 en 1875 konden vrouwen hier ongewenste kinderen in een trommel leggen. Omdat de trommel twee verdiepingen had kon de vrouw het kindje aan de straatzijde in de trommel leggen, terwijl de andere zijde gesloten was. Wanneer zij de trommel draaide, kon men binnen in het gebouw het kindje oppakken. Op deze manier werd het kind onmiddellijk doorgegeven aan de relatieve veiligheid van het ziekenhuis terwijl de identiteit van de ouder gewaarborgd bleef en zij ongezien en anoniem het kind kon achterlaten. (Italië uitgelicht)

In the left corner of the colonnade, you can still see the old foundling drum, la ruota dei gettatelli as the Florentines say. (‘the drum of the reprobates’). Between 1419 and 1875, women could put unwanted children in a drum here. As the drum had two floors, the woman could place the baby in the drum on the street side, while the other side was closed. When she turned the drum, people inside the building could pick up the baby. In this way, the child was immediately passed to the relative safety of the hospital while the identity of the parent was guaranteed and she could leave the child unseen and anonymous. (Italy highlighted)

Nu afgesloten trommel waarvan sprake. Firenze was niet de enige stad met een weeshuis, maar wel de eerste. Duizenden baby’s werden hier achtergelaten en het gebouw is nog steeds als zodanig in gebruik. Al wonen er nu nog maar een paar kinderen.

Een van de aangrijpendste versjes van Annie M.G. Schmidt is Het girafje dat niets zag. Het gaat over een ruzie tussen drie kleine wezeltjes en een girafje op weg naar Hilvarenbeek. Ze komen langs een muurtje en aangezien het girafje de enige is die daar overheen kan kijken, vragen de wezeltjes telkens aan het girafje wat daar te zien is, ondertussen de wildste fantasieën koesterend over bloemen, blauwe konijnen, prinsen en draken. Het girafje werpt een blik, tuurt oneindig lang en ver, gaat nog eens extra op zijn tenen staan, maar helaas, iedere keer moet hij zijn reisgenoten teleurstellen. Er is niéts te zien. Het girafje wordt uiteindelijk achtergelaten door de boze wezeltjes: «en dat staat nu heel z’’n verdere leven/ treurig te zwijgen/ en denkt bij z’n eigen:/ Er was toch echt niéts». (Marja Pruis Mantel der Liefde De Groene Amsterdammer)

Juan de Nalda, Vergine della Misericordia, c. 1500, olio su tavola, cm 157×75
Onder mijn mantel is niets dan God.
Bayazid

Hans: Onder mijn mantel is niets.
Ayah: En God dan?
Hans: God is niets dan mijn mantel.
Giovanni da Gaeta, mater Misericordiae, 1448, tempera su tavola, cm 215×137, Wawel Castle, Cracovia
 Aanwezigheid

Gij zijt bij mij den nacht, den dag, den nacht.
Eens hebt gij het heelal mij toegedacht,
maar dat is tot dit lichaam teruggebracht.
Gelijk de wind die om de huizen is,
zoo zijt gij mij een wenscheloos gemis.
Ik heb u lief, het is zooals het is.


Gerrit Achterberg uit de bundel 'Morendo' (1944)
Galezzo Camp, Madonna delle Misericordia. XVI seculo


Alie Swillens is 77 jaar en verzorgt al jaren haar moeder die bijna 100 jaar is. Eerst was dat een dag in de week, maar geleidelijk aan is dat de hele week geworden. Samen met haar man Jan (80) wonen ze nu permanent bij haar moeder in huis. Een dag in de week gaan zij naar hun eigen huis in Hoogvliet om de post op te halen. Naast het verzorgen van haar moeder, doet ze ook het huishouden. Alie vindt het een plicht om voor haar moeder te zorgen en haar een rustige oude dag te geven op haar vertrouwde stek, waar ze 80 jaar heeft gewoond. Een teder sterk document. Neem je tijd. (23’11”)

Alie Swillens is 77 years old and has been caring for her mother who is almost 100 for years. First it was one day a week, but gradually it became the whole week. Together with her husband Jan (80), they now live permanently at her mother's house. One day a week, they go to their home in Hoogvliet to collect the mail. Besides taking care of her mother, she also does the housework. Alie considers it a duty to care for her mother and give her a peaceful old age in her familiar place, where she has lived for 80 years. A tenderly strong document. Take your time. (23'11‘’)

Giovanni di Paolo, Madonna del manto, 1436

Een gesprek


"Waar zullen wij afscheid nemen?
"In de regen"
"Zullen wij schuilen?"
"Nee!"
"Hoe zullen wij ons voelen?"
"Ziek, vals en verlegen."
"Wat zullen wij zeggen?"
"Wij zullen het niet weten."
"Wat zullen wij denken? "
"Was het maar gisteren, morgen of nooit."
"Zal een van ons gelijk hebben?"
"Geen van ons zal gelijk hebben."
"Zullen wij elk een andere kant op gaan?"
"Wij zullen elk een andere kant op gaan.
""Zullen wij omkijken?"
"Een van ons zal omkijken. Stilstaan, aarzelen en omkijken"

Zo spraken ze tegen elkaar, telkens weer
opnieuw.
Maar zij vroegen nimmer wie. Wie
zou omkijken. Wie.

Toon Tellegen
Uit: Mijn winter
Querido Amsterdam 1987
Lippo memmi, madonna della misericordia, Chapel of the Corporal, Duomo, Orvieto.jpg

Geel

Als ze de zon
weer aanzetten dan plant ik er kinderen
onder, dan steek ik mijn ziel aan
met een lucifer en laat hem zingen, dan
neem ik mijn moeder en zeep haar in, dan
pak ik mijn botten en poets ze op, dan
stofzuig ik mijn verschraalde haar, dan
betaal ik alle erge schulden van mijn buren, dan
schrijf ik een gedicht dat Geel heet en
leg ik mijn lippen neer om het op te drinken, dan
voer ik mezelf lepels vol hitte en
iedereen zal thuis met zijn vleugels
zitten spelen en de planeet
zal schokken van al dat glimlachen en
er zal nergens vergif zijn, geen plaag
aan de hemel en er zal een moedersoep
zijn voor alle mensen en we zullen
nooit doodgaan, niet één van ons, we gaan door,
toch?

Anne Sexton.
Uit: In het diepe museum, uitgeverij Papieren Tijger 1988, gedichten uitgekozen en vertaald door Annemarie Slootweg
Lippo Memmi, Madonna dei Raccomandati, 1350-1360, tempera su tavola, Cattedrale di Orvieto

Yellow
BY Anne Sexton

When they turn the sun
on again I’ll plant children
under it, I’ll light up my soul
with a match and let it sing. I’ll
take my bones and polish them, I’ll
vacuum up my stale hair, I’ll
pay all my neighbors’ bad debts, I’ll
write a poem called Yellow and put
my lips down to drink it up, I’ll
feed myself spoonfuls of heat and
everyone will be home playing with
their wings and the planet will
shudder with all those smiles and
there will be no poison anywhere, no plague
in the sky and there will be a mother-broth
for all of the people and we will
never die, not one of us, we’ll go on
won’t we?
Girolamo di Giovanni, Madonna della Misericordia e i Santi Venanzio e Sebastiano, 1463, tempera su tavola, Pinacoteca e Museo Civici, Camerino