Het vervolg op Foucaults eerste deel ‘De wil tot weten’ liet op zich wachten.
Sommigen dachten dat het er nooit zou komen, anderen vonden dat hij was uitgeschreven.
Er zullen acht jaren liggen tussen beide werken. Het werd juni 1984, de maand van zijn overlijden vooraleer Het gebruik van de Lust (L’ Usage des Plaisirs) en De zorg voor zichzelf (Le Souci de soi) verschenen.

Het voorziene project werd in die tijdspanne compleet omgegooid.
Aanvankelijk wilde hij in zijn studie binnen het christendom en de betekenisdoctrine op zoek gaan naar het ontstaan van het ‘vertoog over seksualitit’, een ‘archeologie van de psychoanalyse’.

Tijdens zijn langdurige ontmoeting met de christelijke moraal heeft hij zich echtr gerealiseerd dat het erg moeilijk is het vroege christendom te bestuderen zonder te kijken naar wat daaraan aan is voorafgegaan, schrijft Didier Eribon in Foucaults biografie.

Er tekent zich een nieuw avontuur voor hem af: in de antieke filosofie op zoek gaan naar onderwerpen die te maken hebben met ‘de zorg voor zichzefl’ en ‘het gebruik van de lust’, om te zien hoe de heidense moraal vlak voor de opkomst van het christendom tot ‘vormen van onderwerping’ had geleid.

Voor het College de France geeft hij in 1980-81 een reeks colleges over ‘Subjectiviteit en waarheid’.
In zijn resumé schrijft hij daarover:

We hebben bestudeerd wat er in de Helleense en Romeinse cultuur, in de periode die zich uitstrekt van de eerste eeuw voor tot en met de tweede eeuw na Christus, bij filosofen, moralisten en artsen ontwikkeld was aan ‘levenstechniek’, ‘bestaanstechniek’.
Deze levenstechnieken zijn alleen bekeken in hun toepassing op het soort handelingen dat door de Grieken aphrodisia werd genoemd en waarvoor ons begrip ‘seksualiteit’ duidelijk een ontoereikende vertaling is.
We zien hoe ver we verwijderd zijn van de geschiedenis van de seksualiteit op basis van de welbekende onderdrukkingshypothese en de daaraan gekoppelde vragen. (hoe en waarom wordt de begeerte onderdrukt)
Het gaat om handelingen en lust, niet om begeerte. Het gaat om de vorming van het zelf aan de hand van de levenstechnieken, en niet om de verdringing, het verbod, de wet.
Het gaat er niet om te laten zien hoe de seksualiteit is weggedrukt, maar hoe het begin eruitzag van die lange geschiedenis die ertoe geleid heeft dat in onze samenleving seksualiteit en subject met elkaar verweven zijn.’

Ons probleem om in dit perspectief verder te denken heb ik proberen duidelijk te maken met een aantal hedendaagse beelden van Amerikaanse kunstenaars .

Zoals vroeger het orakel werd geraadpleegd als de logica blijkbaar te kort schoot en de duiding van het onderbewuste noodzakelijk werd, zo nam ik willekeurige kunstwerken uit de meest recente geschiedenis om daardoor een toetsing te maken met wat er met die ‘zelftechnieken’ en die ontdekking van het leven als kunstwerk na Foucaults dood (1984) is gebeurd.

We zijn op vijf jaar van de val van de muur, het woord globalisatie kent zijn aarzelende genese, het Westen verandert grondig van aangezicht.

Ons leven als kunstwerk is een niet zo vanzelfsprekende opvatting, maar alvast een opdracht.

Het gebruik van de lust ter ere, of toch niet?