King_Peter_I_after_coronation,_21_September_1904.jpg

Sleutelfiguur (2)

Eens de regeringswisseling een feit was (hierboven de kroning van Koning Peter I), begonnen de hoogtijdagen van Pasic’ s politieke carrière. Macht paste hem als gegoten en de titel van ‚vader van de natie’ leek hem op het lijf geschreven.
Weinig geliefd bij de elite maar op handen gedragen door de boeren.
Hij hanteerde een haperende spreekstijl, vol terzijdes en tussenwerpsels in het zware provinciale dialect van Zajecar dat de bewoners van Belgrado erg grappig vonden.
Geen grote spreker was hij, maar een uitstekende communicator in het bijzonder voor en met de boeren die de overgrote meerderheid van het Servische electoraat uitmaakten.
Zijn directe manier van aanspreken, zijn droge humor en zijn bijna patriarchale baard maakten de nodige indruk en gaven hem de bijnaam ‚Baja’, man van formaat, niet alleen gerespecteerd maar ook geliefd bij zijn tijdgenoten.

Kenmerken als extreme voorzichtigheid, geheimzinnigheid en slinksheid maakte hem tot een niet dadelijk te duiden persoonlijkheid.  Hij zette zin besluiten niet op papier, sprak ze zelfs niet uit en verbrandde regelmatig persoonlijke en officiële documenten.
In mogelijke conflictsituaties wendde hij regelmatig passiviteit voor en liet hij pas op ‚t allerlaatste moment in zijn kaarten kijken.
Hij was zo pragmatisch dat zijn tegenstanders zich begonnen af te vragen of hij überhaupt principes had.  Voeg daarbij een sterke gevoeligheid voor de publieke opinie en de behoefte zich verbonden te voelen met de Servische natie waarvoor hij zo hard had gewerkt en geleden. (p47)

Hij was vooraf op de hoogte gesteld van het plan om de koning te vermoorden, hield zijn kennis voor zich en wilde er niet bij betrokken worden. Enkele dagen voor de uitvoering reisde hij met zijn gezin per trein naar de Adriatische kunst, toen nog onder Oostenrijks bestuur, om daar de verdere ontwikkelingen af te wachten.
Hij begreep dat zowel zijn eigen onafhankelijkheid en die van de regering moesten gewaarborgd worden.
Als staatsman bouwde hij echter een duurzame relatie met het leger en het netwerk van de koningsmoordenaars op.  Een probleem daarbij waren de ‚Onafhankelijke Radicalen’, een fractie die in 1901 van zijn eigen partij was afgescheiden.  Zij wilden met de koningsmoordenaars samenwerken om de regering te ondermijnen.
Pasic’s tactiek bestond uit de toekenning van een genereus financieringspakket voor het leger, ondanks de protesten van zijn partijgenoten. Hij erkende de coup van 1903 en verzette zich tegen de pogingen om de uitvoerders ervan voor het gerecht te brengen.
Maar tegelijkertijd remde hij de activiteiten van de samenzweerders af en waarschuwde hij in persberichten voor de ‚onverantwoordelijke elementen’ die buiten de structuren van het constitutionele gezag opereerden en een bedreiging vormden voor de democratische orde.

Ambivalente houdingen hebben natuurlijk ambivalente effecten.  Hij kon de invloed van het netwerk op de nationale politiek terugdringen, maar kon niet verhinderen dat ze nog steeds meer invloed kregen bij de sympathiserende burgers, de zgn. ‚zveritelji’ -mensen die zich na de moorden tot het ideaal van de samenzwering hadden bekend- en die geneigd waren nog extremere standpunten in te nemen dan de oorspronkelijke samenzweerders.
De verwijdering van de belangrijkste koningsmoordenaars uit het politieke leven had bovendien tot gevolg dat Apis binnen het netwerk een dominante, bijna onaantastbare positie verwierf.
Hij zette zich meer dan de anderen in voor de rekrutering van een kern van ultranationalistische officieren die bereid waren de strijd voor de vereniging van alle Serviërs, met alle beschikbare middelen te ondersteunen (49)
En vanwaar kwam die ‚ultranationale droom’?
Tijd voor een mentale landkaart zoals Clark zijn hoofdstuk betiteld, en te lezen in zijn unieke boek ‘De Slaapwandelaars’.

1315.jpg