EEN BOUWVALLIG BRUGGETJE EN EEN JONGEDAME

rus b

Laten we ’t maar dicht bij huis houden, dicht bij Abramtsevo, waar dit bouwvallige vlondertje de lieftallige voetjes van Maria Botkina nog net kunnen dragen.

Maria was de dochter van Pavel Mikhailovitch Tretyakov, de stichter dus (samen met zijn broer Sergei) van de Gallerij met die naam.
Tussen beide werken liggen zo’n 17 jaar.
Het eerste ontstond in 1888, het tweede in 1905.

rus

Voor wie een beetje met de Russische geschiedenis bekend is, weet dat het jaar 1905 het jaar van de eerste grote volksopstand was, opstand die bloedig werd neergeslagen.

De vrede van het landgoed, 1888 en het eerste grote onweer dat in 1917 voor goed zal losbarsten.

Op deze pastel is Maria 30, geboren dus in 1875, zodat je met een beetje eenvoudig cijferwerk weet dat ze als dertienjarige bij het meertje heeft gezeten, of beter nog gespeeld, want kinderen waren er altijd aanwezig.
De kunstenaars brachten vrouw en kroost mee en logeerden vaak op het landgoed.

Vader zal vaak op reis zijn geweest, op zoek naar nieuwe kunstwerken, maar ook druk bezig met het organiseren van allerlei dienstbetoon voor weduwen en wezen van te vroeg gestorven kunstenaars.
Ook de slachtoffers van de wrede Krimoorlogen konden op zijn steun rekenen, en hij was de persoonlijke bezieler van een instituut voor dove kinderen.
Hij bracht kunst en samenleving erg dicht bij elkaar.

Repin heeft een erg intimistisch van deze humanist geschilderd.

Door de combinatie van het vredige meertje (Serov bewonderde de Hollandse meesters uit de gouden eeuw) en het mooie jonge vrouwenportret leg je een spreekwoordelijke brug: het dertienjarige kind is intussen een mooie vrouw geworden zoals de kleine prins van gisteren weldra tot in China zou gelezen en bestudeerd worden.

Het levenslot van Maria is me onbekend.
Ik weet alleen dat ze in hetzelfde jaar als Mika is gestorven, 1952.

En of de vlonder nog lang heeft bestaan, kan ik alleen maar vermoeden.
In feite weet ik met zekerheid dat hij sinds 1888 niet meer heeft opgehouden te bestaan, en al de kinderen, artiesten, geliefden, mijmerenden en toevallige bezoekers die er voorzichtig zijn gaan opstaan, mogen we er zelf bij denken.

Dat is het mooie van Serov’s schilderijen, er is altijd nog plaats voor een geheim.