ALISON
Het was een grijze morgen, de dag dat Alison Doyle uit de Lamash Lane, 114, over het slappe touw zou lopen. Zonder paraplu of – sol, zonder evenwichtsstok.

Stel dat het een zonnige morgen was.
Dat je merels en leeuweriken hoorde nog voor het helemaal licht werd.
Zo’n morgen toen oom Mikhail Bereslavski van het dak viel.

Dat was een zonnige morgen.

En oom Mikhail die met zijn drie baantjes vroeg uit de veren was, kroop op het dak om de schoorsteen te herstellen -hij zei dat er een vogelnest zou ingevallen zijn, zodat de kachel op zijn studeerkamer meer rook dan vuur maakte-en al hoor ik je denken, Emmerich, dat oom Mikhail’s huis op de hoogste kam van de heuvel stond en dat er dus moeilijk uit de wolken een vogelnest in je schoorsteen kan komen vallen, ja, ik hoor je dat denken, maar toch dacht hij dat want zo’n vogel kon wel eens ongezien aan de oostkant zijn nest tegen de schoorsteen hebben gemaakt en toen de hele familie was uitgevlogen kwam de rest van dat arendsnest bij de eerste herfststorm pardoes in die pijp terecht en hoestte mijn oom de longen uit zijn lijf toen hij de kachel aanstak, en werd de theorie van het nest geboren en wilde hij per sé op die vroege zomermorgen zijn theorie bevestigd zien en triomfantelijk met het verlaten vogelnest binnenkomen, en…

EMMERICH KIJKT AL EEN TIJDJE WEG VAN DE VERTELLENDE ALISON

ALISON
Luister je nog, Emmerich, of zijn die drie hersens in die malle kop van jou nog altijd zo ontdaan van mijn koorddanserij dat je geen aandacht meer kunt houden, ook al doe ik mijn best en kennen ze mij als de beste verteller na George Brechbühl, maar dat is dan ook een Duitser en met de lange winters daar kunnen ze alleen hun leven redden met vertellen als het bier op is, terwijl ik wel snel maar steeds verstandig de dingen bij hun juiste naam weet te noemen?

En net als hij bijna bij de schoorsteen is komt de zon op aan de andere kant van het huis, de oostkant dus, en verblind als hij is, pakt hij naast de schoorsteen en trekt hij zich aan de lucht omhoog, maar die bood met de 120 kilogram van oom Mikhail niet dadelijk weerstand zodat hij als een verzopen luchtzwemmer naar de bodem zonk, in dit geval het glazen dak van de veranda en de ontbijttafel daaronder en als een ernstig doorbloede runderlap op tantes porselein kwakte- toen ze hem weghaalden vonden ze de scherven van van het melkpotje in zijn broek- en daar zijn laatste woorden uitzuchtte: het was een eksternest, godverdomme, en met dat weinig stichtelijk woord verwisselde hij het tijdelijke met het eeuwige, zodat tante Elfriede nog steeds bij het zien van een ekster in woede ontsteekt en naar binnen loopt om Mikhails’ geweer te halen en de troep denkbeeldige eksters met hagel te doorzeven tot ze haar voorzitster van de kleiduifschieterij hebben gemaakt en zij in de club haar woede kan botvieren.

HIJ KIJKT NAAR EMMERICH DIE ADEMLOOS NAAR HET VERHAAL HEEFT GELUISTERD EN NOG STEEDS MET OPEN MOND ZIT.

dyn005_original_500_332_jpeg_20344_92eae33592365ceb5494bac348eb122d

ALISON
Begrijp je dat, Emmerich.
Was het nu een grijze morgen geweest, dan hadden we oom Mikhail nog in ons midden en zouden we zijn weergaloze winden in de tuin kunnen horen, want hij was een windekind, mijn god!- terwijl hij de haag bijsnoeit, knip-knip-beukkkk-knip-knip-knip-beukkkk, en hadden we hem nog kunnen vragen zijn broek te laten zakken om zo’n gasstoot te laten ontvlammen bij een brandende lucifer, een petroleumvlam die uit de diepste aardlaag kwam door de behaarde tunnel van dat overrijpe gat, maar dat is door die zonnige dag totaal verleden tijd, oom Mikhail is alleen nog maar een boel verhalen, en tante Elfriede was nooit kampioen kleiduifschieten bij de post-veteranen geworden.

En dat komt allemaal maar omdat het die bepaalde dag een zonnige morgen was.
Ik hoop dat je met dit leerrijke voorbeeld begrijpt dat de eerste zin van mijn verhaal dus niet zo onbelangrijk is, ook al gaat het hier slechts om een reconstructie.

Het was een grijze morgen, de dag dat Alison Doyle uit de Lamash Lane, 114, over het slappe touw zou lopen. Zonder paraplu of – sol, zonder evenwichtsstok.

Stel dat een zonnige morgen was geweest?
Wat dan?

HET BLIJFT EVEN STIL MAAR DAN LOOPT EMMERICH NAAR HET TOUW EN TOONT HIJ AAN DAT ALISON BEVANGEN DOOR DE ZON VAN HET TOUW ZOU GESTORT ZIJN.

ALISON
Ik ben blij dat mijn poging niet vruchteloos is geweest, Emmerich.
Je ziet hoe leerrijk de kennis van het verleden kan zijn.
Maar laten we ophouden daarover te filosoferen want het was een grijze morgen.
Er was dus plaats voor “het wonder”, de durf, het onmogelijke.

(vervolgt)