christ_carol

“It is indeed a lubrious feast and a miserable merriment.
But it is something to spend the evil season by one’ s own poor heartstone (save that yours is opulent), crouching over the embers and chuckling low over all the dreadful places where one is not!”

Dat schrijft James op 23 december 1896, één jaar voor The Turn of the Screw.

“It is a mild, gray, rainless, sunless inoffensive sort of Xmas here – and the shop fronts look rather prettily pink and green and golden in the dear dirty old London streets…”

Het Britse kerstfeest en de barbaarse gebruiken eromheen, zoals Braches zijn hoofdstuk omtrent deze combinatie van spoken en Kerstmis begint.

De spreuk “Ghosts never appear on Christmas Eve” wil zoveel zeggen als “Wat men verwacht gebeurt niet”, dus de aanwezigheid van spoken op de vooravond van Xmas was bijna vanzelfsprekend.

De Gesta Romanorum” waarin de familie rond het haardvuur verzameld is om de schimmige spookfiguren op de Platonische rotswand te zien, figuren waarachter de werkelijkheid vooralsnog verborgen blijft.

Dickens’ beroemde A Christmas Carol (1843) baande mee de weg voor het nette kerstspook dat zich al spoedig een plaatsje wist te veroveren in de Engelse burgerlijke binnenkameren (Braches, p15).

En in het spoor daarvan publiceerde Dickens in 1844 The Chimes , in 1845 The Cricket on the Heart, het jaar daarop The Battle of Life en in 1848 The Haunted Man.

In A Christmas Carol, de lezer kent het bijna van buiten, wordt Scrooge niet alleen bezocht door zijn vriend Marley -zo dood als een draadnagel- maar ook door de drie Geesten, het oude kind van het Verleden met de vreemde domper als hoofddeksel; de sterke en blakende man van het Heden, en de duistere onbepaalde Toekomst.

Dickens Ghost Story of Christmas verscheen met andere kerstvertellingen van zijn hand in 1852 in een verzamelbundel Christmas Book en we willen U de korte inleiding niet onthouden:

dyn003_original_553_425_jpeg_20344_cff58881bd1c320c9d7e19fa3ec21104

 “I have endeavoured in this Ghostly little book, to raise the Ghost of an Idea, which shall not put my readers out of humour with themselves, with each other, with the season, or with me. May it haunt their houses pleasantly, and no one wish to lay it.”

Einde oktober 1897 terwijl Henry James aan zijn Turn of the Srew werkte, publiceerde de roemruchte journalist William T. Stead in Londen zijn Real Ghost Stories”

‘I remember when I was a child my Father read some of these stories aloud to us as he was making his collection; and I remember, too, how thrilled and awed we were, and how at times they brought a creepy feeling when at night I had to mount many flights of stairs to my bedroom at the top of the house.’

schrijft de uitgeefster in de inleiding van de zoveelste uitgave in 1921.

En de auteur zelf in het voorwoord in 1891 is erg duidelijk:

There is a growing interest in all the occult phenomena to which this work is devoted. It is in evidence on every hand. The topic is in the air, and will be discussed and is being discussed, whether we take notice of it or not. That it has its dangers those who have studied it most closely are most aware, but these dangers will exist in any case, and if those who ought to guide are silent, these perils will be encountered without the safeguards which experience would dictate and prudence suggest. It seems to me that it would be difficult to do better service in this direction than to strengthen the hands of those who have for many years past been trying to rationalise the consideration of the Science of Ghosts.

(Wie ze wil lezen, klik op: http://www.gutenberg.org/files/20420/20420-h/20420-h.htm)

The topic was inderdaad in the air.
En dat ‘rationaliseren’ gebeurde net zo goed als het heerlijk griezelen, zoals de pagina hier tegenover bewijst.

Stead vangt zijn boek aan met een waarschuwing.
Het boek moet maar niet gelezen worden “by any one of the tender years, of morbid excitability, or of excessively nervous temperament.”

De gemiddelde Engelsman nam geestesverschijningen in de jaren negentig nog altijd au serieux, maar ze moesten wel ‘onder de kille kraan de wetenschappelijke ontwikkeling te worden gehouden’, zoals Braches dat zo mooi schrijft.

Volgende week meer over dit onderwerp, een benadering die The Turn of the Screw begrijpelijker maakt en de nuances aanbrengt nodig om tussen het wit-zwarte de veelvuldige grijzen in te kleuren.