BEELD VAN EEN VOORBIJE DAG ZONDER PRENTJES

Laten we vandaag zonder prentjes werken dacht ik
de illustratie van het woord kan het hebben van de verbeelding die ons allen eigen is.

In de vroegste morgen
in het aarzelende licht van de schemering
zag ik de atlasceder alsof het had gesneeuwd,
zie je, zo tussen donker en licht
zijn de dingen nog versteend door de nacht
zoals ook wij stram de bewusteloosheid verlaten
en het lijf moet wennen aan dat bewust bewegen.

Toen ik poes buitenliet en de dag binnen,
vond zij dat ik ook moest buitenkomen:
de vroege geuren van de liguster inademen
deze zomergeur dicht bij de zonnewende.

Meng dat parfum met Italiaanse koffie en pas getoast brood
hoor hoe de jonge ekster op haar ouders roept
en zich hulpelozer voordoet om gevoerd te worden.

Zie hoe de zwartkop-meesjes op- en af vliegen bij de voerbollen
hoe de vachtjes van de kleine hommels blinken
in het voormiddaglicht terwijl ze de opengebroken bloesems
van de ligusterboom bezoeken en ijverig de honing puren.

Er roepen houtduiven achter in de tuin
en de stad bekomt van haar zoveelste zotte morgen.

En als zij, de achtjarige schoonheid, de tuin vult
met liedjes en ik haar publiek mag zijn
hoe ze ter plekke de gezangen verzint
en heel aandachtig achter in de tuin danst
met hoge trage kinderstem iets over heimwee speelt
terwijl haar moeder en mijn vriendin
in de zachte avond de voorbije tijd vertellen,
hoe kan ik daar een beeld bij verzinnen
dat niet te klein of te simpel of veel te ingewikkeld is?

In de schemering zoekt ze uit haar spullen speelgoedjes
voor de pakjes van haar lentefeest, nu zaterdag.

Dag opi, roept ze voor ze slapengaat, zingend weer
de trappen op, en daarna discussiƫrend met omi
naar de stilte van de korte nacht, midzomernachtdromen in haar ogen al.

Als ik haar nog even voor het slapengaan zo diep verzonken zie liggen
dacht ik aan muziek met veel boventonen, dat ongrijpbare
waar onze povere zielen zich aan laven, dorstig als een hert.

En dat allemaal op een dag als de 18de juni 2008
gratis en voor niets, zo lijkt het wel.

Zouden we van die pijnlijke pijlen
niet beter nutteloos vuurwerk maken?