het menselijk tekort (256)

573_5cc1cf18b2fd869612ddc7d0e2811d4d

In Sint Petersburg voel ik me helemaal thuis.
Dr. Mikhail Piotrovsky is een beminnelijk mens .
Hij toonde me met enige fierheid een prachtige tekening van Hendrik Goltzius.

Op het eerste gezicht zou je deze tekening zelfs een gravure kunnen noemen, maar ze is wel degelijk een tekening, met de grote sterke ganzenveer getekend in 1606, want die datum kun je op de prent zelf terugvinden.
Je ziet er drie mythologische figuren: Bacchus (Dionysius), Venus en Ceres terwijl op de achtergrond eros aanwezig is samen met de tekenaar, merkwaardig.

In Karel van Mandels “boek der artiesten” lezen we dat de kunstenaar er verschillende jaren aan gewerkt heeft.
Het zou zijn grootste meesterwerk worden.

Goltzius begon eraan te werken enkele tijd nadat hij het graveren moest laten.
Kijk naar de tekening zelf: de rechterhand van de meester hangt naar beneden, verborgen in de rook van een offer op het altaar, terwijl de andere de graveernaalden met de scherpte van Amor’s pijlen vergelijkt.
Door ontstekingen kreeg de artiest verlammingsverschijnselen aan die rechterhand zodat hij geen druk meer op de naalden kon uitoefenen en zich dus tot tekenen moest beperken.
Zijn linkerhand die hij leerde gebruiken om te tekenen is naar de kijker gericht, duidelijk signaal dat hij de grafische kunsten niet zal opgeven.

Het thema is een allegorie van de drie Olympische goden die niet zonder elkaar kunnen.
Terentius vermeldt: “zonder Bacchus en Ceres zou Venus bevriezen.”
Het was een populair thema in de 16de-17de eeuw.

De eerste eigenaar van de prent was de opdrachtgever, een gevierd mecenas, de keizer van het heilige Roomse rijk, Rudolf II.
Tijdens de dertigjarige oorlog wordt de tekening door de Zweden als oorlogsbuit meegevoerd en komt ze terecht in de collectie van koningin Christina van Zweden die ze in het beroemde jaar 1648 (de vrede van Westfalen) als diplomatiek geschenk aan een voorname kunstliefhebber schenkt, namelijk aan de Franse eerste minister kardinaal Mazarin, een gepassioneerd verzamelaar overigens.
De tekening blijft tot in 1772 in Parijs en krijgt een plaats in de Crozat collectie die in haar geheel door Catherina II gekocht wordt en dus mee naar de Hermitage in Sint Petersburg verhuist.
Na de revolutie is ze uit de publieke collectie gehaald en pas nu, in 2005, kan de bezoeker haar weer bewonderen.

En zo zijn we weer terug bij het verhaal van gisteren: de dramatiek in het stilstaande beeld.
De schoonheid van de goden, de scherpe pijlen van Cupido, ze nemen de pijn en de onvolkomenheid van de mens niet weg.
De kunstenaar komt zijn eigen tekening binnen en maakt ons met zijn pijn bekend.
Maar als bewijs van zijn kunde en doorzettingsvermogen duwt hij ondanks zijn ellende het deurtje van de schoonheid weer open. Pianoconcerto voor de linkerhand , maar dan in lijntjes die het heimwee naar de gravure blijven verraden.

Dus zal het jullie niet verbazen dat ik tijdens de lange vliegtuigreizen weer bij Michel Montaigne ben terechtgekomen.
In zijn prachtige opstellen vertrekt hij vanuit de eigen onvolkomenheid om op zoek te gaan naar de essentie, als die er al zou zijn.


maria magdalena (255)

675_e348f3ac646687195d8ffa002bc554b1

Keizer Karel is een ukkie van tien als Gregor Erhart deze mooie Maria Magdalena maakt.
Gekleed in enkel haar haar.De legende ging dat Magdalena zich in een grot had teruggetrokken waar ze elke dag door engelen werd opgehaald om aan de hemelse gezangen te wennen.
Ik hoor ze al bezig die engelen.
Wie mag vandaag Magdalena gaan halen?
Ikke, ikke, ikke!

Ja, ze heeft haar handen gevouwen, maar ze is vrouw, tot en met.
Een niet-moeder, maar doordrongen van dezelfde chtonische elementen: de femme fatale in dit geval, de tweede Eva.
Zij weet dat ze de mannen niet onberoerd laat, en al is haar haar haar enige kledingstuk (mooie zin, driemaal “haar” na elkaar) ze is naakter dan een twintigeeuwse paaldanseres.
Ze kijkt duidelijk weg van haar heiligheid, het is op de aarde te doen.
Ze was de vrouw die Jezus liefhad.
Ze volgde hem, en na de voetwassing droogde ze met dat spreekwoordelijke haar zijn voeten.

Er was ook nog een jongen in het spel.
Johannes.
De meest menselijke evangelist, maar tevens de auteur van apocalyptische visioenen.
Dat hoort samen, wie liefheeft ontgaat de afgronden niet.

Hij was de man die schreef:
“En het woord is vlees geworden,
en het heeft onder ons gewoond.”

Een jongeman van nauwelijks twintig en een publieke vrouw.
Voeg daar nog een belastingscontroleur bij, een stelletje vissers, en dat was de omgeving waarin het woord vlees werd.

De club die de auteursrechten op hem claimt heeft het daar heel moeilijk mee.
Ze hebben in het woord gesneden.
Dus ook in het vlees.
Daar is de 16de eeuwse beeldhouwer aan ontsnapt.
Hij doet een kleine toegeving met de voorstelling van de gevouwen handen, een gebaar dat je op elk primitief Vlaams schilderij terugvindt, maar haar lichaam is er niet minder mooi om.

Toen ze een overspelige vrouw bij hem brachten, schreef hij in het zand.
Achterberg heeft er een mooi vers over geschreven.
De schriftgeleerden wachtten aan de kant.
Hij bleef in het zand schrijven en veroordeelde haar niet.

De jongen die hem liefhad schreef daarna met woorden op perkament.
Op latere leeftijd was hij nog altijd niet bekomen van wat hij had meegemaakt.
Bij het laatste avondmaal had hij aan Jezus borst gelegen, maar ook onder het kruis was hij te vinden.
Met de moeder van de gekruisigde, en …Maria Magdalena.

De anderen van de club waren met geen ogen te bekennen.


portret (David Hockney) (254)

597_5cf97dc43c6d2c351e5725f1890e4350

Toen ik Camille Paglia aan het woord liet, kwam in haar inleiding het begrip “moeder” meermaals voor het voetlicht.

De moeder als vertrekpunt, als chtonische oerbron, als fatale vrouw, kortom: in tegenstelling met “vader” is de aanwezigheid van de moeder in de kunst monumentaal, en dat in verschillende betekenissen.

Omdat ik gisteren jullie een kopie van Hockney’ s schilderij stuurde, wil ik je vandaag een heel ander werk van zijn hand tonen, een portret van zijn moeder.
Ik ontdekte het procédé toen ik in Berlijn een stuk regisseerde en ik op een luie voormiddag een mooie bbc uitzending over David Hockney’ s werk, inzonderheid zijn foto’ s, zag.
Later kocht ik enkele boeken in Parijs en tot op de dag van vandaag zijn deze fotografische werken van de kunstenaar mij heel dierbaar gebleven.

Terecht zei Paglia dat in vergelijking met het woord, de letterkunde, de studie omtrent het beeld erg verwaarloosd is.
Nochtans vullen wij ons leven met uren beelden kijken, en het is zeker aan het beeld-analfabetisme te “danken” dat onze beeldcultuur zo weinig voorstelt.
(de verschrikkelijke kleurtjes van de VRT-omgeving is daar al een voorbeeld van)

Kunnen we na enkele jaren studie letters lezen, ja zelfs een boek tot ons nemen, we hebben het blijkbaar veel moeilijker met het beelden-lezen zoals dat tegenwoordig zo modieus heet.

Voor Abraham Baumgarten koop ik sinds enige tijd mooie oude foto’s, cartes de visite en cabinetfoto’ s (1860-1910) en het valt me telkens op hoe de fotografen van die tijd aansloten bij de heersende ideeën over de grafische kunsten.

Ik herinner me ook de oude familiebijbel, gedrukt op de Melkmarkt in 1713 te Antwerpen waarin de talrijke gravures mij uren hebben zoet gehouden.
Op die platen wordt meestal het ganse verhaal verteld.
Het centraal afgebeelde moment heeft een verleden en een toekomst (de afloop), en van beiden zijn er in de prent sporen te vinden .
Het was die chronologische veelheid, naast de verschillende perspectieflijnen (denk maar aan de Grand Canyon van Hockney) die het beeld uit zijn verstarring van ‘moment’ haalden en het een diepte schonken waarin de tijd en de verdwijnlijnen niet meer vastlagen, maar door hun veelheid telkens weer nieuwe invalshoeken van het onderwerp belichtten.

Met de komst van de cinema kreeg het begrip “montage” diezelfde betekenis: het eigenzinnig ordenen van de werkelijkheid zodat in die condensatie een persoonlijke kijk duidelijk wordt.

Hockney maakt in feite cinema in een stilstaand beeld.
Met polaroidfoto’ s (de voorloper van het digitale dadelijke zichtbare beeld) of fragmenten van gewone foto’ s brengt hij de verschillende lagen van de tijd aan en vertekent hij het perspectief zodat we onze zekerheden moeten verlaten om aan die diepere werkelijkheid te wennen.

Zijn moeder, een vrouw die een enorme betekenis had in zijn leven, is hier in verschillende foto’ s tot één collage samengevoegd.
Het zijn geen puzzelstukken, maar telkens andere perspectieven of klemtonen op andere details.
Kijk je naar de ogen of haar sjaaltje, de verbanden kunnen door de kijker zelf gelegd worden omdat de onderdelen nog zichtbaar zijn en in hun vreemde samenvoeging een beeld schetsen waarin het dynamische met verstilling en raadselachtigheid wordt aangevuld.

Toch vervalt het beeld niet in de abstrahering van bijvoorbeeld het kubisme, of verdwijnt het onder de druk van het vormexperiment.
Het wordt telkens weer scherper, en de 25 jaar dat ik ernaar kijk hebben mij met de tijd verzoend en me aangezet de meerlagigheid ook in mijn denken toe te passen.


wat kunst moet kosten (253)

110_66b592eaffab8db036a06c9126ffd4b6

It’s still full of surprises, zegde Thomas Gibson, een Londense kunstdealer.
Waarschijnlijk bedoelde hij niet de inhoud van de geveilde kunstwerken, maar vooral de prijzen.
Het waren drukke dagen hier in Londen, lieve Simon en beste psychiater.
De grote veilinghuizen boden hun halfjaarlijkse “producten” aan, Impressionisten, moderne en hedendaagse kunst en tot ieders verbazing gingen de prijzen stevig over de geschatte waarden heen.

Meestal zet Amerika de trend en is Londen goedkoper, maar nu kwam er uit de States zelf nogal wat aanbod, en of dat nu aan het stevige pond en de sterke euro ligt of aan de Europese smaak, het is niet zo dadelijk te analyseren.

Als ik dan hoor dat onze minister van cultuur ook nog zo’n 350.000 euro over had om een “auto” van de Antwerpse knutselkoning Panamarenko te verwerven dan was het ogenblik slecht gekozen, maar het zal de Vlaamse gemeenschap een zorg zijn en de kunstenaar nog minder.
(vergeet niet bij deze prijzen nog 20% commissie te tellen voor de eerste 200.000 dollar en 12% voor de rest, Sotheby’ s en Christie’s moeten ook leven!)
Leuk was dat onze nieuwdiensten deze opwaartse trend enkel bij de Vlaamse artiest duidden, terwijl hij ook maar een onderdeel was van de totale marktstijging waarvoor niemand een verklaring heeft.

Echte records werden die avond gebroken door werken van de Nederlandse kunstenaar Kees van Dongen, voor artiesten als Paul Signac en Henri-Edmond Cross.
De New York Times van vandaag vraagt zich af:
“”Has London become a dumping ground for the second rate?” one curious observer asked, as he studied “The Grape Harvest,” an 1882 painting experts said was one of the finest examples of Cross’s neo-Impressionist landscapes.”

Ze zullen dat in Nederland niet graag horen, dat “second rate” van een figuur als Van Dongen, of dichter bij huis, de andere fauve Vlaminck wiens “Tuinman” (1904) door een telefoonbieder voor 8,8 miljoen dollar werd binnen gehaald waar de schattingen het hielden bij $6.3 miljoen.

Van Dongens blote-borstenmeid ‘Vrouw met grote hoed” ging voor $9.2 miljoen weg, waar de schattingen het hielden bij $7.2 miljoen.

Zelf had ik geen geld te besteden maar de “trends” wat kunst moet kosten zijn het onderwerp van een lezing die ik in Cambridge voorstel als gastcollege na een semester beschouwingen omtrent het Impressionisme.

Lawrence Graff, Londense juwelier en ernstig verzamelaar vatte het na de veilingen samen:
“”Either there’s too much money around or there’s no confidence in the financial markets.”
“This is not an English market, it’s a world market that just happens to be in London,” he added. “When I see the prices it certainly makes diamonds look cheap.”

Laat me jullie een kopie sturen van Hockney’s “Seated woman being served tea by standing companion”.
Je kent mijn liefde voor de kunstenaar, dus verbaasde het mij niet dat dit werk uit 1963 3.2 miljoen dollar moest kosten.

En zij die zeggen dat het allemaal wat veel is, ze lopen maar eens langs een autokerkhof waarin voor miljoenen roest in pakjes wordt samengeperst, blik dat wij met zijn allen duur (af)betaald hebben voor zijn kortstondige bruikbaarheid.
Dat Panamarenko’ s wagen daar niet bij hoort, vind ik persoonlijk spijtig want de roestende tinten zouden zijn werk beter dienen dan de kleurloze museumlucht die het voor de eeuwigheid moeten behoeden.
Maar je moet de minister zijn pretje gunnen.


De Forestiers, memento amoureux (252)

369_1bef4c0e1b94b44feae0019369172577

Eén van mijn lievelingsprenten uit het omvangrijke oeuvre van Ingres is deze “Famille Forestier”.
Ze sluit naadloos aan bij mijn bedenkingen over “de idylle”.

Hier zie je de verloofde van Ingres, Julie Forestier, in gezelschap van haar ouders en haar oom.
De prent is door de artiest gemaakt kort voor zijn vertrek naar Rome, in de herfst van 1806.
Die verwijdering tussen de verloofden zorgde voor een breuk.
Er kwam geen huwelijk en Julie Forestier bleef celibataire.

Van links naar rechts:
Clotilde, de meid van de familie Forestier, de oom van Julie, Joseph Armand Sallé; de moeder van Julie, Marie-Jeanne-Julie, Sallé met haar meisjesnaam; haar enige dochter Julie toen verloofd met de schilder Ingres, en helemaal rechts de pa van Julie, Charels-Pierre-Michel Forestier, advocaat bij het parlement van Parijs.
Kijk ook naar de anekdotische details: de piano, die erop wijst dat het jonge meisje muzikaal begaafd was, of de symbolische details zoals de hond, teken van trouw.

De Louvre-specialist noemt het een “memento amoureux”, een uitstekende benaming.
Het is getekend, net voor Ingres’ vertrek naar Rome waar hij vier jaar in de Franse Academie (villa Medici) zal werken, dank zij zijn Prix de Rome van 1801.
Eens ze uit elkaar gezichtsveld zijn besluiten ze te breken.
Ingres zal in 1813 met een jonge modiste trouwen, Madeleine Chapelle, en Julie blijft haar leven lang célibataire.
Ze schrijft over deze liefdesmislukking zelfs een kleine roman, Emma, ou la fiancée.
Ze stuurt de tekening terug naar Ingres die er een of twee copies van maakt.

Het moment dat Julie je aankijkt, de linkerhand op de piano, overstijgt elke moralistische beschouwing.
Al weten wij als kijkers après la date de afloop, de idylle blijft in de personages en onze ogen wonen.


utopie en idylle (251)

756_0ec8632d49eae2dd957a3d1780f023c1

Ga naar het Middelheim in Antwepen en kijk.

“De idylle” heet de mooie tentoonstelling.
De spanningsboog tussen de utopie die zichzelf opblaast tot stelsel of wereldplan, tot morele orde of vingertje in de lucht, ze heeft de idylle als tegenvoeter.
De idylle, het moment.
Een bijna ouderwets woord is het geworden.
Een aanraking tussen mensen, een vollopen van elkaar waarin de angst voor de leegte niet als btw is inbegrepen.

Het kan ook de oranje volle maan zijn van de laatste zomernachten, of de blik waarmee de mensen op oude foto’ s je aankijken met de zekerheid dat je wel zult volgen.
Utopiën zijn Roussiaanse uitwassen, de kikker weet dat hij zal ontploffen maar koe zal hij zijn, met het sado-masochisme van de eigen ondergang in het achterhoofd, de kaken bol van winderigheid
Wij zijn daar in het westen altijd vrij goed in geweest. Ons utopiënfabrikaat is bekend. Wij brengen de vrede op aarde, het geluk onder de mensen, de bevrijders van het kwaad zijn wij.

De vlagen ligustergeur in de zomernacht vragen niet naar een erkenning of waarborg.
Ze vloeien in de warme lucht en vervloeien als de dagen van augustus ons laten weten dat “zomer” uiteindelijk dezelfde utopie is waarmee wij onze wreedheid en ellende trachten te camoufleren.

De idylle.
Je hand raakte me aan, ik weet nog waar ik je kussen smaakte.
Ligusters in de zwoele nachten.
Melancholie is ook zo’n vals broertje van de vergetelheid.
Maar omdat ik toen al wist dat woorden als “eeuwig” en “voor altijd” zelfs in Victoriaanse poëzieboeken lachwekkend blijven, ben je, ondanks de menselijke wreedheid en kilte, nog altijd als rozenblaadje gedroogd in de telefoongids aanwezig.

Laten we de idylle in ere herstellen.


de kunst (slot) (250)

368_e18a6bd0b3d677a77f1ea7e62ec3272d

Een van de irritante reflexen van het feminisme is de modieuze minachting voor “de patriarchale maatschappij , waaraan louter negatieve eigenschappen worden toegeschreven.
Maar toch was het diezelfde patriarchale maatschappij die mij als vrouw heeft bevrijd.
Dank zij het kapitalisme heb ik de tijd om achter mijn bureau te zitten om dit boek te schrijven.
Laten we ophouden kleingeestig over mannen te denken. We moeten nu maar eens ruimhartig toegeven dat onze cultuur veel aan hun obsessieve instelling te danken heeft.

Als de beschaving altijd in handen van vrouwen was gebleven zouden we nog in strooien hutten wonen.
Een vrouw die vandaag de dag in de bouwvak werkt, functioneert slechts in een systeem dat door mannen is bedacht.
Het kapitalisme is een kunstvorm, een apollinisch bedenksel om de natuur te tarten.
Het is pure hypocrisie als feministen en intellectuelen wel de vruchten plukken van het kapitalisme, maar er ondertussen op neerkijken.
Zelfs Walden van Thoreau is nooit verder gekomen dan een tweejarig experiment.
Iedereen die in een kapitalistisch systeem geboren is, is daaraan schatplichtig.

De heidense dialectiek van het Apollinische en het Dionysische bemoeide zich uiterst accuraat met ieder aspect van de geest en de natuur.
De christelijke naastenliefde kende zo weinig emotionele polariteit dat de duivel moest worden uitgevonden om de natuurlijke haat en vijandigheid van de mens een richting te kunnen geven.
De christelijk- Rousseauïstische psychologie is de oorzaak van de tendens onder progressieve denkers om somber en depressief te worden bij politieke spanningen, oorlogen en misdaden waarmee hun theorieën dagelijks worden weerlegd.
De onverdraaglijke feministische tweedeling van seks en macht heeft geen reden van bestaan.
Net zoals de uitingen van haat bij echtscheidingen het andere gezicht laten zien achter het masker van de liefde, zo toont de natuur haar ware aard in tijden van crisis.

De westerse liefde is altijd ambivalent geweest. Al in de tijd van Sappho (600 voor Christus) of zelfs al eerder, in de epische legende van Helena van Troje, verhaalt de kunst het aantrekken en afstoten, de aantrekkingskracht en vijandigheid van de hardnekkige fascinatie die we liefde noemen.
In het Westen kennen we een magnetisme van de erotiek, dank zij de vastomlijndheid van de westerse persoonlijkheid; de erotiek is een elektromagnetisch krachtveld tussen de personae.
Het moderne idee van zelfverheerlijking heeft niet geleid tot geluk op seksueel gebied, want de diverse vormen van zelfhandhaving ontketenen alleen de amorele chaos van de libido.
Vrijheid is de meest overschatte idee van de moderne tijd.
Het vindt zijn oorsprong in de romantische rebellie tegen de burgermaatschappij.
Maar alleen in die maatschappij kan men individu zijn.
De natuur ligt aan de poorten van de maatschappij op de loer om ons in haar chtonische boezem op te nemen en op te lossen.
Weg met de stereotypen, zegt het feminisme. Maar de stereotypen zijn de verbijsterende seksuele personae van het Westen, de vehikels van de aanval van kunst op de natuur.
Zodra er verbeelding bestaat, ontstaan er mythen.
Niet de seksualiteit maar de wreedheid is het grote verwaarloosde of weggedrukte onderwerp op de moderne humanistische agenda.
We moeten het chtonische in ere houden, maar we hoeven er niet per se aan toe te geven.
We moeten onze pijn accepteren, veranderen wat we kunnen veranderen en om de rest gewoon lachen.
Kunst is vorm die zijn uiterste best doet wakker te worden uit de nachtmerrie van de natuur.


de kunst (4) (249)

632_392d8a606280907279c8d1d3ad93da99

De apollinische dingen, objecten van de westerse seksualiteit en kunst, bereiken hun hoogste economische waarde in het kapitalisme.
Marxistische benaderingen van de literatuur waren erg in de mode de laatste vijftien jaar.
Als men zich bewust is van de sociale context van de kunst dan schijnt daar automatisch een linkse oriëntering te mogen volgen.
Maar er is ook een theorie mogelijk die en avantgardistisch en kapitalistisch is.
Het marxisme was een 19de eeuwse spruit van Rousseau, die zijn levenskracht ontleende aan het geloof dat de mens te vervolmaken is.
het marxisme is het meest ontmoedigende van alle verdedigingsmechanismen tegen de macht van de chtonische moeder.
Het heeft een onvoorstelbare invloed gehad op de moderne geschiedschrijving.
Het marxisme is de vlucht voor de magie van de persoon en de mystiek van de hiërarchie.
Het stelt de aard van de westerse cultuur vertekend voor; die is namelijk gebaseerd op de charismatische kracht van de persoon.
Het marxisme kan alleen evolueren in preïndustriële samenlevingen met een homogene bevolking.
Zodra d levensstandaard omhoog gaat, breekt het pluriforme conflict van het individualisme uit.
persoonlijkheid en kunst, de twee dingen die het marxisme vreest en wil uitbannen, veren onmiddellijk overeind wanneer iemand ze probeert te onderdrukken.
Het kapitalisme, gulzig en ordinair, is inherent aan de westerse esthetiek sinds het oude Egypte.
Het is de mystiek en de glamour der dingen die een eigen persoonlijkheid aannemen.
Als economisch systeem ligt het in de darwinistische lijn van De Sade, niet van Rousseau.
Het kapitalistische overleven van de sterkste is al in de Ilias aanwezig.
De westerse seksuele personae botsen op alle uren van de dag en de nacht.
De glanzende in bronzen wapenrusting geklede krijgers van Homerus zijn de apollinische blikken soep die elkaar verdringen in de zonnige tempels van onze supermarkten en op de televisie onze aandacht proberen te trekken.
Het Westen maakt personen tot objecten en objecten tot personen.
De door elkaar krioelende veelheid aan kapitalistische producten is een apollinische correctie van de natuur.
Merknamen zijn territoriale cellen van westerse identiteit.
Onze glimmende verchroomde auto’ s en onze legers van pakjes en blikjes uit de supermarkt zijn extrapolaties van de harde, ondoordringbare westerse persoonlijkheid.

Kapitalistische producten zijn ook versies van de kunstwerken die de westerse cultuur overspoelen.
Het verplaatsbare ingelijste schilderij deed zijn intrede ten tijde van de geboorte van de moderne commercie, in de vroege renaissance.
Het kapitalisme en de kunst dagen elkaar sindsdien uit en voorzien elkaar van voedsel.
Kapitalist en kunstenaar zijn parallelle types: de kunstenaar is net zo amoreel en inhalig als de kapitalist en even vijandig jegens de concurrenten.
Het apollinische formalisme heeft de natuur bestolen om een romance te maken van dingen, hard, glimmend, ordinair en eigenzinnig.


De zelfbewuste heer met bontkraag is Pompeius Occo, een schatrijke Amsterdamse koopman, op 48-jarige leeftijd.
In de boom hangt een schild met het wapen van de familie Occo: een gouden adelaar met rode bek en klauwen.
Occo, die afkomstig was uit Duitsland, vestigde zich omstreeks 1510 in Amsterdam. Daar behartigde hij de belangen van het Duitse bankiers-en handelshuis Fugger.
Zijn internationale contacten en zijn rijkdom verschaften Occo veel invloed. Hij verstrekte bijvoorbeeld leningen aan de landvoogdes van de Nederlanden, Margaretha van Parma, en aan de stad Amsterdam.
Occo was ook een ontwikkeld man. Hij bezat een uitgebreide bibliotheek met kostbare handschriften. Dirck Jacobsz schilderde hem in 1531.


de kunst (3) (248)

391_bfc961ffb9c5e54238811de48bf44331

Het beeld ‘op zich’ bestaat niet.
De westerse cultuur stoelt op perceptuele verhoudingen.
Van de verheven godsprojecties van de oude luchtculten tot de mannetjesmakerij van de Amerikaanse commerciële publiciteit heeft de westerse identiteit zich georganiseerd rond charismatische seksuele personae, die hiërarchisch bovenaan de ladder staan.
iedere god is een idool.
Letterijk een “beeld” (van het latijnse “idolum” dat op zijn beurt komt van het Griekse eidolon.)
Het beeld betekent impliciet zichtbaarheid.
het visuele wordt in de moderne wetenschap zwaar ondergewaardeerd.
De kunstgeschiedenis kan wat conceptuele ontwikkeling betreft niet tippen aan de literaire kritiek.
En literatuur en kunst grijpen nog steeds niet in elkaar.
De kritiek, dronken van eigenliefde, heeft de centrale plaats van de taal in de <westerse cultuur zwaar overschat.
De schokkende gebarentaal van het beeld is volledig over het hoofd gezien.

De verering van het woord heeft het de wetenschap moeilijk gemaakt de radicale culturele veranderingen in dit tijdperk van de massamedia te verwerken.
Academici zijn voortdurend in een achterhoedegevecht gewikkeld.
De traditionele genrekritiek is ten dode opgeschreven.
De menswetenschappen moeten hun eilandrijkjes opgeven teneinde te gaan denken in termen van de verbeelding, een macht die alle genregrenzen overschrijdt en de hogere cultuur verenigt met de populaire, het nobele met het vulgaire.
De hoge vlucht die de massamedia hebben gemeen is geen ramp, geen ondergang van de cultuur, het is slechts een verschuiving van woord naar beeld- met andere woorden, een terugkeer nar het heidense pictorialisme iuit de tijd voor Gutenberg en het protestantisme.

In de pornografie zien we ook dat de populaire cultuur opeist wat de officiële cultuur buitensluit.
Pornografie is een pure vorm van de heidense eredienst van het beeld.
Net zoals een gedicht een vorm van ritueel beperkte verbale expressie is, zo is pornografie een vorm van ritueel beperkte visuele expressie van het daemonische van seks en natuur.
Iedere opname, iedere afbeelding in de pornografie, hoe onnozel, verwrongen of amateuristisch ook, is een poging om een totaalbeeld te krijgen van de ongelooflijke grootheid van de chtonische natuur.
Is pornografie kunst?
Ja. Kunst is beschouwing van de conceptualisering, het rituele exhibitionisme van de oermysteriën.
De kunst schept orde in de cyclonische bruutheid van de natuur.
De kunst zit, zoals ik al zei, vol misdaad.
De lelijkheid en het geweld in de pornografie reflecteert de lelijkheid en het geweld in de natuur.

De mannelijke explicietheid van pornografie maakt het onzichtbare zichtbaar, het chtonische inwendige van de vrouw.
De pornografie probeert een apollinisch licht te werpen, op de verontrustende duisternis van de vrouw.
De vulgaire acrobatiek van de pornografie is de slangenknoop van de aan Medusa verwante natuur.
Pornografie is menselijke verbeelding in gespannen theatrale actie; het geweld erin is een protest tegen het geweld dat de natuur onze vrijheid aandoet.
het uitbannen van de pornografie, dat de joods-christelijke godsdiensten zo terecht nastreven, zou een overwinning zijn op het hardnekkige heidendom van het Westen.
Maar pornografie is niet uit te bannen, alleen te verdrijven naar het ondergrondse circuit, waar de verboden lading alleen maar wordt versterkt.
het amorele pictorialisme van de pornografie zal eeuwig blijven bestaan, als verwijt aan de humanistische eredienst van het reddende woord.
Woorden kunnen de wrede stormvloed van de heidense natuur niet keren.

De westerse blik maakt dingen, idolen van apollinische objectivering.
Veel goedbedoelende mensen voelen zich ongemakkelijk bij pornografie, omdat die het voyeuristische element isoleert dat in alle kunst, met name in de filmkunst, aanwezig is.
Alle personae in de kunst zijn lustobjecten.
De emotionele respons van de toeschouwer of lezer is niet los te koppelen van de erotische respons.
Zoals ik al zei is ons leven als lichamelijke wezens een dionysisch continuüm van pijn en genot.
We worden voortdurend ondergedompeld in het zintuiglijke, zelfs in de slaap bestaat er een fysiek gevoel.
Emotionele opwinding is sensuele opwinding; sensuele opwinding is seksuele opwinding.
het idee dat emotie van seks kan worden losgemaakt is een christelijke illusie, een van de meest ingenieuze, maar uiteindelijk onwerkbare strategieën van het christendom tegen de heidense natuur.
Agapa, de geestelijke liefde, hoort bij eros, maar is van huis weggelopen.


de kunst 2 (247)

427_6287ce46f175e06195c0bfe940004573

Het apollinische maken van dingen is de hoofdlijn van de westerse beschaving, die reikt van het oude Egypte tot het heden.
Iedere poging om dat aspect van onze cultuur te onderdrukken is uiteindelijk gestrand.

Het Jodendom, en later ook het christendom, keerde zich tegen het maken van gesneden beelden.
Maar het christendom, dat een bredere invloedssfeer verwierf dan het jodendom, werd juist de godsdienst die van alle religies ter wereld het meest met kunst beladen en door kunst beheerst werd.
De verbeelding zet de tekortkomingen van de religie altijd weer recht.
Het moeilijkst realiseerbare doel van het apollinische scheppen van dingen is de westerse persoonlijkheid, dat schitterende, betoverende, streberische, separatistische ego dat in de literatuur voor het eerst opdook in de Ilias.

Het christendom, dat de wereldlijke schittering van het heidendom wilde vernietigen, probeerde het spirituele op de eerste plaats te zetten.
Maar voor die aanvankelijk kleine, bedreigde sekte draaide het er uiteindelijk op uit dat zij juist de absolutistische ego-structuur van het Westen versterkte.
De held van de middeleeuws strijdende Kerk, de ridder in zijn schitterende wapenuitrusting, is het meest volmaakte apollinische ding van de wereldgeschiedenis.
De kunstboeken moeten herschreven worden.
Er loopt een directe lijn van de grieks-Romeinse beeldhouwkunst via de middeleeuwse wapenuitrusting naar de opleving van het classicisme in de renaissance.
Wapens en wapenuitrustingen zijn geen ambachtelijk vervaardigde gebruiksvoorwerpen, maar kunst.
Zij dragen het symbolische gewicht van de westerse persoonlijkheid.
De wapenrusting is de voortzetting van het heidendom in het middeleeuwse christendom.
nadat de renaissance de sensuele afgodische kunst van het classicisme weer deed herleven, heeft de heidense lijn zich tot op de dag van vandaag onverhuld en krachtig voortgezet.

De gedachte dat de westerse traditie na de eerste wereldoorlog is ingestort is één van de bijziende kinderachtige ideetjes van het progressivisme.
Ik zal aantonen dat de cultuur zichzelf door het neurotische nihilisme van het modernisme heeft achterhaald en dat de populaire cultuur de grote erfgenaam is van het westerse verleden.
De cinema is het apollinische genre bij uitstek, dat dingen maakt en door dingen gemaakt wordt, een machine van de goden.

De macht van de blik is in de westerse cultuur nog niet volledig naar waarde geschat of geanalyseerd.
De Aziaat slaat de ogen neer en kent waarde toe aan een mystiek derde oog, dat door de Hindoes met een rode stip op het voorhoofd wordt aangegeven.
Persoonlijkheid is niet authentiek in het Oosten waar het ik met met de groep versmelt.
De oosterse meditatie verwerpt de historische, chronologische tijd.
Wij hebben een parallelle religieuze traditie: de paradoxale axioma’ s van de oosterse en westerse mystici en dichters zijn vaak niet van elkaar te onderscheiden.
het boeddhisme en het christendom zien de materiële wereld allebei als “samsara”, de sluier der illusie.
Maar het Westen heeft nog een andere traditie, de heidense, die uiteindelijk culmineert in de filmwereld.
Het Westen maakt persoonlijkheid en geschiedenis tot goddelijke objecten van contemplatie.
De westerse persoonlijkheid is een kunstwerk en de geschiedenis is daarvan het podium.
De twintigste eeuw is niet de periode van stress, mar het tijdperk van Hollywood.
De heidense persoonlijkheidscultus herleeft en domineert het hele gebied der kunsten en van de gedachte, moreel leeg, maar vol diepe rituele betekenis.
Wij vereren de persoonlijkheid bij machte van de westerse blik.
het filmdoek en het televisiescherm zijn de heilige gebieden van dit tijdperk.


de kunst (246)

432_097f97586a285d51b28686de4c5167da

En dan nu, op de rand van de zomer (binnen 4 dagen beginnen de dagen alweer te korten) het beloofde hoofdstukje over de kunst gezien via Paglia’ s ogen.

“Het meest effectieve wapen tegen de overvloed van de natuur is de kunst.
Religie, ritueel en kunst waren vroeger één, en in alle kunst is nog steeds een religieus of metafysisch element aanwezig.
Kunst, hoe minimalistisch ook, is nooit een kwestie van ontwerp.
Het is altijd een ritualistische manier van het opnieuw ordenen van de realiteit.
Iedere handeling die leidt tot het scheppen van kunst, in een stabiele en collectieve of in een onstabiele individualistische context, wordt geïnspireerd door angst en spanning.
Ieder subject dat door de kunst wordt gelokaliseerd en erkend, wordt bedreigd door zijn eigen tegendeel.
KUNST IS EEN DAAD VAN INSLUITING OM IETS ANDERS BUITEN TE SLUITEN.

Kunst is een ritualistisch stilzetten van het perpetuum mobile van de natuur.
De eerste kunstenaar was een priester van een primitieve godsdienst die een bezwering uitsprak om de daemonische energie van de natuur te fixeren in een moment van perceptuele stilte.
Fixatie is de wortel van de kunst, fixatie als “stasis” en fixatie als obsessie.
De moderne kunstenaar die alleen een lijn over een pagina trekt, probeert nog steeds een onbeheersbaar aspect van de realiteit te remmen.
Kunst is eenbetovering.
De kunst houdt het publiek in zijn ban, laat voeten stilhouden voor een schilderij, dwingt een boek in de hand te blijven.
Het beschouwen is een daad van magie.

Kunst is orde.
Maar orde hoeft niet per se rechtvaardig, menslievend of mooi te zijn.
Orde kan ook arbitrair, onmenselijk en wreed zijn.
Kunst heeft niets met moraal te maken. Er kunnen morele thema’ s in verwerkt zijn, maar die zijn incidenteel en plaatsen een kunstwerk alleen in een bepaalde tijd en een bepaald gebied.

Alleen utopisch denkende progressieven kunnen zich verbazen over het feit dat er kunstkenners onder de nazi’ s waren.
Vooral in de moderne tijd waarin kunst naar de zijlijn van de cultuur is verschoven, is het evident dat kunst agressief en dwangmatig is.
De kunstenaar maakt zijn kunst niet om de mensheid te redden, maar om zichzelf te redden.
Iedere welwillende opmerking van een kunstenaar is een rook gordijn waarachter hij zijn sporen tracht te verhullen, het bloedige spoor van zijn aanval op de realiteit en de anderen.

Nietzsche zei al: “Bijna alles wat we tot de “hogere cultuur” rekenen is gebaseerd op de spiritualisering van de wreedheid.”
De eindeloze moorden en rampen in de literatuur zijn er voor het genoegen van de beschouwer, niet bij wijze van zedenles.

De kunst maakt dingen.
Er zijn, zoals ik al zei, geen objecten in de natuur, alleen de slopende erosie door de natuurkrachten, die alles verandert, ondermijnt, verpulvert en uiteindelijk alle materie tot vloeistof herleidt, de dikke oersoep waarin de nieuwe vormen opduiken, vechtend voor hun leven.
Dionysius werd geïdentificeerd met vloeistof- bloed-, sap, melk, wijn.
Het dionysische is de chtonische vloeibaarheid van de natuur.
Apollo daarentegen geeft vorm en onderscheidt het ene wezen van het andere.
Alle artefacten zijn apollinisch van aard.
het samensmelten en verenigen is dionysisch; het separeren en individualiseren is apollinisch.

Vandaar dus de mannelijke dominantie in kunst en wetenschap.
De focus van de man, zijn gerichtheid, concentratie en projectie, zijn zijn werktuigen om seksueel te kunnen overleven, maar ze hebben hem nooit een uiteindelijke overwinning opgeleverd.
Dit tracht de man te corrigeren door cultus van de vrouwelijke schoonheid.
Door zich te richten op haar vormen, door de vrouw tot lustobject te maken, doet de man zijn uiterste best om de vreesaanjagende eb en vloed van de natuur te stabiliseren en te fixeren.


bij de geboorte van Elias (245)

549_b8b63ee18f59a37256cfe7173de9b75c

Altijd weer wordt hij geboren.
Dus hier het hoofdstuk uit Triangel (zie links) ter ere van zijn wederkomst


Sterren,
Sommige zijn nog met boterhammenpapier ingepakt.
De reizigers nemen ze mee om er de donkerste nachten mee te verlichten.
Reis je van het ene naar het andere heelal, wees dan niet bang als je door pikdonkere streken komt.
In het oudste heelal hebben engelen derde klas de sterren met hun katapulten uit de hemel geschoten.
Glimlach maar, het is echt waar.
Gewoon uit verveling omdat ze nog maar de derde stem mochten zingen, de backing – vocals bij de engelenkoren die naar de herders zijn gestuurd om er het ‘gloria in excelsis deo’ uit te voeren.
Die derde stem, of backing – vocals bestaat alleen uit ‘a-a-a’ na gloria en ‘o-o-o’ na deo, en dat tot die halfdronken herders begrepen hebben dat er een kind is geboren, en de engelen geen troep wulpse herderinnen zijn die bij hen in het veld komen liggen.
Uit pure balorigheid hebben de engelen derde klas in de donkerste plekken van het heelal, waar Gabriël of Michaël (aartsengelen) maar zeldzaam voorbijkomen, laat staan de Schitterende-in-hoogst-eigen-Persoon, de weinige sterren die er waren uit het zwerk geschoten.
Kom je daar voorbij, haal dan je lunchpakket boven en wikkel de meegenomen reservesterren uit het boterhammenpapier.
Werp ze met een stevig draaiende beweging naar buiten, en enkele seconden later plakken ze met hun boterkant tegen het heelal terwijl ze eerst zacht, en daarna -als je ze vanuit een sterke pols hebt geworpen- in alle hevigheid schitteren.
Het is mogelijk dat er achter een nevel of gaswolk een bende derdeklassertjes hun katapult bovenhaalt om de nieuweling de volle laag te geven.
Aarzel dan niet en duw op je remraketten. Klim op je ruimteschip en roep ze met strenge stem bij jou. Als je je mooie witte vleugels aanhebt, denken ze vast dat je een aartsengel bent.
‘Wat moet dat betekenen?’ vraag je dan streng.
Schud maar niet met je hoofd, je kunt best heel streng klinken, zeker als het maar fake is!
Zie je ze daar rond jouw capsule fladderen, de katapult achter hun ruggetjes, met tomaatrode koppen?
Jij staat op blote voeten -vergeet dat niet, aartsengelen haten schoeisel- met je grote engelenvleugels om op je ruimteschip, en je vraagt nog eens wat ze aan ’t doen waren.
Ze zullen zeker allerlei uitvluchten verzinnen, let op!
Dat ze maar aan ’t oefenen waren voor de jaarlijkse kleiduif-competitie, een hemels festival waarin geoefende engelen op zwarte kleiduiven mikken, zinnebeeld van de anti-geest.
Dat ze de katapulten gevonden hebben op een eilandje in de melkweg, waarschijnlijk door een bende ruimtepiraten daar verborgen om ze later weer op te halen en er voorbijtrekkende schepen mee te bedreigen.
Dat ze probeerden sterren voor de hemelse kerstboom (driehonderd meter hoog) te verzamelen en ze in hun ijver wel eens te hard van stapel liepen.
Je zet je handen in je heupen, en je zegt:
‘Ik geloof er niets van! Jullie zijn gewoon vervelend omdat je slechts de backing vocals bij het Gloria in excelsis Deo mag doen en niet de gitaarsolo’s of de prachtige drumpartij (na het excelsis!)of het rockende Deo-Deo-de-Deo! ‘
Ze fladderen verlegen rond jouw capsule, loeren nu en dan eens stiekem naar binnen want dat de aartsengelen in zo’n blitse ruimtebolide reisden was hen totaal onbekend.
‘We snappen eigenlijk niet goed wat die gloria in excelsis deo betekent, waarde A.E. (beetje vertrouwelijke aanspreektitel voor aartsengel.) We zingen het al duizend zeshonderd kerstmissen en dan betekenen zelfs de mooiste woorden niets meer.”Kom maar eens mee,’ zeg jij dan.
Er is trouwens plaats zat in je capsule, zeker als je weet dat zuivere, of bijna zuivere geesten zich in alle bochten kunnen wringen.
‘Waaaaw!!’ roepen ze, als je ze meeneemt. ‘Keitof, mag de radio op?’
En je duwt je Queen – cd in de speler. Je weet wel, ik heb ze voor jou gekopieerd, dezelfde waarop “the show must go on” staat. Maar nu draai je keihard: “Ride the wild wind!” terwijl je capsule door de oneindigheid scheurt!

‘Get your head down baby -we’ re gonna ride tonight
Your angel eyes are shining bright
I wanna take your hand -lead you from this place
Gonna leave it all behind.
Ride the wild wind!’

En in gedurfde pirouetten scheer je rakelings langs de naden waar drie heelallen aan elkaar zijn vastgestikt zodat ze een oneindig vergezicht te zien krijgen waar tijd en ruimte in steeds wisselende verhoudingen zichtbaar worden. Is het morgen dan komt eergisteren eraan, zag ik je verleden jaar als ouderling dan loop ik overmorgen met jou als jongetje van zeven aan mijn hand vliegers op te laten langs het melkwegstrand terwijl je grootouders nog moeten geboren worden.
Dat laat je ze dan zien zodat ze voor eeuwig het begrip ‘in excelsis (in den hoge) tot in de diepte van hun engelenogen hebben meegemaakt.
Geef ze dan vuurpijlen van alle kleuren: helderrood, sprankelend blauw, Orion-wazig-wit, eilandgroen, zonnebloemengeel, en laat ze die pijlen met hun katapulten in de ruimte schieten ter ere van de Schitterende, de Doorzichtige, degene met de naam van alle kinderen-op-reis. Van alfa tot omega.
Stuur ze dan terug naar hun thuisbasis terwijl je de nieuwe sterren laat meetrillen met Ride the wild wind.


met de schone herderin (244)

457_baedef763a83cd6bf0d725e5482b31a5

Met de schone herderin
enkele dagen op het land

Vanuit vliegtuigen, duikboten, warenhuizen, voetbalvelden kan ik je digitaal blijven toespreken,
maar het platteland
is voor de schaapjes
en de herderin.

Hun zacht geblaat komt nauwelijks twee struiken ver,
en de herderin zingt zelf allerfraaist.

de leeuweriken ’s morgens
de merels overdag
en ’s nachts de uilen

leveren graag hun bijdrage voor een klanktapijt.


projectie en geheim (243)

221_8afd7631fafa72f98f061ab88bc6458b

En om Camille terug aan het woord te laten, deze voorlopig laatste bijdrage.
De rest vind je in het boek:
“Het seksuele masker, kunst, seksualiteit en decadentie in de westerse beschaving”, Prometheus Amsterdam 1992”
Het is een vrij dik boek waarmee je iemand op allerlei manieren “te lijf” kunt gaan.

De verdedigingsmiddelen van de man dus.
“De man is seksueel in verschillende gebieden ingedeeld.
Genitaal is hij veroordeeld tot een eeuwig lineair patroon van focus, doel, gerichtheid.
Hij moet leren richten.
Zonder dat zou hij bij het urineren of ejaculeren zichzelf en zijn omgeving bevuilen al s een klein kind.
De erotiek van de vrouw is verspreid door haar hele lichaam.
Haar behoefte aan een voorspel is en blijft een beruchte bron van misverstanden tussen de beide seksen.
De concentratie van de man op het genitale is een beperking, maar ook een intensivering.
Hij valt ten prooi aan oncontroleerbare ups en downs. De mannelijke seksualiteit is inherent manisch-depressief van aard.(…) Mannen bevinden zich in een voortdurende toestand van seksuele spanning en onrust, ze worden continu opgejaagd door hun hormonen.
Zowel in het seksuele als in het dagelijkse leven worden ze steeds voortgedreven-hun eigen ik en hun lichaam voorbij.
Ergens voorbij zijn betekent: niet meer in het centrale middelpunt van het leven staan.
Mannen weten dat zij seksuele bannelingen zijn.
Zij zwerven over de aarde opzoek naar bevrediging, hunkerend en verachtend en nooit verzadigd.
Een vrouw hoeft hen dat rusteloze zoeken niet te benijden.

De mannelijke genitale metafoor is er een van concentratie en projectie.
De natuur geeft de man concentratie om hem te helpen zijn vrees te overwinnen.
De man benadert de vrouw in uitbarstingen van krampachtige concentratie.
Daardoor krijgt hij het waanidee dat hij de oermysteries die hem hebben voortgebracht tijdelijk beheerst.
Hij ontleent er de moed aan om weer terug te komen.
Seks is voor de man metafysisch, voor de vrouw niet.
Vrouwen hoeven door middel van seks geen probleem op te lossen.
Lichamelijk en geestelijk zijn zij zichzelf genoeg.
De natuur heeft de man gezegend met een zalige onbewustheid van zijn eigen belachelijkheid.
Zijn doelgerichtheid is zowel een gave als een last.
Bij de mens is de seksuele concentratie het instrument waarmee de man de gevaarlijke chtonische overvloed aan emotie en energie, die ik met de vrouwelijke natuur identificeer, verzamelt en met geweld fixeert.
In de seksualiteit wordt de man de kloof ingedreven die hij juist tracht te ontvluchten.
Hij maakt de reis naar het niet-zijn en weer terug.

Door concentratie via projectie overal voorbij, tot in het onbekende.
De mannelijke projectie van erectie en ejaculatie is het paradigma van alle culturele projectie en conceptualisering- van kunst en filosofie tot fantasie, hallucinatie en obsessie.
Vrouwen hebben altijd minder geconceptualiseerd, niet omdat mannen hen daarvan hebben weerhouden, maar omdat vrouwen dat niet nodig hebben om te kunnen bestaan.

De metaforen van concentratie en projectie van de man zijn echo’ s van zowel lichaam als geest.
Zonder die concentratie en projectie zou hij hulpeloos staan tegenover de macht van de vrouw.
En zonder die dingen zou de vrouw de hele schepping allang hebben geabsorbeerd. Er zou geen cultuur zijn, geen systeem, geen piramides van de ene hiërarchie op de andere.
De aardculten moeten het wel afleggen tegen de luchtculten als de geest zich ooit wil vrijmaken van de materie.
De androgynie, die door sommige feministen wordt gepropageerd als een pacifistische blauwdruk voor een seksuele utopie, hoort eerder bij het contemplatieve dan bij het actieve leven.
Het is het aloude prerogatief van priesters, sjamanen en kunstenaars.
De feministen hebben de androgynie gepolitiseerd als wapen tegen het masculiene principe, maar het is de uitschakeling van de mannelijke concentratie en projectie.

Als de seksuele fysiologie het patroon levert voor onze perceptie van de wereld, wat is dan de oermetafoor van de vrouw?
Dat is het “mysterie”, het verborgene.
De seksualiteit van de vrouw is met geheimzinnigheid omgeven.
Het lichaam van de vrouw bevat een cel van de oernacht, waar alle kennis, alle wetenschap ophoudt.
Erotische dansen door mannen zijn niet te vergelijken met bijvoorbeeld de striptease, een rituele dans van heidense origine.
Bij vrouwen blijft ook bij het einde van haar dans nog steeds iets verhuld, namelijk de chtonische duisternis waaruit wij voortkomen.


De stap naar de Kunst vind ik zo boeiend dat ik er een volgende keer nog één bijdrage aan wil wijden, want deze vrouw heeft pit en inzicht, en het was 1992 toen haarboek furore maakte, en nu, 13 jaar later lijkt het wel alsof zijn teruggekeerd naar de jaren vijftig.
Ook die terugval zal later een bijdrage waard zijn.


Make magazine (242)

907_0d5cd3631a5a55845e58f7ddb1646e4e

Ja, het was zondag en we hadden nog een hoop dingen te doen.
Vandaar mijn door elkaar gooien van onderwerpen en linken.

1. Om te zien en te ervaren wat je met digitale dingen kunt “knutselen” heb je, zoals New York Times gisteren beschreef het nieuwe Make it magazine.
Daarvan is het adres:

http://www.makezine.com/

Ik zal het hieronder bij mijn links aanduiden.

Daarnaast was er het dagelijkse video blog met enkele correspondenten en een vreemde invalshoek, en daar heb je de links al voor gevonden.
De arrogantie van de makers is soms recht evenredig met hun (voorlopig) succes: ze werden door CNN benaderd, BBC5 radio interviewde hen, kortom alles wat nodig is om de hanekam rechtop te zetten en kraaien op de mesthoop te verwarren met ware oorspronkelijkheid.
Voor het make-zine moet je wel 35 dollar per jaar opzij leggen, maar kijk maar eens naar de inhoud van nummer 01 naast de aankondiging van nummer 02:

Volume 02: Home Entertainment

Robot builders, building your own high definition video recorder, how to podcast, making a robot from an old computer mouse, reconditioning an old amplifier…and more!<pAlso Available

Volume 01: Premiere

Building your own high definition video recorder, how to podcast, making a robot from an old computer mouse, reconditioning an old amplifier.
Volume 02: Home Entertainment

Mailing of MAKE 02 to current subscribers began May 13. See our FAQ for answers to common questions about subscriptions.

Table of Contents
7: WelcomeWhen users make: Editor-in-Chief Mark Frauenfelder on innovation and the entertainment industry’s efforts to squelch it. by Mark Frauenfelder

10: Focus
Boost your productivity by embracing procrastination. Or, why your web browser needs a hypothalamus. by Merlin Mann, Danny O’Brien in Life Hacks

13: News from the Future
Tim O’Reilly reports on the labs, companies, and garage projects changing the way we live. by Tim O’Reilly in News from the Future

14: Made on Earth
Reports from the world of backyard technology, including a cockroach-controlled robot, high altitude glider, student-built cyclotron, Vee 9 solar vehicle, robotic CD burner, coffee mug ramjet, and more. by Xeni Jardin, Jason Kottke, Bob Parks, Paul Spinrad in Made on Earth

22: Ooz and Oz
Hacking robot toys is all in a day’s work for Natalie Jeremijenko. Dale Dougherty trails the UCSD professor for a day of fun at the races, transforming toy robotic dogs into environmental avengers. by Dale Dougherty in Maker

30: Nicaraguan Know-How
Revisiting, revamping, and reusing forgotten technology. Tim Anderson describes the homemade solutions he saw on a recent trip to Nicaragua: hand-pedaled bicycles, reused school buses, horse-drawn carriages, sock coffee filters, and ancient cooling systems and water filters abound. by Tim Anderson in Heirloom Technology

36: Blockheads
Lego: the ultimate prototyping material. Seriously. by Bob Parks

38: Maker Fair
Geeks gather together for an evening of DIY fun. by Arwen O’Reilly

39: Google DIY Patterns
A DIY project is a design challenge that can best be described as a set of patterns, just as Google remade the web with a new kind of language for getting what we want from a web browser. by Dale Dougherty

40: Recycled Rubber
It’s more fun to make a laptop bag from an old wetsuit than it is to buy a new one. by Saul Griffith

43: The Code Da Vinci Lived By
Renaissance hacks by the father of all geeks. by Bruce Sterling in Bruce Sterling

45: HDTV on Your Mac
Build a simple high-definition video recorder and beat the Broadcast Flag. All you need is a $10 antenna, a $175 decoder card, and some free software. by Erica Sadun

50: Retro Game Heaven: The Atari 2600 PC
After fitting a full-featured wireless PC system into an old Atari 2600 case, you can watch movies, surf the web, and play hundreds of retro games. by Joe Grand

85: Tools for Atari 2600 Homebrew GamesEven though the Atari 2600 is one of the oldest game consoles around, it has a vibrant homebrew scene. by Simon Carless 86: Podcasting 101
Produce and syndicate audio interviews you record online, on the phone, and on the road. by Phillip Torrone

96: Mousey the Junkbot
With a few spare parts, you can turn an old computer mouse into an amusing robot. by Gareth Branwyn

110: Resurrecting This Old Amp
Restore an old guitar amplifier and make it sounds as good or better than the day it was made. by Tom Anderson, Wendell Anderson

119: Let’s Rumble
Hack your couch to give you a kick in the pants: attach bass shakers to your furniture to round out your home entertainment system. by Craig Engler in DIY: Home Entertainment

122: irock Broadcast BoomboxPump up the volume with a portable FM radio station. by Tom Anderson in DIY: Home Entertainment

125: Surround Sound, Quick and DirtyA simple wiring trick derives center channels. by Michael McDonald in DIY: Home Entertainment 126: Thermofooler
Who needs a “smart” thermostat when you can trick your dumb one into lowering your heating bill? by Ross Orr in DIY: Home Entertainment

127: DVD, Uncrippled
Input a special code to disable Macrovision and play DVDs from around the world. by Phillip Torrone in DIY: Home Entertainment

129: Stop Motion Animation, the Easy Way
With iStopMotion, making Gumby is less pokey. by Phillip Torrone in DIY: Imaging

130: Single-Use Digicam for Kite Aerial Photography
A simple, lightweight timer circuit triggers a shot every minute. by Limor Fried in DIY: Imaging

133: Webcam Telescope
Video from still camera zoom. Forget jerky teleconferences; put a real lens on a 90s era webcam and you’ve got something. by Dennison Bertram in DIY: Imaging

135: Mod Your Pod
Enhance your iPod with a Linux upgrade. by Phillip Torrone in DIY: Mobile

138: Outfitting a Palm Tungsten T3
Getting laptop-like functionality from a PDA. In fact, leave your laptop at home: use a T3, loaded to the gills with powerful applications. by Bob Scott in DIY: Mobile

140: All-Seeing Orb
Your mobile device can play video and music stored on your home computer. by Phillip Torrone in DIY: Mobile

141: Peace and Quiet with the Flip of a Switch
How to add a power switch to an external drive without one! by Joe Grand in DIY: Computers

144: No More Cue Cards
Make a teleprompter with a laptop, a sheet of glass, and some scrap wood. by Brian Lawler in DIY: Computers

145: Robot Kits and Techno Glitz
Three kits that got me started in the glamorous and fulfilling world of robotics. by Arwen O’Reilly

147: Mechanical Wristwatch Modding
Customizing a self-winding Seiko. by Bob Scott in DIY: Design

149: Hacking the C64 DTV
Retro-gaming joystick easily converts into full Commodore computer emulator. by Mark R. Brown in DIY: Gaming

153: Game Boy Hacks
Games, music, movies, photos, and eBooks, all on this versatile little device. by Phillip Torrone in DIY: Gaming

154: Refreshing an Old Game Controller
If your retro-gaming skills ain’t what they used to be, fix your joystick buttons. by Ben Wheeler in DIY: Gaming

156: Get an iLIFE! for Your Playstation Portable
Play music and vids on a PSP (even Mac users). by Phillip Torrone in DIY: Gaming

160: R2-DIY
The galaxy’s most lovable robot inspires its fans to clone him. by Howard Wen

164: Printed Circuit Boards
Step-by-step instructions for making your own PCBs at home. by Andrew Argyle in Primer

172: HowToons
Make a marshmallow shooter. by Joost Bonsen, Nick Dragotta, Saul Griffith in Howtoons

174: Toolbox
The best tools, software, gadgets, books, magazines, and websites. by Adam Bernard, Gareth Branwyn, Richard Butner, John Clark, Joshua Ellis, Eeyore Evans, John Irvine, Stefan Jones, Adam Kempa, Merlin Mann, Aleks Oniszczak, Zach Sl
ootsky, Adam Thornton, Marc Weidenbaum in Toolbox

184: Reader Input
Where makers offer praise, brickbats, and swell ideas. in Reader Input

186: The Laptop That Wouldn’t Say Die
Twenty-two years later, people still love the TRS-80 Model 100. by Tom Owad

187: The Last Generation of Engineers
Why digital rights management kills innovation. by Cory Doctorow in Cory Doctorow

188: MakeShift
It’s easy to forget that access to potable water is considered a luxury for much of the world. by William Lidwell in MakeShift

190: Maker Challenge
Solving proglems, fulfilling wishes. in Maker Challenge

191: eBay Metrics
Good as gold. by Chris Smith in eBay Metrics

192: My Atari 2600 Portableby Benjamin J. Heckendorn in Homebrew

En zo zie je maar dat er nog heel wat te doen is met oude en nieuwe technische verworvenheden.
Ben je voorlopig alleen in staat om batterijen te vervangen en stiller en luider te zetten, dat is al wat, maar er is meer tussen hemel en aarde.