zo zeker als de bloemen wederkomen (63)

596_c779b532724a17a21d3252b7adb58c21

Lieve Patiënt,

Om je mooie vers aan te vullen, een vergeten gedicht van P.C. Boutens:

Sponsae Aeternae

Ik weet dat gij mij nog verschijnen zult,
Zo zeker als de bloemen wederkomen:
Der dingen dove dek hebt gij genomen,
Het donkre leven dat de steden vult,

Den winterwind die klaagt door dorre bomen,
Ten sluier die uw eeuwgen glimlach hult…
Ik zou gelukkig zijn, als slechts geduld
Den slaap kon vinden om van u te dromen.

Een prins, te vroeg ontwaakt in wintermorgen,
Dwaalt als een vreemde door zijn kille huis
Tussen de trage slaven die bezorgen
Huns heren  dag met onbeheerd gedruis, –

Zó moet ik waken tot gij wederkomt
En u nog eens  in mensenaanschijn momt.

En met deze troostende woorden maken we de lelijkheid een beetje meer onzichtbaar, ter ere van het jongetje op de dolfijn.
Uw toegewijde en meevoelende psychiater G. Dumortier.


the little Love-god lying once asleep (62)

528_acf54cb0c49c6ac6eea4640b96cbff59

Beste Psych,

Beter dan met eigen woorden ter ere van het Liefdesfeest de mooie tekst van William Shakespeare, zijn laatste sonnet (nr54)

The little Love-god lying once asleep
Laid by his side his heart-inflaming brand,
Whilst many nymphs that vowed chaste life to keep
Came tripping by; but in het maiden hand
The fairest votary took up that fire,
Which many legions of true hearts had warmed;
And so, the general of hot desire
Was, sleeping, by a virgin hand disarmed.
This brand she quenchèd in a cool well by,
Which from Love’ s fire took heat perpetual,
Growing a bath and healthful remedy
For men diseased; but I, my mistress’ thrall,
Came there for cure, and this by that I prove:
Love’ s fire heats water, water cools not love.

En in de mooie vertaling van H.J.de Roy van Zuydenwijn, De Arbeiderspers, A’dam 1997:

Eens sliep de kleine Amor, toorts ter zijde,
waar menig hart door tot ontvlammen kwam,
toen trippend een, de kuisheid toegewijde,
rij meisjes hem passeerde; ’t mooiste nam
de toorts ter hand waardoor in legioenen
getrouwe harten liefde was ontbrand;
zo werd de vorst der hete visioenen,
in slaap, ontwapend door een meisjeshand.
De fakkel bluste ze in het koele nat,
dat hitte van dit eeuwig vuur aannam
en zieke mannen ’t heil schonk van zijn bad;
maar ik, slaaf van mijn meesteresse, kwam
daar voor een kuur en zag slechts dit bewezen:
van liefdes hitte kan geen bad genezen.

En deze verschenen voor de eerste keer in 1609!
Uw dienstdoende Theodore Silverstein


ook met boog (61)

319_e18c6dcca5e885dcf12d5c58c92ead3d

Beste Theodore

Sluit morgen het water af, blokkeer de voedseltoevoer en veroorzaak een onherstelbare electriciteitspanne en wat er dan na drie dagen nog overblijft van cultuur, zal makkelijk op dit lijntje aan te vullen zijn. Vrijwel NIETS.

In gedachten zag ik je tussen de kudden liggen (we hopen tenslotte tot aan onze laatste ademsnik dat er een engel verschijnt!) en vrede op aarde voor de mensen van goede wil zal inderdaad net zo ver weg geweest zijn als de leegte aan cultuur die ik hierboven schetste.
Onze families weten wat vluchten, onderduiken en strijden om het bestaan betekent: de strijd om een beetje warmte, licht en voedsel en al de rest is geneuzel voor de scenario-schrijvers. Ik besef het als ik de foto’ s bekijk en hun afwezige stemmen hoor die toen nog vol vertrouwen onze kant uitkeken.

Toch stuur ik je een andere eros (cupido) nu we weldra de onbestaande heilige valentijn moeten gedenken.
Al zie je zijn boog niet, hij is er nog altijd en zijn trefzekerheid is groot. Hij heet in het latijn “spes” en dat is dat ouderwetse woord “hoop”.

In de grootste verlatenheid raakt hij onze harten net zo goed als in de euforie van betere tijden. Niet dat hij de prins op het witte paard zal zijn, degene die ons uit een lange dodenslaap moet wakker kussen. Hij is de schoonheid zelve en waarschijnlijk heeft hij zelfs zijn onzichtbare boog niet nodig en volstaan enkele blikken van zijn prachtige ogen om je te verwarmen.

Wij zijn de vreselijke verhalen van de feuilletons en goedkope afleveringen gewend geworden, maar ik denk dat je met minder wonderen toch je wonderlijk kunt voelen.
Zijn alomtegenwoordigheid, ook in deze grauwe regendagen, zijn moeilijk te bereiken woorden of gebaren, ik denk dat hij in de naderende lente schuilt als in de ogen van de kleine Hazelaar waarover je zo mooi schreef.

Hij is schaamteloos mooi, laat zich niet van de wijs brengen door wat anderen voorschrijven (of bang voor zijn). Net zoals de donkerte van de nacht is hij aanwezig in de onzichtbaarheid van de essentiële dingen: brood, woorden op straat geroepen, een flard muziek, een kus.

Silverstein, de onzichtbaarheid heeft zijn prijs, maar wie de moed heeft hem te betalen zal de schoonheid van de onzichtbare boog smaken.

Je psychiater G. Dumortier


als herder vermomd (60)

365_8ecb741f43a38a00664bbeea58579a3f

Goede Psychiater,

Tijdens de heldere vriesnachten zag ik Orion mooier dan ooit.

Even voelde ik mij niet meer monddood. Ik werd de herder die bij de kudden lag, in warme wol van hun vachten gewikkeld, zonder enig kerstgevoel overigens.
Het waren geen hymnes, noch minder edele gevoelens of wraakgezangen, maar woorden die de verlatenheid probeerden te ondersteunen.
Ik kwam niet verder dan het vrijwel klassieke verlangen naar het morgenlicht, een mok warme melk, een snede brood.
Met zoveel sterren boven mij was dat een magere oogst, dat geef ik toe.
Vroeger vermoedde ik Eros als medeherder, maar als Sebastiaan doorboord, werd hij een heilig slachtoffer.

Een wolkje adem duidt aan dat ik nog leef.

Geen pijlen schiet hij,
hij wijst naar de aarde
waar liefdes weer molshopen werden.

Orion schittert boven zijn bevallig hoofd.

Uw Theodore Silverstein