Portrait-of-Bernhard-von-Reesen.jpgEr was natuurlijk ook de pest, maar vooral, denkt Panofsky, verandering van omgeving, ‘…the rejuvenating excitement of being abroad’ want als business-trip bekeken schrijf je in je dagboek: ‘…Onkosten bijgerekend, met verkoop en andere deals in de Nederlanden, dan is de uitkomst een deficit.’

Je schrijft dat zonder bitterheid duidelijk makend dat je niets anders verwachtte. Tenslotte werd het een combinatie van zakendoen en ontspanning, met het accent op het laatste.
Zo verliet je op 12 juli 1520 Neurenberg met in je bagage ontelbaar vele gravures en houtsnedes, niet alleen eigen werk, maar ook van Baldung Grien en Hans Schäuffelein en schilderijen, kortom de dingen die makkelijk te transporteren waren.
Zo kreeg de bisschop van Bamberg niet allleen ‘Leven van de Maagd’ en een ‘Apocalyps’, elk één florijn getaxeerd, maar ook een geschilderde Madonna in ruil voor drie aanbevelingsbrieven en een brief om alle mogelijke tolheffingen te kunnen ontlopen.
Je had ook een portret van Maximiliaan bij voor zijn dochter Margareta die hier, een paar straten verder als gouvernante haar paleis had. Maar dat portret moest je mee terugnemen want ze vond het maar niks.  Je kon het uiteindelijk ruilen voor een wit Engels kledingstuk.

Je werd niet altijd met geld betaald maar vaak ook met allerlei curiosa die je dan weer moest weggeven aan andere vrienden voor bewezen diensten. (bijvoorbeeld een rozenkrans in cederhout!)08harbor.jpg
Voor een ‘Heilige Hiëronymus’ en ‘Drie Grote Boeken’ kreeg je van ene Lazarus Ravensburger een vinvormig voorwerp, vijf slakkenhuizen, vier zilveren en vijf koperen medailles, twee gedroogde vissen, wit koraal, vier rieten pijlen en een rood koraal. Je was er zo blij mee dat je gratis Ravensburgers portret maakte en hem zestien gravures, de gegraveerde Passie en verschillende houtsneden cadeau deed.
Je hield van sightseeing, je gaf behoorlijke fooien, en nu en dan waagde je een gokje.  Je spendeerde heel wat geld aan Italiaanse prenten en verzamelde een museum van curiosa zoals exotische wapens, buffelhorens, zoutvaatjes uit Calcutta, ivoren schedels, kostbare stenen en kleine aapjes die je vier gouden florijnen kostten.

Maar..’…the thrill of a new environment made double attractive by the impending visit of Charles V with its thron of envoys and spectators from all over the world; the experience of great works of art and craftmanship; the intercourse with people of all professions, ranks and nationalities; and the regognition more willingly granted to a distinguished guest than to an fellow-citizen, however famous.’ (206)09girl.jpg

Na een warme ontvangst bij de bisschop van Bamberg reisde je per boot naar Frankfurt waar je oude baas Jacob Heller je van harte welkom heette door je een lot wijn te sturen. Daarna ging het verder per boot naar Mainz en dank zij de bisschoppelijke brieven kwam je zonder tol te betalen door menige douanepost.  Je bereikte Keulen en je logeerde in het huis van je neef Nikolaas, een goudsmid.  Na een trip van vijf dagen kwam je op 3 augustus in Antwerpen aan. Daar logeerde je bij de vriendelijke en zeer geachte Jobst Planckfelt (Joos Blanckvelt).
Je gebruikte je maaltijden alleen met je gastheer terwijl de vrouwen in de bovenkeuken aten.  Het huis van de Planckfelt’s werd zo’n beetje je hoofdkwartier.  Je kon er je dienstbode Suzanne en je vrouw achterlaten onder hoede van je gastheer.