les bonnes raisons (312)

092_85e50660a04ccf81c7aa977001d6e101

“Jamais je n’ avais mieux senti la sublimité des vers de notre admirable poête que dans votre bouche harmonieuse”

Dat schrijft George Sand aan mademoiselle Pauline Viardot, zangeres, die de door Charles Gounod getoonzette tekst “Le Soir” van Lamartine ten gehore brengt, muziek door Gounod aan Sand opgedragen.

Ik weet het, ik ben een jaar te laat, het Georges Sand jaar (2004) is mij in stilte voorbij gegaan, maar laten we van de idiote gewoonte afstappen mensen alleen te eren en te gedenken als ze op een op nul of vijf eindigend aantal jaren geleden geboren werden of het loodje hebben gelegd.

Ik verwijs daarvoor naar de prachtige site van France Culture: http://www.georgesand.culture.fr.
Een indrukwekkend mooie site waarin nog maar eens duidelijk wordt wat je met de bundeling van info en grafiek op het internet kunt doen.
Ik zet ze graag bij mijn links en buig eerbiedig het hoofd voor zoveel artistieke kunde.

Ik begrijp heel goed het beeld van “het vlindertje-prikken”, beste Abraham.
Ik dacht daarbij aan de kleine Maurice Sand die op zijn tiende naar een strenge kostschool wordt gestuurd door zijn pa en daar het voorwerp is van spot om zijn schrijvende moeder.
Zijn beminde ma schrijft daarover:

““ Il est des enfants dont le caractère est antipathique à cette règle miliaire des lycées, à cette brutalité de la discipline, […] mon pauvre Maurice était né artiste, il en avait tous les goûts, il en avait pris avec moi toutes les habitudes. […] Je crus que j’allais mourir. C’était la première fois que je voyais Maurice malheureux, et je voulais le remmener. Mon mari fut plus ferme et eut certes toutes les bonnes raisons de son côté. ”

George Sand, Histoire de ma vie, t. II, p. 177

Die “bonnes raisons” lagen in het verlengde van “de mannelijke opvoeding”, en de gevolgen daarvan zijn ons in een aantal wereldoorlogen duidelijk geworden.
Het zal nog een jaar of twee duren eer de jongen via een geveinsde ziekte zij pa kan overhalen hem weer naar huis te laten komen.
Het is rond die tijd dat Thomas Couture de Sands ontmoet heeft en hij menig portret van de moeder en de beminde zoon heeft gemaakt.

Ik denk dat Thomas ook aan dat tekort aan “mannelijke opvoeding” heeft geleden want, vergeten we even zijn Romeinse cinemascope, dan ontmoet je werken die door hun grote vrouwelijkheid een beminnelijk man laten vermoeden.

Ik ben nu weer in Parijs en in het Louvre hangt een mooi vrouwenportret van Couture .
Ik stuur het bij deze elektronische brief.
Het zou inderdaad best kunnen dat dit hoog gehalte aan vrouwelijk aanvoelen hem duur te staan is gekomen.

Le peintre pompier par excellence, of: als de heks maar branden kan.