18627.jpg


Mon, een bediende op ’t stadhuis dacht dat die ivoren toren iets met ‚schaken’ had te maken.  Zijn torens waren van hout, maar de voorzitter van de schaakclub, meneer Segers, lid van de provincieraad, had een spel met ivoren stukken meegebracht uit Perzië of daar ergens in de omtrek.
En die ster van de zee dan?
Misschien noemde hij haar zo, hadden ze samen een huwelijksreis per boot gemaakt en stonden ze ’s avonds naar de sterren te kijken. Wat zegt ge dan?  Gij zijt mijn ster van de zee natuurlijk en ik ben uw ivoren toren.
‚Stoeffer,’ zei Jean.  Maar dat begreep de jongen niet.
Koorts in de hersenen, dat is wat Adri heeft, ging Jean verder.  Zijn eigen grootvader dacht maanden aan een stuk dat hij Napoleon was en dat kwam door hersenkoorts had de dokter gezegd.
Nu hij met zijn pa langs Adri’ s bed liep, glimlachte hij.
‚Sint Jan, de voorloper, en gij zijt degene die komen moest.’
Zijn vader knikte vriendelijk terug en begon daarna over het volgende voetbalseizoen en of FC Turnhout dan al in tweede klasse zou spelen?

‚Wat doet dat kind daar,’ had de dokter gevraagd toen hij hem op de vensterbank bij ’t bed van Jean zag staan.
‚Kijken of er iemand het peloton heeft gelost,’ zei de jongen.
Of er dan koers was?
‚Elke dag,’ zei de jongen.  ‚De jongens van de klas.  Iedereen kent ze hier al.  Ik hou een klassement bij van wie hier eerst aankomt.  Stefaan van den Berg heeft al 12 seconden voorsprong op Ronny Brenders.’
Ze zouden na ’t bezoek eens in de operatiekamer naar zijn voet kijken.
‚Zorg ervoor dat hij een beetje proper is, hé zuster.’

Zo stond hij in de donkere badkamer eens iedereen weer naar huis was in ’t licht van een spaarzaam vijftien-watt peertje.
De zuster zei dat hij geen bad moest nemen maar zich eens flink aan de lavabo helemaal kon wassen.
Ze gaf hem een washandje, een handdoek een stukje zeep waarin ‚lux’ was gegraveerd, volgens Jean de zeep van de filmsterren.
Of hij niet zou vergeten zich ook daar beneden te wassen, vroeg de zuster.
‚Ja, ze zijn heel vuil, zei hij terwijl hij haar een van zijn voetzolen toonde.
Hij kleedde zich uit en stond naakt in de donkere badkamer terwijl hij het wasbakje liet vollopen.
Het was de eerste keer dat hij hier naakt was.  Het gaf hem een vreemd, zelfs een zalig gevoel.  Nu was hij geen patiënt meer.  Patiënten droegen een pyjama.  Hij was een jongen die hij als een schim in de spiegel zag glimlachen. Hij wandelde langs het lege bad, drapeerde zijn handdoek over zijn schouders en kon maar niet besluiten zich in te zepen.
Vreemd dat hij zich later als oude man die bevrijding nog zou herinneren.  Het plezier, dat was het, naakt te zijn zonder enige gène of schaamte.  Geen moeder in de buurt die zijn haar kwam wassen of zijn rug zou schrobben.
Hij stapte in het lege bad en legde zich daarin languit.
Hij hoorde de geluiden van het ziekenhuis ver weg.  Het gedender van de karretjes, het stapelen van borden, het rinkelen van bestek.  Stemmen die onverstaanbare klanken riepen.  Voetstappen.
Hij wilde zo lang blijven liggen tot hij vleugels zou krijgen en hij naar de operatiekamer kon vliegen terwijl zuster Mechtilde hem met een touwtje aan een van zijn kuiten als een kermisballon vasthield.
Adri zou op zijn bed neerknielen.  Maria met haar zwevende kleine Jezus op weg naar de folterkamer van dokter Pilatus. Laat u niet doen, zou Mon roepen.  En als de zwarte op bezoek was en hem in zijn blootje voorbij zag zweven zou ze zich verslikken in haar vijfduizendste weesgegroet en denken dat het befaamde uur van haar dood was aangebroken.
De zuster knikte minzaam zoals alleen zusters kunnen knikken. 
‚Kom, kleine engel, zei ze, eens je voet genezen is zullen we je gouden sandaaltjes aanschuiven.  Persoonlijk dacht hij aan zwemvliezen maar een beetje verguldsel kon best zijn meestal vuile voeten camoufleren.
Of alles in orde was, hoorde hij de zusterlijke stem aan de andere kant van de badkamerdeur.
Hij haastte zich uit de kuip en begon duidelijk hoorbaar golfjes te maken in de volle lavabo.
‚Het duurt van onder een beetje langer, zuster,’ zei hij.
De stem antwoordde niet.  Voetstappen verwijderden zich vlug van de deur.
Ja, als je op je elfde al een 42 schoenmaat hebt is er al heel wat te wassen.

fb-06-30.6.jpg