het boek der wereld (154)

253_5c3f9b19be1694184ba2e95428c2fe02

In Avignon werkt Kircher verder aan zijn projecten.
Belangrijk is de Fransman “Nicolas Claude Fabri de Peiresc” die in Europa en Afrika een netwerk van geleerden en waarnemers had opgezet om de hemellichamen te bestuderen. Een rijke aristocraat die correspondeerde met iedereen die naam en faam had op wetenschappelijk gebied.
Door Peiresc kwam Kircher in kontakt met het Habsburgse hof en werd hij naar Wenen ontboden om daar de plaats van de intussen overleden Kepler in te nemen.
Maar omdat Peiresc dacht dat Kircher weldra de hiërogliefen zou kunnen ontcijferen, wendde hij zijn invloed bij de Barberini’s aan en werd Kircher een leerstoel voor wiskunde aan het Romeinse kollege te Rome aangeboden. En “aanbieden” wil in Rome zeggen: doen!

De jaren in Rome werkt Kircher aan verdere studie rond die hiërogliefen en de Koptische taal. Hij dacht immers (ten onrechte) dat deze gesproken taal het vervolg was op de geschreven taal der hiërolgliefen.
Als hij in 1637 de jonge landgraaf van het groothertogdom Hessen-Darmstadt door Italië begeleidt, zijn ze getuige van een uitbarsting van de Stromboli en de Etna. Hij laat zich in de nog actieve krater zakken om het Vulcanisme te bestuderen.
Zijn werk “Mundus Subterraneus” zou zijn interesse voor geologie bewijzen (1665)

Daarna blijft hij in Rome.
Piedro del Valle en Kircher zijn natuurlijk goede vrienden geweest.
Als Kircher in 1652, het jaar van Pietro’s dood, zijn boek “Oedipus Aegypticus” publiceert dan schrijft hij daarin over de twee mummies die Petro van zijn reis had meegebracht.
In 1644 had Pietro nog het voorwoord geschreven bij het Latijns-Koptische onomasticon “Lingua Aegyptiaca Restituta”, en Kircher herinnert zich de lange discussies met deze reiziger.

Intussen werkte Michael Sweerts in Rome, en waarschijnlijk begeleidde hij de broers Deutz die de Grand Tour door Italië maakten.
Vlakbij de via Margutta trouwens aan de piazza del Populo was het gebouw van de propaganda del fide, en daar werkte de neef van Petro’ s eerste vrouw, Ferdinand.
Het boek van de wereld. Roma. Wordt zeker vervolgd.


op weg naar Rome (153)

103_758c9deecbd9c0935dede91d8ee9096f

Hij komt al vlug bij de aartsbischop van Mainz terecht en na diens plotse dood studeert hij theologie en kreeg hij een telescoop in handen waarmee hij de toen pas ontdekte en fel bediscussieerde zonnevlekken bestudeerde.
In 1628 wordt hij geprofest en men stuurt hem naar Speyer om er het derde dele van zijn proeftijd in afzondering door te brengen.
In de collegebibliotheek aldaar komt hij voor de eerste keer in aanraking met Egyptische hiërogliefen. Ze zullen hem levenslang blijven intrigeren.
Na zijn proeftijd komt hij in Würzburg terecht, vervolmaakt zich in de wiskunde en publiceert er zijn eerste werk over magnetische fenomenen.

Ars Magnesia, Hoc est Diqvisitio Bipartita empeirica seu experimentalis, Physico-Mathematica de Natura, Viribus et prodigiosis effectibvs Magnetis, quam Cum theorematice, tum problematice propositam, nouoque methodo ac apodictica seu demonstrativa traditam, variisque usibus ac diuturna experientiam comprobatam, fauente Deo, tuebitur.

Hij besluit missionaris te worden en naar de pas gestichte missies in China te vertrekken. Maar dat wordt hem niet toegestaan.
Hij heeft er ook een visioen (ik moest aan Carl Jung denken!). Soldaten marsjeren de tuin binnen en zijn plots verdwenen als hij zijn vriend Gasper Schott roept.
Nog geen jaar later heeft de protestantse koning Gustav Adolf van Zweden Franken en Würzburg ingenomen en vlucht hij met zijn vriend naar Avignon.
Hij zal nooit meer naar Duitsland terugkeren.


wetenschapper of fantast? (152)

032_7e467f6357301faaaa227adfe0ddaab1

Hij werd geboren in 1602 in het Duitse Geisa aan de Ulster.
Hij was de jongste van zes zonen en drie dochters. Zijn vader studeerde theologie en filosofie aan de universiteit van Mainz en werd (leken)doctor in de theologie.
Opgevoed aan het jezuietencollege in Fulda waar hij Grieks leerde en volgens sommigen bronnen maakte hij kennis met het Hebreeuws bij een Joodse rabbijn.
Wilde al op zijn dertiende bij de jezuietenorde binnengaan, maar dat lukte niet dadelijk. Door zijn schuchterheid dacht men dat hij niet zo verstandig was.
Kreeg dan bij het schaatsen een lelijke wonde aan zijn been, hield die verborgen tot aan zijn noviciaat in Paderborn en daar genas deze wonderlijk na een innige nacht bidden voor een Mariabeeld.
In 1621, een jaar na zijn geloften marsjeerden de soldaten van von Brunswick de stad binnen en de jezuieten moesten vluchten.
De jongeman komt bij het oversteken van de rivier op een stuk ijs terecht dat zich van de oever losmaakte en hij belandde in het ijskoude water.
Op eigen kracht redde hij zichzelf en legde de drie mijl te voet af terug naar zijn college waar hij toch een aantal dagen nodig had om op krachten te komen.
Daarna, op weg naar Keulen, valt hij in de handen van protestantse soldaten die hem uitkleden, op een paard binden en hem willen ophangen. Maar één van hen is zo getroffen door de standvastigheid van onze held dat hij zijn leven spaart.
Slechts licht gekwetst bereikt hij twee dagen later Heiligenstadt waar hij als leraar wiskunde, Hebreeuws en Syrisch doceerde.

Hij was ook knap in het ontwerpen van vuurwerk en bouwde merkwaardige optische apparaten.
De naam van dit wonderlijke wezen: Athanasius Kircher.