KLEIN BEELDVERHAAL (3)

late bronsti!jd

Uit de late bronstijd: gezeten vrouw, sedes sapentiae in allervroegste uitgave.

Er is veel plaats.

Dichtbij zijn dus.
Vertrekken vanuit die nabijheid naar de buitenwereld.

Het mooie vind ik ook dat de armen en de schoot in elkaar zijn overgegaan.
Omarmen
is tegelijkertijd
dichtbij zijn.

Met het nodige oude heimwee
naar de tijd voordien,
toen moeder en kind nog eenheid waren.

Nu moet je de wereld delen
een naam geven.

Ik zou willen spelen, zucht je ’s morgens
als je naar school moet.

En je schrijft in je eerste-leerjaar letters:

Tikt jouw hart ook, ik hou van mama.

dyn002_original_500_465_jpeg_20344_2dff9584dddcd47ee850443f2c138754

Hoe je thuis bent in dat lichaam,
nog vers gebakken uit de goden-ovens.

Je zwaait naar de hele wereld.
Verbaasd
als ze jou
niet dadelijk herkennen.

Je wil
archeoloog
worden
en danseres
maar kinderdokter
zou ook kunnen.

Je bezweert de grote mensen
door je mateloos imiteren.

We staan te kijk
als je ons speelt

Gelukzak, zegt ze,
jij mag de hele dag bij omi blijven.

Omi is haar tweede paradijs,
de voortuin van mama, inderdaad.

Ze troost de vriendinnetjes
die kinderpech hebben
en is vandaag zelf troosteloos,
een maand school is mooi genoeg geweest.

Buiten zingt de zotte morgen.

De straten zijn nu kinderloos
het woordje ‘later’
trekt zijn koningsmantel aan.

dyn002_original_300_448_jpeg_20344_de1f63b05ed982adebd376d1136121e3

Zoals ik jou haasje of ook wel eens duifje noem,
zo slaapt je zusje hier.

Ik ken je liefde
voor de opgejaagde stadsduifjes.

Boos kwam je binnen
Ik ga een plakkaat schilderen, zei je,
LAAT DE DUIFJES GERUST!

En toen je beneden aan de treinrails
een ziek duifje in de zon zag zitten
zweeg je
maar begon je in ’t centraal station
zo maar te wenen
omdat je machteloos was.

Als je danst
ben je ons duifje.

Je verheft je van de aarde
en als je ons verlaat
hoop ik je vlug terug te zien.

Je zusje uit de laat Romeinse tijd
stuurt je een duifje denk ik nu.

Tikt je hart ook, vraagt het, na zijn lange reis.

En jij koestert
in je kleine handjes
zijn hart
het hart van dat verre zusje.

ik hoor jullie lachen
achter de letters van mijn bange ziel.