de domme zwaarte (401)

668_659798b58231789d80e4d49190dbb416

Ze weten het gewoon niet.
De ene zegt dat hij een deel van de Medici kapel is, iemand anders beweert dat hij bij een nog te ontwerpen groep zou horen, en een derde merkt op dat je nog de kubieke blok ziet waaruit hij is gekomen.

We weten gewoon dat hij van Michelangelo (1475-1564) is, nu in de Hermitage in Sint Petersburg staat, en onder de noemer “ineengedoken jongen” bekend staat.
Er zijn dus alle enkele opstellen aan gewijd en woorden als de wedergeboorte van de kracht, oerkracht en ongeboren ziel zijn daarin vernoemd terwijl hij bij steeds weer een zinnenbeeld van verdriet en diepe treurnis oproept.

Ja, je zult maar kracht hebben, ja je zult maar sterk zijn, maar het leven kan je zodanig verpletteren dat die kracht daardoor nog zieliger wordt, dat elke overmaat aan spieren de machteloosheid benadrukt.

Verpletterd.
De zwaarte van het marmer bleef aan zijn botten kleven, en anders dan de embryonale houding, steekt hij zijn armen tussen zijn benen, dit gebaar van jezelf nog te willen vasthouden terwijl het leven in al zijn domme zwaarte op je schouders is gevallen.

Ja, de gewonde soldaat, of de geest van de nieuwe dag, dat klinkt allemaal mooi terwijl je weet dat Buonarrotti’ s ziel niet meer door zijn talent alleen te schragen was.
Diezelfde dubbele moraal die we vandaag kennen, verteerde zijn wezen: enerzijds de overdaad aan blote lijven en zinnelijkheid van de laat-rennaissance, de mens in het centrum, maar anderzijds de beklemming van de moraal, de voorschriften van een staat en kerk die in hun wurgende greep elke menselijke emotie die hen niet diende versmachtte.

Melancholie zou nog een te mooi woord zijn, want als je iemands ziel van de spreekwoordelijke weg moet schrapen, de gebroken beenderen samenraapt, de vernietiging zo ver hebt doorgevoerd dat alleen het begrip wanhoop overblijft, dan is er van smachten of Weltschmerz geen sprake.

Hij zal zich nooit meer oprichten.
De tragedie van de kunstenaar die de hemel en de goden zichtbaar maakte op de zoldering en muren van de Sixtijnse kapel maar die muren inderdaad op zich voelde afkomen en de zoldering van dwingende goden zijn ziel voelde verpletteren onder hun schijnheilige meesters en machtige goochelaars.