william_blake_frontispiece_songs_of_innocence.jpeg

Als ik de naam van William Blake (1757-1827) uitspreek is het woord ‘gevoel’ wel op zijn plaats. Apocalyptisch gevoel. (en tegelijkertijd The Doors en Jim Morrison die er de naam voor zijn rockgroep vond in ‘The doors of perception’ uit The Marriage of Heaven and Hell’.)
In zijn vroege gedichten had hij een dialectische methode gevolgd: woorden samenbrengen als ‘onschuld’ en ‘ervaring’ . Woorden die in deze moeilijke tijden van migratie best hedendaags zullen klinken. Volgens Karen Armstrong bleken deze diametraal tegenover elkaar staande woorden bij nadere beschouwing elk de halve waarheid van een complexere werkelijkheid te zijn. (p. 387)
Hij bracht een persoonlijke en subjectieve visie samen.  In zijn ‘Songs of Innocence and Experience’ moet onschuld ervaring worden en ervaring moet op haar beurt naar de diepste diepten vallen om onschuld te herwinnen.

‘Hoor de stem van de Bard! (neen, niet van BDW)
Die Heden en Verleden en de Toekomst ziet;
Wiens oor heeft gehoord
Het Heilig Woord
Dat door de oude bomen liep.

Al roepend tot de verdwaalde ziel
En wenend in de avondval;
Dat het licht misschien
Dat viel en viel
De sterrenpool weerbrengen zal.’

 

songsie.z.p28.300.jpg


Met de gnostici en de kabbalisten was volgens Blake de mens in staat van wat beetje houterig vertaald de ‘absolute gevallenheid’ mag heten. Net als de eerste mystici gebruikt Blake de zondeval als symbool voor wat zich in de ons omringende werkelijkheid voltrekt.
De opvattingen van de Verlichting trachten volgens Blake de waarheid te  veel te systematiseren. Kwam daarbij het beeld van de God van het christendom dat men had gebruikt om mannen en vrouwen van hun menselijkheid te vervreemden. (388)

Deze God had men onnatuurlijke wetten laten afkondigen die seksualiteit, vrijheid en spontane vreugde ondrukten ver van de wereld verwijderd.
‘Tot wat afstand, diep of hoog
gloeit de hitte van uw oog?’

(zie zijn beroemdste gedicht ‘De Tijger’)

Een geheel andere God, de Schepper van de wereld moet uit zijn solitaire hemel op aarde vallen en in de persoon van Jezus de dood vinden. (Hij wordt zelfs Satan, de vijand van het mensdom)
‘Net als de gnostici, de kabbalisten en de eerste trinitariërs stelde Blake zich een kenosis voor, een zelfontlediging in de godheid die uit zijn solitaire hemel valt en op aarde gestalte aanneemt.  Niet langer is er sprake van een autonome godheid in een eigen wereld die van mannen en vrouwen eist dat ze zich onderwerpen aan een externe, heteronome wet.  Geen menselijke handeling is God meer vreemd; zelfs de seksualiteit die door de Kerk wordt onderdrukt, is in het lijden van Jezus zelf manifest.  God is vrijwillig in Jezus gestorven en de transcendente, vervreemdende God is niet meer.  Wanneer de dood van God voleindigd is, zal de God met het Menselijke Gelaat verschijnen:

Jezus zei: ‘Zoudt gij dan hem beminnen die nimmer stierf
Voor u, of ooit voor iemand sterven die niet stierf voor u?
Als God niet voor de Mens sterft & zich niet zelve geeft
Voor eeuwig aan de mens; dan kan geen Mens bestaan; de Mens is immers Liefde
Zo ook God Liefde is:  elke goedheid naar een ander is een kleine Dood
In het Goddelijk Beeld, noch kan de Mens bestaan dan slechts door broederschap.’
(Jerusalem, vertaling D. Cohen) (388)

 

william_blake_sata_amor_adao_eva.jpg


Dat de ervaring waarover James en Damasio publiceerden zich ook een weg kan zoeken in de diepte van een godsbeeld eigen aan de tijd waarin het telkens weer wordt herzien, duidt op de soepelheid waarin het brein het menselijke vorm geeft boven de verstarring  die alleen maar tot wreedheid en uitsluiting kan leiden. De westerse theologie was sinds Thomas van Aquino terecht gekomen in het overmatig beklemtonen van de rationaliteit, een neiging die versterkt werd na de Reformatie en de Contrareformatie. Het was vooral de figuur van Friedrich Schleiermacher (1768-1834) die met zijn publicatie ‘Über die Religion: Reden an die Gebildeten unter ihren Verächtern een statement maakte, en met zijn eigen romantisch manifest in Duitsland het gevoel weer op de voorgrond bracht.

We zijn een ‘eindweegs’ gegaan vertrekkende vanuit het begrip ‘Geest’, op een manier zoals kringen in het water naar de buitenkant uitdeinen zodat het begrip zowel de wetenschap als de filosofische interpretatie zou raken en eventueel samenbrengen.
Vreemd dat we onze kinderen aardrijkskunde leren waarin ze de fysische onderdelen van de planeet verkennen zonder dat we ze in dezelfde mate een atlas van onze hersenen ter beschikking stellen.
Het verkennen van het eigen brein en zijn mogelijkheden en moeilijkheden kan heilzame combinaties tussen rede en gevoel teweeg brengen.
Wellicht gebeurt dat al en ben ik intussen die Welt abhande gekommen en verblijf ik te veel in de ideeënwereld in die heilzame ‘passiviteit’ waarin het beschouwen mogelijk wordt en het gedruis naar de achergrond is verbannen.

 

william_blake_europe_a_prophecy_copy_d_object_1_bentley_1_erdman_i_keynes_i_british_museum_0.jpg