McQ.2086a–c.T.jpgEen zijden jaquard in een slangenpatroon, gedecoreerd met gele keramiek-paillettes in een honinggraat- patroon, een ontwerp van de onlangs overleden Engelse ontwerper Alexander mcQueen (1969-2010)

Plato’ s Atlantis, of de omgekeerde evolutie:  met het smelten van de ijskappen keert het leven terug naar het water

Sarah Burton: It was the idea of sort of the reversal of evolution, how life would evolve back into the water if the ice caps melted and we were being reclaimed by nature. We had all these engineered prints that he’d developed, sort of looking at the morphing of species, natural camouflages, and aerial views of the land.

McQ.2086a–c.L.jpgWe had research on the boards, and what he told us to do is he said, “I don’t want to look at any research. Turn all the boards around.” So he literally just worked from the fabric.

So what he would do is he would have an engineered print, and with that print he would place it on the form, and he would pin and construct these pieces that looked like they’d morphed out of the body themselves.

And only by taking the fabric and seeing how the fabric moved, you could come up with something new—by creating it on a body because clothes are to be worn; they’re not two-dimensional things. They are something that has to sit and mold onto a human being.

Werken vanuit de stof, niet vanuit een tekening of een patroon.  Kijken hoe de stof beweegt rond het lichaam want mode is niet tweedimensioneel, maar werkelijk gedacht in drie dimensies, in de ruimte dus.

McQ.2086a–c_mcq.2086.AV1.JPGHet lichaam als uitgangspunt, het lijkt zo vanzelsprekend maar de gezwollen ego’s van heel wat ontwerpers beschouwen het lijf als een soort ‘mannequin’, een pasvorm met een hoofd, en te zien aan de vreselijke blikken die modellen blijkbaar moeten opzetten zou je dat hoofd ook maar best vergeten.

Ook de stuntelpassen die volgens een of ander vreemd mode-geloof bij de catwalk zouden horen zijn heel a-lichamelijk.  Boos of neutraal kijkende wezens gaan met uitedraaide benen, licht verend de toechouwers langs.

Maar mode is lijf en leden, is aanvoelen hoe leuk geknipte en bewerkte stoffen je persoonlijkheid accentueren, hoe je lichaam verandert.  Mode is verandering, is ‘de gang van zaken’ beklemtonen, laten uitdeinen, zwieren, kortom heeft meer iets met dans dan met doorgeschminkte en gefotoshopte wezens te maken.

Kijk hoe kinderen zich verkleden, zelfs met een eenvoudige handdoek of laken.  Ze vertrekken vanuit de stof want hun wezen is beweging, is verandering-tonen, is bijna huppelen en dan weer heel geconcentreerd draperen en de nieuwe bewegingsmogelijkheden die daardoor ontstaan uittesten. Het is niet ver-kleden, maar aankleden, een relatie tussen het lichaam en de stof bespelen zodat de stof de mogelijkheden van de innerlijke denk- en voelwereld vergroot.

Kleren moeten inderdaad gedragen worden en niet alleen geshowd.