De plaats waar u staat–Auschwitz-Birkenau

Het prijsetiket achteraan, 60 zloty, toonde aan dat het boek, recent gevonden in een grote tweedehandswinkel in Vlaanderen werkelijk uit Polen kwam, met name een uitgave van het Staatsmuseum Auschwitz-Birkenau, aldaar ter plekke. Uitgave: 2018.

Het bevat de foto’s van het mij bekende Auschwitz Album Lili Jacob. Ik citeer Historiek januari 2023:

Lili Jacob was achttien jaar toen ze in mei 1944 met een transport van Hongaarse Joden in het vernietigingskamp Auschwitz-Birkenau aankwam. Tijdens de selectie op het perron werd ze van haar ouders gescheiden en bij de arbeidsgeschikten ingedeeld. De rest van haar familie werd vergast.

Lili Jacob overleefde de oorlog. Ze werkte onder meer in het satellietkamp Gross-Rosen en werd later overgebracht naar Dora-Mittelbau, 640 kilometer verwijderd vanaf Auschwitz. Toen ze werd bevrijd door de Amerikanen leed ze aan tyfus en overgebracht naar een ziekenbarak. In een kast naast haar bed vond ze daar het fotoalbum dat bekend zou worden als het ‘Auschwitz Album’. Ze trof in het bijzondere fotoalbum ook foto’s van haarzelf en haar familie aan.

Foto uit het Auschwitz Album, mei 1944

De hedendaagse fotograaf Pawel Sawicki wilde vanuit het standpunt van waaruit de foto's toen gemaakt werden een foto van die plaats NU fotograferen: de plaats waarop u staat. Wij, de bezoeker. 

"De vaststelling van concrete plaatsen is vandaag niet meer mogelijk. Men kan ze alleen bij benadering bepalen. Deze foto’s zijn echter te belangrijk om genegeerd te worden. Wat speelde er in net hoofd van de man die de mensen veroordeeld tot dood op deze foto's vereeuwigde?
En bovenai, wat speelde er in de hoofden van de mensen weggerukt uit hun dagelijks leven en gefotografeerd in een vreemde en vijandige plek? Men kan het zich moeilijk voorstellen.
De actuele foto’s getoond in deze publicatie zijn geen identieke kopie van de historische opnames en dit was ook niet de bedoeling. Het was niet mijn streven om de afzonderlijke kaders laboratorisch te reproduceren. Hiervoor zou dezelfde lens, dezelfde opnamehoogte, hetzelfde licht etc. nodig zijn. Het ging niet om dit soort experiment, maar een nadrukkelijke bewustmaking van bezoekers aan de Gedenkplaats Auschwitz, dat dit alles HIER is gebeurd.
Op die plaats, waar je nu staat."

PAWEL SAWICKI


Het perron gezien vanuit het dak van de trein. Aan de linkerkant staan lege geopende wagens. Aan de rechterkant een trein met gesloten wagons. Op het perron ligt bagage van gedeporteerde Joden. Aan de linkerkant is een houten barak zichtbaar waarin zich de kantoren van de SS bevinden (de zgn. Blockführerstube) en barakken van het vrouwenkamp. Op de horizon zijn twee gebouwen met schoorstenen zichtbaar – crematoria en gaskamers II en III.

The platform seen from the roof of the train. On the left are empty open cars. On the right, a train with closed wagons. On the platform is luggage from deported Jews. On the left, a wooden barracks containing SS offices  (the so-called Blockführerstube) and barracks of the women's camp are visible. On the horizon, two buildings with chimneys are visible - crematoria and gas chambers II and III.

Diezelfde plaats nu. That same place now

Mensen bezig met hun bundels op het perron. Aan de rechterkant gevangenen van het ‘Kanada” commando. (de magazijndienst voor bezittingen geroofd van de gedeporteerden) De foto is gemaakt vanop het dak van een wagon.

People busy with their bundles on the platform. On the right, prisoners of the ‘Kanada’ command. (The warehouse service for possessions looted from the deportees) The picture was taken from the roof of a wagon.

Dezelfde plaats nu. That same place now

Het moment voorafgaand aan de selectie. De groep gedeporteerde Joden wordt in twee kolommen verdeeld. -rechts staan de mannen, links vrouwen met kinderen. Aan de horizon is het gebouw van de hoofdpoort zichtbaar en de wachttoren van het kamp Birkenau. (de zgn. ‘Poort van de Dood’.) Aan de rechterkant staan de barakken van het vrouwenkamp.

The moment prior to selection. The group of deported Jews is divided into two columns. -on the right are the men, on the left women with children. On the horizon, the building of the main gate is visible and the watchtower of the Birkenau camp. (The so-called ‘Gate of Death’.) On the right are the barracks of the women's camp.

Dezelfde plaats nu. That same place now.

De selectie. De SS-arts verdeelt de gedeporteerden in arbeidsgeschikten die in het kamp worden geregistreerd en arbeidsongeschikten die kort daarna in de gaskamer zullen worden vermoord. (Op de achtergrond groep oudere mannen richting de groep die op weg. is naar de gaskamers. Verderop staan het zgn. Blockführerstube en de gebouwen van het vrouwenkamp.)

The selection. The SS doctor divides the deportees into those fit for work who will be registered in the camp and those unfit for work who will be killed in the gas chamber shortly afterwards. (In the background group of older men towards the group heading. for the gas chambers. Further ahead are the so-called ‘Blockführerstube’ and the women's camp buildings).

Diezelfde plaats nu. That same place now.

De selectie. Achter de mannenkolom is een vrachtwagen zichtbaar waarop de bezittingen van de gedeporteerden worden geladen. Aan de linkerkant Joden op weg naar de crematoria en de gaskamers II en III. Het crematorium en gaskamer II is linksboven zichtbaar. Op de achtergrond staan de barakken van het vrouwenkamp. De schaduwval wijst duidelijk uit dat de foto in de ochtenduren is genomen.

The selection. Behind the men's column, a truck loading the deportees' belongings is visible. On the left, Jews on their way to the crematoria and gas chambers II and III. The crematorium and gas chamber II is visible in the upper left. In the background are the barracks of the women's camp. The shadow fall clearly indicates that the photograph was taken in the morning hours.

Diezelfde plaats nu. That same place now.

De weg tussen het overgangskamp voor Jodinnen uit Hongarije en het mannenkamp in Birkenau. Vrouwen en kinderen die naar gaskamer IV en V lopen. Op de achtergrond de houten barak van het mannenkamp en wagons op het perron.

The road between the transitional camp for Jewesses from Hungary and the men's camp in Birkenau. Women and children walking towards gas chamber IV and V. In the background, the men's camp's wooden barracks and wagons on the platform.

Diezelfde plaats nu. That same place now.


The birch grove near crematoria IV and V. A group of Jews declared incapacitated during the selection wait for the orders of the SS men. The photo shows an elderly man probably going to fetch water near the gas chamber and crematorium IV into which some of human remains were dumped after cremation. The photo was taken shortly before they were all taken to the gas chambers.

Het berkenbosje in de buurt van crematoria IV en V. Een groepje Joden die tijdens de selectie arbeidsongeschikt zijn verklaard wachten op de bevelen van de SS-mannen. Op de foto zie je een oudere man die waarschijnlijk water gaat halen vlakbij de gaskamer en crematorium IV waarin een deel van menselijke resten na de crematie werd gestort. De foto werd genomen kort voor zij allen naar de gaskamers werden gevoerd.

Diezelfde plaats nu. That same place now.

Een groepje Joden die tijdens de selectie arbeidsongeschikt zijn verklaard. Zij wachten in de buurt van crematoria IV en V op de bevelen van de SS. Kort nadat deze foto werd genomen werden ze naar de gaskamers gevoerd.

A group of Jews declared incapacitated during selection. They wait near crematoria IV and V for orders from the SS. Shortly after this picture was taken, they were taken to the gas chambers.

Diezelfde plaats nu. That same place now.

Deze uitgave ging vooral over identiteit. Wij wilden aan de ene kant de leegte van deze plaatsen uitdrukken, en aan de andere kant hun karakter van een diep spoor naar boven halen dat niet mag worden uitgewist. Dit is de essentie van de Gedenkplaats. Op deze pijlers berust -zelfs onbewust- elk bezoek aan deze plaats. (Piotr M.A. Cywinski)

This issue was mainly about identity. We wanted, on the one hand, to express the emptiness of these places, and on the other, to bring out their character of a deep trace that must not be erased. This is the essence of the Memorial. On these pillars rests -even unconsciously- every visit to this place. (Piotr M.A. Cywinski)
Hongaarse Joden, kort na aankomst in Auschwitz, mei 1944

Lees ook;

Macht en onmacht verbeeld en beletterd (1)

Ambrogio Lorenzetti. Allegory of Good Governement detail Romulus and Remus. 1338-40

Toen Freud begon aan zijn zoektocht om de menselijke psyche in kaart te brengen met De interpretatie van dromen (1899), richtte hij zich vooral op het individu. Als mensen leden aan geestelijke problemen zoals hysterie, zo was het argument, dan was dat waarschijnlijk te wijten aan onderdrukte persoonlijke trauma’s, die psychologen konden blootleggen en genezen door middel van één-op-één gesprekken. Naarmate de tijd verstreek, vroeg Freud zich echter steeds meer af wat zijn nieuwe “wetenschap” van de psychoanalyse betekende voor bredere sociale vraagstukken. Na het geweld van de Eerste Wereldoorlog en de omwentelingen die daarop volgden, leek het duidelijk dat de psychologie van mensen verbonden was met collectieve oorzaken: Hun hoop en zorgen, geluk en wanhoop, waren onlosmakelijk verbonden met hun denken over religie, politiek of economie. Met “Das Unbehagen in der Kultur” (Civilization and Its Discontents) begon Freud daarom te onderzoeken hoe beschaving – waarmee hij de wetten en informele normen bedoelde die de samenleving aan haar leden oplegde, evenals de cultuur en technologieën die zij voortbracht – zowel de menselijke psyche weerspiegelde als vormde. Zou de sociale structuur kunnen helpen om veelvoorkomende psychologische ellende te verlichten? Of was de beschaving er verantwoordelijk voor?

Sumerische beschaving Mesopotamië


Volgens Freud was de rusteloosheid die mensen leek te bezitten inherent aan het leven in de maatschappij. Het was het product van een paradox: juist de regels en instellingen die de samenleving bij elkaar hielden en het menselijk bestaan veilig stelden, maakten mensen ongelukkig. In Freuds formulering vereiste het leven in een gemeenschap de onderdrukking van de menselijke driften. Het vereiste in het bijzonder de onderwerping van de krachtigste krachten van de mens: het verlangen naar seksuele bevrediging (dat Freud Eros noemde, naar de Griekse god van de liefde) en naar vernietiging (Thanatos genoemd, de mythische personificatie van de dood). Omdat het alternatief chaos was, besteedde de samenleving het grootste deel van haar energie aan het controleren van haar leden, het verbieden van bepaalde handelingen en het stevig straffen van overtreders. Freud beweerde dat beschaving ontstond in een prehistorisch gebeuren, toen een groep broers hun vader doodde omdat ze zijn heerschappij over de vrouwen van hun stam kwalijk namen. Ze werden toen overmand door schuldgevoelens, waardoor ze zowel moord als incest taboe verklaarden. Beschaving was dus niet het product van een bewuste overeenkomst. Ze was gebaseerd op de ontkenning van oerverlangens, die onder de dunne korst van rationaliteit van de mensen bleven borrelen en hen voor altijd ontevreden hielden.


Udi Greenberg. 3 februari 2022
Udi Greenberg teaches at Dartmouth College and is the author of The Weimar Century: German Émigrés and the Ideological Foundations of the Cold War (2015).

Lees:

https://newrepublic.com/article/165265/freud-miseries-politics-samuel-moyn-civilizations-discontents-review

Eerder dan een politiek traktaat kan "Das Unbehagen in der Kultur" dus begrepen worden als een bemiddeling over de onvermijdelijkheid van tegenstrijdigheden, paradoxen en verwarringen. Mens zijn, leek Freud te beweren, is accepteren dat ons begrip van de wereld altijd gedeeltelijk en misleidend is, met alle ellende van dien: We kunnen nooit weten of sociale omstandigheden of individuele eigenaardigheden de bron van ons ongeluk zijn, of dat onze acties, individueel of collectief, ons lijden vergroten of verkleinen. Sociale theoretici, of ze nu progressief, centristisch of conservatief zijn, kunnen ernaar streven om duidelijke categorieën voor analyse te produceren en nette oplossingen voor menselijke dilemma's te bieden. Maar zoals Freuds twijfels over zijn eigen ideeën laten zien, was dit in zijn ogen net zo zinloos als een onderscheid maken tussen beschaving en haar ongemakken.  (ibidem)

Een voorbeeld.
Het is de dag dat hij, Donald Trump, als 47ste president van de Verenigde Staten wordt ingezworen.. De morgen van de grote dag is er een traditie dat de betrokkenen een kerkdienst bijwonen dichtbij het Capitool. Rev. Mariann Edgar Budde leidt de dienst en in de homilie spreekt zij de nieuwe president toe:

“In the name of our God, I ask you to have mercy upon the people in our country. We’re scared now. The people who pick our crops and clean our office buildings, who labor in poultry farms and meatpacking plants, who wash the dishes after we eat in restaurants and work the night shifts in hospitals. They may not be citizens or have the proper documentation, but the vast majority of immigrants are not criminals. They pay taxes, and are good neighbors. They are faithful members of our churches and mosques, synagogues, gurdwara, and temples. I ask you to have mercy, Mr. President, on those in our communities whose children fear that their parents will be taken away, and that you help those who are fleeing war zones and persecution in their own lands to find compassion and welcome here.”

"In de naam van onze God vraag ik u om genade te hebben voor de mensen in ons land. We zijn nu bang. De mensen die onze gewassen plukken en onze kantoorgebouwen schoonmaken, die werken in pluimveebedrijven en vleesverwerkende fabrieken, die de afwas doen nadat we gegeten hebben in restaurants en die nachtdiensten draaien in ziekenhuizen. Ze zijn misschien geen burgers of hebben niet de juiste papieren, maar de overgrote meerderheid van de immigranten zijn geen criminelen. Ze betalen belasting en zijn goede buren. Ze zijn trouwe leden van onze kerken en moskeeën, synagogen, gurdwara en tempels. Ik vraag u, mijnheer de President, om medelijden te hebben met diegenen in onze gemeenschappen van wie de kinderen vrezen dat hun ouders zullen worden weggenomen, en dat u diegenen helpt die oorlogsgebieden en vervolging in hun eigen land ontvluchten om hier mededogen en welkom te vinden."

De president heeft ontstemd gereageerd en om haar excuses gevraagd. Bekijk aandachtig de verschillende vaak minieme reacties van de luisteraars. Is dit één van de ongemakken van de ‘beschaving’ en/of een voorbeeld van grote morele moed? Ook de macht kan aangesproken worden. De machteloze heeft een stem. En durf.

"Nu gaat de Amerikaanse president nog verder en noemt de bisschop op zijn platform Truth Social “een radicaal linkse keiharde Trump-hater”. “Haar toon was gemeen en ze was niet overtuigend of slim. (...) Afgezien van haar ongepaste opmerkingen, was haar dienst erg saai en niet inspirerend. Ze is niet goed in haar job!”. Trump vindt nu dat Budde “de mensen excuses verschuldigd is”.(de Standaard)
Bishop Mariann E. Budde delivering a sermon at a prayer service on Tuesday at Washington National Cathedral. Credit…Doug Mills/The New York Times

More than 14,000 people signed an online petition thanking Bishop Budde within four hours. Episcopalians around Washington proudly posted online in gratitude that Bishop Budde was their spiritual leader, representing their Christianity.

For her part, Bishop Budde felt her sermon was “a perspective that wasn’t getting a lot of airtime right now, and it was a perspective of Christianity that has been kind of muted in the public arena,” she said.

She knew she did not have a lot of authority in the room, she said, “because I am not a part of the spiritual circles that have surrounded the president and his party.”

NY Times 23 jan. 2025

Dr. Martin Luther King Jr. preekt zijn laatste zondagpreek vanaf de Canterbury-preekstoel in de Washington National Cathedral. Hij werd enkele dagen later vermoord. Credit … John Rous/Associated Press. (NY Times 230125)

“De waarheid achter dit alles, die men liever verloochent, is dat de mens geen zachtaardig wezen is dat liefde nodig heeft en zich hoogstens weet te verdedigen als het wordt aangevallen; in zijn driftleven is hij juist begiftigd met een enorme dosis agressie. Bijgevolg is zijn naaste voor hem niet alleen een potentiële helper en seksueel object, maar ook iemand die hem ertoe verleidt zijn agressie op hem uit te leven, zonder vergoeding te profiteren van zijn werkkracht, hem zonder zijn instemming seksueel te gebruiken, zich van zijn bezittingen meester te maken, hem te vernederen, pijn te doen, te martelen en te doden.”

Sigmund Freud, Het onbehagen in de cultuur (1930)

Jean Simon Chardin Het kaartenhuisje. kopie

“Mocht Freud nu nog leven dan zou hij zeggen dat de politici die met wezenlijke oplossingen denken te komen – banen, economie, klimaat, oorlog en vrede, etcetera- er op een bepaalde manier ook toe doen. We gaan er niet gelukkiger van worden, want dat staat de cultuur de mens niet toe. Aan het einde van Het Onbehagen biedt hij er bijna zijn excuses voor aan. Hij schrijft dat hem de moed ontzinkt om voor zijn medemens als profeet op te staan, “en ik buig mij voor het verwijt dat ik hem geen troost kan bieden, want dat is wat zij eigenlijk allemaal verlangen, de ontstuimigste revolutionair niet minder dan de braafste, vroomste gelovige’. De wereld biedt geen troost.”

(Ik ben een mens, godverdomme!’ Joost de Vries in 18 klassiekers om het heden te begrijpen, samengesteld door Jaap Tielbeke. Aup. A’dam De Groene Amsterdammer)

Jean Frederic Bazille. De toekomst-voorspelster. 1869
natuurlijk is er veel meer
dan enkel het lichaam

er is het oog dat alle
lichamen omsingelt en
een overwinnaar is voor de
spelende handen

alles is maar spel tenslotte
waar maak je je druk over
en waarom dans je niet

de lente maakt deuren
de wind is een open hand
wij moeten nog beginnen te leven

als ik in de gele nacht sta
op het blauwe tapijt van mijn hart

Hans Lodeizen (1924-1950)

(wordt vervolgt)

Quinten Massijs (Matsijs) Schilder tussen gisteren en morgen

Portret van een groteske oude vrouw – Quinten Matsijs (detail)

‘Je moet wel weten dat hij, de schilder Quinten Matsijs, ook gerenommeerde vrienden had: Desiderius Erasmus, en Albrecht Dürer om er maar twee te noemen. En men vereerde hem later, in de zeventiende eeuw, terecht als ‘Vlaamse Michelangelo’.

De ‘kenner’ knikte langdurig alsof hij aan zijn eigen woorden twijfelde. Ik probeerde voorzichtig de stelling dat het afschrikwekkende portret best een reactie kon zijn op de overgangstijd waarin hij leefde als je weet dat Lewis Caroll deze dame tot de koningin van zijn Wonderland verhief en je beseft dat ze nog steeds ‘iets’ te zeggen heeft wat niet dadelijk in ieders kraam schijnt te passen.’

De ‘kenner’ probeerde te poneren dat dokters deze dame als draagster van een ziekte hadden herkend. ‘De ziekte van Piaget’ terwijl ‘grotesken’ toen ook erg in waren zelfs in vrij gezonde toestand. Mogelijk werd hij geïnspireerd door het boek De Lof der Zotheid van zijn vriend Erasmus, die daarin oude vrouwen beschrijft die ‘nog altijd koketteren’, ‘onafscheidelijk zijn van spiegels’ en ‘geen moment aarzelen om hun weerzinwekkend verlepte borsten uit te stallen’. (Erasmus MC)

Ecce Homo detail 1526


Schrijfwijzen van zijn naam:

Quinten (I) Massijs Quinten Massijs (I) Quentin Massys Quentin Metsy Quintinus Mesius Quinten Matsijs Quinten Matsys Quintino Messi Quinten I Massijs the Elder Quentin Massys Quentin Matzys Quinten Massys Quinten, I Metsys Quinto Massei Quintis Matsi Quentin Massys I Quinten I Metsys Quintin Matsys Quinte Metsys Quinten I Messys Quentin Messys Quinten I Matsys Quintin Matsey Quintin Matssis Quentin Metsijs Quentin, the Elder Massys Quinton Matzius Quintin Matsi Quentin Masiis Quentin Matzis Quintus Matsus Quintus Matzis Quintin Matzy Quentin Metzis Quentin Matsi Quentin Messis Quinten I Massys Quinten Massijs Quinten Massys (I) Quinten Matsijs (I) Quinten Matsys (I) Quinten Messijs Quinten Messijs (I) Quinten Messys Quinten Messys (I) Quinten Metsijs Quinten Metsijs (I) Quinten Metsys (I) Quinte Masey Quintus Mebzius Quinte Mathys
Q. Matzi Q. Messeus ou Le Marechal, d'Anvers Quintin Messis Metsys. Q.Matzius Q. Matzys Quinta Masseu Quintematsys Quintin de Smitt Quint.Messys Quint Messis Quintinus Messis Quintino Messis Q. Matzyz
Quintus Matreus Quinte Masseys Quintin Metsis Maestro quintino fiamengo
Quintino Quinte Massys Quinte Methsis Quintyn de Smit Quintin Smith
Quintin Messys Matzys Quentin Messius Maréchal Quintin Quintius Matzys
Quinte Mathsys Massys Quintin Messis Quinte Matzys Q. Massys
Quintin Melsüs Q. Mattzys Q Matzys Q. Metzus Quintyn Matsis
Quintus Matzius Quintin Metzius Q. Matsys Quintin Matys the Smith of Antwerp Quintus Matzys quinten massys Q. Messys
Quinte-Messis the Farrier of Antwerp Quintin Matsys Quinte-Mathsys
Q. Matsis Quentin Massays Quintus Matsys Quintus Matzus Quintine Smitt
Quintin Matsis of Antwerp Guento Masscis Quintin Mathsys
Quintin Mesius Matsys Quintin Quinton Matys Matzys Q
Quintin Matsy's genannt der Schmied Quintin Messis
Q. Messi or the Blacksmith Quintus Matrius Quintin Metsys
Quintyn Massyes Q. Metsys Messius Quintin Matseys Quintus Metzius
Quinte Matys Quintin Mattyis Quintus Metzus
Q. Metzis or the Blacksmith Quintus Metzius
Q. Messis Quentin Massys the Elder Quentin Matsys

Quinten Matsys De verkoopovereenkomst.

De man dus met de duizendvoudige schrijfwijze van zijn naam en net zo duizendvoudig aanwezig in de Europese kunstgeschiedenis in een overgangstijd tussen de Vlaamse Primitieven (?) en de schilders van de Renaissance.


Zijn zonen Jan Matsijs en Cornelis Matsijs, kinderen uit zijn tweede huwelijk met Catharina Heyns, met wie hij nog acht andere kinderen had, waren ook kunstschilders, evenals zijn kleinzoon Quinten Matsijs de Jongere, die naar hem werd genoemd. (Wikipedia)
De Maagd op de troon. 1525. Olie op hout.

"De religieuze schilderijen van Matsys worden tegenwoordig niet meer zo gewaardeerd als tijdens zijn leven. De aanstellerij en sentimentaliteit die jarenlang garant stonden voor hun populariteit worden nu tegen hen gebruikt. Sommigen vinden dat Matsys te veel in de ban was geraakt van da Vinci, zoals in zijn Maagd, die duidelijk is gekopieerd van Leonardo's Sint-Anna. De overdrijving van het sentiment van de schilder in de Maagd Ten voeten uit in Berlijn wordt nu gezien als een overschrijding van de grenzen van de goede smaak." (Web Gallery of Art)

Maagd en Kind. ca 1495 (MSK Br)
 "Hoewel de Brusselse Madonna met kind laat zien hoezeer de schilder deel uitmaakte van de Vlaamse traditie, voordat hij onder invloed van de Renaissance kwam, bevat het al de nieuwe elementen die van Matsys de boeiende en zeer innovatieve kunstenaar zouden maken wiens talent in zijn latere werken volledig tot zijn recht zou komen. Met zijn uitzonderlijk ruime volumes, zijn soepele vormen die gestreeld worden door een sterk maar zacht licht, en het virtuoze doorschijnende van zijn kleurtechniek, voert hij de drapagekunde naar nieuwe hoogten." (WGA)


Je voelt in de bijgaande besprekingen de ‘verwachtingen’ waarin wat geweest is (de zgn. primitiviteit) eerder zal gehonoreerd worden dan wat zijn weg naar het zogenaamde nieuwe (renaissance) zoekt, en wie daarbij ‘de grenzen van de goede smaak’ bepaalt blijft inderdaad een open vraag. Ook die zgn. grenzen zijn afhankelijk van een tijdperk en wat in dat tijdperk de ‘goede’ smaak zou bepalen. Kijk naar een mogelijke synthese: ‘Maagd met Jezus-kind en Elisabeth met kleine Jan de Doper.

Maagd met kind en Elisabeth met St Jan de Doper. 1520-25

Elizabeth en  Maria lijken beiden het hoofd van Johannes de Doper omhoog te draaien, alsof ze het aanbieden aan het kindje Jezus voor zijn zegen. Deze scène is tegelijkertijd een voorstelling van moeders die teder omgaan met hun kinderen en een toespeling op het martelaarschap van Johannes door onthoofding. Het sfeervolle landschap plaatst de Bijbelse figuren niet in het Heilige Land, maar in het zestiende-eeuwse Vlaanderen. Gezien het kleine formaat was het paneel waarschijnlijk bedoeld als devotiestuk voor een privéwoning.

Man met bril. c. 1520

Deze onbekende man, vijfhonderd en vijf jaar geleden door Massys geschilderd, kijkt even op van zijn boek. We zijn in 1520. Maarten Luther schrijft ‘Over de Vrijheid van een Christen’, Biccolo Machiavelli ‘Dell’arte della guerra’, De Kunst van het oorlogvoeren. Het geboortejaar ook van Christoffel Plantijn, drukker. Het sterfjaar van Rafaël. In Mechelen wordt de bouw van der Sint-Rombouts-toren gestaakt. Karel V. wordt tot koning gekroond, een jongeman van twintig.

Christus, Salvator Mundi. 1505

Schilderijen van Quinten Massijs te bekijken:

https://commons.wikimedia.org/wiki/Paintings_by_Quinten_Massijs_(I)

Niet bij elkaar passend koppel

Massijs werd wel eens ‘de Vlaamse Giotto‘ genaamd, weggelopen van huis (Leuven) om zich aan de kunst te wijden (Antwerpen), kunst die de twee schilderende zonen later niet evenaarden maar wel vaders naam gebruikten als handtekening onderaan een schilderij.

Een kwestie van geld dus. Zoals in ‘de debiteuren’. Je woont nu eenmaal in een metropool als Antwerpen en het is crisistijd.

De debiteuren

Een oud Nederlands gezegde uit die tijd luidt: “Een woekeraar, een molenaar, een geldwisselaar en een belastingontvanger zijn de vier evangelisten van Lucifer.”

Massys was al de eerste schilder die geldwisselaars afbeeldde, in het beroemde schilderij ‘De geldwisselaar en zijn vrouw” uit 1514 in het Louvre. Geldwisselaars vervulden volgens economisch historicus Raymond de Roover vaak dezelfde rol als bankiers. Bovendien werd de niet-afgebeelde vierde schurk, de molenaar, dikwijls gehekeld omdat graanprijzen een chronisch pijnpunt werden in tijden van fluctuerende grondstofprijzen, zoals juist in deze periode het geval was. In het schilderij ‘De debiteuren‘ laat de kunstenaar bijvoorbeeld de schaar boven de hoofden van de twee bankiers hangen (door veel critici de Schone en de Lelijke genoemd) om de onzekerheid van het leven aan te duiden; de open deur daarentegen verbeeldt volgens de experts van de Fontanelle-Geneva Kunstacademie de mogelijkheid van verlossing.
Maar kijk naar de chromatiek, het tegenlicht, de rijkdom aan details. Nog even en je hoort de pen krassen en…

Lees: https://jhna.org/articles/massys-money-tax-collectors-rediscovered/

De geld-uitlener en zijn vrouw

Herken je de spiegel?

Tesnlotte, als laatste keuze, kom ik bij zijn mooi portret van ‘Erasmus van Rotterdam’ (1517)


Erasmus is aandachtig aan het werk terwijl hij de brief van Paulus aan de Romeinen vertaalt. De tweede helft van het tweeluik, met het portret van Pierre Gillis, bevindt zich nu in de collectie van Lord Radnor in Longford Castle (Salisbury). Replica’s van het portret van Erasmus zijn te vinden in het Rijskmuseum in Amsterdam en in Hampton Court (Engeland), terwijl het Koninklijk Museum in Antwerpen een replica bezit van het portret van Pierre Gillis.

Dit schilderij getuigt van het hoge culturele klimaat in die tijd en is het bewijs van de banden tussen twee grote humanistische denkers: Erasmus van Rotterdam en Sir Thomas More, die beiden bijdroegen aan de publicatie van Utopia. Het portret is een van de twee panelen van een tweeluik dat Massys in 1517 schilderde, toen Erasmus in Antwerpen te gast was bij zijn vriend Pierre Gillis. In een brief aan More van 30 mei 1517 bevestigt Erasmus dat “ze mij en Pierre Gillis op hetzelfde paneel schilderen”. Het portret was voltooid op 9 september van datzelfde jaar en het tweeluik werd als geschenk naar Thomas More gestuurd. More uitte zijn dank voor het cadeau enthousiast in zijn brief van 6 oktober 1517, waarin hij schreef: “Ik ben geweldig getroffen door de portretten van de mannen die je me hebt gestuurd: zelfs als het slechts eenvoudige schetsen van houtskool of op gessetto (krijt) waren geweest, zouden ze iedereen betoveren behalve iemand die volkomen ongevoelig is voor literatuur of voor virtuositeit; en ze raken me meer dan ik mogelijk kan uitleggen, omdat het aandenkens zijn – nu tastbaar – van zulke goede vrienden”. (Web Gall of Arts)

Kijk, hier is de spiegel!

De ontdekking van de Renaissance in Italië verliep vroeger en weer heel anders. We hebben al een tijdje geleden daar een blog aan gewijd. Hier weer te raadplegen. En waar blijft nu dat ‘nieuw tijdperk’? Neen, niet met ‘hem’ die weldra alle schermen bevolkt. Maar gewoon met ons, met iedereen die op zoek gaat naar zijn/haar tijdperk en er graag de anderen in verwelkomt.


Canzone, io t’ammonisco

 Che tua ragion cortesemente dica;
 Perchè fra gente altera ir ti convene;
 E le voglie son piene
 Già de l'usanza pessima ed antica,
 Del ver sempre inimica
 Proverai tua ventura
 Fra magnanimi pochi a chi 'l ben piace:
 Dî lor, chi m’assicura

Petrarca

Bilderdijk voorzag de verzen van een vrije vertaling:
 
Wees gewaarschouwd, ô mijn lied!
 Spreek beleefd, op heusche tonen,
 Dat men d'inhoud moog verschoonen
 Dien gy aan uw lezers biedt.
 Denk, voor wie gy op gaat treden:
 Lieden op hun wijsheid stout,
 In den waarheidshaat veroud,
 Die geen oorsprong nam van heden.
 Zwak is 't hoopjen, klein 't getal,
 (Maar van d'echten geest gedreven,
 Laat u dit vertrouwen geven!)
 Dat u wel ontfangen zal.

De Nederlandse dichter weet, dat zijn poëzie bij velen gehaat moet zijn: ‘fra gente altera ir ti convene.’ Hij heeft het oog op zijn landgenoten, die de ‘tijdgeest’ dienen. De verzen van Petrarca worden dus met een bepaalde tendens en pro domo geciteerd.
Een nar met zotskolf Quinten Massijs. An Allegory of Folly. 1510?

Begin van de zestiende eeuw, toen Quentin Matsys zijn Allegorie op de Zotheid schilderde, waarschijnlijk rond 1510, waren zotten nog veel te zien aan het hof of op carnavalsoptredens in moraliteitsstukken. Soms was een dwaas geestelijk gehandicapt, om bespot te worden voor het vermaak van het grote publiek. Matsys heeft ervoor gekozen om zijn dwaas voor te stellen met een wen, een bult op het voorhoofd, waarvan men geloofde dat deze een “steen der dwaasheid” bevatte die verantwoordelijk was voor domheid of mentale handicap. In andere gevallen was de nar echter een slimme en scherpzinnige waarnemer van de menselijke natuur, een komiek die de gewaden van de nar gebruikte als voorwendsel voor satire en spot. De nar van Matsys was bijna een exacte tijdgenoot van Erasmus' Lof der Zotheid, waarin het personage van de Zotheid in feite een wijze en scherpzinnige commentator is op de dwaasheid van anderen. Dwazen waren een populair onderwerp in zowel de kunst als de literatuur van deze tijd en het werk van Erasmus was vooral belangrijk voor de zestiende-eeuwse humanistische kringen in Antwerpen.

Pijn en genezing verbeeld en verbonden

Francisco Jose de Goya y Lucientes; Self-Portrait with Dr. Arrieta; 1820; Oil on canvas; 45 1/8 x 30 1/8 in. (canvas); Minneapolis Institute of Arts; The Ethel Morrison Van Derlip Fund; 52.14

Een van de mooiste zelfportretten, de kunstenaar Francisco de Goya toont zichzelf als zieke man. Hij heeft duidelijk koorts, zweet en wordt door zijn vriend en dokter Eugenio Arrieta ondersteund terwijl hij hem een drankje aanreikt. Onderaan het schilderij lezen we:

“Goya dankt zijn vriend Arrieta voor de deskundige zorg waarmee hij zijn leven redde van een acute en gevaarlijke infectie waaraan hij eind 1819 op 73-jarige leeftijd leed.  Hij schilderde het in 1820."

In ‘ScienceDirect’ vind je een uitgebreide studie van Laura L. Casey omtrent een mogelijke diagnose

The life of Francisco Goya was plagued by indisposition although there are four discrete occasions of acute illness which are often cited, occurring in 1777, 1787, 1819, and finally in 1828, the year of his death. Immeasurable speculation as to the aetiology of these illnesses has been made based upon an accumulated series of symptoms acquired through the analysis of Goya's letters, accounts of his health made by his friends and acquaintances and the records of his personal physician, Dr. Eugenio Garcia Arrieta. These symptoms, which included deafness, transient paralysis, partial blindness, depression, nausea, dizziness, pain and a general sense of malaise, provide a vast diagnostic scope which is reflected in the broad spectrum of their proposed origins.

Lees:

https://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S1743919105000890

Goya’s ‘Of what illness will he die?’ (1799), etching with aquatint – 21.3 × 14.8 cm. Biblioteca Nacional, Madrid and The Metropolitan Museum of Art, New York.

Een fragment:

“Ongeacht de onbesliste aard van zijn ziekte, het verdriet en de indiscreties in zijn privéleven of de zelfgenoegzame houding van zijn critici, kan de omvang van Goya’s bijdrage niet worden ontkend, niet alleen aan de voortdurende vooruitgang van de artistieke expressie, maar ook aan de vestiging van die waarden van onpartijdigheid en moreel bewustzijn die fundamenteel zijn voor een succesvol functionerende, inclusieve samenleving. Hij was ‘de tong van de oorlog’, de biograaf van een natie en een bekeerde voorstander van de Verlichting. Zoals Aldous Huxley het verwoordde: “Voor ons die [zijn werken] bekijken, bestaat het werkelijke nut en de betekenis ervan er misschien juist uit dat ze zo levendig en toch noodzakelijkerwijs zo duister en onbegrijpelijk enkele van de onbekende grootheden weergeven die in het hart van elke persoonlijkheid bestaan”. Dit is de ware essentie van Francisco Goya y Lucientes.” (Laura L. Casey)

Uit de serie: Disasters of War. 1814. Eau forte Aquatinte

Ook Frida Kahlo maakte een zelfportret met haar ‘heelmeester’. dr. Juan Farill

 This painting is Frida's last signed self-portrait. In this portrait, she painted herself with her surgeon Doctor Juan Farill.

Dr. Farill performed 7 surgeries on Frida's spine in the year of 1951. She had to stay in the hospital in Mexico City for 9 months. In November of 1951, she finally recovered and was able to paint again. The first painting she painted was this self-portrait and she dedicated this painting to Dr. Farill. She wrote in her diary: "I was sick for a year....seven operations on my spine.Dr. Farill saved me. " She painted this portrait in a "ex-voto (retablo)" due to the fact she credited Dr. Farill for saving her life. In this portrait, she was sitting in a wheelchair, hold her heart palette in one hand, and brushes in another. It implied she was painting using her own blood from her heart.
Self Portrait with the Portrait of Doctor Farill, 1951 – by Frida Kahlo

De Schotse schilder John Bellamy (1942) heeft ook een serie dergelijke portretten gemaakt van zijn ‘healthcare team’. Bellany verraste iedereen meteen na zijn operatie. Hij bracht zijn herstel in kaart in een reeks krachtige portretten van zichzelf en van de medische staf, waaronder zijn transplantatiechirurg. Sir Roy Calne, nu een goede vriend, herinnert zich: “De dag dat hij van de afdeling intensive care kwam vroeg hij niet om pijnstillers maar om papier en pen.”


John Bellamy ‘Bonjour Professor Calne’ 1988 Oil on Canvas 1525x173cm

Het beeld is geïnspireerd op Gustave Courbets schilderij Bonjour, Monsieur Courbet (1854), waarin de trotse en gezond ogende kunstenaar, op weg naar Montpellier, wordt opgewacht door zijn mecenas en een bediende. Bellany heeft het idee in een ziekenhuis-scène veranderd. Hij ligt in zijn ziekenhuisbed, verzwakt van de operatie, en staart ons aan terwijl achter hem leden van het medische team staan: zijn “beschermheer” Sir Roy Calne, Dr. Jacobson en een verpleegster. Boven zijn hoofd staan de woorden “Bonjour Professor Calne” en onder zijn hand staat de inscriptie: “Dank u wel allemaal.” Op een tafel liggen speelkaarten en een boek, Confessions of An Unjustified Sinner, misschien herinneringen aan zijn vorige leven.

Vincent van Gogh, Le Docteur Paul Gachet, 1890

De meest melancholische: Dr. Gachet, de homeopaat In 1890 ontmoette Vincent van Gogh in Auvers-sur-Oise Dr. Paul Gachet (1828-1909), “een arts die in zijn vrije tijd schilderde”. Het huis van deze vriend van de artistieke avant-garde, met o.a. Camille Pissarro en Paul Cézanne in het bijzonder, sprak Van Gogh aan. Hij schilderde de tuin en schilderde vooral drie portretten van Gachet (twee als ets en één in olieverf). Op de tafel waarop de dokter met zijn elleboog leunt, heeft de schilder met de zonnebloemen twee staafjes digitalis gelegd: Gachet was homeopaat. Zijn oneindig verloren blik verwijst naar zijn doctoraat in de geneeskunde, behaald in 1858 in Montpellier, met een proefschrift getiteld Étude sur la mélancolie’.

Figure inséparable de la dernière période de la vie de Vincent à Auvers, le docteur Gachet revêtait une personnalité originale. Médecin homéopathe s'intéressant à la chiromancie, sa véritable passion le portait vers les arts. Il était lui-même un bon graveur et entretenait des relations avec une multitude d'artistes, parmi lesquels Manet, Monet, Renoir et Cézanne. C'est donc naturellement que van Gogh se présenta chez lui au lendemain de son internement à Saint-Rémy-de-Provence, sur les conseils de son frère Théo. Spécialisé en psychiatrie, le praticien aida de son mieux Vincent à vaincre ses angoisses tout en lui offrant un confort matériel propice à l'épanouissement.
Le portrait du docteur participe de cette phase créative particulièrement intense. Modèle privilégié, il est campé dans une attitude mélancolique, reflet de "l'expression navrée de notre temps", ainsi que l'écrira van Gogh. Seule touche d'espoir dans ce portrait sévère, aux tonalités froides, la fleur de digitale qui, par ses vertus curatives, apporte un peu de réconfort et d'apaisement. Malgré son dévouement, le docteur Gachet ne pourra empêcher le geste irrémédiable de van Gogh, qui devait bientôt se donner la mort. (M/O Les Collections)
Vincent van Gogh Portret van dr. Felix Rey

Op 24 december 1888 werd een patiënt opgenomen in het Hotel Dieu ziekenhuis in Arles, Frankrijk, door de politie vanwege berichten dat hij zijn oor had afgesneden en aan een vrouw had gegeven. De patiënt was de Nederlandse schilder Vincent Van Gogh. De dienstdoende arts was Dr. Felix Rey, een jonge “intern en medicine” van 21 jaar. Van Gogh had het onderste deel van zijn oor verminkt. Dr. Rey had eerder een patiënt met epilepsie gezien die ook zijn oor had verwond. Na het schoonmaken en verbinden van Van Gogh’s wond werd hij een week in het ziekenhuis opgenomen, waar hij meerdere aanvallen had en “crise”.

Dokter Rey toonde Van Gogh ook veel medeleven en in meerdere brieven aan Van Gogh’s broer Theo beschreef Van Gogh de zorgzaamheid van dokter Rey: “Hij is moedig, hardwerkend en helpt altijd mensen.” Van Gogh vroeg Theo hem een kopie van Rembrandt’s “Anatomische les” te sturen om aan Dr. Rey cadeau te doen. Van Gogh was zo onder de indruk van Dr. Rey dat, nadat hij uit het ziekenhuis was ontslagen, een van zijn eerste schilderijen een portret van Dr. Rey was. Van Gogh bleef door Dr. Rey behandeld worden voor zijn oor. Hij bleef werken ondanks de harde behandeling die hij kreeg van de mensen in Arles en zijn steeds terugkerende aanvallen die resulteerden in een nieuwe ziekenhuisopname.Uiteindelijk vroeg hij, op aanraden van een plaatselijke pastoor en Dr. Rey, behandeling aan in het nabijgelegen gesticht van Saint-Remy-de-Provence. Daar kwam Van Gogh onder de hoede van Dr. Theophile Peyron.

Hij overhandigde Dr. Rey een portret samen met 2 andere nu beroemde schilderijen-“Een binnenplaats van het ziekenhuis” en “De slaapzaal van het ziekenhuis”. Hoewel Dr. Rey grote belangstelling toonde voor het werk van Van Gogh, kon hij de stijl van het portret niet helemaal waarderen en gaf het aan zijn moeder. Zijn moeder verklaarde: “Het is afschuwelijk!”. Ze gebruikte het om een gat in het kippenhok van de familie te dichten. In 1901 werd het schilderij ontdekt door een kunsthandelaar, aan wie Dr. Rey het samen met de andere 2 schilderijen verkocht. Het portret belandde in de collectie van een beroemde kunstenaar, Amboise Vollard, en kwam uiteindelijk terecht in het Pushkin Museum in Moskou.

Vincent Van Gogh. Slaapzaal in het ziekenhuis in Arles. 1889

"U moet niet proberen een deel te genezen zonder het geheel te behandelen. U moet niet proberen het lichaam te genezen zonder de ziel erbij te betrekken; als u het hoofd en het lichaam gezond wilt maken, moet u beginnen met het genezen van de ziel. Dit laatste is het belangrijkste. Laat niemand u overhalen zijn lichaam te genezen, als hij u niet eerst gevraagd heeft zijn ziel te genezen. De grootste fout die dokters in onze tijd bij de behandeling van het lichaam maken is, dat ze beginnen met de ziel van het lichaam te scheiden."

Plato
Grieks filosoof (427 v. Chr. - 347 v. Chr.)



“Verwondering” op de drempel van een nieuw jaar?

Auditory circuitry, Christa Baker

De video’s onder deze tekst en bijgaande afbeeldingen tonen beelden van het grootste en meest complexe brein dat ooit volledig in kaart is gebracht door wetenschappers – dat van een volwassen fruitvlieg. Om deze gedetailleerde beelden tot leven te brengen, waren wetenschappers van 146 laboratoria en 122 instellingen nodig in een project dat bekend staat als FlyWire, geleid door Princeton University. Als het in kaart brengen van de hersenen van dit kleine wezen klinkt als iets minder dan een buitengewone doorbraak, bedenk dan dat de 140.000 neuronen en de vele miljoenen synapsen die het project in detail beschrijft een buitengewone sprong betekenen ten opzichte van de hersenen van een worm (302 neuronen) en de larvale hersenen van een fruitvlieg (3000 neuronen) die wetenschappers eerder in kaart hebben gebracht. En hoewel het volledig in kaart brengen van een menselijk brein van ruwweg 86 miljard neuronen waarschijnlijk nog vele jaren op zich laat wachten, gelooft het team achter FlyWire dat hun project een formidabele stap kan zijn naar een beter begrip van hersenziekten zoals dementie, Alzheimer en Parkinson. Een gelukkig nieuw jaar 2025 gewenst.

This video features images of the largest and most complex brain ever fully mapped by scientists – that of an adult fruit fly. To bring these detailed images to life, it took scientists from 146 labs and 122 institutions in a project known as FlyWire, led by Princeton University. If charting the brain of this small creature sounds like anything less than an extraordinary breakthrough, consider that the 140,000 neurons and the many millions of synapses the project details mark an extraordinary leap from the worm brain (302 neurons) and the larval fruit fly brain (3,000 neurons) that scientists have previously mapped. And, while fully mapping a human brain of roughly 86 billion neurons is likely still many years from fruition, the team behind FlyWire believes that their project could represent a formidable step towards better understanding brain diseases such as dementia, Alzheimer’s and Parkinson’s.  (Aeon)

Nieuwsgierig? Bezoek flywire.au

https://flywire.ai/

FlyWire is a human-AI collaboration for reconstructing the full brain connectome of Drosophila. It is made possible by contributions from hundreds of scientists around the globe. The potential benefits of such a resource are immense - we can now make significant advances in our understanding of how the brain works by ultimately linking neuronal wiring with brain function. 
OA-AL2i1 neurons identified by Greg Jefferis and proofread through a combined 746 edits from members of Jefferis, Murthy, Seung Labs + citizen scientist Krzystof Kruk and Nseraf. Rendered by Amy Sterling for FlyWire.

En bezoek bijvoorbeeld:

https://www.nature.com/immersive/d42859-024-00053-4/index.html

As beautiful as it is complex, the fly’s brain has more than 130,000 wires with 50 million intricate connections (MRC Nature)

Wat begon in België na een bijeenkomst van fruitvliegspecialisten in Leuven eind 2017, leidde tot een wereldwijde samenwerking en de eerste volledige atlas van de fruitvlieg, een insect dat onmisbaar is geworden in het biomedisch onderzoek. De wetenschappelijke primeur verschijnt deze week in het vakblad Science. Professor bio-informatica Stein Aerts van VIB-KU Leuven was een van de leiders van het project. (Luc De Roy VRT Nws)

bezoek:

https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2022/03/03/de-fruitvlieg-eerste-volledige-blauwdruk-van-alle-cellen-van-de/

De fruitvlieg, Drosophila melanogaster, speelt een hoofdrol in heel wat biologisch onderzoek. Fir0002/Flagstaffotos/Wikimedia Commons/CC BY-SA 3.0

Pure verwondering, nadrukkelijke bewondering, ze bevangt je als je, als volslagen leek langs de wetenschappers het fruitvliegje als hoopvol studieobject wil signaleren bij het begin van een nieuw jaar. De nabijheid van hoop en dan kan liefde, of noem het vriendschap, ook niet ver weg zijn. Maar tegelijkertijd vermoed je dat joie de vivre toch eerder wortel schiet bij de zekerheid van een soort ‘welbevinden’ en ‘welstand’ en je hoort de echo’s van de Amerikaanse beurs en wie dan wel die nieuwe geneesmiddelen zal monopoliseren, kortom filosofie zonder bankkaart is nog steeds een eerder poëtische dan een geloofwaardige emotie, maar je bent maar een mens, nauw met het fruitvliegje verbonden wat lichamelijk wel en wee betreft.

PICASSO Pablo (1881-1973), La Joie de vivre, octobre 1946, Antibes,
 Ripolin sur fibrociment, 120×250 cm, Antibes, musée Picasso.


Dans la Joie de vivre (1946) de Picasso, la figure de la danseuse au tambourin, par exemple, devient ainsi tour à tour une figure allégorique de la Paix et du Bonheur, une bacchante antique, une figure fantasmée de la femme aimée, une représentation de Françoise Gilot, un exemple de la quête artistique insistante chez Picasso de la représentation du corps (la femme dénudée, la figure aux bras levés, le corps en mouvement), une forme contournée, déstructurée et bleuie, une danseuse inspirée d’un tableau de Poussin, une réponse aux femmes de Matisse … (ArtPlastoc)

POUSSIN Nicolas (194-1665), Le triomphe de Pan, 1635, huile sur toile, 134×145 cm, Londres, National Gallery

Probeer ik de begrippen nieuwjaar en Brussel te verenigen dan verandert de ‘joie de vivre’ al vlug in het wilde tafereel hierboven: Nicolas Poussin: ‘La triomphe de Pan’, al was dit tafereel blijkbaar toch ook de inspiratie voor Pablo’s ‘Bacchanale’ gemaakt in een nog niet zo vrolijke augustusmaand 1944.

PICASSO Pablo, Bacchanale, aquarelle et gouache, août 1944 (second état).

Dus noem een oorlog een oorlog, een begrip dat je helaas op diverse plaatsen in de praktijk kunt beschouwen, gruwelijke randverschijnselen inbegrepen. Hoop ik dus dat bij het verder bestuderen van het fruitvliegje er wegen onder het kleine schedeldakje worden gevonden waarin een vredevol bestaan bij mensen gestimuleerd zou kunnen worden, of kanalen die het primitieve denken ontwikkelen tot overleg en vredevolle gemeenschappelijke emoties.

Cheval caparaçonné et chevalier en armure. 1951. Musee Nat Picasso

Massacre en Corée. 1951 Musée national Picasso.

Het is een moeilijk mengsel. Verwondering en wanhoop. Het dubbelzinnige ook van ‘vuurwerk’. Je kunt ze makkelijk symboliseren, terugbrengen naar hun essenties. Maar de alledaagse praktijk vraagt meer. De onmacht van het woord als poging om te zeggen wat vrijwel niet te zeggen is.

HET WOORD

O moeder
van ons, kuddedieren,
seismogram
der mensenkaravanen,
bij wie zelfs
de god van abraham
beschutting zocht.

Een zeldzaam woord
schreef hij
op portieken
gaandeweg vervallen
door zijn donderpreken.

Geen mene tekel was het,
maar iets op kladpapier
waar adams naam
bij 'spraakgebreken' had gestaan:

een woord zo dun als eierschaal,
een woord
waar engelenzwermen
voor weken.

'Moeder,
het spreken
kan alleen langs jou,
-god zijn is een hondenbaan-
achter een resem heelallen
was het woord
als hartenkreet.

Gabriël zei:
het woord was bij god,
schrijf op, johan.

Gods goesting kennend
riepen de serafijnen:
'crêpe suzette,
dierenriemen,
kringgesprek,
ontkiemen!'

Mooie woorden
uit gods achtertuin, dat wel.
maar lederwaren
en kroonjuwelen
zijn dat ook.

of rinkelbel en
luizenkam.

'Moeder',
sprak hij nu luidop,
sprak
zijn verzwegen vrouwelijk wezen.

En
uit de diepten
van zijn rekwisieten
uit zijn eigen keizersnee
kwam
een jongen
zachtjes
als een offerlam:

het sneeuwde kindermeel.

Gods ouderpaar
zond een engel
voor een uitzendkracht;

zelfs al op weg
zei gabriël:
en het woord zal mens worden
en bij hen wonen.

Hoofdschuddend.

Als gods vrouwelijke kant
spreekt
kan men het ergste
maar vaak het beste vrezen.

Gmt