paulgraham02.jpgVirgina Woolf schreef over de kortverhalen van Anton Tjechov: ‘‘He is not heroic, he is aware that modern life is full of nondescript melancholy, of discomfort, of queer relationships which beget emotions that are half-ludicrous and yet painful and that an inconclusive ending for all these impulses is much more usual than anything extreme.’

Dat mooie woord ‘nondescript’ zou je dadelijk kunnen toepassen op de foto’s van de Engelse fotograaf Paul Graham (1956), in NY verbonden aan Studio 94 Gallery waarvan één afdeling in de Bowery street te vinden is. Mooi detail: Bowery komt uit het Nederlands (Hollands) ‘Bouwerij’ wat volgens mijn Amerikaanse bron stond voor ‘boerderij’. (Dat eerste hebben ze waarschijnlijk zelf uitgevonden, want ‘bouwerijen’ zijn bij mijn weten nooit ‘boerderijen’ geweest, soit) De foto hierboven komt uit 1981, met jonge bankgoden van de Bank of England als onderwerp.

paulgraham03.jpg‘Little Chef’ in Rain, 1982 komt uit dezelfde collectie, ‘The Great North Road’.

Over fotografie zegt Graham zelf: It’s so easy it’s ridiculous. It’s so easy that I can’t even begin – I just don’t know where to start. After all, it’s just looking at things. We all do that. It’s simply a way of recording what you see – point the camera at it, and press a button.  How hard is that? And what’s more, in this digital age, its free – doesn’t even cost you the price of film. It’s so simple and basic, it’s laughable.’

Daarmee brengt hij het medium naar de essentie: just looking at things.

paulgraham01.jpgJe moet al goed kijken om de ‘Union Jack Flag in tree’ in bijgevoegde foto te zien, maar in feite is de titel dan ook grappig bedoeld, en zou je net zo goed de boom zelf of de coupure uit het landschap als onderwerp van het just looking kunnen noemen, want zoomen en cadreren behoort bij het onbewuste van het kijken, en niet tot stijlelementen waardoor we al dadelijk de term ‘kunstfotografie’ kunnen onderscheiden van ‘just looking.’

 ‘It’s so difficult because it’s everywhere, every place, all the time, even right now. It’s the view of this pen in my hand as I write this, it’s an image of you reading now. Drift your consciousness up and out of this text and see: it’s right there, across the room – there… and there.  Then it’s gone.  You didn’t photograph it, because you didn’t think it was worth it. And now it’s too late, that moment has evaporated. But another one has arrived, instantly.  Now. Because life is flowing through and around us, rushing onwards and outwards, in every direction. ‘

paulgraham06.jpgEn daarmee is de balans weer in evenwicht.  Makkelijk, ja, maar ook verschrikkelijk moeilijk want het ‘vloeiende van het leven zorgt voor het ongrijpbare.  Dat mooie woord ‘evaporated’, het verdampte leven van elk ogenblik.  De fotograaf is dus iemand die dat ongrijpbare kon vasthouden, dat is zijn kunst.

‘But if it’s everywhere and all the time, and so easy to make, then what’s of value? which pictures matter? Is it the hard won photograph, knowing, controlled, previsualised?  Yes.  Or are those contrived, dry and belabored?  Sometimes. Is it the offhand snapshot made on a whim. For sure. Or is that just a lucky observation, some random moment caught by chance? Maybe. Is it an intuitive expression of liquid intelligence?  Exactly.  Or the distillation of years of looking seeing thinking photography.  Definitely.’

Paul Graham.jpgEen intuïtieve expressie van vloeibare intelligentie.  Een distillatie van jaren zien, fotografisch denken. Het zijn van de mooiste bepalingen die ik omtrent het fotografische medium las. Daarom is fotografie voor mij een bij uitstek zeer vrouwelijk medium, juist omdat de intuïtie er zo’n belangrijk onderdeel van is.

Tegelijkertijd met dat intuïtieve leer je distilleren:  1/50 seconde laat je een tijdperk, een streek, een gemoed, een leven aanvoelen.  Daarom is de bepaling snapshot zo grondig fout, want ik denk dat deze bepaling net de onderstroom negeert en gewoon hetgeen voor je neus zich afspeelt zonder onderscheid zich laat fotograferen, meer voor zijn momentele seconde-waarde (rampen, ongevallen, groot verdriet, enz.) dan voor de onderstroom waarop wij als mensen drijven.

‘But my photography doesn’t always fit into neat, coherent series, so maybe I need to roll freeform around this world, unfettered, able to photograph whatever and whenever: the sky, my feet, the coffee in my cup, the flowers I just noticed, my friends and lovers, and, because it’s all my life, surely it will make sense?  Perhaps.  Sometimes that works, sometimes it’s indulgent, but really it’s your choice, because you are also free to not make ‘sense’.

graham2-500x375.jpg

Vaak bestaat onze opleiding in een opvoeding waarin de intuïtie gewantrouwd wordt, geheel in de lijn uit angst voor de vrouwelijke natuur ervan.  Maar hoe meer je erin slaagt om je expressie naar het gemeenschappelijke te richten in plaats van dat hoogst persoonlijke, hoe herkenbaarder je werk zal zijn, en zul je niet alleen zo maar jouw schoen of lief als onderwerp nemen, maar net die hoek of dat moment kiezen waarin we verbaasd naar die schoen of dat lief kijken omdat we de invalshoek, het aanvoelen herkennen als een onvermoede werkelijkheid die jij zichtbaar hebt gemaakt.  In die zin, denk ik, is kunst steeds bevrijdend, bevrijden van je eigen kortzichtigheid, of bevrijdend van het narcisme waarin deze tijd zwelgt.

We kunnen ons best als helden voelen of zo gemeen mogelijk uit de hoek komen om ons te handhaven, maar tenslotte horen we bij het prentje dat we voortdurend van elkaar maken, in de alledaagsheid waarin zowel verguldsel als grijsheid bij het palet horen.  Kijk dus. Niet alleen in de spiegel.