dyn006_original_580_378_jpeg_20344_b3165ad9ff89b08a8462f734f54aa68e

Laten we dus een beetje emotioneel antwoorden,nu jij, in naam van Martha Nussbaum zo mooi en degelijk de kwaliteit van het emotionele hebt verdedigd.

Ik gebruik daarvoor enkele mooie landschappen van de in 1953 geboren Kevin Fitzgerald, werkzaam in Washington en ondanks de eerder klassieke vormgeving zeer gegeerd ook bij jongere stadsmensen.

Ik hoor al de schampere lach als je met zonsopgangen of ondergangen te voorschijn komt.
Een zondsondergang is not done.
Hij roept iets in ons wakker dat blijkbaar te herkenbaar is, en dat willen we wegmoffelen.

Nochthans zal ieder mens door dergelijke zonsondergangen ten zeerste worden aangesproken, zal hij of zij de tover herkennen die er uitgaat van dat late licht dat in schemer en dan in de donkerte overgaat.

Net zo min als jouw kleinkind wist dat er ook appelbomen bestonden, kennen de meeste stadsmensen zonsondergangen vooral uit filmen, posters, schilderijen.

Bij een verblijf aan zee, een avond in de bergen (het Alpenglühen) of op een gelukkig moment waarin de ogen een grote oppervlakte kunnen bestrijken, kun je bijna ongeweten zo’n ondergang meemaken.

We hebben het al eens over het blauwe uur gehad, bijna een jaar geleden, en het is blijkbaar in die overgangssfeer tussen dag en nacht, dat mensen erg gevoelig zijn voor allerlei onderliggende gevoelens die in de loop van de dag weinig of niet worden aangesproken.

De twilight zone is bij uitstek de achtergrond voor science-fiction, voor romantische wandelingen, voor stilte en inkeer.

dyn006_original_580_381_jpeg_20344_f6eca64f08ca400242defa53614833fd

Waar we het meeste heimwee naar hebben zullen we vaak verraden of verwerpen.

Kijk naar de zee.
Het beeld zal vlug vakantie-herinneringen oproepen, vermengd zijn met je kinderjaren, maar tegelijkertijd ervaren we het als een cliché, als een oord waar je eventueel in je jonge jaren hebt gewandeld en gevrijd, maar dat daarna geklasseerd is bij de jaarlijkse bedevaarten.

Een verklaring daarvoor is wellicht het veelvuldig gebruik, het hanteren in verhalen en filmen van deze plaatsen voor de net beschreven activiteiten zodat ze onpersoonlijk worden, maar er is nog iets anders aan de hand.

We kunnen nog zoveel zonsondergangen of zeezichten bekijken, ze zelfs verzamelen, erover lezen in de literatuur, tenslotte raken ze wel ons netvlies, maar daar blijven ze hangen zoals de meeste mooie en verdiepende waarnemingen.

In ons drukke leven, of het leven dat wij als druk ervaren, worden we gebombardeerd met informatie zodat er na enige tijd een soort blind-en doofheid optreedt die een zekere eeltlaag op onze verdiepende mogelijkheden legt.

Zagen we vroeger al eens film één keer in de maand of per drie maanden, nu is het best mogelijk om op één dag zo’n vier tot vijf filmen te consumeren voor degene die ’s morgens de zenders aftast en tot middernacht aan de buis wil hangen.

Het is een mooie oefening om na te gaan hoeveel speelfilmen je deze maand december hebt gezien en wat daarvan is bijgebleven.
De inflatie aan beelden, want we hebben het dan nog niet over documentaires, emo-uitzendingen en andere goed bedoelde jaaroverzichten, we komen heel vlug tot de zen-staat die Enzberger aanhaalde als hij zei dat zappen tot een soort leeglopen van de geest kan leiden die daarna met belangrijkere stuf kan worden gevuld.

Dat is weer zo’n mooie theorie waar in feite niks van in huis komt.
We bedoelen het allemaal heel goed, we willen het bewuster en anders doen, maar als de klassieke punt bij het even klassieke paaltje komt, wachten we niet eens het einde van het verhaal af en vallen midden in de volgende film binnen om via de korte inhoud in het programmablad ook deze story bij te benen.

dyn006_original_580_437_jpeg_20344_d14c42fa9128bb965062a4f9c0ca9621

En kijk dan naar dit wazige beeld van Fitzgerald.

Painting is at its best when functioning without verbal support. Communication with words as often as not shuts us out from that which we ought most to know. Painting is a solitary communication and strives to go beyond words.

Wantrouw ik dus de beeldenstoom, hij doet er nog een schepje bij en zet ‘de woorden’ inderdaad tussen aanhalingstekens.

Solitary communication.
Ja.
Maar voor we zover zijn, is er een verbinding nodig met de eigen centrale.

Het is een nobel doel om ACHTER de woorden te geraken, om door te dringen in de wereld van het numineuze, het onzegbare, maar met zoveel eelt op onze ziel zal het waarschijnlijk bij woorden of voornemens blijven.

Er is immers tijd nodig voor het nutteloze.
Tijd die je wil verliezen.
Waarvan je niet weet of hij iets zal ‘opbrengen’.

Ikzelf kijk.
Naar prenten of schilderijen.
Uit mijn raam.
Op straat, in het park.

Ik neem me niets voor.
Ik wil gewoon de tijd nemen.

Voor een novice in tijd-verliezen is dat niet makkelijk.
Je zult nog geen dertig seconden ver zijn of je begint al te denken wat je met die beelden kunt doen, of je die gedachte niet te gelde kunt maken, of je…

Tijd verliezen is moeilijk aan te leren, maar als je’t blijft volhouden, lukt het.
Denk vooral niet dat je ’t de eerste weken of zelfs maanden iets opbrengt.
Neen, het is nutteloze tijd.

Tot op het moment dat je voelt dat het afkikken heeft geholpen, dat je niet meer moedeloos wordt van die enkele minuten niets doen, dat half uur buitenlucht, het kwartier bladeren in een kunstboek, het naar buiten kijken, het waarnemen van kleine veranderingen in het landschap, en ga zo maar door.

dyn006_original_580_454_jpeg_20344_bc05aad5226aca5c67646032797ed3b5

Het kan best zijn dat je hervalt.
Dat de dagelijkse drukte het haalt op het nutteloze.
Het kan zijn dat je te vlug iets wil meemaken, dat je denkt dat de schellen van je ogen zullen vallen terwijl ze dichtslibben met valse verwachtingen.

Natuurlijk is het mogelijk om een schrift aan te leggen met elke dag één kleine waarneming die je is opgevallen.
Met plaats voor een prent of foto of tekening.

Jouw getijdenboek.
Maar het is maar één mogelijkheid om nutteloos te zijn want je zult al vlug het idee hebben dat het elke dag MOET, terwijl het mag.

We verzamelen geld, meubelen, een huis of twee, hebben de handen vol om kinderen groot te brengen, willen hoger op in of met de zaak, en dat is op zichzelf allemaal best mooi en zeker niet te misprijzen.

Maar al die schoonheid die daar elke dag in mateloze volumes en uitgestrekte hoeveelheden ligt te wachten om waargenomen te worden.
Help je geheugen.
Richt één keer per week een monumentje op voor een kostbare herinnering, hoe pietluttig ze ook mag zijn voor de buitenwereld.
Maar laat die buitenwereld buiten, en open de deurtjes, ramen en luikjes van je binnenwereld.

Mocht ik een zoon of docher hebben, dan zou ik hen deze boodschap trachten mee te geven, maar ik zie ze nu al glimlachen, hun schouders ophalen en vrolijk naar buiten rennen om te gaan spelen.

Want tenslotte is het intense leven de broedplaats voor elke prachtige of mysterieuze herinnering.