DENKVORMEN ONDERZOEKEN

denk01

Goede Knijper-der-zielen,

Het gekooide denken.

Niet omdat er een of andere censuur van buitenaf zou bestaan, maar omdat dat centrale navelpunt van waaruit wij denken IN onszelf al gekooid is.

De kooi van de genen.
De kooi van de omgeving.
De kooi der verwachtingen.

denk8

En ik kan nog wel een aantal andere kooien bedenken waarin de starheid van ons denken bevorderd wordt.

Het feit dat je als nietig wezen tegenover reusachtige alter-ego’s staat is al een bespiegeling die doet denken.
In de nogal bloederige en weinig waarschijnlijke film ‘De Mist’ wordt dat standpunt ook duidelijk: hoe voel je je als je de rollen omdraait?
Als de nietige insecten worden uitvergroot tot reusachtige monsters en jij, als mens, daardoor ineenschrompelt tot ‘op-te-pikken’ voorwerp.

denk03

Je kunt ook je eigen nukkigheid, je opgesloten zijn in jezelf vergroten, en dan wordt elk pijntje een wereldpijn terwijl de duizenden pijnen die elke minuut geleden worden niet meer tot je doordringen.

Dat soort opgeslotenheid, die uitvergroting tot het opgeblazen ego is inderdaad een belangrijke hinderpaal om een vrij denken te ontwikkelen.

De soepelheid van lijf en leden wordt waarschijnlijk mede door de schoolsport en lichamelijke opvoeding bevorderd, maar het ‘andere’ denken, het filosoferen (een edel soor bespiegelen) zetten we in de vergeethoek.

Het bespiegelende denken zorgde voor een aantal denkrichtingen die we als nuchtere westerling met de nodige argwaan blijven omgeven.
Er is de mystiek, de kabbala, de soefi’s, kortom een voortdurende poging om het emotionele in het denken te integreren.
Maar daar begint dan de miserie, want fervente aanhangers van ‘andere’ denkoefeningen vergeten dan weer het denken, deze gezonde boerendochter waarmee wij het leven vorm geven, en werpen zich op de ijle vormen van een nieuw navelgeloof.

Toch zullen we de moed moeten vinden om de diepere waarden van deze bespiegelingen een plaats te geven in het verlichte denken, om ze zelfs dat 18de eeuwse ideaal met de nodige ironie te laten omgeven.

De norse man van de 21ste eeuw leert ooit dat elke medaille een keerzijde heeft, en dat je nu en dan de medaille moet laten waar ze is, namelijk op de borst van de veteranen.
Het kinderlijke denken heeft genoeg elementen in zich om nieuwe denkvormen te onderzoeken, maar helaas zijn het vaak de veteranen die hen moeten onderwijzen.