TWEEHONDERDTWINTIG JAAR GELEDEN WAS HET VANDAAG EEN MOOIE DAG

ludwig_3035496b.jpg

Ach Ludwig, of het nu het eerste of meer waarschijnlijk het tweede pianoconcert was dat je op 29 maart 1795 in het Burgtheater in Wien speelde, heeft niet zoveel belang. Het was een concert ten voordele van de weeskinderen en de weduwen van het Tonkünstlergesellschaft.

Jij speelde zelf de solo-partij.

Je zou die grote kop van jou schudden als je wist dat tweehonderdtwintig jaar later, op diezelfde dag je via iets als ‘Youtube’ je dat concert gratis en voor niets in elke huiskamer kunt beluisteren en bekijken met de voortreffelijke Rudolf Buchbinder als dirigent-solist.

Dus, geliefde TVG (toevallige voorbijganger) op naar Wenen, en druk hieronder op de knop waar je, mits je voortreffelijke speakers aan die computer van jou hebt aangesloten, de tweehonderdtwintig voorbije jaren wegsmelten en je, dank zij de voortreffelijke cameraregie, op de eerste rij mag zitten in een theater waarvoor tien jaar op voorhand reserveren geen uitzondering is.

Dit is pas zondag! Zorg ervoor dat je de volgende 28:54 minuten niet gestoord wordt en geniet.

 Morgen life in Moskou, 10 april in Barcelona enz.

Ludwig, je hebt wat aangericht in de zwervende harten van de voorbije 220 jaar.

220.207.jpeg

En als aanvulling: drie dagen geleden. Een leeftijdsgenoot verlaat het podium maar blijft voor altijd aanwezig.  Het begon met het zoeken naar mooie instrumentaaltjes om een programma in stijl te beëindigen. Frans Ieven gaf me op een dag een plaat van John Renbourn: One morning very early en op een vraag naar meer ook werk van zijn vriend Bert Jansch.  Dat was het mooie bij het programma-maken: je kreeg voortdurend onderricht in nieuwe waardevolle muziek die bij de toenmalige Radio-1 thuishoorde.

Nu mijn kleindochter (15 bijna) weer eens mijn platen heeft opgedolven (want deze jongelieden schaffen zich in grote getale weer een heuse pick-up aan) was ze zeer ontroerd bij the ship of fools en ook The Lady and the unicorn uit 1970 (3 jaar voor haar geboorte) wordt menig keer gedraaid.

John, niets gaat voorbij. Onze Keltische zielen blijven zich aan je muziek laven.

JohnRobinWizz8.jpg

 

VANDAAG 97 JAAR GELEDEN WAS HET EEN DROEVIGE DAG

tumblr_n43h12ZpdY1t06hqzo1_500.jpg

Vandaag, 97 jaar geleden, 25 maart 1918, was het een droevige dag voor Achille Claude Debussy.  Hij ging dood.

Het is een perfecte dag om te luisteren naar zijn ‘Jardin sous la Pluie.’larger_60b100400d3f05905bca153e619a4ede.jpg Zelfs als je geen muziek kunt lezen is de partituur een grafisch meesterwerkje. Je ziet de regen nog voor je hem hoort. Om de tuin te ruiken heb je zijn muziek nodig. Daarvoor koos ik vandaag een bijzondere uitvoerder toen tien jaar oud. Sonosuke Takao. De opname is, denk ik, ietsje te dichtbij klinkend, maar de interpretatie maakt duidelijk dat tienjarigen ook nog een leven zonder K3 kunnen hebben.

En om in Japan te blijven dit mooie vers van negende-eeuwse dichteres Ono no Komachi

 

Niemand vond het erg dat

de schoonheid van de bloemen verwelkte

En ik zag mijzelf in de wereld ouder worden

terwijl de regen bleef vallen.

 

soleil-et-pluie.jpg

 

VANDAAG 62 JAAR GELEDEN WAS HET EEN DROEVIGE DAG

self-portrait-raoul-dufy-1361612063_b.jpg

Vandaag, tweeënzestig jaar geleden, 23 maart 1953, was het een droevige dag voor Raoul Dufy. Hij ging dood maar liet gelukkig honderden werken na waarin zijn levensvreugde tot op de dag van vandaag en nog honderden jaren later zonder al te veel kunstzinnige uitleg, herkend en genoten wordt. Of zoals Jean Cocteau, met wie hij bevriend was, schreef:

“Tout dessin de Raoul Dufy est en quelque sorte sa signature et ce qu’on est convenu d’appeler signature inimitable. (…) Car rien ne tombe de plus haut ni ne forme des entrelacs plus rapides qu’un fil de miel si ce n’est l’arabesque dont notre peintre couvre sa feuille. D’un bout à l’autre elle tombe de lui vertigineusement. Et n’allez pas croire qu’il n’a qu’à se pencher et à tendre la main pour que l’arabesque s’écoule. Il la médite et la projette avec la science infaillible de la dentellière et de l’araignée. “

the-grid-1930.jpg

Tik zijn naam in en kijk bij ‘afbeeldingen’.  Wat de lente dit jaar moeilijk kan waarmaken zal je in één ogenblik overspoelen: je mag zonder voorbehoud zijn intimiteit als zijn zin voor details smaken en dat alles met een ware economie aan middelen.

anemones-1953.jpg

Hij ruimt gezwind alle grenzen op tussen illustratie, schilderij, motief voor prachtige stoffen, decor of gravure. Zijn werk leeft, is niet verzonken in een tijdperk maar springt er steeds weer boven uit. Impressionist, fauvist, kubist, neen: Dufy is de naam.

boats-at-martigues-1908.jpg

Neem Raoul Dufy als reisgezel bij een off-dag, een te donkere tijd van het jaar, een aanval van sufferigheid. Hij laat je zien wat de essentie is met een grote liefde voor het zichtbare, zijn stenografie die makkelijk de volgende tweeënzestig jaar zal overbruggen.

Apr26_Raoul-Dufy-Interieur-a-la-fenetre-ouverte-19.jpg

VANDAAG 176 JAAR GELEDEN WAS HET EEN BLIJE DAG

Hartmann_Paris_Catacombs.jpg

Laten we met een omweg beginnen vandaag: de schilderijen van meneer Viktor Hartmann, een kunstenaar die naast de kleur op het doek ook de ruimte van de architect en het volume van de beeldhouwer gebruikte om zich artistiek uit te drukken. Deze druk bezette man stierf jong, nauwelijks 39 in 1873. Zijn vrienden wilden hem met een tentoonstelling eren.  Eén van die vrienden was Modest Moessorgski, en het is deze man die vandaag 176 jaar geleden het levenslicht zag in Sint Petersburg als zoon van een verarmde grootgrondbezitter, een soort die in het Rusland van de negentiende eeuw goed vertegenwoordigd was.

460px-mussorgsky_repin.jpg

Dit portret is door de bekende Ilja Repin geschilderd, enkele dagen voor zijn dood in datzelfde Sint Petersburg toen de componist al in het ziekenhuis verbleef. Het is zelfs voor een leek niet moeilijk om bij het zien van dit portret te raden dat een overmatig drankgebruik de voornaamste reden was voor het korte leven, nauwelijks 42 jaar van deze kunstenaar. Een gebeurtenis die we zaterdag 28 maart kunnen herdenken want dat is de sterfdag 134 jaar geleden van Modest Moussorgski. (1881)

Bij leven en nog tamelijk welzijn was hij bevriend met Viktor Hartman en ter ere van deze ook vroeg heengegane artiest schreef Modest ‘Schilderijen van een tentoonstelling’, zestien pianostukken die telkens op een schilderij van de aflijvige waren geïnspireerd met tussendoor een promenade-melodie om ze met elkaar te verbinden.

Hartmann_Chicks_sketch_for_Trilby_ballet.jpg

Omstreeks 1958 was er een wereldtentoonstelling in dit kleine land, en in een groot jongensinternaat in de Kempen kon de zware poort toch al een beetje op een kier.  Een grote groep studenten uit de stad waarin deze tekst nu geschreven wordt en het stadje in de Kempen traden onder leiding van de kundige dictie-leraar Jaak Demol en medewerkers in Brussel op met een plezierige caleidoscoop  waarin taferelen uit het studentenbestaan geconfronteerd met kunst en wetenschap in woord en muziek werden verbeeld. De schrijver dezes was toen bijna veertien en zong mee in het samengestelde koor van de twee internaten.

Dat de stabiele vijftigerjaren-wereld begon te kraken in haar voegen is wellicht beter te beschrijven met de termen ‘scheurtjes’, een verschijnsel dat ons nu ook de wenkbrauwen doet fronsen. In het korps van het Kempische internaat waren er jonge leraren die ons niet alleen Latijn en Grieks wilden leren maar ons ook graag met de kunst en cultuur in aanraking wilden brengen. Ere dus aan Jan Verstraelen, toen muziekleraar aan die instelling, later onderpastoor en daarna deken in Essen, die op een dag met zijn zware bandrecorder de klas binnenkwam en ons ‘de schilderijententoonstelling’ liet horen in de orkestratie van Ravel.

De bandrecorder maakte deel uit van het ritueel.  Zijn glanzende crèmekleurige knoppen, het groene oog, de wielen, het gaas voor de luidspreker in gekoperde kleur, het ontrollen van de band die langs de koppen naar het lege spoel liep, ja we waren wel degelijk in 1958.

640px-Hartmann_--_Plan_for_a_City_Gate.jpg

En met de trompetstoot waarmee de eerste promenade opende duurde het niet lang of deze jongen verhuisde naar het Rusland van Moussorgski. Hij zag de kreupele gnoom dansen, de reusachtige letterlijke notenkraker die de componist voor ogen had. Hij verbleef op ‘il vecchio castello’, het oude kasteel waar een minstreel ’s nachts een lied zingt en de saxofoon een voorname plaats krijgt in het oude symfonie-orkest. Eén van de kinderen in de Tuilerieën’ was hij, en hij zag de ossenwagen voorbijkomen om daarna de dans van de kuikens in de dop mee te maken. Hoorde hij niet de ruzie tussen de rijke en de arme Jood, en het getwist van de marktvrouwen op de markt in Limoges? Hij daalde mee af in de catacomben van Parijs zoals door de schilder hierboven uitgewerkt. Cum mortuis in lingua mortua en de Baba-Yaga brachten hem in die schrikwekkende sprookjeswereld om dan langs de grote poort van Kiev (een architectonisch ontwerp van Hartmann) binnen te komen in een wereld die hij nooit meer zou verlaten.

bydlo.jpg

De prentjes -weinig echte beelden van Hartmann hebben de geschiedenis overleefd- waren totaal overbodig. Ik heb ze gezien. Telkens weer in andere samenstellingen. In drie of vier dimensies. Muziek had de grote poort opengeduwd en ik wist dat ik er nooit nog zou van genezen. Er werd wel eens smalend over ‘programma-muziek’ gesproken, maar het ging hier niet over een bepaalde gebeurtenis of een verloop, maar elke beeld van deze tentoonstelling stond voor duizenden andere. Vergeten beelden uit je kinderjaren, beelden van een nog niet uitgegroeid verlangen, beelden die hun eigen werkelijkheid al lang achter zich hadden gelaten.

In dat intussen al lang verdwenen klaslokaal, met de klanken van de eveneens al lang verdwenen recorder en de woorden van de veel te vroeg verdwenen gids openden zich vergezichten die geen enkele wereldtentoonstelling had kunnen bieden.

 

 

VANDAAG 96 JAAR GELEDEN WAS HET EEN DROEVIGE DAG

1280px-Schaerbeek_53-61_avenue_Louis_Bertrand_02.jpg

Het ‘zoet’ de herinnering, een sterfdag 19 maart 1919, maar de droefheid dat er op die dag, nu drieëntachtig jaar geleden, een jongeman van veertig sterft als gevolg van opgelopen oorlogswonden uit de eerste wereldoorlog is er niet minder om.

In 1878 bij het begin van de zomer, 23 juni wordt hij in Schaarbeek geboren rue de la Consolation. Hij zal ze nodig hebben, die ‘consolation’ want op zesjarige leeftijd verliest hij zijn vader, Arnold, tuinman van beroep, nauwelijks 45 jaar.  Zijn moeder zal broer Pierre en de kleine Gustave Strauven opvoeden.

rue-du-luther-17_strauven-3.jpg

Als negentienjarige werkt hij van augustus 1896 tot februari 1898 op het bureau van Victor Horta. Daarna wordt hij door de architecten Chiodra en Tshudy in Zürich als tekenaar ingehuurd. Hij zal een jaar in Zwitserland werken.

Zijn eerste bouwaanvraag vinden we in Brussel in 1899.

Maar er zijn ook een aantal patent-aanvragen van hem bekend die van zijn interesse voor materialen zelf getuigen:  een verbetering van een stoom-chauffage onder druk en zelfs in 1900 een ontwerp van een soort fiets-automobiel met één wiel.

Als actief medewerker van het tijdschrift ‘La Gerbe’ schrijft hij vaak over l’ Art Nouveau.  Je bent niet voor niets het kind van een tuinman geweest.

320px-Bruxelles_-_Strauven_JPG014.jpg

Tik zijn naam in bij een zoekmachine en loop langs zijn werk, zijn twintigjarig oeuvre vaak veel te laat als monument erkend en beschermd.

Hij is de flamboyante, degene die de kracht van de lijn duidelijk benadrukt in de beweging. Zijn klanten zijn niet zo bemiddeld als die van Horta dus verkiest hij vaak veelkleurig metselwerk in natuursteen.

Het barokke is in het Brussel van 1900 niet zo erg geapprecieerd. De strakkere voorgevel mag dan wel een bruisend leven camoufleren, Strauven toont die levenslust in een erg weelderige vormentaal.

van campenhoutstrg.jpg

En er is het licht, het morgen- en avondlicht dat niet kan zwijgen tot de grote oorlog uitbreekt en Europa nooit meer in dat bewegende licht dat uit de natuur zelf komt zal baden.

Op 19 maart 1919 sterft Gustave Strauven in een Belgisch militair hospitaal in het Franse Haute-Savoie.

phpThumb_generated_thumbnailjpg.jpg

VANDAAG 1835 JAAR GELEDEN WAS HET EEN TREURIGE DAG VOOR MARCUS AURELIUS

195.jpg

Vandaag, 1835 jaar geleden (180 na het begin van onze tijdrekening) was het een eerder droevige dag voor keizer Marcus Aurelius, hij ging dood, nauwelijks 58 jaar.

Omdat levensdata en andere fraaie wetenswaardigheden overal te vinden zijn, enkele fragmenten van zijn werk ‘Meditationes’ ooit naar het Nederlands vertaald als ‘zedige gedachten’ (1658) en eenvoudig te verwoorden als ‘tot mezelf’, ‘ta eis heauton’ een uitdrukking die in deze tijd van selfies dadelijk begrepen wordt.

Onze eigen kleine keizers en keizerinnen uit de bestuurlijke wereld kunnen zijn voorbeeld volgen en zich toeleggen op filosofie en de kunde om goede wetten voort te brengen, een tweevoudige opdracht die heel wat leed kan voorkomen.

640px-Young_Marcus_Aurelius_Musei_Capitolini_MC279.jpg

een minder bekend beeld: Marcus A. als jonge man.

Je bent niet ongelukkig als je je aandacht niet richt op wat zich in de ziel van een ander afspeelt, maar zij die de roerselen van hun eigen ziel niet nauwlettend volgen, moeten wel ongelukkig zijn. (boek 11)

Bij de taalgeleerde Alexander was zijn verdraagzaamheid opvallend.  Hij had niet de neiging om mensen met een uitheemse tongval, een gebrekkige taalbeheersing of een verkeerde uitspraak te honen of te bekritiseren.  Integendeel, tactvol liet hij hen de enige juiste uitspraak horen door op een bepaalde manier te antwoorden of door met hen in te stemmen.  Soms ging hij niet op het onderwerp in en niet op de uitspraak ervan, of koos hij een andere geschikte manier om het juiste gebruik in herinnering te brengen. (boek 1)

 

Marco_Aurelio_bronzo.JPG

 

Niemand immers kan van het verleden of van de toekomst afstand doen. Want hoe kan iemand verliezen wat hij niet bezit? Wij moeten dus deze twee dingen in gedachten houden: Het ene is dat alles er in de eeuwigheid hetzelfde uitziet en zich steeds herhaalt en dat het dus niet uitmaakt of iemand de dingen ziet in een tijdvak van honderd jaar, van tweehonderd jaar of in de oneindigheid.
Het andere is dat zowel hij die zeer lang leeft als hij die zeer jong sterft, beiden van hetzelfde afstand doen. Een mens kan slechts van het heden beroofd worden, want dat is het enige wat hij bezit; wat hij niet bezit, kan hij niet verliezen. (2-14)

 

Bronze_Marcus_Aurelius_Louvre_Br45.jpg

 Zet het idee ‘Ik ben gekwetst’ van u af en meteen zal het gevoel ervan verdwijnen; laat het idee van kwetsbaarheid vallen en het onheil zelf zal verdwijnen. (4-7)

 Kijk naar de innerlijke kwaliteit van alle dingen. Laat de werkelijke aard en de werkelijke waarde van geen enkel ding u ontgaan. (6-3)

ma-writing.jpg

VANDAAG 83 JAAR GELEDEN WAS HET EEN MOEILIJKE DAG VOOR G. EASTMAN

george-eastman.jpg

‘Be it known that I, GEORGE EASTMAN, of Rochester, in the county of Monroe and State of New York, have invented certain new and useful Improvements in Cameras; and I do hereby declare the following to be a full, clear, and exact description of the same, reference being had to the accompanying drawings, forming a part of this specification, and to the figures and letters of reference marked thereon. ‘ (04/09/1888)

US388850-0.png

In 41 punten beschrijft de uitvinder van dit foto-apparaat, Georges Eastman, het patent  dat hem wereldberoemd zal maken.  ‘Duw op de knop, wij doen de rest.’
Hij noemt het een ‘Kodak’ want hij vond de letter K een mooie letter en experimenteerde met een aantal woorden die met een K begonnen en eindigden.
Vier jaar eerder, in 1884 had hij een patent op een nieuwe drager van beelden genomen:

 ‘I also made experiments by using paper as a temporary support and coating the Cellulose immediately upon the paper, and afterwards coating with the emulsion. I had no difficulty stripping the Cellulose from the paper, the cellulose adhered to the emulsion and separated from the paper.’

Voeg daarbij het patent op een rol waarrond de film werd opgedraaid.

Daardoor kwam fotografie in het bereik van meerdere mensen. In 1890 verschijnt de eerste camera, verkocht met filmrol en die ging $ 25 kosten omgerekend naar nu toch nog $ 640, een vijfhonderd euro. In 1900 echter verscheen de Brownie camera, kostprijs 1 dollar. (20 euro) Hij zou een voorbeeld zijn voor de talrijke ‘box-camera’s die tot in de zestiger jaren van de 20ste eeuw in menig huishouden dienst deden.

 

Kodak_Brownie_Flash_III.jpg

Op 14 maart 1932, nadat hij zijn testament had herschreven waarin hij zijn grote villa aan de stad Rochester naliet en $34 miljoen in hedendaagse dollars voor de universiteit van Rochester bestemde, gaf hij ook een aanzienlijke som aan de tandklinieken van de streek want geen kind in Rochester mocht met een slecht gebit blijven rondlopen. Zijn liefste nichtje Ellen kreeg een kleine 3,4 miljoen.
Hij schreef daarna een briefje:


To my friends,
My work is done.
Why wait?
GE


Hij ontgrendelde zijn revolver en schoot zichzelf in het hart, 74 jaar oud.
Net zoals zijn moeder leed hij aan een ruggemerg-aandoening die hem het lopen of staan vrijwel onmogelijk maakte en hem vreselijke pijn bezorgde.

‘God keep me from being like them (referring to family and friends who he had seen succumb to illness). Doesn’t it seem strange that the clearest minds I have ever known should be taken this way? That is the sad thing about illness.’

(In memoriam matris die met haar kleine box-camera ons leven vastlegde waardoor wij de verste herinneringen als kostbare schatten nog steeds kunnen koesteren.)

 

guido03004.jpg

 

http://graphics8.nytimes.com/bcvideo/1.0/iframe/embed.html?videoId=100000003538108&playerType=embed 

VANDAAG 65 JAAR GELEDEN EEN VROLIJKE DAG IN NÜRNBERG

1950.jpg

 

Vandaag, 12 maart 65 jaar geleden werd in het bekende Duitse Nürnberg de eerste ‘Spielwaren Fachmesse’ geopend die voor de oorlog jaarlijks in Leipzig plaatsvond maar nu door ‘die Deutsche Teilung’ niet dadelijk een aantrekkelijke plaats was al kan ik mij voorstellen dat bij het horen van de combinatie ‘speelgoedbeurs’ en ‘Nürnberg’  en het jaar 1950 op de tijdsband ook spreekwoordelijke wenkbrauwen kunnen gefronst worden.


Van 12 tot 18 maart 1950 waren er 351 deelnemers aan  ‘die erste Deutsche Spielwarenfachmesse’ die sindsdien elk jaar einde januari begin februari voor ‘vakmensen’ plaatsvindt, en waar je nu al voor 2016 een plaatsje kunt reserveren naast Maja de bij en een Japanse producent van 3D-printers voor kinderen.
Oppervlakte van de beurs evolueerde van 3000 m2 in 1950 tot 160.000 m2 in hedendaagse tijden.

A39_Fi_H_177_HansSachsPlatz_5Okt1949.jpg

Dit is een archiefbeeld uit 1949 van diezelfde stad.  In 1943 werd de speelgoedproductie in Duitsland stil gelegd als ‘nicht Kriegswichtig’.

Eén van de thema’s van de voorbije beurs was ‘The spirit of play.’

‘Fashionable and trendy articles are becoming increasingly important for us. After all, when families come into the shop, everyone is looking to be served. I can’t just grab the child’s attention, I also have to appeal to his mother or father.’

lfd_nr_74_1.jpg

‘Can anyone remember the uproar about Google’s street view service five years’ ago when privacy seemed doomed? That’s all history. Nowadays the toy industry and we ourselves are casing the world, and not Google, Humboldt or Gaus. Quadro- or Multicopters were a 2014 trend, and it’s still going strong. Very strong! robbe Modellsport GmbH & Co. KG goes as far as to herald a new multicopter age with Align M480L. The pro device is extremely agile and is used as a platform to mount a camera gimbal and take professional aerial shots; a flying artist with a diameter of 800 mm. The model can be fitted with different coloured propellers, engine nacelles and canopies.’

2015_Modellbau_Neuheiten_02.jpg

VANDAAG HONDERD VIJFENVEERTIG JAAR GELEDEN WAS DIT EEN DROEVIGE DAG

Ignaz Moscheles 1827 engraving after Lieder.jpg


Honderd vijfenveertig jaar geleden was het vandaag, 10 maart 1870, voor Ignaz Moscheles een droevige dag.  Hij ging dood. En eerlijk gezegd, heb je -zelfs als je bij radio Klara werkt- al ooit gehoord van Ignaz Moscheles? Hij had nochtans zo beroemd kunnen zijn als Franz Liszt of Niccolo Paganini.


Geboren in Praag (1794), gevormd in Wenen en later Londenaar-uit-eigen-beweging was hij een van de grootste klaviervirtuosen van zijn tijd.
Ik heb onmiddellijk de pianist Nöel Lee aan het werk gezet en die speelt nu terwijl ik dit schrijf zijn études. (Je kunt onderaan de mooie Etsuho Hirose enkele études laten spelen terwijl je verder leest.)


Toen hij stierf die droevige 10de maart 1870, was Berlioz net een jaar dood, Rossini een jaar en half.  Schubert, Mendelssohn, Chopin en Schumann waren gekomen en gegaan. De carrière van Liszt zat er ver op, Brahms en Wagner waren op hun toppunt en Debussy was zeven en half jaar jong.
Ik heb die mooie zin overgenomen uit een uitvoerige biografie( http://www.moscheles.org/)
waarin mijn verbazing over het drukke leven van toen vooral ontstond uit de stilte die er optrad na zijn leven waarin hij auteur was, de eerste die een transcriptie voor piano maakte van Beethovens opera ‘Fidelio’, leidde klaverklassen aan het conservatorium van Leipzig, plaats die hij aan zijn vriend Mendelsohn had te danken, en componeerde tegen de sterren op, ook pianoconcerto’s en was een absolute top als pianist.
De mooie opname vertolkt door Noël Lee uit 2010 (Arion) eindigt met een een mooie ‘sonate mélancolique’ en dat is het juiste gevoel bij dit kleine in memoriam.

‘Moscheles’s growing reputation as a pianist and a composer, joined with political and religious factors to make his eight years in Vienna an extraordinarily rich experience. Aside from his important intercourse with Beethoven, vital friendships were forged in the city’s leading social circles, which included the prominent Jewish families of haute finance, such as the Rothschilds, Lewingers, Arnsteins, and Eskeles. The financial expertise of these families gave them virtually unlimited privileges when compared with less educated Jews, who were only beginning to emerge from Europe’s ghettos. Their Viennese homes served to underscore the unique status of these privileged Jews by providing a showcase for their “Jewishness” (often attractive to non-Jews in an age which counterposed assimilation and tokenism) and, at the same time, by emphasizing their emancipated lifestyle.’ (Robert W. Chambers. Jr)

Ignaz Moscheles with Smart.jpg

 ‘I play all the new works of the four modern heroes, Thalberg, Chopin, Henselt, and Liszt, and find that their chief effects lie in passages requiring a large grasp and stretch of finger, such as the peculiar build of their hands enables them to execute; I grasp less, but then I am not of a grasping school. With all my admiration for Beethoven I cannot forget Mozart, Cramer, and Hummel. Have they not written much that is noble, with which I have been familiar from early years? Just now the new manner finds more favor, and I endeavor to pursue the middle course between the two schools, by never shrinking from any difficulty, never despising the new effects, and withal retaining the best elements of the old traditions….’

Wellicht heeft hij veel van zijn succes bij leven en welzijn te danken aan de uitbouw van de piano(forte) tot een volwaardig concertinstrument.

 ‘A part of Moscheles’s success in these pianoforte programs was undoubtedly due to the dramatic advances made in the construction of the instrument during his London years. Its increased sonorities and more responsive action allowed the pianoforte to stand on its own, and to provide a more striking contrast with the brittle, often plaintive sound of the harpsichord. Moscheles counted among his friends the foremost pianoforte manufacturers in England, including Muzio Clementi, the Collard brothers, Thomas Broadwood, and Pierre Érard. Throughout his long tenure in London, Moscheles was frequently called upon to test, and comment upon, new enhancements of the piano’s action, stringing arrangement, and frame construction. Thus in 1825, for example, he was the first to try Sebastien Érard’s double escapement action on an instrument in nephew Pierre’s London factory. Moscheles was impressed with the responsiveness of the mechanism, and it hardly seems coincidental that his works of the years immediately ensuing make increasing use of repeated notes.’ (ibidem)


Toen hij stierf was dat voor de Engelse kranten geen nieuws. Jonge virtuozen hadden zijn plaats ingenomen. In zijn dagboek vinden we deze tekst:

‘My chief objection to the innovators is that they aspire to go beyond Beethoven, and altogether dethrone Mozart and Haydn, hitherto the acknowledged keystones to the foundation of music; of course, we lesser lights are to be buried under the ruins of the tottering temples, and I for my part consider myself honored by such sepulture; who knows if we shall not some day or other be dug up like Herculaneum and Pompeii?’

Honderd en  vijfenveertig jaar geleden was dit een droevige dag, maar met enkele bewegingen kun je zijn muziek door alle kamers van het hedendaagse huis laten klinken.  Levend en wel. Opgravingen zijn niet meer nodig.

Chester Place 1833.jpg

3, Chester Place, Regent’ s Park, tekening door Mendelsohn in 1833. Moscheles zie je in het bovenste raam.



VANDAAG VIJFENDERTIG JAAR GELEDEN WAS HET EEN VROLIJKE DAG

712737-0-162.jpg

 

Vijfendertig jaar geleden was het vandaag, 6 maart 1980, een blije dag. Die dag immers werd Marguerite Antoinette Jeanne Marie Ghislaine Cleenewerck Crayencour beter bekend als Yourcenar (bijna het anagram van Crayencour) als eerste vrouw tot de Académie française toegelaten. (3e fauteuil)  Ze was toen 77.
Al heeft één van haar citaten ‘Tout ce que les hommes on dit mieux été dit en grec’ nu een Europees bijsmaakje, het is duidelijk dat haar ‘welluidendheid’ steunt op het kalos kai agathos al zal je dat breder dan in de schoolse humaniora-zin moeten bekijken en is het snuifje gnoti sé-auton, het ken jezelf, rijkelijk op elk van haar gerechten uitgestrooid.
Wie ooit de pen op papier wil zetten kan best ‘Mémoires d’Hadrien’ (1951) lezen en levenslang herlezen en zich nederig weer aan het studeren zetten.


Om deze 35ste verjaardag van haar entrée in het Franse mannenbastion te vieren nam ik ‘Als stromend water’ mooi uitgegeven door Atheneum – Polak & Van Gennep, mee naar bed.  Daarin zijn drie verhalen gebundeld die een tot twee jaar na haar entrée zijn geschreven en waarin de thema’s die haar levenslang vergezelden duidelijk aanwezig zijn.
Het laatste verhaal ‘Een mooie ochtend’ is mij erg lief.


Ik citeer de binnenflap:
‘De hoofdfiguur van Een mooie ochtend is Eleazar, de zoon van Nathanael, die als kind wordt opgenomen in een groep rondreizende Shakespeare-spelers.  In deze theaterloopbaan beleeft de jonge Eleazar alle levens: beurtelings is hij meisje en jongen, jongeman en grijsaard, vermoord kind en ruwe moordenaar, koning en bedelaar, een in zwart fluweel geklede prins en de zot in het bonte narrenpak.’

Het heerlijke aan Franse auteurs is vaak hun commentaar op eigen werk en dan  nog eens van extra voetnoten voorzien.
Zo citeert ze de ontboezeming van Flaubert in een brief aan Louise Colet  tijdens het schrijven van madame Bovary:

‘Vandaag bij voorbeeld heb ik, man en vrouw tegelijk, minnaar zowel als minnares, te paard een tocht gemaakt door een bos, op een herfstige namiddag, onder gele bladeren, en ik was de paarden, de bladeren, de wind, de woorden die ze tot elkaar zeiden, en de rode zon die hen noopte hun van liefde zwemmende oogleden half te luiken.’ (Correspondance de Gustave Flaubert, brief aan Louise Colet van 23 december 1853, Bibl. de la Pleiade, dl II p.483)

Laten we maar samen verder wandelen langs het Hyacinten-pad.  De Mont Noir is mij ook erg lief, Marguerite.

  « Le véritable lieu de naissance est celui où l’on a porté pour la première fois un coup d’œil intelligent sur soi-même : mes premières patries ont été les livres. »

 

Corbis-0000172127-014.jpg

 

TWEEHONDERD JAAR GELEDEN WAS DIT EEN DROEVIGE DAG

mesmer02.jpg

Tweehonderd jaar geleden was het vandaag -5 maart 1815 – een nare dag voor Franz Anton Mesmer.  Hij ging dood. Is dat een natuurlijk verschijnsel zijn belangstelling voor het fluïdum dat in het menselijke lichaam zich langs verschillende kanaaltjes zou verplaatsen en bij opstoppingen de oorzaak van allerlei kwalen zou zijn, was voor velen niet zo natuurlijk.
Dacht hij eerst met magneten de weg voor het ‘fluïdum’ vrij te maken, later bleken ook aanrakingen met handen voor hetzelfde positieve resultaat te zorgen.
In Salons en in de literatuur deed het ‘mesmerisme’ zijn intrede.
Maar naast een schare nuchtere geleerden was ook de macht niet dadelijk voor zijn praktijken gewonnen.
“Le Roi ne veut pas que l’on permette d’ecrire sur cet object”.
Eén van de leerlingen van Mesmer, Nicolas Bergasse schreef een pro-mesmeriaans werkje maar verpakt als een soort aanval van  een cynisch lid van de Faculté de Médicine:
‘Lettre d’un médecin de la faculté de Paris, a un médecin du college de Londres; ouvrage dans lequel on prouve contre M. Mesmer, que le magnétisme animal n’existe pas.’

In 1782 moest Mesmer zelfs uitwijken naar Spa, plaats waar wel meer gekwelde zielen soelaas dachten te vinden.
Twee jaar later benoemde de Franse koning zelfs twee commissies om dat dierlijke magnetisme aan een wetenschappelijk onderzoek te onderwerpen. Mesmer bedankte voor enige vorm van medewerking.  De uitslag van hun werk was vernietigend: verbeelding, gevaarlijk en…wat met de goede zeden en de emoties die ‘aanrakingen’ teweeg konden brengen?

Bergasse schreef in 1784 nog een verdediging van het dierlijk magnetisme, Considérations sur le magnétisme animal, net als zijn Lettre uitgegeven met het fictieve impressum ‘La Haye’. Als jurist gebruikte Bergasse de in zijn ogen eenzijdige onderzoeken van de koninklijke commissies om politiek tegengas te geven. Conservatieve, door de staat gecontroleerde organisaties, zoals de Faculté, werden volgens hem de hand boven het hoofd gehouden zodat de wetenschap zich niet vrijelijk kon ontwikkelen en het volk geen gelegenheid werd geboden van nieuwe geneeswijzen profijt te hebben. Geen liberté, égalité en fraternité dus. Bergasse verzorgde een petitie aan het parlement dat op zijn beurt nog een commissie benoemde, maar dit initiatief verzandde door onwil of onmacht.’ (Marja Smolenaars)

Verdere literatuur daaromtrent verscheen clandestien, werd in beslag genomen en vaak pas na lange tijd weer ter beschikking gesteld.

Pas veel later zouden mensen als Charcot, Freud en Jung verdere stappen zetten op het schemerige domein van het onderbewusteMet ook nu weer de nodige en onnodige vraagtekens.

 

3-franz-mesmer-1734-1815-granger.jpg

VIERHONDERD JAAR GELEDEN EEN DROEVIGE DAG

Hans_von_Aachen_006.jpg

 

Vierhonderd jaar geleden – 4 maart 1615 dus – was een eerder droevige dag voor hofschilder en levensgenieter Hans von Aachen.  Hij ging dood.

Doodgaan is verder een natuurlijke gebeurtenis, Hans,  maar het overleven in geschriften of schilderijen  is aan weinigen gegeven. Jij hangt nog in verschillende musea, bij leven geadeld, na je dood verspreid in kunstcollecties en artistieke geschriften, bijna een fait divers, één van de velen want vierhonderd jaar is een hele tijd.

Uiteraard zag ik je schilderij waarin een sater deze mooie meid in de persoon van Venus  wil versieren in aanwezigheid van een spichtige Cupido als een voorbeeld van de Italiaanse Renaissance waar het realisme der lage landen langzaam maar zeker komt binnengeslopen. (de trend die wij nu verkeerdelijk vind ik ‘maniërisme’ noemen). Een leraar esthetica zou nu een driehoek tekenen waarin de compositie van de hoofdpersonages is opgesloten maar ik heb het meer voor de joligheid van Cupido en de mooie blik van Venus. Het joch wilde nog net aan zijn moeder vragen of hij zijn pa moest gaan halen, kijk naar zijn opgestoken handje, maar zijn schuine blik naar de mannelijke warm gelopen sater brengt hem waarschijnlijk op andere gedachten, hij is tenslotte Cupido en niet een braaf kind dat opschrikt van menselijke emoties omdat hijzelf, hoe jong ook, de oorzaak is van deze gevoelens. ‘Ik zie je straks ma,’ lijkt me een betere quote voor hem.

De hand van Venus, vingers lichtjes gespreid zou de maat van ’s mans orgaan kunnen aanduiden maar in relatie met de gespierde bovenarm die haar omknelt, denk ik eerder aan een soort time out, een bede tot voorzichtigheid.

Een beetje oneerbiedig misschien, Hans op je vierhonderdste sterfdag, maar de manier waarop je Venus en Cupido laat kijken is in die vierhonderd jaar nog niet veranderd.

Ik vond ook nog een mooie tekening van jou die het over ‘sterfelijkheid’ heeft.  Toen ik die tekening bekeek, begreep ik dadelijk de schoonheid van het tafereel hierboven.  Bij leven en welzijn zijn we tot weinig in staat, maar deze ontmoetingen -al dan niet gedroomd- zullen we nooit vergeten.  Ook niet na vierhonderd jaar. Ze blijven hangen.  Bij jou in een schilderij, bij ons in het geheugen waar ze als laatste herinnering zullen verdwijnen. Heel zachtjes dan.  Het gedoe met de zeis ten spijt.

 

Hans_von_Aachen_025_recto.jpg