617_933e68afe8373bcaf0b82593b6ecd76d

Beste G. Dumortier,

Als iemand begint te schelden, bekent hj zijn ongelijk, zijn diepe frustraties, zijn leugens, zijn verkeerd gespeelde verdrietjes, hijst hij zijn witte vlag.

Het is een gezegde van een Oosterse psycho-analyst en ik probeer het op mezelf toe te passen, want waardigheid is het enige wat ons rest.

Ik stuur je hierbij een mooie reproductie van een Hogarth, Het Gekkenhuis. Het is een stripverhaal avant la lettre.

Twee vrouwelijke bezoekers amuseren zich met het bonte spektakel.

Je schreef me ooit dat je overtuigd was dat scheldpartijen en woede-uitbarstingen een mooie camouflage zijn van je eigen gekheid, en dat je tekort aan zelf-analyse ervoor moet zorgen dat je de anderen onder je goorheid bedelft.
Ik acht mijn lot niet zo belangrijk, en het martelaarschap laat ik liever aan degenen die bij gebrek aan persoonlijkheid zich in deze mantel willen hullen.

Als we nu eens doorhadden dat we in hetzelfde gekkenhuis zitten, wij de rechtvaardige rechters zonder oren en hart, wij de eeuwige gelijkhebbers, de pijnlijk gekwetsten.
Of is dat te veel gevraagd, en is die liefde die we moeten opbrengen voor de naasten alleen bedoeld voor degenen die ons prijzen en loven?

Ik buig mijn hoofd, neem mijn toeter, zet de zotskap op en hoop op gezelschap.

Je patiënt, Theodore Silverstein