mesmer02.jpg

Tweehonderd jaar geleden was het vandaag -5 maart 1815 – een nare dag voor Franz Anton Mesmer.  Hij ging dood. Is dat een natuurlijk verschijnsel zijn belangstelling voor het fluïdum dat in het menselijke lichaam zich langs verschillende kanaaltjes zou verplaatsen en bij opstoppingen de oorzaak van allerlei kwalen zou zijn, was voor velen niet zo natuurlijk.
Dacht hij eerst met magneten de weg voor het ‘fluïdum’ vrij te maken, later bleken ook aanrakingen met handen voor hetzelfde positieve resultaat te zorgen.
In Salons en in de literatuur deed het ‘mesmerisme’ zijn intrede.
Maar naast een schare nuchtere geleerden was ook de macht niet dadelijk voor zijn praktijken gewonnen.
“Le Roi ne veut pas que l’on permette d’ecrire sur cet object”.
Eén van de leerlingen van Mesmer, Nicolas Bergasse schreef een pro-mesmeriaans werkje maar verpakt als een soort aanval van  een cynisch lid van de Faculté de Médicine:
‘Lettre d’un médecin de la faculté de Paris, a un médecin du college de Londres; ouvrage dans lequel on prouve contre M. Mesmer, que le magnétisme animal n’existe pas.’

In 1782 moest Mesmer zelfs uitwijken naar Spa, plaats waar wel meer gekwelde zielen soelaas dachten te vinden.
Twee jaar later benoemde de Franse koning zelfs twee commissies om dat dierlijke magnetisme aan een wetenschappelijk onderzoek te onderwerpen. Mesmer bedankte voor enige vorm van medewerking.  De uitslag van hun werk was vernietigend: verbeelding, gevaarlijk en…wat met de goede zeden en de emoties die ‘aanrakingen’ teweeg konden brengen?

Bergasse schreef in 1784 nog een verdediging van het dierlijk magnetisme, Considérations sur le magnétisme animal, net als zijn Lettre uitgegeven met het fictieve impressum ‘La Haye’. Als jurist gebruikte Bergasse de in zijn ogen eenzijdige onderzoeken van de koninklijke commissies om politiek tegengas te geven. Conservatieve, door de staat gecontroleerde organisaties, zoals de Faculté, werden volgens hem de hand boven het hoofd gehouden zodat de wetenschap zich niet vrijelijk kon ontwikkelen en het volk geen gelegenheid werd geboden van nieuwe geneeswijzen profijt te hebben. Geen liberté, égalité en fraternité dus. Bergasse verzorgde een petitie aan het parlement dat op zijn beurt nog een commissie benoemde, maar dit initiatief verzandde door onwil of onmacht.’ (Marja Smolenaars)

Verdere literatuur daaromtrent verscheen clandestien, werd in beslag genomen en vaak pas na lange tijd weer ter beschikking gesteld.

Pas veel later zouden mensen als Charcot, Freud en Jung verdere stappen zetten op het schemerige domein van het onderbewusteMet ook nu weer de nodige en onnodige vraagtekens.

 

3-franz-mesmer-1734-1815-granger.jpg