amyhilliphone.jpg

‘Als het over ‘de wereld’ ging was haar wereld daar ver van verwijderd. Vele jassen aan kapstokken in een modezaak die je virtueel kon bezoeken zonder de geur van linnen en katoen te ruiken, zonder het geklik van metaal op metaal waar vrouwen de kleren vluchtig bekeken en wegschoven. Krantenverhalen over vluchtelingen, berichten gelezen door ernstig kijkende neutrale mevrouwen en nergens levende heren.

De wereld was alles wat zij niet was. Een soort afgesproken werkelijkheid die noch uitnodigend noch vervreemdend werkte.  Ze gebeurde. Zonder haar.

Kwam uit een opengaande deur koffiegeur of een golf luide muziek, zag ze innig kussende paartjes op het perron, vulden kleuren en letters reclameborden, ze bewoog zich door die werelden alsof ze straks zou ontwaken en moeite moest doen om zich te herinneren wat ze had gedroomd. Achter deze wereld was er niets. Tussen deze wereld en zijzelf was er alleen haar lichaam.

Bij die wereld herkende ze een schimmige mengeling van het zelf dat zij was met de afgesloten werkelijkheid waarin ze zich bewoog zonder dat er van enige versmelting sprake kon zijn. Het was duidelijk haar lichaam, intiem met haar eigen ik maar zonder identiek met zichzelf te zijn. te zijn. Ze besefte heel vroeg dat zij het was die pijn voelde als ze in haar vinger had gesneden en niet de vinger, dat ze ongecontroleerde bewegingen niet had gepland bij een boomtak die in haar gezicht zwiepte, maar ook dat haar ik van een andere samenstelling was dan het lichaam van waaruit het blijkbaar was voortgekomen zonder te weten waar het in die nabije steeds veranderende lijfelijke wereld thuishoorde.

amyhillDeprivation.jpg


Net zo min zou ze haar wensen of waarnemingen kunnen lokaliseren als was er een vaag gevoel dat ze met haar hoofd hadden te doen waarbij ze zich afvroeg of ze zoiets kon geleerd hebben of werkelijk had ervaren.
Hoe intiem haar verhouding met het eigen lijf ook bleek, het was duidelijk van de wereld te onderscheiden. Ze wist nauwkeurig waar haar lichaam eindigde en de wereld begon. Wat ze met haar eigen wil lijfelijk kon bewegen, wat te controleren was, behoorde bij haar lichaam.  Al de rest was eigendom van de wereld. Ze vond het vanzelfsprekend dat haar armen en benen niet zonder haar wil in beweging kwamen en het feit dan mensen niet volgens haar gedachten en voorstellingen zouden bewegen was net zo voor de hand liggend.’

Inas+Al-soqi,+Regina,+hand+cut+collage,+11+x+8.5+in+s.jpg


Dit denkbeeldige begin van een mogelijke roman is niet meer dan het vertalen van een hoofdstuk uit Gerhard Roth’s boek: Aus Sicht des Gehirns, Suhrkamp 2015 (4de oplage)
In plaats van de theorie bewerkte ik de voornaamste stappen in het beeld van een verder onbekend en onbestaand personage.
Het is een andere benadering, een zoeken naar de mogelijkheden om via de nieuwe ontdekkingen van de wetenschap onze aanwezigheid, ons doen en laten te verklaren door beter te begrijpen hoe onze hersenen werken.

‘Die Feststellung dass die von mir erlebte Welt des Ich, meines Körpers und des raumes um mich herum ein Konstrukt des Gehirns ist, führt zu der vieldiskutierten Frage: Wie kommt die Welt wieder nach draussen? Die Antwort lautet: Sie kommt nicht nach draussen, sie verlässt das Gehirn gar nicht.  Die Arbeitzimmer in dem ich mich gerade befinde, der Schreibtisch und die Kaffeetasse vor mir werden ja nur als “draussen” in Bezug auf meinen Körper und mein Ich erlebt. Diese beiden sind aber ebenfalls Konstrukte,nur ist es so, dass mit der Konstruktion meines Körpers auch der zwingende Eindruck erzeugt wird, dieser Körper sei von der Welt umgeben und stehe in deren Mittelpunkt.  Und schliesslich wird -wie erwähnt- ein Ich erzugt, das das Gefühl hat, in diesem Körper zu stecken, und dadurch wird es erlebnismässig zum zentrum der Welt.
Die Feststellung muss also lauten:  Ich bin ein Konstrukt des Gehirns, dem ein konstruierter Körper und eine konstruierte Umwelt zugeordnet sind.’

06+power+run.jpg


Voor mensen die dit de eerste keer horen schijnt ‘der Boden unter den Füssen weggezogen’, en zegt de auteur: ‘Das ist richtig – wir leben in einer konstruierten Welt, aber es ist für uns die einzige erlebbare Welt.’

Lieve Cecilia, in deze regressieve tijden klinkt wetenschap voor sommigen als vloeken in de kerk. Mooi gevloek kan ook op genade van de hemel rekenen.
De duiven hebben het onweer overleefd, denken we. Er klinkt mooi gekoer uit de mengeling hedera-blauwe regen.
En natuurlijk is het feest van een vrouwelijke hemelvaart prachtig bezongen, het gepijnigde kind ter ere wiens moeder voor altijd in zijn schittering mag verblijven. Een oude droom van eenzame moederskinderen hun goddelijk moederbeeld ter ere , of overstijgt het verhaal onze bezitterige geconstrueerde aandriften en wordt het een hymne waarin aarde en hemel elkaar in onberekenbare tederheid raken? Een mengeling dus.

 

ahillwomanwearbuds.jpg