02agony

In Venetië had je blijkbaar geld genoeg verdiend om de grote sommen geld die je van je vriend Pirckheimer had geleend terug te betalen, om een hypotheek op je vaders huis af te lossen en om nog een eigen groot huis te kopen, het nu bekende ‘Dürer-huis’ in de Zistelgasse bij de Tiergärtnerpoort.  In je notitieboekje waarin je nauwkeurig alle uitgaven voor het huishouden optekent, maak je een fraai overzicht van je bezittingen en je financiële toestand:

‘Het volgende is in mijn bezit, en ik heb het met moeite verworven door te werken met mijn handen, want ik heb nooit groot voordeel kunnen behalen.  Integendeel, ik heb veel verlies geleden door geld uit te lenen dat nooit werd terugbetaald, en door leerlingen die nooit hun lesgeld betaalden, en eentje stierf in Rome waardoor ik mijn goederen verloor.  In het dertiende jaar van mijn huwelijk heb ik grote schulden betaald met wat ik in Venetië verdiende.  Ik bezit redelijk goede meubelen, goede kleren, een hoeveelheid goed tinnen tafelgerei, goede gereedschappen en materialen voor mijn werk, beddegoed, kisten en kasten en verven die meer dan honderd Rijnlandse guldens waard zijn.’

Het huis met puntdak en uitkijkpost was vroeger van de sterrenkundige Bernhard Walter geweest, een leerling van Regiomontanus.  Het kostte je 150 gulden, de helft contant en de rest met een hypotheek.  Je verhuisde naar het nieuwe huis in 1509, samen met je vrouw en moeder.  Je zou er de rest van je leven wonen.

albrecht-duerer-die-madonna-mit-der-birnenschnitte-02627

Was het nu omdat een jaloerse bende Venetiaanse schilders liet weten dat ‘..Dürer niet wist hoe hij met kleur moest omgaan…’ maar tussen 1513 en 1516 zou je geen schilderij meer maken en je weer helemaal aan de ‘lijn’ geven in houtsnedes en gravures.

Er was nog ‘de madonna met de peer’ (hierbij afgebeeld, nu in Wenen in de Gemäldegalerie) die, zoals Panofsky laat opmerken sterk deed denken aan ‘…reminiscent of the sweet, smiling maidens of Nicolaus Gerhaert von Leyden, combined with an almost Michelangelesque Infant Jesus freely developped from a drawing of 1506.’ (132)

Natuurlijk is er het probleem om over schoonheid te spreken in de beperkte weergave-mogelijkheden van een blog.  Ik veronderstel dus dat menig lezer een of meerdere boeken heeft die bij mijn brieven kunnen worden opengeslagen.  Vergelijk de kleuren in de diverse reproducties, de lijnen in de houtsnedes en gravures en je zult zien dat ik je slechts een verre afspiegeling van het origineel kan bieden waar een goed kunstboek al een beter idee geeft van de schoonheid waarover deze brieven gaan.

03betray

Verliet je bijna drie jaar de kleur, je evolutie als graveur die door je oponthoud in Venetië was gestopt nam nu een hoge vlucht.

‘His graphic works became luminaristic and tonal in proportion as his paintings became linear and polychromatic; and his most famed, and indeed most accomplished engravings ware made at a time -in 1513 and 1514- when the production of paintings had ceased altogether.’ (133)

Je post-Venetiaanse houtsnedes en gravures verschillen van de pre-Venetiaanse bij wat meestal gewone pen en inkt tekeningen verschillen van tekeningen op gekleurd papier, opgehoogd met wit. Ze zorgen voor wat je een ‘clair-obscur’ effect zou kunnen noemen. De term is ontleend aan houtsnedes die met twee blokken  in 2 verschillende tonen zijn geprint. De hoofdzaken en de diepste schaduwen worden in het key-blok gesneden dat met de donkerste tonen geïnkt wordt. De lichtere schaduwen zijn in een ‘tint-blok’ gesneden dat voor de middentonen zorgt,  terwijl de highlights in beide blokken gesneden worden zodat, bij het printen, ze door het witte papier tot hun recht komen.

Het principe van deze clair-obscur houtsneden is inderdaad hetzelfde als dat van tekeningen op gekleurd papier met wit opgehoogd.

Om dit effect in de gewone houtsnedes en gravures te bekomen moest je door lijnen  op het keyblok hetzelfde effect bekomen zoals tekeningen hebben op gekleurd papier dat met wit is opgehoogd terwijl het tintblok voor het ‘clair-obscur’ effect zorgde.

08ecceho

Daardoor ontstond er een soort ‘graphic middle tone’ eigen aan je post-Venetiaanse periode.

‘In the post-venetian prints it runs, simultaneously, from “neutral” to “light” on the one hand, and from “neutral” to “dark” on the other.  The range of shades, extending, as it does, in two directions, thus seems both wider and more subtly differentiated.  What had been an aggregate of contrasting spots or patches became a continuum of modulated “tones”, as though a polyphonic system had been replaced by an harmonic one.’ (134)

Liefhebbers kunnen in Panofsky’s werk verder ingaan op de technische konsekwenties en op een vergelijking van werken voor en na Venetië. De vergelijking tussen polyphonie en het harmonische in de muziek gaat in die zin op dat je aparte lijnen en schaduwvelden uit je vroeger werk nu meer in verschillende middeltonen met elkaar gingen harmoniëren zodat er een andere diepte in je prenten ontstond die dan weer je ‘visionnaire’ aanleg duidelijk maakte die in deze prenten meer dan in je vroeger werk zichtbaar is.

Het mysterieuze in je vroegere prenten zoals ‘het zeemonster’ of ‘de vier heksen’ heeft al eerder voor interpretaties gezorgd die meer in een roman thuishoren dan in de soms nogal harde werkelijkheid van je werkelijk leven. Maar dat je gevoelig was aan de ideeën achter de materie is een feit.  We zullen in je Melacholia I de gelegenheid hebben daar verder op in te gaan.