VERTELLINGEN, DE PRAKTIJK (2)

angel-boy

Dat hij zo’n mooie engel was, meneer.
Niet alleen door dat kleed, en nog minder door zijn kroon, maar zoals mevrouw Renders zei: ”t Ventje heeft zo’n angelieke uitdrukking!’

Angeliek, van ’t woord angel, engel dus.
Ze had ook ‘engelachtig’ kunnen zeggen, maar ze zei: angeliek.

Maar ge moet eens goed naar die foto kijken.
Valt u niets op?
’t Is een detail, maar in feite is ’t de sleutel.

Hun handen, meneer.
Zijn handjes rond haar hand.
Ik weet het, dat is niks ongewoon, zo is een kind van die leeftijd.
Dat hangt aan zijn moeder, dat weet ik.
Maar hij hing niet aan haar, neen, zij aan hem.

Ge kunt zeggen dat ge zoiets moet begrijpen, jaja, ze heeft er lang op moeten wachten, dat is waar.
Ze hebben jaren gedoktoord na de misval van haar eerste.
En toen hij kwam was ’t toch ook maar op ’t nipperke naar ’t schijnt.

Hij heeft nog maanden in de couveuse gelegen, hare engel.
En zij was niet van hem weg te slagen.
Ze moesten haar buitenzetten, en of haar man nu iets zei of niet, zo van alé Josfientje, laten we nu naar huis gaan, hij wordt hier goed verzorgd, ’t hielp allemaal niks.

Hij zag zijne zoon ook graag, maar was ’t nu uit schrik om hem ook te verliezen, of was ’t om zijn speciale ogen–ja, zijn ogen, dat ziet ge toch ook op die foto– zijn ogen…

Ze staan niet recht zoals bij ons, maar ze lopen een beetje naar boven, en daardoor krijgt zijn gezicht zo’n triestige uitdrukking, en als hij dan lacht, dan is dat een…een..
…een verwarring: ge weet niet wat ge moet denken, meneer.
Sommige filmsterren hebben dat ook, pakt nu James Dean zijn ogen..
Ook niet recht, maar met de ooghoeken naar boven, ik heb dat geheim ontdekt toen ik elf jaar na zijn dood de foto van de muur wilde halen, en ineens wist ik, ik, ik zei: maar dat is het, dat is zijn ‘uitstraling’ gelijk ze zeggen.

Dus versta me niet verkeerd, ik begrijp goed dat ze zot is van ’t kind, dat ze hem niet loslaat, dat hij haar ook niet kan loslaten, tot inde kerk toe, de mensen kijken naar hen zoals ze naar een koppel kijken, en dan glimlachen ze, jaja, dat wel, zeker als ze ’t voor de eerste keer zien, maar als ge daar dag in dag uit mee geconfronteerd wordt, meneer, dan blijft ge niet lachen.
Ge begint zo’n raar gevoel te krijgen in uwe kop, verstade?

En ze zitten in twee missen, elke week. In twee, d’hoogmis en d’ avondmis zaterdag ’s avonds.
Want zei ze: ik weet dat hij een roeping heeft.
Jezus kiest zijn schaapjes zelf.
Hij is de goede herder.
Hij kan een kwartier lang doodstil zitten kijken naar die grote glasraam, links van ’t altaar, en dan begint hij zo heel stillekes te knikken en verschijnt die schone glimlach op zijn lipjes.

Ik was efkes in de hemel, zei hij, ons Hermanneke.
Ik kon u beneden in de kerk zien zitten, en ge waart triestig, mama.
Maar ge moet niet triestig zijn, want ik zal voor u zorgen.

Waar haalt zo’n kind zoiets?


VERTELLINGEN, DE PRAKTIJK (1)

 

dyn002_original_250_393_jpeg_20344_6ce47972915e8bbef9fd4ef691759ac4

De overgrootvader en het achterkleinkind, maar dat beiden kinderen zijn op dit beeld maakt een vreemde verbinding wakker.

Ik heb ze even verwisseld.
Hij, de sepia-jongen uit het verre verleden in de sneeuw, en de witte kuif van vorige week heeft de grote hoed op en leunt lichtjes voorover.

dyn002_original_320_500_jpeg_20344_74014c3439c3e3282ccfc4a2d594db8d

U kunt zich dat voorstellen?

Het kind in het kasteel op de achtergrond?
Het is maar een kleine stap, al liggen er zo’n zevenhonderd jaar tussen toen en nu.

dyn002_original_350_466_jpeg_20344_93a857226da323e5c18ec6c98302cdd4

Deze Katharen-jongen.
Ik weet niet of hij de slachtingen heeft overleefd.

Nu hebben we een driehoek.
De sneeuwwelp, de jongen met de strohoed en het Katharenkind.

Je kunt er makkelijk een foto van jezelf bijvoegen, al naargelang een beetje dichter bij de ene als bij de andere.

En als we ze nu met zijn drieën samenbrengen dan rijst de vraag:
-waar?

Een 19de eeuwse afternoontea, een moment op een speelplaats van een hedendaagse school, een ontvangst op het kasteel.

Heel mooi zou een zwembad zijn.
Want dan vallen de verschillen bijna helemaal weg.

De zee, terwijl het avond wordt en iedereen bij de televisie naar de weerman luistert.

Drie jongens in de zee.
Geen taalproblemen.
Onnozel plezier in de schoonste zin van het woord: rennen, duiken, vallen en weer opstaan.

U laat de sterren boven hun hoofden verschijnen?
Dat is romantisch.

Vooral voor de late wandelaar die de drie jongens verbeeldde.
Ieder zijn ster.
Als er drie sterren aan de hemel staan is de sjabbat begonnen.

Het water is mensenleeg.