821736346

15.

Lille, 2 december 1873

aan Maître César Franck, 95, Boulevard Saint Michel Paris.

Chèr Maître,

Vaak denk ik terug aan onze ontmoeting in Rennes, maart 1867, waar u het gerestaureerde orgel van de Saint Germain inspeelde. Meegereisd met de restaurateur, goede vriend en orgelbouwer Joseph Merklin was ik nieuwsgierig naar de componist van de ‘terughoudendheid‘, van de ‘traag vloeiende brede rivier die zich in talrijke meanders vertakt maar in het uiteindelijke van de zee lucht en water verenigt’.  Dat is de lyrische samenvatting van Joseph’s commentaar wanneer hij vol bewondering over uw muziek spreekt.

Ikzelf dacht aan het zuiveren van de samengebalde wind.  Geen combinatie van registers die de harmonisatie in de weg staan, ingeruild voor geweld of overduidelijke kontrast, maar het ‘kanaliseren’ met behoud van de vitaliteit. (de bron?)

3080993444.2
Met mijn negentien herkende ik de vrouwelijkheid van de klank waarin de adem, de spiritus, nog hoorbaar was: het hout of de tinnen legering van de pijpen. De muzikaliteit van het materiaal. Toch werd uw ‘Grande Pièce Symfonique’ een complete verrassing. Alsof ik in een vreemd walsje werd meegelokt naar een nog nooit gezien landschap waarin het beginthema zichzelf vertraagt, zich herhaalt om uiteindelijk open te breken in een bijna Duits ‘Muss es so sein?’ Verschrikt kruipt het motief weg, wil volume en verschuilt zich achter een staccato-ritme op weg naar de oppervlakte waar de onrust is verdwenen. Cirkels. Vragen en antwoord. U herformuleert ze zonder echter een andere vraag te stellen. Zodoende zijn uw antwoorden net zo kinderlijk moedig.

Dat waren flarden uit mijn notities de avond na de inauguratie. Het viel me op dat de klankruimte van deze gotische kerk  heel verwant was aan onze kleinere Sainte Cathérine. Ik ben u nog steeds dankbaar dat u me de ‘prélude, fugue et variation’ hebt opgestuurd, werk dat ik na de inauguratie in Maubeuge minstens één keer per week speelde en in mijn hoofd meereisde naar Brussel en de stilte van het landhuis in de Kempen.

Intussen is mijn leven veranderd.  Niet alleen met de komst ven de kleine Léon maar ook door het ontbreken van een vaste thuis. Ik leef bij mensen die met geld en aandelen vertrouwd zijn. Ik merk dezelfde kunstgrepen: het kanaliseren van geldstromen naar boeiende investeringen voor een nieuwe tijd. Ik vermoed dat ook hier de zuiverheid van hart het zal moeten ontgelden, dat bevlogen geesten geprezen worden in zoverre zij de held van de dag zijn maar net zo goed de volgende dag geofferd worden als onmiddellijk succes uitblijft.

2815647773
De feestdrukte ontlopen keerde ik terug naar de plaats waar u mij voor altijd met de ‘Grande Pièce Symfonique’ op weg hebt gezet naar een andere zoektocht.  Op de pupiter vond ik uw ‘Fantasie in C Major’. Kent u hongerige ogen? Gelooft u in wezens van de overkant? De ingedommelde calcant – de prefect zou zijn laattijdigheid willen goedmaken door aandachtig naar enkele voor hem persoonlijk gespeelde fragmenten te luisteren- trapte met nieuwe moed en de hoop op een fooi zonder dat ik hem iets had gevraagd. De registers instellen was even zoeken, maar toen kwam de eerste zin van uw ‘Fantasie’ tot leven. Er zijn kostbare momenten waarin de noten zichzelf lezen.  Had ik het stuk in een ander leven zelf geschreven? Ik moest niet onder vreemde vleugels kruipen zoals dat met elk orgelwerk van Bach het geval was. Hij mocht je overvleugelen wilde je in zijn nabijheid komen. Maar deze muziek geeft je vleugels. Haar schijnbare eenvoud. Je vingers echter weten beter. Nu zou ik het thema herhalen, denk je. De componist bleek het met me eens te zijn. Hij is een meester in weglaten. Met wat ik overhou mag ik drijven. Op de stilte die zijn muziek omgeeft.

727964208
‘Alle engelen staan nog op hun plaats,’ zei u . ‘Blijkbaar is u dus van vlees en bloed, juffrouw.’ De calcant was zo vriendelijk ons alleen te laten. ‘U is nog erg jong voor de muziek van een oude man.’

‘U is een jaar jonger dan mijn vader, meester. Een man in de vroege zomer van het leven.’

Het was geen kwestie van jaren, zei u. U was oud geboren. Waarop ik, nog steeds in de sfeer van uw muziek zei dat deze mannen het voorrecht hebben om bij het vorderen van de jaren jonger te worden. De blik van een kind als geschenk krijgen.

Ik wil die wondere avond weer oproepen nu het jaar 73 zijn beslag krijgt.  Ik betreurde dat Lille zo ver van Parijs was. Ik had graag een van uw leerlingen willen zijn. In uw orgelklas is er nog steeds geen vrouw. Anderzijds wil ik niet concerteren tenzij voor vrienden en stadsgenoten. Voor mensen uit de kleine kring. Ik ben moeder van een kind. Of inspireert het moederschap ons tot de verbondenheid die mannen vreemd is?

We hopen u volgend jaar te kunnen bezoeken. Papa laat u groeten. Maman is erg druk met de voorbereiding van de feesten. Emiel weet niet wat hij eerst moet doen. Zijn vader wil in  tramways investeren die blijkbaar ook in Parijs mensen sneller bij elkaar brengen. Stel je voor dat we over enkele jaren tijd op overschot hebben! De prelude, fuga et variation staat bovenaan op mijn programma.