2755094445.2

Het gevleugelde woord van Wellington dat ons werd ingeprent: ‘De slag bij Waterloo is op de speelweides van Eton gewonnen’ drukte tenslotte alleen uit dat het de gentleman was die Napoleon had overwonnen en hij de steile klim van Engeland in de negentiende eeuw had mogelijk gemaakt.

Van de genteleman werd daarbij een houding vereist die principieel antirevolutionair was: hij moest een niet te weerleggen respect  voor de koningin opbrengen. Hierover waren boven en onderaan het ook met elkaar eens.
Was Londen het hart en de door de bovenlaag opgelegde gezindheid dat zij de levensadem van het Britse wereldrijk zouden zijn, zo gold de kroon, belichaamd in de koningin, als het zichtbare symbool dat nooit aangetast mocht worden. Voor beide klassen was de koningin daarenboven de hoogste representatie van de bovenlaag, de prins van Wales, als erfgenaam van de kroon, “de eerste gentleman van het land”.
Zo werd de verhouding tot haar en haar familie ook door de kleine man bepaald door een mengeling van bijgeloof, schijnbare intelligentie en snobisme.

In mijn Ascot-tijd heb ik de koningin (Victoria) eenmaal van dichtbij gezien. Dat was in juli 1881 bij een troepenparade in het park van Windsor. Daar ik vaak in de omgeving van de oude (Duitse)keizer was geweest, een man die zowel in zijn verschijning als in zijn handelen een grandseigneur en een koning was, kon de Queen me niet bijzonder imponeren. In haar eenvoudig zwarte kleed, met haar rood gezicht, haar gerond lichaam en een wat sjofele parasol in haar vette handjes, zag ze er eerder als een van mijn ‘verweduwde’ (verwitweten) tantes uit.  Toch straalde ze een soort van majesteit uit.  Dat lag aan haar blik die iets boosaardigs had waarvoor je bang kon zijn. Door die blik scheen ze haar kleine gestalte te compenseren.  Ik moest daarbij aan een ongelukkig voorval van een jonge vriendin van mijn nichtjes denken die bij haar eerste voorstelling aan het hof voor de troon over haar lange sleep struikelde en gevallen was, waarop de koningin, zonder enige notitie van haar te nemen zich als volgt uitdrukte: ‘Take away that ass.”

2162865549.2
Bij de troepenparade verscheen ze, begeleid door de hele familie als grootmoeder van Europa. Tegenover haar, in de open oudmodische Landauer zat haar schoondochter, de mooie prinses van Wales, een Deense en haar dochter, de Duitse kroonprinses, en achter haar, een beetje zoals Malvolio achter zijn verouderde Olivia had kunnen zitten, haar vertrouwde dienaar John Brown, in een zwarte livrei met zilver gestreept.  Naast de koets reden haar schoonzonen, de Duitse kroonprins, de later keizer Friedrich, in het witte Garde-du-Corps-uniform, een Siegfried die alle aandacht naar zich toetrok.  Haar andere zoon, de prins van Wales, in een donker uniform met de blauwe band van de Kousenband-orde, al een beetje dik en geen al te beste figuur te paard. In een tweede koets, achteraan twee jonge prinsessen, bijna nog kinderen, met lange tresjes, helblauw gekleed,

2344780659

Fraai om te zien, twee nichtjes van de koningin, dochter van de groothertog van Hessen, de latere Russische grootvorstin Sergius en haar jongste zus die de laatste tsarin zou worden, beiden voor een gruwelijke dood voorbestemd.  Dit tragische groepje dat met de koets en te paard urenlang langzaam voorbij een eindeloos troepenfront reed was het supra-nationale  heersershuis van Europa, schijnbaar voorbestemd om eeuwig het middelpunt van de Europese geschiedenis te blijven. (de verteller doet zijn verhaal in 1919!) Want het gevoel dat de wereld zoals ze was tot in een verre onbestemde toekomst onveranderd zou  verder bestaan,  was algemeen, zeker in Engeland. En voor onze leraars, voor mij, mijn familie was het idee dat koningin Victoria kon sterven zondig geweest.