NEGENTIENDE SCÈNE

DE LADDERS LIGGEN OP ELKAAR, EN DAAROP SAMENGEVOUWEN, HET ZEIL.
AAN DE ENE KANT VAN HET SPEELVLAK STAAT EMMERICH UIT TE KIJKEN, AAN DE ANDERE KANT ALISON.
HET IS VROEGE MORGEN

ALISON
Of jij iets ziet, Emmerich?

EMMERICH MAAKT DUIDELIJK DAT HIJ HET NIET BEGRIJPT

ALISON
Of-je-iets-ziet-Emme-rich?
Iets anders dan zand?
Misschien is een dag of twee te weinig om in het Beloofde Land binnen te mogen, maar zelfs een doodgewone oase met fris bronwater zou welkom zijn.
Of een karavaan die niet dadelijk onze ladders en het tentzeil inpikt maar ons een bult van hun kameel of dromedaris aanbiedt.

EMMERICH SLAAKT EEN KREET, KOMT NAAR ALISON GELOPEN, WIL HEM MEENEMEN NAAR ZIJN UITKIJKPLAATS.

ALISON
Allah of Jahweh heeft altijd een zwak voor de eenvoudigen van geest gehad.
Dus zeg me vlug waar en wat ik moet zien, en…

Maar dat zijn onze vroegere stadsgenoten op hun vurige Arabieren.
Je hoort ze tot hier roepen.

STILTE

Heet jij Emmerich, en ben ik de genaamde Alison?
In dat geval hebben ze het op ons gemunt! Stil.

STILTE

En is onze achternaam veranderd in ‘bedriegers’, en zou onze schuilnaam ‘verraders’ zijn?
En waarmee ze heen en weer zwaaien zie ik eerder als vlijmscherpe zwaarden of denk jij dat het waaiers voor wat koelte zijn?

STILTE

Emmerich, of we verzinnen een instant list of we zijn er geweest.
Ik denk zelfs dat de gieren boven onze hoofden die laatste veronderstelling met ons delen.

Ga boven op ons zeil liggen, Emmerich.
Speel mijn dode vriend.
Geen uitleg nu, doe gewoon wat ik je zeg.
`Val dood, maar doe het met stijl en zorg dat je voor hen zichtbaar bent.
Wees niet bang.
Ik laat je voorlopig niet in de steek.
Jij bent dood meer waard dan…euh…ik bedoel: speel met al je overtuiging dat je al enige uren ter ziele bent gegaan.
Vlug.
Ik ruik hun bloeddorst tot hier!

EMMERICH SPRINGT BOVEN OP ZEIL, LAAT ZICH ZEER OVERTUIGEND DOOD NEERVALLEN EN LIGT PATHETISCH LANG UITGEREKT DOOD TE ZIJN.
ALISON SPRINGT OOK OP HET ZEIL, TERWIJL HET GELUID VAN GESCHREEUW EN AANSTORMENDE PAARDEN VAN UIT DE ZAAL SCHIJNT TE KOMEN.
DAAROM RICHT ALISON ZICH OOK TOT DE ZAAL ALSOF DE AANVALLERS NU VANUIT DIE KANT KOMEN.

ALISON

Stop!
Vrienden wacht met uw wrede plannen!

HET RUMOER VERSTOMT ONMIDDELLIJK.

ALISON
Vrienden!
Ja, ik zeg ‘vrienden’!
Lach niet te vlug, vrienden.
Bespot niet wat heilig is, of noemen jullie vriendschap een wrange grap?

STILTE

Ik zou het begrijpen, vrienden.
Ik weet beter dan wie ook wat verraad betekent.
En is verraad door een vijand al een dolksteek wat moet dan verraad door een vriend zijn?
Juist.
Een vreselijke marteling.
Want elk uur van de dag overvalt je de twijfel, en het volgende uur verplettert de zekerheid je.
Ja, hij was het.
En weer de twijfel.
En weer de zekerheid.
Tot die zekerheid je hart in tweeën heeft gekliefd en slechts een wonder die pijn verzachten kan maar nooit meer helen.

Wat doet een mens die ongeneeslijk ziek is?
Hij wreekt zich op de levenden.
Onder zijn pruik is de rechter kaal en toch verdoemt hij in zijn vonnissen de kalen.

Ik weet het.
Deze man hier aan mijn voeten heeft jullie een wonder beloofd.
Hij zei: ik heb het gezien.
Ik heb mijn vriend over de slappe koord zien dansen zonder dat zijn v voeten het touw hebben aangeraakt.
Het was een vroege morgen, zoals deze morgen in de woestijn.
En jullie hebben toen gevraagd wanneer zijn vriend -ik dus- dat wonder voor de ganse stad herhalen zou.

Hij is met zijn zwerversmuts rond gegaan en ik moet toegeven, jullie gaven gul.
Een wonder was voor menig man een goudstuk waard.
Hij verzamelde jullie milde giften en liet toen weten dat er weldra plakkaten in de stad zouden hangen waarop zijn vriend -ik dus- het wonder zou herhalen ten aanschouwe van iedereen die ogen in zijn hoofd heeft en een verlangen naar sensatie koestert.

En ik begrijp dat jullie verbazing groot was, toen wij op een morgen verdwenen waren.
Ik begrijp de uitroepen ‘verraders’ en ‘dieven’ goed want wie de gulle burger een wonder belooft, moet die belofte trouw blijven, dat is zo.
Maar luister goed en knoop de volgende woorden in jullie verwarde oren.
Als een man naar Mekka, of naar Compostella of Jeruzalem gaat, bereidt hij zich dan niet jarenlang voor eer hij aan die tocht begint?
Ik zie jullie knikken.
En zo is het ook.
En als een man een huis wil bouwen, tekent hij dan niet eerst de plannen en laat hij die niet aan zijn buurman zien en vraagt hij niet deskundige raad voor hij aan die taak begint?
Ik zie jullie terecht knikken.
Zo zal dus ook de man, hoe zondig ook, die met Jahwehs en Allah’s kracht een wonder wil verrichten voor de hele stad, zich terugtrekken in de stilte van de woestijn.
Hij zal zich geselen, vasten en bidden.
Hij zal zich reinigen.
Hij zal zich met zijn vriend voorbereiden op zijn roeping: een werktuig van de Allerhoogste te mogen zijn zodat Uw geloof door deze daad versterkt wordt.

Ik zie jullie knikken.

Dat deden wij dus.
Wij trokken ons terug om ons voor te bereiden.
Ik, Uw dienaar, en mijn onstuimige vriend.
Ik zie jullie vragende ogen naar zijn lichaam aan mijn voeten kijken.

Ja, hij is mijn vriend.
Ja, ook als hij mijn vasten en boetedoening te zwaar vond en in jullie stad drank en mondvoorraad meenam, blijft hij mijn vriend.
Laten wij met de profeten barmhartig zijn.
Ook als hij protesteerde en niet dieper met mij de woestijn wilde intrekken, bleef hij mijn vriend.

Ook al moest ik hem neerslagen toen hij mij naar het leven stond, blijft hij mijn vriend.
Want ik weet dat hij tot inkeer zal komen als we over enkele dagen de stad weer binnentrekken.
Hij zal met mij het Licht hebben gezien.
Wij zullen het touw op de markt tussen deze ladders spannen, en ik zal, zuiver en nederig van geest, het touw niet aanraken, maar met de kracht van de Allerhoogste zal ik dansen ondanks de zwaartekracht.

Dus keer nu terug, en doe boete.
Bereid U voor op onze komst.
Geen drank of seks de volgende dagen.
Laat hier in de woestijn achter wat u hindert, uw rijkdom, uw teveel aan mondvoorraad en drank, uw beurs of juwelen.
Want dat de zwaartekracht die ons tegenhoudt om voor Gods Aanschijn te dansen.

Ik zal het aan de melaatsen uitdelen, ik zal er mijn arme zwakke vriend mee genezen, en wij zullen over enkele dagen samen als gezuiverde en ootmoedige schepsels het wonder van Gods barmhartigheid mogen aanschouwen.

Moge zijn vrede met U zijn.

ALISON WUIFT NAAR ALLE KANTEN, EEN GROEPSGEZANG WEERKLINKT.
HIJ DUWT MET ZIJN VOETEN ALISON DIE ZICH WIL OPRICHTEN WEER PLAT