AAN DE BUITENKANT VAN HET GEDOE

 

beelden01

Het is een oud verhaal.
Je ontmoet elkaar in Parijs, Centre Pompidou, heel toevallig.
Hij stelde er ten toon, ik kwam kijken.
Parijs was telkens een poging om broers te vinden.
Ook al kenden we elkaar niet, hij was zo’n broer van wie je wist dat je aan dezelfde kant van de mainstream leefde, namelijk aan ‘the outside’ zoals hij dat gisteren in zijn interview liet horen.

beelden02

En toen ik terugkwam van Tokio hoorde ik dat hij samen met het Gavin Brayrs ensemble een soort radioprogramma zou maken, een hoorspel.

Mijn halve leven heb ik hoorspelen gemaakt.
Niet alleen voor de radio, maar vooral in mijn hoofd.
Het was dus een vreemde ontdekking dat die man, een beeldhouwer, kleine vijf-minuten-teksten bracht begeleid door een klassiek kwartet, en dat zijn tekst in de donkerte van een studio via de radio en in samenspraak met de muziek naar alle mogelijke plaatsen werd gestuurd, plaatsen waar ‘luisteraars’ waren, een zeldzaam ras.

 

beelden 05

‘A man in a room’.
Teksten over de strategie die jij bij kaartspelen kunt gebruiken, of bij kaarttricks.
Juan stelde zich voor dat de luisteraar ’s nachts alleen in de auto op weg was. (Stijn Meuris?) en een stem wilde horen, nieuwsgierig kon gemaakt worden voor dingen waar hij nooit over had nagedacht.

De foto’s die we deze dagen gebruikten (A place called Abroad) drukken uit waar hij voor stond.
Je moet je niet bij stromingen aansluiten.
Probeer je van alle achtergronden los te maken, en het niet hebben van een vaderland bevrijd je van allerlei vooroordelen.

In zijn jongensjaren was hij gegrepen door figuren als Piet Mondriaan en Theo van Doesburg, vooral hun passie voor de kunst.

‘I was looking at the world, trying to feel the reverberation of images outside of me that I could establish a connection with. I think that every artist goes through a time of flipping through the pages of the newspaper, hoping that an image will resonate.
There was one event that was very important to me in this respect. After I moved back to Spain, there was this man near my house who sold garden sculpture.
I didn’t consider him a sculptor. I liked this contradiction because I was a sculptor who couldn’t make a sculpture, and this man, whom I didn’t consider a sculptor, considered himself a sculptor, and he produced a lot.
He made cement lions and other statues for gardens. I bought a couple of things from him and cut and destroyed parts of his work to manufacture a work of my own.

Weet je, waarde zielezorger, ik heb zo’n zin om hetzelfde te doen met grote delen van mijn antiekcollectie, ze vervormen, ze opnieuw samenstellen naar mijn eigenzinnige combinaties.

Soms hoor ik ze janken.
Of ik ze uit hun verdomd oud jasje wil halen?

Maar ik ben geen beeldhouwer, ik had wel iets met radio en woorden, en aan de buitenkant sta ik ook.
Een vaderland heb ik nooit gehad.
Er is nog hoop.