
Wat is een gedicht?
Een verstekeling in
de stilte,
op woorden betrapt.
(G. van der Graft)
De vindplaats een naam geven. Zeggen we: een gedicht. Het hoort perfect thuis in de stilte, maar…het blijft een ‘verstekeling’. Het ver-breekt de stilte. De woorden ervan verbergen zich in de stilte. Ze horen bij de stilte, zijn wellicht uit haar ontstaan maar verraden haar ook, doorbreken haar.
Toch kunnen ze niet zonder elkaar. Wellicht is het de bedoeling om met die woorden de essentie van de innerlijke stilte te benaderen, haar als water of vruchtbare aarde te beschouwen waaruit de woorden naar hun innigste betekenis zoeken, alle overbodigheid vermijden, om na hun verschijnen opnieuw in de stilte te verdwijnen
Maar…ze blijven ‘verstekelingen’. Blinde passagiers. Eens ontscheept (gelezen dus) bestaat de kans dat ze voor lange tijd bij jou blijven wonen.

Echter…eens het gedicht, of…de muziek in jouw wezen thuis is gekomen, verandert de wereld. De Zweedse dichter Lars Gustavson beschijft dat proces in ‘De stilte van de wereld voor Bach’. De muziek die zelfs het woord overstijgt.
"Er moet een wereld bestaan hebben voor
de Triosonate in D, een wereld voor de partita in A mineur,
maar hoe zag die wereld er uit?"
Hier kun je naar die prachtige triosonate luisteren:
DE STILTE VAN DE WERELD VOOR BACH
Er moet een wereld bestaan hebben voor
de Triosonate in D, een wereld voor de partita in A mineur,
maar hoe zag die wereld er uit?
Een Europa van grote lege vertrekken zonder weerklank,
overal onwetende instrumenten
waar Musikalisches Opfer en Das Wohltemperierte Klavier
nooit over een claviatuur waren gegaan.
Eenzaam gelegen kerken
waar de sopraanstem uit de Johannes Passion
zich nimmer in hulpeloze liefde slingerde
rond de mildere windingen van de fluit,
weidse zachtmoedige landschappen
waar alleen oude houthakkers met hun bijlen te horen zijn
het gezonde geluid van sterke honden in de winter
en - als een slingerklok - schaatsen klauwend in glansijs;
zwaluwen schermend in de zomerlucht
schelp waar het kind aan luistert
en nergens Bach, nergens Bach
schaatsstilte van de wereld voor Bach.
(uit De stilte van de wereld voor Bach, Lars Gustavson, vertaling en samenstelling J, Bernlef, 1988)
De aria 'Zerfließe, mein Herze' uit de Johannes-Passion, hier uitgevoerd door de Nederlandse Bachvereniging voor All of Bach. De Johannes-Passion was de eerste passiemuziek die Bach als cantor in Leipzig schreef. Het passieverhaal zoals dat wordt verteld in het evangelie van Johannes, verschilt van dat in de drie andere evangeliën – die van Matteüs, Lucas en Marcus. De nadruk ligt bij Johannes op de goddelijke afkomst van Jezus. Door het lijden heen blijft die goddelijke afkomst steeds een rol spelen, Jezus wordt nergens zo menselijk als in de andere evangeliën.

Uit ‘The Aesthetics of Silence’ van Susan Sontag (1933-2004)
“De keuze van de voorbeeldige moderne kunstenaar voor stilte wordt zelden doorgevoerd tot dit punt van uiteindelijke vereenvoudiging, zodat hij letterlijk stil wordt. Typischer is dat hij blijft spreken, maar op een manier die zijn publiek niet kan horen…”
“De chronische gewoonte van de moderne kunst om haar publiek te ontstemmen, provoceren of frustreren kan worden gezien als een beperkte, plaatsvervangende deelname aan het zwijgideaal dat in de hedendaagse esthetiek is verheven tot een belangrijke norm voor “ernst”.
“Maar het is ook een tegenstrijdige vorm van deelname aan het zwijgideaal. Het is niet alleen tegenstrijdig omdat de kunstenaar kunstwerken blijft maken, maar ook omdat de afzondering van het werk van zijn publiek nooit duurt… Goethe beschuldigde Kleist ervan dat hij zijn toneelstukken had geschreven voor een “onzichtbaar theater”. Maar uiteindelijk wordt het onzichtbare theater “zichtbaar”. Het lelijke, disharmonische en zinloze wordt “mooi”. De geschiedenis van de kunst is een aaneenschakeling van succesvolle overtredingen.”

The exemplary modern artist’s choice of silence is rarely carried to this point of final simplification, so that he becomes literally silent. More typically, he continues speaking, but in a manner that his audience can’t hear…
Modern art’s chronic habit of displeasing, provoking, or frustrating its audience can be regarded as a limited, vicarious participation in the ideal of silence which has been elevated as a major standard of “seriousness” in contemporary aesthetics.
But it is also a contradictory form of participation in the ideal of silence. It is contradictory not only because the artist continues making works of art, but also because the isolation of the work from its audience never lasts… Goethe accused Kleist of having written his plays for an “invisible theatre.” But eventually the invisible theatre becomes “visible.” The ugly and discordant and senseless become “beautiful.” The history of art is a sequence of successful transgressions.
‘The Aesthetics of Silence’ van Susan Sontag (1933-2004)

“Stilte” houdt nooit op haar tegendeel te impliceren en afhankelijk te zijn van haar aanwezigheid: net zoals er geen ‘op’ kan zijn zonder ‘neer’ of ‘links’ zonder ‘rechts’, zo moet men een omringende omgeving van geluid of taal erkennen om stilte te herkennen…
“Een echte leegte, een pure stilte is niet haalbaar – niet conceptueel en niet feitelijk. Alleen al omdat het kunstwerk bestaat in een wereld die is ingericht met vele andere dingen, moet de kunstenaar die stilte of leegte creëert iets dialectisch produceren: een volle leegte, een verrijkende leegte, een resonerende of welsprekende stilte. Stilte blijft, onontkoombaar, een vorm van spreken (in veel gevallen van klagen of aanklagen) en een element in een dialoog.” (ibidem)

De ’totale’ stilte maakt je inderdaad gek. De ervaringen in ‘de dode ruimte’ van een studio, een plaats met 0,0 echo-waarden, zijn geen waarborg voor een prettige verblijfplaats.
“You’ll hear your heart beating,” Orfield was quoted as saying. And: “In the anechoic chamber, you become the sound.” The experience was so “disconcerting,” The Daily Mail reported, that no one had ever “survived” a visit of longer than 45 minutes. (NY Times Could I survive the quietest place on earth?)
De geluiden van het dagelijks leven zijn dus niet altijd onmiddellijk storend, al verkies ik graag de stilte van het bos boven de ritmes van voorbijflitsende wagens op een autoweg. En luister naar deze opname:
De ‘drukke’ wereld blijft aanwezig, maar de rust van het kabbelend water zal je zonder veel moeite naar een bucolisch landschap voeren. Stilte is ook je van de drukte en haar geluiden kunnen ontdoen door je te concentreren op je al dan niet scheppend werk, om je innerlijke wereld vanuit de verworven stiltes ook te kunnen wapenen tegen het alledaagse geweld. De stilte van je innerlijk bestaan.

“Wanneer hij eenmaal is begonnen met praten, is het lastig Zwagerman te onderbreken. Voorbeelden van stilte in de literatuur, in zijn eigen werk of dat van Gerard Reve, en stilte en verdwijning in de kunst, zoals bij perfomance-kunstenaar Marina Abramovic, omschrijft hij kleurrijk.
‘Door zielsverhuizing weet je pas wat stilte is. Luister maar naar Prince, een volbloed romanticus. In een nummer dat If I was your girlfriend heet, eindigt hij met de zin ‘Now I know what silence looks like’. Kortom: de ik-figuur probeert door de stilte en in de stilte zijn geliefde te bereiken. En niet door zijn geliefde te bezitten en haar te willen, maar door de ander te willen zijn.’ Zelf hoopt hij nu een aanstekelijk beeld voor de lezer te hebben beschreven van deze zoektocht naar de stilte.”
(Het Parool: Laatste gesprek met Joost Zwagerman: over stilte en zelfverdwijning. Aimée Plukker en Kim Visbeen 10 sept. 2015)
Ontdek meer van In de stilte
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
.
Ik kan niet anders dan mijn waardering neer te schrijven.
Anders zou ik schuldig verzuim plegen.
Moedeloos word ik. Van de futiliteiten op FB.
En toch vertoef ik er.
Om aandacht te bedelen.
Ik vraag mij af, hoe houdt deze conservator dit monnikenwerk vol.
“Zonder applaus ga je dood. – Virginia Woolf.”
Ik zie de tekst nog staan vooraan, bij de begrafenis van Senne Rouffaer.
Deze schrijver van de stilte verdient een vuurwerk van handgeklap.
Een berm klaprozen.
In De Standaard der Letteren, pagina 8, wordt de Poëziedebuutprijs 2024, gelauwerd.
Wel, ik sla op de vlucht voor dit soort banaliteiten.
Ik word een vreemdeling in Het Land van de Taal. Mijn geboorteland.
Waarin ik de weg verlies.
Dinska Bronska is mij lief.
Ik dank u voor uw woorden. Oorden van troost.
En groet u.
.
Wat een rozevingerige reactie, Uvi. Laat Maanrock maar dreunen hier in Mechelen, het wordt sowieso een mooi zondag, uw woorden brengen gemoedsrust zoals ik merken mag. We worden blij van u, zowel de aangeschrevene als de lezers, waarvoor dank!
In de schaduw van wie de broosheid van het woord liefheeft is het goed toeven. Dank voor je aanvulling en waardering.
.
Mijn lief, wees asjeblieft
heel lief voor mij, nu God
mij denkelijk heeft uitgewist.
Mijn lief, blijf asjeblieft
heel dicht bij mij. Misschien
word ik door jou gemist.
…
Wakend over God – Joost Zwagerman – pag. 85
+++
Over verba en scripta, papier en stem
De verba zijn luidruchtig,
ze tierelieren er maar op los
horen zich graag
en zeggen hoe het moet.
De scripta zijn beschroomd
ongehoord in de stilte
die ze bewaren als een relikwie
ze passen zich aan alsof ze niet bestonden.
…
Waarde heer,
het is zondag. En ochtend.
Twee voorwaarden om uw woorden te openen.
Op een kier.
Misschien ontsnappen ze wel.
Zoals licht dat door de luiken valt.
Maar dan naar buiten.
In die wereld van leegte en lawaai.
Blij dat de verba in uw hoofd
reïncarneerden op papier.
PS.
Hoe kan ik u danken. Tussen de ondraaglijke lichtheid
van kranten en tijdschriften.
Ik wens u volharding.