La Russe (4D) (446D)

515_32fdb91b5e6cc98ffaba77f6c45700c9

Dit mooie portret van een meisje onder haar paraplu is een van mijn lievelingsportretten.
Beschermd voor het ontij, maar net zo kwetsbaar als wij allen kijkt het meisje ons aan.

“TOUT CE QUE J’ECRIRAI NE DIRA JAMAIS CE QUE JE SENS”

En daarmee is wat mij betreft, alles gezegd.


La Russe (4C) (446C)

857766318

Dit is het vrij omvangrijke grafmonument zoals je dat heden ten dage kunt bezoeken op het kerkhof van Passy, Parijs.

Ook nu nog liggen er bijna wekelijks verse bloemen en komen mensen naar deze plaats om haar te gedenken.
Met haar liggen er haar moeder Maria, haar nichtje Marie en haar tante Nadine (Dina) Romanoff begraven.

“L’arrivée de la superbe Marie Bashkirtseff, suivie de son petit nègre et de son chien parmi les travailleuses peu fortunées de l’atelier Julian, fit sensation….
Autoritaire à l’excès, le moindre obstacle à sa volonté la jetait dans des colères folles, déconcertante de brutalité, qu’elle savait faire oublier par cette grâce féminine et enveloppante d’une indéfinissable séduction dont les Slaves ont le secret….”

BRESLAU Louise Catherine et ses amis. Par Madeleine Zillhardt. Edition des Portiques, Paris, 1932.


La Russe (4B) (446B)

456_b94075ed6d6640c5c9c8055345611907

Een jaar voor haar dood schilderde ze dit portret van twee kinderen op straat.
Jean et Jacques.
Net zoals het andere straattafereel doet dit werk inderdaad denken aan haar leermeester Bastien-Lepage.
Ze maakte er een pastelversie en olieverfversie van.

Na haar dood schonk haar moeder, ook een Maria, 84 schilderijen, twee pastels, 55 tekeningen en drie beeldhouwwerken aan het Russisch Museum in Sint Petersburg.(1908)
Deze werd in 1930 daar ook tentoongesteld.


La Russe (4) (446)

428_eb4a3f1a7e56a0a0c20847e7f750342d

“Je suis à un âge où l’on trouve de l’ivresse à mourir.
Il me semble que personne n’aime tellement que moi les arts, la musique, la peinture, les livres, la société, les vêtements, le luxe, le bruit, le calme, la tristesse, la mélancolie, la tromperie, l’amour, le soleil; toutes les saisons, tous les climats, les plaines tranquilles de Russie et les montagnes qui entourent Naples; la neige en hiver, les pluies en automne, le printemps et ses follies, les jours calmes de l’été et les belles nuits étoilées…j’admire et j’aime tout.
Tout se présente, pour moi, sous des aspects intéressants ou sublimes; je voudrais voir tout, comprendre tout, me fondre avec tout et mourir; et vue que c’est nécessaire, mourir dans deux ou trente-ans, mourir dans l’extase pour éprouver ce dernier mystère, cette fin de tout…ou ce divin commencement”.

(1884, het jaar van haar dood, nog voor ze 26 werd)

Alles willen zeggen, alles willen doen, alles willen proeven, het past natuurlijk in het tijdskader maar tegelijkertijd zit er ook een tragiek in die wil tot alles als je dan nog voor je zesentwintig bent, moet sterven.

Beter dan woorden neem ik je mee naar haar werk.
Kijk hier naar haar prachtig herfstlandschap, en je voelt de verlatenheid, het te vroege einde, en het alles willen zijn en zo weinig tijd hebben.

Je weet dat het hier nooit nog lente wordt.
Het bankje voor de zomerwandelaar is omgevallen.
Er is alleen nog onrust of rust voor altijd.