dyn007_original_547_800_jpeg_20344_7c400420c043f02f62677d16bceaa015

Hier breng ik ze samen, de twee Williams.

Rothensteins scène naar Ibsens ‘Poppenhuis’ dat in 1879 in première was gegaan, en een zelfportret van Orpen dat duidelijk naar Chardin verwijst waar hij zichzelf afbeeldt met pince nez.

dyn007_original_418_600_jpeg_20344_41d5595a43ce68880daff166df52cdfe

Hoe ideaal ook het gezin als hoeksteen van het Imperium werd gezien, iedereen wist dat achter dit utopisch beeld heel andere dingen met dat gezin gbeurden.

Er werd alleen niet over gepraat en nog minder over geschreven.

Ibsens ‘Poppenhuis’ was inderdaad een mijlpaal.
Je maakte het ineenstorten van een huwelijk mee, de dramatis personae konden zich niet met stand en titels redden, het poppenhuis stortte in.

Je kon inderdaad verwijzen naar de grote meesters, of je laven aan het symbolisme, of je terugtrekken behind the mirror, de 19de eeuw liep op zijn einde en een Weense arts en zijn jongere collega uit Zwitserland begonnen over de ware verborgen drijfveren te spreken en te publiceren.

Verkleden hielp niet meer.
En in dat donkere licht zie je het vertwijfelde koppel inhet trappenhuis staan.

Het licht , of liever de schemer, verleent het geheel inderdaad een zekere theatraliteit, maar het is menselijk theater.
De helden zijn thuisgebleven.

Het is een prachtig doek.
Het verhaal doet weinig of niets ter zake.
De atmosfeer des te meer.

Van de kus uit Orpens werk naar deze vertwijfeling was de afstand blijkbaar erg klein.

dyn007_original_800_629_jpeg_20344_01efdc5b56090e6e06a818f7b184fff4

En hier zitten ze dan ‘The Browning readers’ door Rothenstein zo prachtig in datzelfde jaar 1900 in beeld gebracht.

De zusjes Alice (vrouw van Rothenstein) en Grace Knewstub (vrouw van Orpen) bij de lectuur van de zeer geliefde auteur Browning.

Twintig jaar eerder zou zo’n werk nog in het schemerige van het petroleum lamplicht hebben gebaad, maar waar weinigen bij stilstaan was het feit dat de burgerij met één draai aan de knop de ruimte kon verlichten met min of meer stabiel licht, licht dat niet beefde, geen grillige schaduwen op de muur maakte, maar mensen toeliet lang te lezen.

En vrouwen vond je in die kringen meer met lectuur bezig dan met verstelwerk, want we zijn in 1900 en zeker in Engeland eisen vrouwen luidruchtig hun rechten op.

De schilder Augustus John zegt dat hij poseerde in het Poppenhuis.
In zijn memoires vertelt Rothenstein dat het door Ibsens poppenhuis was geïnspireerd en dat hij als decor het trappenhuis van een huurhuis in Normandië had gebruikt, te Vattetot waar ze in de zomer van 1900 met een groep artiesten logeerden.

Augustus John, de Australiër Charles Conder, Orpen en de broer van Rothenstein, Albert waren er samen.

In Yport was er een kleermaker die ‘velours côtelé verkocht en blauw linnen zoals de plaatselijke vissers droegen.
En omdat John van het velours hield verscheen hij in vest en brede broek, en wel zo mooi, vertelt Rothenstein dat ik hem daar naast mijn vrouw heb geschilderd, zij op de trap zittend en hij met zijn voet op de laagstye trap en een weinig tegen de muur geleund.

Het interieur was niet alleen een woonplaats, maar een zelfstandig personage geworden.

En zo kwamen hun schilderijen in de kunstbladen terecht, door hun andere kijk en als teken dat de lezers ze aprecieerden.
Morgen weer verder dus.
Kijk intussen, en geniet.