Ontwapenend (4) Bij het opwaaien van de zielen


Drieëndertig

En zegt zij, -met de stem van de jonge onderwijzeres-
‘Je moet zo ver niet zoeken.’
Ik herken haar lachje uit de laatste dagen
waarin verwarring maar ook rust van het uiteindelijke.

Uit het eindelijke.

En papa, beetje plagerig, zijn manier haar woorden
van hun zwaarmoedigheid te ontdoen.
‘Je moet zo ver niet zoeken.
Hier is het altijd nu.'

Drieëndertig jaar
een weeskind
maar steeds
dichterbij.

Woordeloos
weldra.

Ba – vogel uit het Oude Egypte

Tijd om te luisteren?

Ontwapenend (3): de machteloosheid bekeken

Titiaan ‘De zieke man’ (1514)

Eerst toegeschreven aan Leonardo da Vinci en aan Sebastiano del Piombo werd het uiteindelijk terecht bij het werk van Tiziano Vecellio geklasseerd. Door de uitdrukking en kleur kreeg het schilderij de bijnaam ‘de zieke man’. Het duidt meteen op een vreemde eigenschap waarbij het ‘ingetogene’, ‘de verstilling’ vlug in verband met zwakte en tekort wordt gebracht. Toen hij het schilderde was zijn toekomstige opdrachtgever, Karel V veertien jaar, een jongen met toekomst. De schilder -hij werd toen zesentwintig- zou twee jaar later de officiële schilder van de republiek Venetië worden. Vergelijk je het met ‘Abraham en Isaak’ bedoeld voor een plafondschildering maar nu te bewonderen in de sacristie van de Santa Maria della Salute in Ventië , dan is beweging en palet ver van de soberheid en stilte die je bij ‘de zieke man’ terugvindt.

Titiaan. Abraham en Isaak. 1542-44 olieverf op doek ‘328 x 285cm)

Je moet wel een engel zijn om zonder ernstige kwetsuren het zwaard van Abraham tegen te houden, mes waarmee hij zijn zoon Isaak (hier duidelijk nog Isaakje) aan de vragende god wil offeren. Een bijbelverhaal overigens waartegen ik als kind luidruchtig protesteerde, zeker bij de latere versie van Caravaggio (1573-1619) waarbij de erg menselijke engel Isaak’s arm tegenhoudt en als alternatief offer een ram aanwijst terwijl Isaak het doodsbang uitschreeuwt.

Caravaggio. 1573-1610. Het offeren van Izaak

Rembrandt zal in 1636 zijn versie van het verhaal schilderen waarbij de grote vaderhand het gezicht van zoon Isaak vrijwel helemaal bedekt en je je kunt afvragen of het kind niet eerst gestikt dan wel de nek is afgesneden. De opgestoken linkerhand van de engel drukt duidelijk afkeuring uit. ‘Vent, toch!’

Atelier van Rembrandt. Het offer van Abraham. 1636

Abraham (Hebreeuws: אַבְרָהָם, Avrāhām of אֲבִירָם, Aviram, mogelijk "De/mijn vader is subliem", volgens de volksetymologie: "Vader van velen/vele volken") of Ibrahim (Arabisch: ابرَاهِيم, Ibrahim), eerder Abram geheten (Hebreeuws: אַבְרָם, avrām), is volgens de Hebreeuwse Bijbel en de Koran de aartsvader van de Israëlieten en Arabieren.[1] Omdat hij in overdrachtelijke zin ook zo wordt beschouwd door christenen worden het jodendom, de islam en het christendom ook wel de Abrahamitische religies genoemd. (Wikipedia)

Jan Lievens: Abraham offert de ram in plaats van Isaak, God vernieuwt zijn belofte aan Abraham, olieverf op doek, 180 x 136 cm, circa 1638.

Aandoenlijk is deze mooie versie van Jan Lievens hierboven waar vader en zoon in elkaars armen na-beven terwijl de ram al geofferd is. Wat is ons overkomen? Ook Leonard Cohen, in zijn album Songs from a Room (1969), vertelde het verhaal in zijn prachtige song ‘Story of Isaac’ (met de oorlog in Vietnam op de achtergrond) Hij legt Isaak de woorden van de song in de mond:

Cohens lied heeft een bitter einde:  wat is broederschap?  Als iemand mij broeder noemt, is dat dan op basis van het gevoel dat alle mensen broeders zijn, of is het een retorische kreet die in de zestiger jaren de jonge generatie van het 'Vrije Westen' ertoe moet bewegen onder een gezamenlijke noemer en met een gezamenlijk, van bovenaf aangereikt doel slachtpartijen aan te richten onder hen die plotseling niet meer als medemensen maar als "de Vijand" worden gezien?   (Bram van der Hout over Leonard Cohen)

Flora (1515)
1515-20
Oil on canvas, 80 x 64 cm
Galleria degli Uffizi, Florence

Niet geheel toevallig vind je hierboven een van Titiaans mooiste werken: ‘Flora.’ Ze is een jaartje later dan ‘de zieke man’ geschilderd. Een mooie beschrijving uit de Web Gallery of Art:

"Dit is een van Titiaans mooiste werken, dat in de warme en gepassioneerde intensiteit van de kleur de jeugdige periode van Titiaan samenvat. De mooie vrouw die bloemen draagt zou Flora zijn, de klassieke godin van de bloemen en de lente. De titel Flora gaat terug op een gravure die in de 17e eeuw door Sandrart van het schilderij werd gemaakt. Dit schilderij is een van de eerste uit een reeks portretten van ideale vrouwelijke schoonheid die Titiaan schilderde. De glans van haar roodgouden haar, de zachte tint van haar huid en de net zichtbare borst waarvan de naaktheid vakkundig wordt benadrukt door haar hand en het roze brokaat, tonen Titiaans vaardigheden als subtiel colorist en zijn zekere gevoel voor sensualiteit."

Zij is mijn beeld tegenover de overdaad aan zgn. ‘mannelijkheid’ die de strijdende wereld deze dagen overvloedig toont zoals Noor Or in haar opstel “La Nausée” beschrijft:

"Maar ik ben gaan denken dat de wortel van het probleem, en van al het geweld dat de wereld op zijn grondvesten doet schudden, misschien wel mannelijkheid is.
Als ik bedenk dat nog maar een paar dagen geleden honderden Palestijnse en Israëlische vrouwen deelnamen aan de “vrouwen voor vrede”-mars in Jeruzalem, huiver ik bij de gruwel die daarop volgde. Ik huiver bij de gedachte aan die mannen die met hun wapens in de lucht zwaaien als rechtopstaande penissen. Ik huiver als ik denk aan de staatshoofden, vernederd, hun mannelijkheid gekneusd, die hun beslissingen zullen nemen met maar één gedachte in hun achterhoofd: bewijzen wie de grootste heeft.
Ik weet dat ik van alle kanten aangevallen zal worden. Door pro-Palestijnen, door pro-Israëliërs, door anti-feministen, door kwetsbare mannen, en met hen geallieerde vrouwen. En voor het eerst in mijn leven kan het me niets schelen."

Noor Or
oorspronkelijke bron: 

https://lundi.am/La-nausee

geciteerd en vertaald in Salon van Sisyphus “Misselijk”

TANIA FONT < Palamós, 1978
DECONSTRUCCIÓ XX
2023 – 72 x 64 x 43 cm
Concrete, iron, ceramic, paper & wood

Ontwapenend (2): That’s where grandpa is camping!

Andrea Appiani “Princess Augusta of Bavaria with her children Josephine and Eugenie.
Little Princess Joséphine, the future queen of Sweden and Norway, points to the location in Hungary where her father, Prince Eugène de Beauharnais, Viceroy of Italy and stepson of Napoléon, led a military victory against the Austrian army at the Battle of Raab, 14 June 1809. 
detail
De Slag bij Raab of Slag bij Győr werd uitgevochten op 14 juni 1809 tijdens de Napoleontische oorlogen tussen Frans-Italiaanse troepen en Habsburgse troepen. De strijd werd uitgevochten nabij Győr (Raab), Koninkrijk Hongarije, en eindigde in een Frans-Italiaanse overwinning. Door de overwinning kon aartshertog Jan van Oostenrijk geen significante troepenmacht naar de Slag bij Wagram brengen, terwijl de strijdmacht van prins Eugène de Beauharnais in staat was om zich op tijd aan te sluiten bij keizer Napoleon in Wenen om bij Wagram te vechten. (Langs Frans-Italiaanse kant vielen er meer dan vierduizend doden.)

De schilder van dit vrij merkwaardige doek, Andrea Appiani (1754-1817) zette zich enthousiast in voor het nieuwe bewind na de Italiaanse veldtocht van Napoleon. Had zijn vader hem voorbestemd voor een medische carrière -zelf was hij ook arts- dan ging de zoon liever schilderlessen volgen.
Hij maakte later deel uit van de Wetgevende Vergadering van de Cisalpijnse Republiek en kreeg eerst de functie van Commissaris voor de Kunsten en later die van Commissaris voor de Uitvoerende Kunsten. Hij ging enkele malen naar Parijs. Bij een van zijn bezoeken woonde hij de kroning van Napoleon Bonaparte tot keizer van Frankrijk bij.


In de tijd van het Koninkrijk Italië kende Napoleon, nu ook koning van Italië, hem de titel ‘hofschilder’ toe. Aldus schilderde hij Napoleon en andere hoogwaardigheidsbekleders. Na de val van Napoleon verloor hij zijn titel en zijn inkomen. Bovendien was hij in 1813 getroffen door een infarct, waardoor hij grotendeels verlamd raakte. Zijn laatste jaren bracht hij door in armoede. Hij overleed in Milaan in 1817. (bron: Wikipedia)

Andrea Appiani Incoronazione di un imperatore

“I found an image of an old painting I made of my grandfather, Alberto. He was a photographer/paratrooper in the Korean war and I created the painting using his war photos as references. I’ve been thinking about all the hardships he must have endured at war. It’s such a scary, sobering, and surreal experience to see a war unfolding in my lifetime. I wonder if I’m going to experience some of the same things my grandparents did.” (LMM Designs)

LMMDesigns
'The photos were shot during my grandfather’s mandatory military service in Turkey. Assuming that he was born in 1928, the photos should have taken in the 1940s. As my mom and aunts told me, my grandfather and his fellow soldiers only had a chance to have their photos taken a few times, and due to financial impossibilities, they got limited copies from the photographer. And, after they got the photos, they cast lots for the remaining photos, and my grandfather could only get the printed negatives instead of the original prints. 

Fortunately, the prints were kept well in an album, and I used an flatbed scanner for scanning and transferring the images to Photoshop. With just one click, the photos became real! I just pressed “Command + I” to invert the colors in Photoshop, and all the images came real as black and white photos, showing my grandfather and his friends in their early 20s. Approximately 60 years later, these photos were printed properly and added as the most valuable photos in our family album. (Burak Erzincanli. 2016)

“Hatira” means “memory” in Turkish, and that kind of backdrop was used in most photo shoots of the time.

Zelf heb ik ook een grootvader, sinds lang zaliger, die in de grote oorlog kortstondig aanwezig was met langdurige gevolgen. Fort de Marchovelette in de Naamse omgeving , 23 augustus 1914. Een granaat in de kruitruimte. Twee derde van de manschappen is dood of zwaar gekwetst, vreselijk verbrand. Een getuige vertelt:

"Le bombardement qui accable le fort depuis l’aube du dimanche 23 se ralentit pour cesser vers 13 heures. Le lieutenant Caussin s’écrie: “Nous sommes sauvés, tous à vos postes, on contre-attaque!”. Tout à coup, vers 13 heures 45, une salve s’abat sur le massif. Simultanément, une explosion formidable, l’arrêt des machines, l’extinction des lumières, et un seul cri prolongé… puis le silence. (Un obus avait atteint une puissante charge de poudre.) Projeté avec violence contre la porte du magasin à projectiles, je me relève, et puis, aussitôt, je suis agrippé par un camarade. Je m’engage dans le couloir, mais, tout de suite, je dois rebrousser chemin, Le gaz, la fumée me prennent à la gorge. Je me dirige vers le massif central et je traverse les flammes pour enfin aboutir aux fenêtres de l’escarpe. Le scène qui se passe, en ces instants tragiques, est indescriptible. Des camarades horriblement brûlés se bousculent sans vêtements ou avec des lambeaux qui flambent encore. Plus de cheveux. La figure toute noire. Méconnaissables, ces malheureux se dirigent vers l’infirmerie où se dévouent le docteur Emery et les infirmiers. D’autres, halètent ou gémissent atrocement avant de mourir."

Je kunt de vijf afleveringen rond zijn persoonlijk verhaal nog steeds raadplegen in dit blog:

Follow SONY SOUNDTRACKS: 
► https://lnk.to/sonysoundtracks

I am a poor wayfaring stranger
I'm travelling through this world of woe
Yet there's no sickness, toil nor danger
In that bright land to which I go

I'm going there to see my father
I'm going there, no more to roam
I'm only going over Jordan
I'm only going over home

I know dark clouds will gather round me
I know my way is rough and steep
But golden fields lie just before me
Where God's redeemed shall ever sleep

I'm going home to see my mother
And all my loved ones who've gone on
I'm only going over Jordan
I'm only going over home

(Repeat verse one and chorus)

Ontwapenend (1) Markéta Luskačová

Markéta Luskačová, Two boys with their jumpers over their heads, Booker Avenue Primary School, Liverpool (1988)

Markéta Luskačová is een in Tsjechië geboren fotografe die een groot deel van haar leven in het Verenigd Koninkrijk heeft gewoond en gewerkt. Ze is vooral beroemd om haar documentatie van het leven in afgelegen Slowaakse dorpen en op de East End-markten in Londen. Ze wordt door velen beschouwd als een van de beste sociale fotografen van haar tijd.
Luskačová werd in 1944 in Praag geboren en groeide op in Tsjecho-Slowakije ten tijde van de communistische partij. In 1963 ontdekte ze een groep pelgrims die naar de stad Levoča reisden en werd ze vastbesloten om die culturele en religieuze tradities te documenteren die dreigden te worden uitgewist. Ze studeerde Cultuursociologie aan de Karelsuniversiteit en studeerde in 1967 af met een scriptie getiteld Pelgrimstochten in Slowakije. Daarna ging ze fotografie studeren aan de FAMU film- en tv-school in Praag.

Markéta Luskačová: North Shields, 1978
Czech-born Luskačová has lived in the UK since 1975 and first went to North East England in 1976 when visiting photographer Chris Killip, who at that time lived there. She fell in love with Whitley Bay, and with the people there who, in spite of the harsh weather, enjoyed their time at the seaside. When Amber, a film and photography collective, invited her in 1978 to photograph the North East of England alongside Martine Franck, Henri Cartier-Bresson and Paul Caponigro, she was drawn back to photograph the seaside.

“I was very touched by it all: the families with children, old women in their best hats, elderly couples with grandchildren, teenagers courting shyly or boisterously, the ponies and donkeys walking patiently to and fro on the beach. The dogs and children were everywhere, dogs enjoying themselves as much as the children did. The fairground and the omnipresent tents, fortresses against the wind and rain, the seaside cafes selling sandwiches, apple pies, custard pies, ice creams and teas, of course. But they also sold boiling water to women who brought with them from their homes their teapots and teabags, because to buy tea for the whole family would be too expensive.”

Markéta Luskačová: South Shields, 1978

In een tijd van ‘wapengekletter’ willen we graag ‘ontwapenende’ bijdrages leveren waarin het leven van alledag ‘ontwapenend’ door kunstenaars(essen) allerlei wordt ervaren. Met de hoop dat de kinderen en volwassenen nu nog tussen de wapens weldra opnieuw in dezelfde geborgenheid mogen leven. Bekijk de zeefoto’s door hierboven op de titel Marketa Luskacova: By the sea te klikken. Geniet.

En genoemde fotograaf Kris Killip hebben we uitvoerig belicht. Bezoek ook:

How much beauty can a person bear? Louise Glück poet (1943-2023)





I take my basket to the brazen market,
to the gathering place,
I ask you, how much beauty
can a person bear? It is
heavier than ugliness, even the burden
of emptiness is nothing beside it.
Crates of eggs, papaya, sacks of yellow lemons —
I am not a strong woman. It isn’t easy
to want so much, to walk
with such a heavy basket,
either bent reed, or willow.

Louise Glück, een Amerikaanse dichteres wier aangrijpende, diep persoonlijke werk, vaak gefilterd door thema’s uit de klassieke mythologie, religie en de natuur, haar vrijwel alle mogelijke onderscheidingen opleverde, waaronder de Pulitzer Prize, de National Book Award en, in 2020, de Nobelprijs voor de Literatuur, is vrijdag 13 oktober in haar huis in Cambridge, Massachusetts overleden. Ze werd 80.


The Wild Iris

At the end of my suffering
there was a door.

Hear me out: that which you call death
I remember.

Overhead, noises, branches of the pine shifting.
Then nothing. The weak sun
flickered over the dry surface.

It is terrible to survive
as consciousness
buried in the dark earth.

Then it was over: that which you fear, being
a soul and unable
to speak, ending abruptly, the stiff earth
bending a little. And what I took to be
birds darting in low shrubs.

You who do not remember
passage from the other world
I tell you I could speak again: whatever
returns from oblivion returns
to find a voice:

from the center of my life came
a great fountain, deep blue
shadows on azure seawater.


Pexels Maahid Photos
De wilde Iris


Aan het einde van mijn lijden
daar was een deur.

Hoor mij aan:  dat wat jij dood noemt
Herinner ik mij.

Boven mij, geluiden, dennentakken verschuivend.
Dan niets. De zwakke zon
flikkerde over het droge oppervlak.

Het is verschrikkelijk om te overleven
als bewustzijn
begraven in de donkere aarde.

Toen was het voorbij: dat waar je bang voor bent, als
een ziel en niet in staat
om te spreken, eindigde abrupt, de stijve aarde
een beetje buigend. En wat ik dacht dat het
vogels waren die in lage struiken dartelden.

Jij die je de overgang
naar de andere wereld niet herinnert
vertel ik dat ik weer kon spreken: wat er ook
terugkeert uit de vergetelheid keert terug
om een stem te vinden:

vanuit het centrum van mijn leven kwam
een grote fontein, diep blauwe
schaduwen op azuren zeewater.

(vertaling Gmt)
fragment Pexel photo Jay Antol

Glück could not have written her poems had Emily Dickinson never existed (she confessed in her Nobel acceptance speech to having devoured Dickinson’s poetry in her teens). But unlike Dickinson, Gluck’s approach is non-ecstatic: she is more undeceived than exalted, not an obvious believer in the sublime. And she is a poet not of dashes but of full stops: she comes repeatedly to a halt to consider. From the beginning, she has been concerned with endings, declaring recently in Faithful and Virtuous Night (2014):

It has come to seem

there is no perfect ending.

Indeed, there are infinite endings.

Or perhaps, once one begins,

there are only endings.

Ze schrijft over naweeën (zoals, tot op zekere hoogte, alle dichters doen), maar herleeft haar kindertijd, haar relatie met haar moeder, de dood van haar zus en ouders, het einde van haar huwelijk en ouderdom met sombere en onthullende precisie. Haar gedichten bevatten vaak een zweem van gevaar, de mogelijkheid van vernietiging. The Fire (1975) is een prachtige voorstelling, verankerd in pijn, waarin ze “van dennen- en appelhout” een mini-begrafenisbrandstapel bouwt om de dood van een relatie aan te geven.

The Fire

Had you died when we were together
I would have wanted nothing of you.
Now I think of you as dead, it is better.

Often, in the cool early evenings of the spring
when, with the first leaves,
all that is deadly enters the world,
I build a fire for us of pine and apple wood;
repeatedly
the flames flare and diminish
as the night comes on in which
we see one another so clearly—

And in the days we are contented
as formerly
in the long grass,
in the woods’ green doors and shadows.

And you never say
Leave me
since the dead do not like being alone.
Foto door Pixabay
De brand

Was je gestorven toen we samen waren
had ik niets van je gewild.
Nu ik je als dood zie, is dat beter.

Vaak, in de koele vroege avonden van de lente
wanneer, met de eerste bladeren,
al het dodelijke de wereld binnenkomt,
maak ik voor ons een vuur van dennen- en appelhout;
herhaaldelijk
laaien de vlammen op en nemen af
als de nacht komt waarin
we elkaar zo duidelijk zien-

En in de dagen zijn we tevreden
zoals vroeger
in het lange gras,
in de groene deuren en schaduwen van het bos.

En je zegt nooit
Verlaat me
omdat de doden niet graag alleen zijn

Mirror Image

Tonight I saw myself in the dark window as

the image of my father, whose life

was spent like this,

thinking of death, to the exclusion

of other sensual matters,

so in the end that life

was easy to give up, since

it contained nothing: even

my mother’s voice couldn’t make him

change or turn back

as he believed

that once you can’t love another human being

you have no place in the world.


Spiegelbeeld

Vannacht zag ik mezelf in het donkere raam als

het beeld van mijn vader, wiens leven

op deze manier werd doorgebracht,

denkend aan de dood, met uitsluiting

van andere sensuele zaken,

zodat het leven uiteindelijk

gemakkelijk op te geven was, omdat

het niets bevatte: zelfs

de stem van mijn moeder kon hem niet

veranderen of terugdraaien

omdat hij geloofde

dat als je eenmaal niet van een ander mens kunt houden

je geen plaats hebt in de wereld.

(Poems 1962-2020 by Louise Glück is published by Penguin (£30)

Album Photo Aaron Smith For My Father Apple Music
Here Are My Black Clothes

I think now it is better to love no one
than to love you. Here are my back clothes,
the tired nightgowns and robes fraying
in many places. Why should they hang useless
as though I were going naked? You liked me well enough
in black; I make you a gift of these objects.
You will want to touch them with your mouth, run
your fingers through the thin
tender underthings and I
will not need them in my new life.


Hier zijn mijn zwarte kleren

Ik denk dat het nu beter is van niemand te houden
dan van jou te houden. Hier zijn mijn zwarte kleren,
de vermoeide nachtjaponnen en jurken die rafelen
op vele plaatsen. Waarom zouden ze nutteloos hangen
alsof ik naakt zou gaan? Je vond me goed genoeg
in het zwart; ik doe je deze voorwerpen cadeau.
Je zult ze met je mond willen aanraken, loop met
vingers door het dunne 
tedere ondergoed en ik
zal ze niet nodig hebben in mijn nieuwe leven.

“I assume that my struggles and joys are not unique,” said Louise Glück, who received the Nobel Prize in Literature. “I’m not interested in making the spotlight fall on myself and my particular life, but instead on the struggles and joys of humans, who are born and then forced to exit.”Credit…Katherine Wolkoff. The New York Times
I’ve written about death since I could write. Literally when I was 10, I was writing about death. Yeah, well, I was a lively girl. Aging is more complicated. It isn’t simply the fact that you’re drawn closer to your death, it’s that faculties that you counted on — physical grace and strength and mental agility — these things are being compromised or threatened. It’s been very interesting to think about and write about.

Everybody who writes draws sustenance and fuel from earliest memories, and the things that changed you or touched you or thrilled you in your childhood. I was read the Greek myths by my visionary parents, and when I could read on my own, I continued to read them. The figures of the gods and heroes were more vivid to me than the other little children on the block in Long Island. It wasn’t as though I was drawing on something acquired late in life to give my work some kind of varnish of learning. These were my bedtime stories. And certain stories particularly resonated with me, especially Persephone, and I’ve been writing about her on and off for 50 years. And I think I was as much caught up in a struggle with my mother, as ambitious girls often are. I think that particular myth gave a new aspect to those struggles. I don’t mean it was useful in my daily life. When I wrote, instead of complaining about my mother, I could complain about Demeter.


Pinax of Persephone and Hades from Locri. Reggio Calabria, National Museum of Magna Graecia.

In augustus 2021 hebben we al eens gedichten van Louise Glück voorgesteld. Ze zijn een mooie aanvulling. Bezoek dus:

October (III)

Snow had fallen. I remember
music from an open window.

Come to me, said the world.
This is not to say
it spoke in exact sentences
but that I perceived beauty in this manner.

Sunrise. A film of moisture
on each living thing. Pools of cold light
formed in the gutters.

I stood
at the doorway,
ridiculous as it now seems.

What others found in art,
I found in nature. What others found
in human love, I found in nature.
Very simple. But there was no voice there.

Winter was over. In the thawed dirt,
bits of green were showing.

Come to me, said the world. I was standing
in my wool coat at a kind of bright portal —
I can finally say
long ago; it gives me considerable pleasure. Beauty
the healer, the teacher —

death cannot harm me
more than you have harmed me,
my beloved life.
Foto door Domen Mirtiu010d Dolenec op Pexels.com

Wij zullen jullie dwingen je verstand te verliezen

In de New York Times van 10 oktober 2023 verscheen een artikel van hun ‘Foreign Fairs opinion columnist Thomas L. Friedman die sinds 1981 bij deze krant werkt, met als titel: ‘Israel has never needed to be smarter than in this moment.’ Ik maakte een vertaling en vat het hier samen.

Thomas L. Friedman became the paper’s foreign affairs Opinion columnist in 1995. He joined the paper in 1981, after which he served as the Beirut bureau chief in 1982, Jerusalem bureau chief in 1984, and then in Washington as the diplomatic correspondent in 1989, and later the White House correspondent and economic correspondent.

“Ik doe al bijna 50 jaar verslag van dit conflict en ik heb Israëli’s en Palestijnen veel vreselijke dingen met elkaar zien doen: Palestijnse zelfmoordterroristen die Israëlische disco’s en bussen opblazen; Israëlische gevechtsvliegtuigen die buurten in Gaza raken waar Hamas-strijders wonen, maar die ook massale burgerslachtoffers maken. Maar ik heb nog nooit zoiets gezien als wat er afgelopen weekend gebeurde: individuele Hamasstrijders die Israëlische mannen, vrouwen en kinderen oppakten, hen in de ogen keken, hen neerschoten en, in één geval, een naakte vrouw door Gaza lieten paraderen onder kreten van “Allahu akbar”.

De laatste keer dat ik getuige was van een dergelijk niveau van persoonlijke barbaarsheid was de massamoord op Palestijnse mannen, vrouwen en kinderen door christelijke militieleden in de Sabra en Shatila vluchtelingenkampen in Beiroet in 1982, waar het eerste slachtoffer dat ik tegenkwam een oudere man was met een witte baard en een kogelgat in zijn slaap.

Hoewel ik me geen illusies maak over de reeds lang bestaande inzet van Hamas voor de vernietiging van de Joodse staat, vraag ik me vandaag toch af: Waar komt deze ISIS-achtige impuls voor massamoord als hoofddoel vandaan? Niet het innemen van grondgebied, maar gewoon moord? Er is hier iets nieuws dat belangrijk is om te begrijpen.”

Hij wijst daarbij op een foto die hem opviel, vooral omdat hij zowel in Beiroet als in Jeruzalem heeft gewoond. De foto werd genomen door het team van de Israëlische minister van Communicatie, Shlomo Karhi, die een postconferentie van de VN bijwoonde in Riyad, terwijl ze een gebedsdienst hielden in hun hotelkamer voor de Joodse feestdag Sukkot. Een van hen nam een foto van een collega die een traditionele Joodse gebedsmantel en keppeltje droeg terwijl hij een Torah-rol omhoog hield met de skyline van Riyad in het raam daarachter.
A member of Israel’s Communications Ministry during a private prayer service in Riyadh, Saudi Arabia, on Oct. 3.Credit…Spokesman’s Office, Israeli Communications Ministry
"Maar diezelfde foto ontsteekt een krachtige en emotionele woede bij veel Palestijnen, in het bijzonder bij degenen die gelieerd zijn met de islamitische Moslimbroederschap, waaronder Hamas en de Palestijnse Islamitische Jihad. Voor hen is die foto de volledige uitdrukking van het hoogste doel van de Israëlische premier Benjamin Netanyahu: bewijzen aan alle neezeggers, en hen zelfs het feit inwrijven, dat hij vrede kan sluiten met alle Arabische staten - zelfs Saoedi-Arabië - en de Palestijnen geen centimeter hoeft te geven."
Wat diplomatie betreft, dat is de levensmissie van Netanyahu geweest: aan iedereen bewijzen dat Israël zijn stuk van de taart kan krijgen - dat door alle omringende Arabische staten wordt geaccepteerd - en ook het gebied van de Palestijnen" kan opeten.


“Ik heb geen idee of de leiding van Hamas dat specifieke beeld heeft gezien, maar ze zijn zich volledig bewust van de voortdurende evolutie die het weerspiegelt. Ik denk dat één van de redenen waarom Hamas niet alleen nu deze aanval lanceerde – maar er blijkbaar ook opdracht toe gaf om zo moorddadig mogelijk te zijn – was om een Israëlische overreactie uit te lokken, zoals een invasie van de Gazastrook, die zou leiden tot massale Palestijnse burgerslachtoffers en op die manier Saoedi-Arabië zou dwingen om terug te krabbelen van de door de VS bemiddelde deal die nu wordt besproken om de normalisatie tussen Riyad en de Joodse staat te bevorderen. En ook om de Verenigde Arabische Emiraten, Bahrein en Marokko, die deel uitmaakten van de Abraham-akkoorden van de regering Trump, te dwingen een stap terug te doen ten opzichte van Israël.

De essentie van de boodschap van Hamas aan Netanyahu en zijn extreemrechtse regeringscoalitie van joodse supremacisten en ultraorthodoxen is deze: Jullie zullen je hier nooit thuis voelen – ongeacht hoeveel van ons land onze Arabische broeders uit de Golf aan jullie verkopen. We zullen jullie dwingen om je verstand te verliezen en gekke dingen te doen in Gaza waardoor de Arabische staten jullie zullen mijden.

Let op: Hamas stuurde geen agenten naar de door Israël bezette Westelijke Jordaanoever (en het heeft er genoeg) om Joodse nederzettingen aan te vallen. Het richtte zijn aanval op Israëlische dorpen en kibboetsboerderijen die geen deel uitmaakten van de door Israël bezette Westelijke Jordaanoever.

Dit waren de huizen van de mensen van het Israël van vóór 1967, het democratische Israël, het liberale Israël – die in vreedzame kibboetsen leefden of naar een levenslustig discofeest gingen,” merkte de Israëlische schrijver Ari Shavit op. Voor Hamas is “alleen al het bestaan van Israël een provocatie,” zei hij. Alleen al in één kibboets, Be’eri, werden onlangs minstens 108 mensen, waaronder kinderen, neergeschoten.”

Wat moet er nu gebeuren, behalve door achter het recht van Israël te staan om zichzelf te beschermen?

Ten eerste hoop ik dat de president Israël vraagt om zichzelf de volgende vraag te stellen als het overweegt wat het nu moet doen in Gaza: Wat willen mijn ergste vijanden dat ik doe – en hoe kan ik precies het tegenovergestelde doen?

Wat de ergste vijanden van Israël – Hamas en Iran – willen, is dat Israël Gaza binnenvalt en daar verstrikt raakt in een strategische overrompeling die Amerika’s verstrikking in Falluja zou doen lijken op een verjaardagsfeestje voor kinderen. We hebben het over huis-aan-huisgevechten die de sympathie die Israël op het wereldtoneel heeft verzameld, zouden ondermijnen, de aandacht van de wereld zouden afleiden van het moorddadige regime in Teheran en Israël zouden dwingen om zijn troepen uit te breiden om Gaza en de Westelijke Jordaanoever permanent te bezetten.

Hamas en Iran willen absoluut niet dat Israël heel diep of lang afziet van een invasie in Gaza.

Hamas wil ook niet dat de VS en Israël in plaats daarvan zo snel mogelijk doorgaan met onderhandelingen om de betrekkingen met Saoedi-Arabië te normaliseren als onderdeel van een deal die ook van Israël zou vereisen om echte concessies te doen aan de Palestijnse Autoriteit op de Westelijke Jordaanoever, die Israël heeft aanvaard als onderdeel van de Oslo-vredes-akkoorden.

Maar om ervoor te zorgen dat Israël doet wat het meest in zijn eigen belang is, en niet in dat van Hamas en Iran, zal er waarschijnlijk wat harde liefde nodig zijn tussen Biden en Netanyahu. Men mag nooit vergeten dat Netanyahu altijd liever leek om te gaan met een Hamas dat onophoudelijk vijandig stond tegenover Israël dan met zijn rivaal, de meer gematigde Palestijnse Autoriteit – waar Netanyahu er alles aan deed om het in diskrediet te brengen, ook al heeft de Palestijnse Autoriteit lang nauw samengewerkt met de Israëlische veiligheidsdiensten om de Westelijke Jordaanoever rustig te houden, en Netanyahu weet dat.

Netanyahu heeft de wereld nooit willen laten geloven dat er "goede Palestijnen" zijn die bereid zijn om zij aan zij met Israël in vrede te leven en hen proberen te koesteren. Al jaren wil hij tegen Amerikaanse presidenten zeggen: Wat wilt u van mij? Ik heb niemand om mee te praten aan de Palestijnse kant.

Dat is hoe Israël een stadium heeft bereikt waarin de steeds kostbaarder wordende - moreel en financieel - Israëlische bezetting van de Westelijke Jordaanoever niet eens een onderwerp is geweest in de laatste vijf Israëlische verkiezingen.

Of zoals Chuck Freilich, een voormalig plaatsvervangend Israëlisch nationaal veiligheidsadviseur, zondag schreef in een essay in Haaretz: "Gedurende anderhalf decennium heeft premier Netanyahu ernaar gestreefd de scheiding tussen de Westelijke Jordaanoever en Gaza te institutionaliseren, de Palestijnse Autoriteit, de P.A., te ondermijnen en de facto samenwerking met Hamas te voeren, allemaal bedoeld om de afwezigheid van een Palestijnse partner aan te tonen en ervoor te zorgen dat er geen vredesproces kon zijn dat een territoriaal compromis op de Westelijke Jordaanoever had kunnen vereisen.”

Tot slot hoop ik dat Biden Netanyahu vertelt dat Amerika er alles aan zal doen om het democratische Israël te helpen zich te verdedigen tegen de theocratische fascisten van Hamas - en hun zielenbroeders van Hezbollah in Libanon, mochten zij de strijd aangaan.
Los Disparates

Maar Netanyahu’s kant van de overeenkomst is dat hij zich opnieuw moet verbinden met het liberale democratische Israël, zodat de wereld en de regio dit niet zien als een religieuze oorlog, maar als een oorlog tussen de frontlinie van de democratie en de frontlinie van de theocratie. Dat betekent dat Netanyahu zijn kabinet moet veranderen, de religieuze fanatiekelingen eruit moet zetten en een regering van nationale eenheid moet vormen met Benny Gantz en Yair Lapid.

Helaas geeft Netanyahu nog steeds voorrang aan zijn coalitie van ijveraars, die hij nodig heeft om hem te beschermen tegen zijn corruptieproces en om zijn gerechtelijke staatsgreep te voltooien die het Hooggerechtshof van Israël zou uitschakelen. Dat is echt een zooitje.

En het is een zeer belangrijke reden waarom Israël in de eerste plaats werd verrast. Netanyahu was zo gehecht aan deze persoonlijke agenda dat hij bereid was om de Israëlische samenleving te verdelen als nooit tevoren – en zijn eigen leger en luchtmacht te versplinteren in het proces – om controle te krijgen over de rechtbanken.

Ik beloof je dat als en wanneer er een onderzoek komt naar hoe het Israëlische leger deze Hamas-opstoot zo heeft kunnen missen, onderzoekers zullen ontdekken dat de leiding van het Israëlische leger zoveel tijd moest besteden aan het voorkomen dat zijn luchtmachtpiloten en reserveofficieren hun dienst zouden boycotten om te protesteren tegen Netanyahu’s gerechtelijke staatsgreep – om nog maar te zwijgen van de tijd, aandacht en middelen die ze moesten besteden aan het voorkomen dat extremistische kolonisten en religieuze fanatiekelingen gekke dingen zouden doen in Jeruzalem en op de Westelijke Jordaanoever – dat ze hun ogen van de bal af hielden.

Amerika kan Israël op de lange termijn niet beschermen tegen de zeer reële bedreigingen waarmee het wordt geconfronteerd, tenzij Israël een regering heeft die het beste en niet het slechtste van zijn samenleving weerspiegelt, en tenzij die regering bereid is om te proberen compromissen te sluiten met het beste en niet het slechtste van de Palestijnse samenleving.

Een artikel in de NY Times 10 oktober 2023 van Thomas L. Friedman in dit niet commercieel blog zichtbaar gemaakt om nieuwsgierige lezers een abonnement op deze krant aan te bevelen.  Gelieve deze tekst niet over te nemen maar hem in de oorspronkelijke versie in de NY Times te raadplegen.

Figure asleep (detail), Francisco Goya, Plate 43, The sleep of reason produces monsters from Los Caprichos, 1799, etching, aquatint, drypoint, and burin, plate: 21.2 x 15.1 cm (The Metropolitan Museum of Art)

And there’s nothing to be done (Y no hai remedio)

Geruststelling

“Jij hebt mijn dochter gedood.”
“…en jij doodde mijn zoon.”

-maar het goud steeg in waarde.
Goud is een veilige haven.

"Mijn dochter riep: “Spaar mij, spaar mij.”
“Mijn zoon schreeuwde net voor een raketinslag.”

In het kielzog van de goudprijs
stegen ook de andere edele metalen in waarde,
zoals zilver, palladium en platina.

Analisten van KBC in hun ochtendnota:
‘Geopolitieke conflicten zorgen traditioneel
wel voor gebibber op korte termijn
maar niet op langere.’

Ook Ryanair verloor meer dan 3 %.

-maar het goud steeg in waarde.
Goud is een veilige haven.
(Je kunt bij de titel ook een vraagteken zetten, dat maakt een groot verschil!)

Francisco Goya, And there’s nothing to be done (Y no hai remedio), plate 15 from The Disasters of War (Los Desastres de la Guerra), 1810, etching, drypoint, burin, and burnisher, 14 x 16.7 cm (The Metropolitan Museum of Art, New York)
Reassurance

"You killed my daughter."
"...And you killed my son."

-but gold rose in value.
Gold is a safe haven.

"My daughter cried, "Save me, save me."
"My son screamed just before a rocket impact."

In the wake of the gold price
other precious metals also rose in value,
such as silver, palladium and platinum.

Analysts at KBC in their morning note:
"Geopolitical conflicts traditionally do
do cause short-term tremors
but not in the longer term.'

Ryanair also lost more than 3%.

-but gold rose in value.
Gold is a safe haven.

(You can also put a question mark by the title, it makes a big difference!)

Lees ook: DE REACTIE VAN HET WESTEN IS HYPOCRIET EN ONGELOOFWAARDIG Johan Depoortere

https://wordpress.com/read/feeds/47202/posts/4934488955

“De Boletus-satanas”, een vervolgverhaal (3)

De opgestoken vingers? Dat was duidelijke tekentaal. In ChatGPT-taal: hallucinaties. En zijn rol als veel besproken ‘factchecker’ kon dus duidelijk gemanipuleerd worden. De Boletus-satanas was allerminst in staat gebleken winst-oproepende ideeën aan te leveren, ziekenhuisrekeningen niet inbegrepen. Maar erg toevallig klonk het ook niet. Zachtjes gemanipuleerd bleek een betere term waarvan het resultaat voor de nodige hallucinaties kon zorgen.

Of ik een kabouter was? Antwoorden met ‘nee, Sinterklaas’ gaf de ChatGPT te veel kansen om het over het leven van heilige mannen te hebben dus was het beter een vraag met een vraag te beantwoorden.
‘Ik niet, jij wel?’
‘Kabouter Plop en kabouter Wesley zijn kabouters. Of de kabouters van Rien Poortvliet.’
‘Ben jij een kabouter?’
‘Een kabouter is een fictief wezen dat vaak wordt afgebeeld als een klein menselijk figuurtje met een lange baard en een puntmuts. Kabouterverhalen en -legendes zijn vooral populair in Europese folklore, met name in landen zoals Nederland, België, Duitsland en Scandinavië. Kabouters worden vaak geassocieerd met bossen en natuurlijke omgevingen, en worden vaak afgeschilderd als vriendelijke wezens die in harmonie met de natuur leven. Ze worden vaak beschreven als behulpzaam en soms ondeugend, en worden vaak geassocieerd met het bewaken van schatten of levende wezens in het bos.’

Na enkele seconden verscheen het prentje met de opgestoken vingers dat weldra werd vervangen door deze boodschap:
‘ChatGpt is ontworpen om een vriendelijke en interactieve gesprekservaring te bieden. Je kunt gewoon je gedachten delen, een discussie voeren of zelfs wat luchtige humor uitwisselen.’

Die ‘luchtige humor’ kwam vlug in de schaduw toen ik het over de hallucinaties had waarvan eerder sprake:

Een risico van generatieve AI wordt hallucinatie genoemd. (zonder koorts of zonder paddo's!)

Een van de grootste zorgen van generatieve AI-systemen wordt zichtbaar wanneer ze de vragen niet begrijpen of ze verkeerd interpreteren. Omdat ze geen correcte antwoorden kunnen genereren, beginnen ze antwoorden te verzinnen in een proces dat “Artificial Intelligence Hallucination” wordt genoemd.

Hallucinatie is de term die wordt gebruikt voor het fenomeen waarbij AI-algoritmen en deep learning neurale netwerken uitvoer produceren die niet echt is, niet overeenkomt met de gegevens waarop het algoritme is getraind of niet overeenkomt met een ander identificeerbaar patroon.

Het kan worden verklaard door je programmering, ingevoerde informatie of andere factoren zoals verkeerde classificatie van gegevens, onvoldoende training, onvermogen om vragen in verschillende talen te interpreteren, onvermogen om vragen in een context te plaatsen.

Hallucinaties kunnen voorkomen op alle soorten synthetische gegevens zoals tekst, afbeeldingen, audio, video en computercode.

En helemaal fraai wordt het als ik lees dat het idee bestaat om OpenAI te belonen bij betrouwbare resultaten om ongewenste resultaten te ontmoedigen.  Niet alleen bij het eindresultaat, maar om te 'belonen' bij elke stap:  “proces-supervisie” tegenover “resultaat-supervisie”. Zo zou de gedachtegang van het systeem transparanter worden. Maar...

“Hoe je kunstmatige intelligentie voor iets beloont werd niet onthuld, maar dat zal niet met een traktatie zijn.”
(IT daily)

"The New York Times pikt het niet langer dat OpenAI zijn populaire site leegrooft om zo slim mogelijk te worden, zonder daar ook maar iets voor te betalen. Dat is alleen maar logisch, zou je denken. Maar toen ChatGPT eind vorig jaar werd gelanceerd, waren we kennelijk allemaal te verbluft om stil te staan bij wat er eigenlijk aan de hand is. Ondertussen sijpelt het langzaam door: ChatGPT is intellectuele diefstal op wereldschaal. We stonden erbij en keken ernaar.

Generatieve AI-machines draaien op onvoorstelbaar grote databestanden, allemaal afkomstig van sites die géén eigendom zijn van de AI-bedrijven. En ChatGPT vraagt geen toestemming. OpenAI-baas Sam Altman plundert als een cowboy, het web is zijn Far West. ChatGPT, maar bijvoorbeeld ook de grafische apps Dall-e of Midjourney, knippen en plakken nieuwe teksten, beelden en filmpjes bij elkaar."  (Bert Bultinck Hoofdredacteur Knack 23 augustus 2023 )

Photo: Jaap Buitendijk uit film ‘Hugo’. 2011 GK Films, LLC.

Hugo, Film in 3D (2011) centreert zich rond een gebroken automaton die hij hoopt te repareren. Het verhaal speelt zich af in de dertiger jaren. Maar ook in vorige eeuwen werden dergelijke automatons ontworpen, machines die zelf zouden denken. In haar artikel in weekend Focus Knack van 20 januari (‘Onzichtbare uitbuiting: ‘Om AI bruikbaar te maken, is er heel wat menselijke arbeid nodig’) schrijft Elisa Hulstaert over de achtergrond van het verschijnsel). Ze vertelt over de 126 mensen in Madagascar die in realtime videobeelden van ‘slimme’ bewakingscamera’s bewaken in een Franse supermarkt. In feite dus de I.A. achter de ‘slimme camera’s. Naar Europese normen worden ze daar heel weinig voor betaald.

’ Soms is het goedkoper om werknemers in lagelonenlanden in te schakelen dan om artificiële intelligentie te trainen. Om goede resultaten op te leveren, moet dat systeem het onderscheid kunnen maken tussen klanten die hun telefoon in hun broekzak steken en klanten die een chocoladereep wegmoffelen. Makkelijk voor mensen, maar moeilijk voor artificiële intelligentie.'  (Knack ibidem)

Er is dus heel wat menselijke arbeid nodig ‘achter de schermen’.

In 2005 lanceerde die techgigant MTurk.com, een website waar bedrijven – eventueel anoniem – mensen vinden die voor een paar cent per opdracht online eenvoudige taken uitvoeren. Ze tekenen bijvoorbeeld vierkanten rond tomaten of olijven in salades, zodat slimme apps je op basis van een foto kunnen vertellen hoeveel calorieën je bord telt. Het zijn taken die nodig zijn om artificiële intelligentie te trainen en slim te doen lijken. MTurk heet voluit niet toevallig ‘Amazon Mechanical Turk’ en is slechts één van de vele platformen die het klikwerk faciliteert. (Knack ibidem)

Het klinkt dus niet zo vreemd dat wetenschappers waarschuwen dat de ontwikkeling van artificiële intelligentie de patronen van de kolonisatie volgt, schrijft Elisa Hulstaert in het geciteerde artikel. “Als we technologie willen die echt voor mensen werkt, moeten we de behoeften van mensen centraal stellen, niet die van multinationals.’

Wellicht worden mijn ‘kabouters’ nu helemaal zichtbaar, niet als sprookjesfiguren maar wel degelijk als de reeds voor eeuwen dienende klusjeswezens (klikwerkers) in dienst van de ‘groten’. Liefst ‘ondergronds’, onzichtbaar dus tenzij zij even in een sprookje mogen opduiken. Ik heb de afleveringen als ‘vervolgverhaal’ geklasseerd omdat je hun levens blijkbaar alleen in een ‘sprookje’ kunt voorstellen terwijl ze zich in het werkelijke leven voor ons uit de naad moeten werken. Hun wraakoefening met de Boletus-satanas heb ik uit verbinding met hun lot verzonnen, maar let op, soms achterhaalt de werkelijkheid ruimschoots de fantasie!

beeld AFP

“De Boletus-satanas”, een vervolgverhaal (2)

Wil je graag aansluiten bij onze eerste aflevering?  Dat kan.  Klik hier onder om de eerste aflevering nog even door te nemen voor je aan de tweede begint.

Stel je voor dat ze bestaan, dat is ongeveer de teneur van het geloof in kabouters. In Nederland was er in de zestig-zeventiger jaren een politieke verzameling met die naam; kinderen kun je blijkbaar stilhouden met allerlei vertellingen daaromtrent, terwijl het in werkelijkheid wel eens nare mannetjes (vrouwtjes) zouden zijn. Het feit dat ze miniatuurtjes van de alledaagse mens zijn maakt hen tegelijkertijd aantrekkelijk en roept wantrouwen op. Wij in het klein? Waarom vergroten we dan vooral onze eigen lastige kanten in een vertederende verkleining?

Vroeger liet de boer een pan spek op het veld, naast paard en ploeg. ’s Morgens was de pan leeg en het veld geploegd. Menselijk al te menselijk?
(tenzij je in paarden gelooft die het voor een pan spek doen natuurlijk.)
In sprookjes doen ze hand- en spandiensten, maar ze schrikken ook niet terug voor allerlei plagerijen. Als ‘aardmannetjes’ staan ze dicht bij de natuur, maar gezien onze bestemming in dezelfde materie te vinden is en zij makkelijk twee-driehonderd jaar zouden worden, ligt onze verbinding eerder bij tegelijkertijd warm- en koud blazen dan in een broederlijke hartelijkheid. Of is de kabouter er vooral om in hem te geloven, schreef Paul Biegel.
Het meisje Madelief in het verhaal ‘Het wolkenschip’ zegt het nog eens glashelder: ‘Echte toverdingen gebeuren alleen maar als niemand het ziet. Daarom gelooft niemand dat ze bestaan.’

“Misschien is hij de tegenpool van alles wat je met je verstand kunt beredeneren, van wat je leert op school, waar de schrijver evenmin een gelukkig mens geweest is.” (Bregje Boonstra over Paul Biegel)
Nisse (gnome)’. Un gnome, tel que je l’ai vu dans mon jardin. Il m’a laissé quelques secondes pour le dessiner (vous me croyez ?).

Godfried Bomans schreef een prachtig verhaal over de dood van de sprookjesverteller. Diep treurig realiseert deze zich op zijn sterfbed dat de kruidenier toch gelijk had met zijn bewering dat kabouters niet bestaan. Wanneer de Dood hem aan Gods voeten legt, vraagt God wat de laatste gedachte van de sprookjesverteller was. De Dood antwoordt verlegen dat de man zo graag één keer een kabouter had willen zien. Waarop Bomans aldus eindigt: ‘God glimlachte. Dat is een zeer goede gedachte, zeide hij, laat hem derhalve binnen.’ (ibidem)

John Bauer – Illustration to Alfred Smedberg’s The trolls and the gnome boy in the childrens’ stories collection Among pixies and trolls, 1909
Kabouters worden vaak verward met dwergen. Toch hebben ze veel minder met elkaar te maken dan men op grond van hun lengte zou vermoeden. Dwergen zijn nagenoeg universeel en staan in de mythologie als tegenstelling voor iets groots. Daarmee passen ze in de polariteit van het menselijk denken: wij tegenover de anderen, het grote tegenover het kleine. De kabouter in verhalen is eerder een stijlfiguur van bijgeloof dan een uiting van werkelijkheidsbegrip of waarheidsopvatting.
Het is opvallend dat de kabouter juist in Noord-West Europa wortel heeft geschoten in de volksverhalen. In dat continent vond namelijk ook het protestantisme voedingsbodem. Hierin werd serieus nagedacht over de opvatting dat de mens werd geschapen naar het evenbeeld van God. Als de mens eruit ziet als God, dan kunnen ‘de anderen’ alleen maar klein zijn en steeds kleiner worden. Sommigen beweren dat de kabouter dan wel eens het spiegelbeeld van onze eigen hoogmoed zou kunnen zijn.
(Sandra van Bruinisse. febr. 2002)
Beeld van kabouter in Wroclaw, Polen
En dan vermeld ik ook graag “Gun iedere kabouter zijn eigen muts”, levenslessen waarvan je niet wist dat je ze nodig had.  Auteur:  Aaf Brandt Corstius,  Meulenhoff 
Wil je iets over 'de Kabouterbeweging' weten of alles over het begrip 'kabouter', dan kun je hier terecht

https://nl.wikipedia.org/wiki/Kabouterbeweging

https://nl.wikipedia.org/wiki/Kabouter

In een volgende aflevering gaan we verder met het verhaal; weten we tenminste al een klein beetje over de achtergronden van deze wonderlijke wezens. Maar…

“De Boletus-satanas”, een vervolgverhaal (1)

“Boletus -satanas”. (YD)

Was het werkelijk ‘de Satansboleet’ dan zou de vreemde combinatie van geldgewin door gevaarlijke paddenstoel-consumptie eerder een goed gekozen scherts blijken om elke mogelijke imitator af te schrikken, dacht de gespecialiseerde pers. De genoemde paddenstoel behoort immers tot de zeer giftige soorten en kon niet bij de geestverruimende paddo’s gerekend worden, dat zou een ChatGPT-opstelling van OpenAI toch moeten beseffen?
Helaas was bij de gelekte informatie deze combinatie vrijgegeven, en bleek het niet om psilocybine te gaan, de stof die in feite een verdedigingsmechanisme van de paddestoel zou zijn om insecten te weren maar bij de mens een aanlokkelijke mentale uitstap kon verzekeren.
ChatGPT echter was duidelijk: de Satansbolleet (Boletus satanas) zorgde voor een geestverruimende eigenschap die verhelderende beelden over geldelijke transacties in het brein kon losmaken. Bewijzen ervan werden breed uitgesmeerd met winstmarges die er niet om logen, aldus de onderzoekers die echter onmiddellijk waarschuwden om er niet aan te beginnen: ‘Zowel rauw als gekookt is de Satansboleet giftig en veroorzaakt hij een braakreactie die zes uur kan duren.’ (al zouden de maag- en darmklachten binnen de 24 tot 48 uur verdwijnen zonder al te veel schade na te laten.)

Het vreemde is dat de meeste boekwerken claimen dat de Satansboleet zijn giftigheid zelfs niet verliest na het koken, terwijl er ook berichten zijn dat hij in wat landen in de Balkan wel gekookt op het menu staat. Misschien zijn die berichten het gevolg van het feit dat een aantal familieleden van de Satansboleet geroemd worden om hun heerlijke smaak en bijvoorbeeld het eekhoorntjesbrood (Boletus edulis) en de kastanjeboleet (Boletus badius) staan op menig menu van befaamde restaurants. (aldus kenners)

Samengevat: volgens GIB (goed ingelichte bronnen) bleek het denderend succes van een grote niet nader genoemde internationale bank te verklaren door de intense geestverruimende werking van een ordinaire paddenstoel, de Satansboleet, geconsumeerd door enkele stafleden van deze bank die in plaats van de gekende braakreacties ingenieuze ingevingen omtrent transacties en beleggingen hadden verworven waarvan de toepassingen de financiële wereld met verstomming en intense jaloezie hadden geslagen. Een winstmarge in deze donkere tijden van 21,7% deed de spreekwoordelijke monden openvallen, inderdaad. Bijkomende inlichtingen wezen naar ChatGPT als ontdekker van deze combinatie waarin het consumeren van een giftige paddenstoel een verruimende werking specifiek op het transactie-terrein had veroorzaakt.

Nog voor er allerlei waarschuwingen verschenen werden de ziekenhuizen overrompeld door haastige Satansboleet-consumenten. De eerder zeldzame paddenstoel was dan ook in geen tijd nergens nog te vinden terwijl de herstellenden, tussen twee braakpartijen, luidop hun onschuld uitschreeuwden.
Het ging hen niet om geldelijk gewin, maar zij wilden proefondervindelijk het bedrog aanklagen. Zegden ze. Schreven ze, enkele dagen later.
Enkelen overwogen een aanklacht, de meesten echter noteerden stiekem hun dromen in de hoop toch nog de succesformule te vinden bij hun beleggingen. De inhoud daarvan was niet dadelijk voor publicatie vatbaar.

De ChatGPT zelf probeerde het met een grapje. Dacht ik. Of ik een kabouter was? Aarzelend antwoordde ik: ‘Inderdaad, dat ben ik.’ Of ik dan mijn Kab-naam met dienstnummer kon invullen. Neen, dit was geen grapje, aldus de ChatGPT, en ook geen strikvraag, noch minder een belediging. Genaamde ‘kabouters’ maakten inderdaad gebruik van ChatGPT. En deze gebruikers waren genoteerd als ‘licensierad figuration’, gelicenseerde figuratie. ‘Affecting the human species’. Aanleunend bij de menselijke soort. Een stevig knijpen in mijn linker onderarm bevestigde dat ik wakker was. Op mijn scherm verscheen dit duidelijke welkomsbeeld:

(wordt hopelijk vervolgd)