
Haar verhaal, verteld tussen Canetti en Camus, beschreef de geschiedenis van haar familie in de ruimste zin van het woord. Zij nam mij mee naar de geschiedenis van de kippenfamilie. We liepen tussen de eieren die in de Egyptische tempels hingen om de vruchtbaarheid van de overvloedige riviervloed te garanderen, en hoorden in het oude Perzië de heilige haan kraaien om als een goedaardige geest bij zonsopgang het keerpunt aan te duiden in de kosmische strijd tussen duisternis en licht. Kippen vergezelden Romeinse legers en hun gedrag werd zorgvuldig geobserveerd voor de strijd; een goede eetlust betekende dat de overwinning waarschijnlijk was. Volgens de geschriften van Cicero gooide een boze consul ze overboord toen een groep vogels weigerde te eten voor een zeeslag in 249 voor Christus. De geschiedenis vermeldt dat hij werd verslagen.

‘We hebben zelfs een plaats in het evangelie gekregen,’ ‘verklaarde zij met een passende vrome fierheid in haar zachte stem. ‘Matteüs 23:37 bevat een passage waarin Jezus zijn zorg voor de mensen van Jeruzalem vergelijkt met een kip die voor haar kroost zorgt. Als dit beeld was doorgedrongen had het de loop van de geschiedenis de christelijke iconografie grondig kunnen veranderen, die het nu met ‘de Goede Herder’ moest doen.’
Mijn tussenkomst dat Petrus de Heer zou verraden voordat de haan drie keer zou kraaien, viel niet in goede aarde.
'In de negende eeuw verordonneerde paus Nicolaas I dat op elke kerk een haan moest worden geplaatst als herinnering aan het incident - Er wordt niet geïmpliceerd dat de haan iets anders deed dan het verstrijken van de uren markeren, maar zelfs deze tweedehands associatie met verraad heeft de zaak van de kip in de westerse cultuur waarschijnlijk niet vooruit geholpen. In het hedendaagse Amerikaanse gebruik wordt "kip" geassocieerd met lafheid, neurotische angst ("De hemel valt!") en ineffectieve paniek ("rondrennen als een kip zonder kop”). Dit als aanvulling. Eerlijk is eerlijk.

‘Maar helaas, daar waar ze nog steeds beoefend worden, legaal of illegaal, zijn hanengevechten de oudste nog bestaande sport ter wereld. Artistieke afbeeldingen van hanengevechten zijn verspreid over de hele Oude Wereld, zoals in een mozaïek uit de eerste eeuw na Christus die een huis in Pompeii siert. De oude Griekse stad Pergamum bouwde een amfitheater voor hanengevechten om toekomstige generaties soldaten ‘moed’ bij te brengen. Inhumaan. Mag ik even attenderen dat het hier om mannen gaat? Duidelijk?’

‘Laten we nog verder teruggaan in de geschiedenis. De vroegste fossiele botten waarvan is vastgesteld dat ze mogelijk van kippen zijn, komen voor op vindplaatsen in het noordoosten van China en dateren van rond 5400 voor Christus, maar de wilde voorouders van de vogels hebben nooit in die koude, droge vlakten geleefd. Dus als het echt kippenbotten zijn, moeten ze ergens anders vandaan komen, waarschijnlijk uit Zuidoost-Azië. De wilde voorouder van de kip is het rode oerwoud-hoen, Gallus gallus, volgens een theorie van Charles Darwin die onlangs door DNA-analyse is bevestigd. De gelijkenis van de vogel met moderne kippen wor duidelijk in de rode lellen en kam van het mannetje, de sporen waarmee hij vecht en zijn kukeleku-paringsroep. De donkerkleurige vrouwtjes broeden eieren en kakelen net als kippen op het boerenerf. In zijn leefgebied, dat zich uitstrekt van Noordoost-India tot de Filipijnen, snuffelt G. gallus op de bosbodem naar insecten, zaden en fruit en vliegt ’s nachts omhoog om in de bomen te nestelen. Dat is ongeveer het ‘vliegen’ dat hij aankan, een eigenschap die inderdaad aantrekkelijk was voor mensen die hem wilden vangen en grootbrengen. Het zou later helpen om de kip geliefd te maken bij de Afrikanen, wiens inheemse parelhoenders de vervelende gewoonte hadden het bos in te vliegen als de geest hen bewoog.’

‘Maar in 2004 produceerde een internationaal team van genetici een volledige kaart van het kippengenoom. De kip was het eerste gedomesticeerde dier, de eerste vogel – en dus de eerste afstammeling van de dinosauriërs – en daarmee geëerd. De genoomkaart bood een uitstekende gelegenheid om te bestuderen hoe millennia van domesticatie een soort kunnen veranderen. In een project onder leiding van de Zweedse Uppsala Universiteit hebben Zody en zijn collega’s onderzoek gedaan naar de verschillen tussen het rode oerwoudhoen en zijn nakomelingen op het boerenerf, waaronder wij, “leghennen” (rassen die worden gefokt om enorme hoeveelheden eieren te produceren) en “vleeskuikens” (rassen die mollig en vlezig zijn). De onderzoekers vonden belangrijke mutaties in een gen met de naam TBC1D1, dat het glucosemetabolisme regelt. In het menselijk genoom zijn mutaties in dit gen in verband gebracht met obesitas, maar het is een positieve eigenschap in een dier dat bestemd is voor de eettafel. (Jaja, ik citeer letterlijk!) Een andere mutatie die het gevolg is van selectief fokken, is in het TSHR-gen (thyroïd-stimulerend hormoon receptor). Bij wilde dieren coördineert dit gen de voortplanting met de daglengte, waardoor het fokken beperkt blijft tot specifieke seizoenen. De mutatie die dit gen uitschakelt, stelt kippen in staat om het hele jaar door te broeden en eieren te leggen.

‘Archeologen hebben kippenbotten gevonden in Lothal, ooit een grote havenstad aan de westkust van India, waardoor de mogelijkheid bestaat dat de vogels als vracht of proviand naar het Arabisch schiereiland werden vervoerd. Rond 2000 voor Christus verwijzen spijkerschrift-tabletten uit Mesopotamië naar “de vogel van Meluhha”, de waarschijnlijke plaatsnaam voor de Indus vallei. Dat kan wel of niet een kip zijn geweest; professor Piotr Steinkeller, een specialist in oude teksten uit het Nabije Oosten aan Harvard, zegt dat het zeker “een exotische vogel was, onbekend in Mesopotamië”. Hij gelooft dat verwijzingen naar de “koninklijke vogel van Meluhha” – een uitdrukking die drie eeuwen later in teksten opduikt – waarschijnlijk verwijzen naar de kip. Kippen arriveerden zo’n 250 jaar later in Egypte, als vechtvogels en toevoegingen aan exotische menagerieën. Artistieke afbeeldingen van de vogel sierden koninklijke graven. Toch zou het nog 1000 jaar duren voordat de vogel een populair product werd onder de gewone Egyptenaren. De Egyptenaren beheersten de techniek van kunstmatige incubatie, waardoor kippen hun tijd beter zouden kunnen gebruiken door meer eieren te leggen. -Ja hoor, letterlijk geciteerd!- Dit was geen gemakkelijke zaak. De meeste kippeneieren komen na drie weken uit, maar alleen als de temperatuur op ongeveer 99 tot 105 graden Fahrenheit (37,22°-40,50° Celsius) constant wordt gehouden en de relatieve luchtvochtigheid dicht bij 55 procent blijft, die in de laatste paar dagen van het broeden toeneemt. De eieren moeten ook drie tot vijf keer per dag worden omgedraaid om te voorkomen dat de inhoud misvormd raakt. De Egyptenaren bouwden enorme incubatiecomplexen die uit honderden “ovens” bestonden. Elke oven was een grote kamer die verbonden was met een reeks gangen en ventilatieopeningen waarmee de verzorgers de hitte konden regelen van de vuren die gestookt werden met stro en kamelenmest. De eierwachten hielden hun methoden eeuwenlang geheim voor buitenstaanders.

Rond de Middellandse Zee hebben archeologische opgravingen kippenbotten uit ongeveer 800 voor Christus gevonden. Kippen waren een delicatesse bij de Romeinen, die culinaire innovaties als de omelet en het vullen van vogels voor het koken introduceerden, hoewel hun recepten meer naar gepureerde kippenhersenen neigden dan naar broodkruimels. Boeren begonnen methodes te ontwikkelen om de vogels vet te mesten. Sommigen gebruikten tarwebrood gedrenkt in wijn, terwijl anderen het hielden bij een mengsel van komijnzaad, gerst en hagedissen-vet. Op een gegeven moment verboden de autoriteiten deze praktijken. Uit bezorgdheid over het morele verval en het nastreven van buitensporige luxe in de Romeinse Republiek, beperkte een wet in 161 v. Chr. de consumptie van kip tot één per maaltijd – waarschijnlijk voor de hele tafel, niet per individu – en dat alleen als de vogel niet overvoed was. De praktische Romeinse koks ontdekten al snel dat het castreren van hanen ervoor zorgde dat ze vanzelf vet werden, en zo werd het wezen geboren dat wij kennen als de kapoen.

‘Maar de status van de kip in Europa lijkt te zijn afgenomen met de ineenstorting van Rome. “Het gaat allemaal bergafwaarts,” zegt Kevin MacDonald, professor in de archeologie aan het University College in Londen. “In de post-Romeinse periode keerde de omvang van kippen terug naar wat ze was in de ijzertijd,” meer dan 1000 jaar eerder. Hij speculeert dat de grote, georganiseerde boerderijen uit de Romeinse tijd – die wel geschikt waren om veel kippen te voeden en te beschermen tegen roofdieren – grotendeels verdwenen waren. Naarmate de eeuwen verstreken, werden de middeleeuwse tafels gesierd door hardere hoenders zoals ganzen en patrijzen.

Volgende aflevering het droevige vervolg zoals al blijkt uit dit fragment:
‘ Er is minder dan twee pond voer nodig om één pond kip (levend gewicht) te produceren, minder dan de helft van de verhouding voer/gewicht in 1945. Ter vergelijking: er is ongeveer zeven pond voer nodig om een pond rundvlees te produceren, terwijl er meer dan drie pond nodig is voor een pond varkensvlees. Gary Balducci, een pluimveehouder van de derde generatie in Edgecomb, Maine, kan een eendagskuiken in zes weken omtoveren tot een vleeskuiken van vijf pond, de helft van de tijd die zijn grootvader nodig had. Vernederend, is het juiste woord.’

We gebruikten en vertaalden delen van ‘How the Chicken Conquered the World’ van Jerry Adler en Andrew Lawler. June 2012 Smithsonian MAGAZINE
https://www.smithsonianmag.com/history/how-the-chicken-conquered-the-world-87583657/

Lees ook:
Ontdek meer van In de stilte
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
KIP! KIP! KIP!
VERGEEF MIJ M’N WANBEGRIP!
.
Een kip brengt mij terug naar de Stille Kempen.
Op de purperen hei. Van Armand Preud’homme.
Elk huis had wel zijn kiekenkot.
Mensen werden als eens vergeleken met deze vogel.
Kakelen als een kip.
Zich gedragen als een kieken zonder kop.
In de Kempen waren de kippen ‘kiekens’.
En als men tegen je zei dat je ‘een kieken’ waart,
was dat geen compliment.
Wanneer er ‘vol-au-vent’ op tafel kwam,
was mijn zachte vader de slachter van dienst.
Het was een afschuwelijke opdracht voor hem.
Ik heb écht een kieken zonder kop zien weglopen.
Vader was geen held.
En ook niet de baas, denk ik.
Later… toen ik twaalf was, moest ik naar het Klein Seminarie in Mechelen.
Daar waar de Mechelse koekoeken wonen.
Bleekstraat nr. 5.
Soms kakel ik wat af. Meermaals was ik een kieken zonder kop.
.
Vanwaar je liefde voor deze domesticale huisgenoten, vraag ik mij af.
Met dank.
.