image004.jpg

 

 Toen hij promoveerde tot doctor in de wiskunde was dat niet dadelijk omdat zijn abstraherend kunnen hoog boven alle gevoel verheven was.
Hij beleefde de wiskunde immers niet als een reeks klare verbanden, logische oorzaken en duidelijke gevolgen.
Voor hem was het de meest zuivere weg om te vinden wat hij zijn hele leven hartstochtelijk gezocht had: de dood.

De dood.
Ze had helemaal niets afschrikwekkend.
Niets van de zeis, knoken en verrotting.
Ze was een betrachting zoals andere mensen een record willen breken.
Ze was een doel zoals kunstenaars zich ooit het ultieme kunstwerk voorstellen: helemaal af, zonder smet, ontdaan van twijfel. Een hoge vorm van genieten dus.
Een beetje oneerbiedig zou men kunnen zeggen dat voor hem de dood een hobby was, een dagelijks knutselen aan iets wat je nooit kon bereiken omdat je zo nodig voor vrouw, huis en kinderen moest zorgen.

Ik vertel je dat maar om duidelijk te maken dat zijn geest niet besmet was met de drang naar zelfvernieting, levenswalg of ver doorgedreven pessimisme, oorzaken die andere mensen in de armen van de dood kunnen drijven.
Zijn streven naar het einde was een dagelijkse honger, in de hand gehouden door de klare wetten van de logica, duidelijk gemaakt door zijn verlangen om geheel gecontroleerd en naar eigen scenario de levenden te verlaten.
Hij was een levenskunstenaar naar de wat vreemde betekenis van het woord.

Omdat hij zijn nazaten niet wilde opzadelen met de gevolgen van zijn persoonlijke emoties, was hij nooit gehuwd en had hij zich op de vlakte gehouden in zijn omgang met mensen.
Hij doceerde zijn wiskundecolleges, zwom elke woensdagavond een half uurtje in het stedelijk zwembad, luisterde veel naar de radio en las alleen maar de waterstanden en weersvoorspellingen in de krant.

Zijn eerste notities maakte hij al in zijn vroege jeugd.
Toen hij benoemd werd aan een kleine universtiteit vond hij meer tijd om zich geheel aan zijn levenseinde te wijden.
Het zou dan ook een prachtwerk zijn, een opperste poging om de verwachting met de werkelijke afloop te laten overeenkomen.

maxresdefault.jpg

Voor de buitenwereld moest alles heel gewoon lijken. Bijna een ongeval.
Geen spektakel dus, geen aandacht-trekkerij. Dat liet hij over aan amateurs, stuntels en ontgoochelden.
Het ging om zijn eigen genot, het besef dat zijn berekeningen klopten tot vier spreekwoordelijke cijfers na de komma.

In de late lente van dat jaar begon hij met het defintief controleren van al zijn gegevens. Eigenlijk had hij er niet tot zijn veertigste mee willen wachten, maar er waren heel wat nevendisciplines geweest die hij zich had moeten toe-eigenen om zijn merkwaardig einde te laten lukken.

Hij maakte een uitvoerige karakterstudie van de keukenhulp, een brommerige maar overigens goedaardige vrouw die ook eenmaal per week zijn flat oprommelde.
Hij wilde namelijk nauwkeurig berekenen wanneer zij het gas zou laten openstaan, uit haast, woede of uit vergetelheid.
Dat moest volgens zijn opzoekingen gebeuren als de vrouw in haar moeilijke jaren zou komen, in dit seizoen, de herfst, twee weken na volle maan, na een rumoerige dag waarin hij haar allerlei dingen zou verwijten.

Hij maakte een reeks kansrekeningen, bestudeerde een duizendtal statistieken zodat hij haarscherp het moment kon vaststellen.
Stond de gaskraan eeenmaal open dan voorzag zijn plan dat zijn hulp onmiddellijk naar huis ging, want nogmaals: hij wilde niemand schaden bij zijn opzet.

Hij berekende verder de tijd die nodig zou zijn om in de goed geïsoleerde kamer zoveel gas te laten binnenstromen om nog net de hulpdiensten te kunnen opbellen.
Ook wilde hij zo lang mogelijk bij het bewustzijn blijven om het verloop van zijn fabelachtige plan aan de lijve te ondervinden.
De afloop interesseerde hem minder. Eens hij de hulpdiensten had gebeld wilde hij zeker zijn dat hij bij zijn aankomst, en niet eerder maar ook niet later, in het ziekenhuis zou overlijden.

giotto7.jpg

Hij bestudeerde daarvoor het traject van de ambulance, hield rekening met veertien stoplichten met variabele tijden en zestien kruispunten met voorrang van rechts.
Daarbij kwam, en dat verhoogde zijn genot, dat op het tijdstip dat hij had vooropgesteld een schip met Rijnzand voor zes minuten oponthoud aan de brug zou zorgen.
Dat schip was er elke donderdag, stipt op tijd. Mocht het door een of andere reden toch afwezig blijven dan had hij een reserve ingesteld, want door deze tijdswinst zou de ambulance moeten wachten aan spoorwegovergang nummer zestien waar de intercitty van 17.42 voorbijkwam.

Alle vertragings- of versnellingsmechanismen had hij ingebouwd, tot zelfs het humeur van de agent met dienst op de Grote Markt die naarmate het vooruitzicht op een prettige of saaie nacht het verkeer met zwier of stugheid behandelde.

Hij had er zes maanden over gedaan om de samenstelling van het stadsgas te bestuderen, samenstelling die hij in verband bracht met zijn veranderende gezondheidstoestand.

Met grote liefde had hij de wisselende snelheden van de ambulances becijferd in relatie met de karakters van hun bestuurders, en die combinatie in verband gebracht met allerlei toevalsfactoren zoals daar zijn: een onvoorzien oponthoud of een niercrisis van de ambulancier.

Hij liet zijn studenten tot vier maal toe alle gegevens narekenen zonder hen op de hoogte te brengen van het uiteindelijk doel. Daarna bepaalde hij de start van zijn plan.

Het gebeurde allemaal zoals hij het had voorzien.
Na een fikse ruzie over het huishoudgeld en haar goede naam liet ze na het mislukte roerei de gas open en verdween boos huiswaarts.
De hulpdienst kwam één minuut te laat, maar dat werd goed gemaakt door de kundigheid van de ambulancier zodat hij volgens schema net op tijd in de wagen lag.

Het schip met Rijnzand was er niet omdat er een staking bij de binnenschippers uitgebroken was, maar de intercity zorgde voor de zes minuten oponthoud.
De agent met dienst had een leuk vriendinnetje ontmoet zodat ze ook hier weer even op het tijdschema vooruit liepen, maar de wegenwerken in de Duifstraat compenseerden deze winst ruim.
Een klein verkeersongevalletje bij het elfde stoplicht werd goed gemaakt door een bus gepensioneerden die de hele weg vrijhield zodat het schema weer tot op de seconde klopte.

Deze doctor in de wiskunde zou dan ook geheel volgens plan zachtjes het tijdelijke met het eeuwige verwisseld hebben bij zijn aankomst in het hospitaal.
Maar juist die donderdag was er een aardige specialiste van dienst net gepromoveerd met een proefschrift: nieuwe reanimatie-mogelijkheden bij vergiftigingsverschijnselen.

Zij redde de man en hielp hem later over zijn teleurstelling heen door met hem te trouwen en kippen, konijnen en kinderen te houden.
Verder las ze hem in zijn droefgeestige dagen voor uit de sprookjes van Andersen.
En telkens als ze over de dood las -en dat gebeurde nog al eens in een sprookje- schudde de man zijn hoofd en maakte hij het wiskundehuiswerk van zijn kinderen zodat ze nog konden buitenspelen voor het helemaal donker was.

 

4830240876_2550d0cd99_b.jpg